Woensdag 06/07/2022

AchtergrondWateroverlast

Moerassen, regenwaterputten en tegelwippen: zo wapenen Vlaamse steden zich tegen klimaatverandering

Basisschool De Knipoog in Vorselaar heeft zijn betonnen speelplaats vervangen door een zachte ondergrond van hakselhout. Ook een deel van het achterliggend bos hoort bij het speelplein.  Beeld Eric de Mildt
Basisschool De Knipoog in Vorselaar heeft zijn betonnen speelplaats vervangen door een zachte ondergrond van hakselhout. Ook een deel van het achterliggend bos hoort bij het speelplein.Beeld Eric de Mildt

Hoe bereiden steden zich voor op de nieuwe klimaatrealiteit? De Morgen trok naar Vorselaar en Genk, waar ze komaf willen maken met ontharding, wadi’s de nieuwe speeltuinen worden en rivieren weer de ruimte krijgen om te overstromen.

Jorn Lelong

Op de speelplaats van de gemeentelijke basisschool De Knipoog in Vorselaar heerst een gezellige drukte. Kinderen uit de kinderopvang spelen met fietsjes, knutselen in groepjes of trappen een balletje. Ondanks de brandende zon is het er aangenaam fris. “Dat is meteen ook het meest duidelijke effect van de nieuwe ondergrond”, zegt schepen ‘vrije tijd’ en waarnemend burgemeester Kobe Vercauteren van de lokale ACTIEV-partij. “Die betontegels van vroeger hielden alle warmte vast, waardoor het hier ’s zomers om te stikken was.”

In de paasvakantie koos de school voor een opvallende make-over: de 1000m2 aan betontegels die de speelplaats vormden, maakten plaats voor een zachte ondergrond van hakselhout, tunnels en boomstammetjes als speeltuigen. Iets verderop verstoppen kinderen zich achter bomen van het aangrenzende Kerkebos, dat in de speelplaats overvloeit. Voor kinderen is het nog wennen, nu de gocarts en fietsen alleen nog op de smalle strook beton mogen rondrijden. Ook wordt tijdens de wedstrijdjes voetbal op de nieuwe ondergrond al eens vaker een pass gerateerd, maar, zo zegt opvangbegeleidster Ellen, “we moeten nu wel veel minder vaak de EHBO-kit bovenhalen bij ongevallen”.

Het is slechts de eerste fase van het onthardingsproject waarmee De Knipoog zijn nieuwe visie ‘School in het Groen’ kracht wil bijzetten. Na de vernieuwing van het schoolgebouw moet de nieuwe speelplaats er als een oase van grasperkjes, zones met aanplantingen en stukken bos gaan uitzien. Verschillende andere scholen in Vorselaar, zoals het Kardinaal van Roey-instituut, kiezen voor dezelfde weg. “De klassieke speelplaatsen met betonnen tegels zijn gewoon niet meer van deze tijd”, vindt Vercauteren.

Op het centrale marktplein verraadt een affiche van ‘Vorselaar breekt uit’ de grootschalige onthardingsplannen die de gemeente heeft. Het huidige marktplein - een uitgestrekte rotonde met binnenin parkeerplaatsen, goed voor 4000m2 beton - zal tot één groene ontmoetingsplek omgevormd worden, waar ook evenementen georganiseerd worden.

Waterbeheer als prioriteit

Het typeert de manier waarop Vorselaar zich op de nieuwe klimaatrealiteit wil voorbereiden. De Antwerpse gemeente werd in 2019 geselecteerd als een van de pioniers voor de eerste ronde ‘Proeftuinen Ontharding’, een project dat deel uitmaakt van de plannen van Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) om de strijd tegen droogte en waterschaarste aan te pakken. De problematiek is Vorselaar niet onbekend. Bij hevige neerslag treden de Aa en de Kleine Nete er soms buiten hun oevers, terwijl er in de - normaal toch - drogere zomermaanden te weinig water is. Vorselaar bevindt zich volgens het Departement Omgeving dan ook in waakgebied, een gebied dat bij toenemende druk door klimaatopwarming in de problemen zou kunnen komen.

Door van waterbeheer een prioriteit te maken, wil het gemeentebestuur vermijden dat het zover komt. Zo plant de gemeente heel wat rioleringswerken, die ervoor moeten zorgen dat bij zware neerslag geen rioolwater bij het regenwater terechtkomt. Burgers worden aangespoord om regenputten aan te leggen, en op tal van publieke plekken worden regenwaterbekkens aangelegd. Kroonjuweel van dat ‘hemelwaterplan’ wordt een grote regenwaterbuffer onder het marktplein. Het bekken wordt gevoed door het regenwater van de omringende gemeentegebouwen, en zal na buffering onder meer gebruikt worden door de groendienst en de scholen.

Om te verhinderen dat regenwater bij hevige neerslag toch afgevoerd moet worden, creëert de gemeente aan tal van buurtpleinen zogenaamde wadi’s, groene kuilen waar de regenwateroverloop naartoe geleid kan worden en geleidelijk in de grond kan sijpelen. Op dit moment vloeit 60 procent van het water dat we via regen en rivieren binnenkrijgen gewoon naar zee. “Maar als we 10 of 15 procent daarvan konden vasthouden, zouden veel van onze droogteproblemen van de baan zijn”, zegt hydroloog Patrick Willems (KU Leuven). “Dat kunnen we door bijvoorbeeld waterbuffers aan te leggen langs rivieren. In dichtbevolkte gebieden kan de aanleg van wadi’s een grote impact hebben. Toch laten heel wat gemeentes het nog na om er aan te leggen.”

Ook in Vorselaar kwam eerst commentaar op de aanleg van wadi’s, vertelt schepen Vercauteren. “Mensen zeiden: er staat bijna nooit water in, waarom hebben we dat dan? Maar na een tijd zagen ze in dat die wadi heel wat aantrekkingskracht heeft, vooral bij kinderen. Als er water instaat, kunnen ze in het water spelen. De houten loopplank gebruiken ze als podium, en van de hellingen aan de zijkant zie ik geregeld kinderen lopen of fietsen.”

Het valt op dat alle beleidsplannen in Vorselaar voor de duurzaamheidstoets moeten slagen. Zo mogen er in principe geen nieuwe verkavelingswijken meer komen. “Wat vroeger als woonuitbreidingsgebied bekendstond, hebben we woonreservegebied gemaakt. Zo willen we maximaal de open ruimte behouden”, zegt burgemeester Lieven Janssens. Ook de verkavelingswegen zelf zullen er voortaan heel anders uitzien. Omdat er doorgaans enkel bewoners rondrijden, maakt de gemeente de wegen smaller en zullen voetpaden plaatsmaken voor brede groenstroken waar het regenwater kan infiltreren.

Wadi in een woonwijk. Beeld Eric de Mildt
Wadi in een woonwijk.Beeld Eric de Mildt

Behalve een verregaand waterbeleid, wordt Vorselaar gekenmerkt door een aparte bestuurssituatie. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen haalde de naar eigen zeggen ‘onafhankelijke en ongebonden’ ACTIEV-partij van burgemeester Lieven Janssens met 73,5 procent van de stemmen het hoogste verkiezingsresultaat van Vlaanderen. Met CD&V is er slechts één oppositiepartij, alle schepenen hebben een partijkaart van ACTIEV.

Het is een aanpak die, althans op een schaal van een gemeente van 8.000 inwoners, uitstekend lijkt te werken. Uit cijfers van de Gemeentemonitor blijkt dat nergens in Vlaanderen inwoners meer vertrouwen hebben in hun gemeentebestuur dan in Vorselaar. In de onthardingsplannen van de gemeente worden de eigen inwoners volop betrokken. Met het project ‘Vorselaar breekt uit’ worden inwoners uitgedaagd om zelf met onthardingsplannen voor hun wijk te komen, waarna de beste projecten gekozen worden.

Met het project 1.001 bomen kan elke Vorselarenaar een gratis boom plaatsen op een plek naar keuze. En in het kader van het GeWOONtebrekertraject, waarbij vijf gemeenten in de regio Neteland betrokken zijn, is er zelfs een kampioenschap ‘Tegelwippen’. Een manier om de bevolking te betrekken, maar volgens burgemeester Janssens ook verreweg de efficiëntste manier om je gemeente te ontharden. “Een project als het marktplein en enkele speelplekken ontharden, waarbij we 10.000m2 ontharden, dat is heel tastbaar. Maar als 4.000 inwoners ervoor kiezen om elk vijf vierkante meter te ontharden, dan hebben we samen maar liefst 20.000m2 onthard. Dat is de macht van het getal die speelt.”

Het zijn stuk voor stuk ‘micro-oplossingen’, die samen een grote impact hebben, zegt de Spaanse wetenschapper Elena Lopez Gunn. Als oprichtster van onderzoeksbureau ICATALIST staat ze wereldwijd steden bij die aan klimaatadaptatie willen doen. Ze werkt ook mee aan het IPCC-rapport van de Verenigde Naties rond adaptatie. Volgens haar is het onderzoek en de toepassing van duurzame oplossingen de jongste vijf jaar exponentieel toegenomen. “Burgemeesters die een paar jaar geleden naar natuurgerichte maatregelen weinig oren hadden, kom ik vandaag op congressen tegen. Bovendien zie je dat steden snel van elkaar leren. Zo hebben zowel Valladolid als Rotterdam nu een project lopen waarbij ze ondergronds regenwater bufferen om er daarna de grasmat van voetbalstadions mee te besproeien. Ook andere steden willen dat nu toepassen.”

Rechthoekige perceeltjes

Een van de projecten waar recent haar aandacht op viel, is de make-over van de Stiemer-vallei in Genk. Het stadsbestuur heeft uitgebreide plannen om de vallei op te waarderen. Dat plan werd uitgekozen als een van de drie frontrunners van het Connecting Nature-project van de Europese Unie, dat innovatieve en natuurgerichte oplossingen in Europese steden ondersteunt.

De Stiemer is een beek van acht kilometer, die ontspringt in het noordoosten nabij Waterschei en van daaruit in zuidwestelijke richting door de stad loopt om uiteindelijk in de Demer uit te monden. De geschiedenis van Genk is vervlochten met de Stiemer: de beek bevloeide de vloeiweides van landbouwers, voorzag de befaamde Genkse School der landschapsschilders van inspiratie en de kolenwasserijen van water.

Maar hoewel de Stiemer belangrijke trekpleisters als het Thor Park, C-mine, het centrum en het SportinGenk Park passeert, weten heel wat Genkenaren vandaag amper dat de Stiemer er stroomt. “Als ik Genkenaren hier mee naartoe neem, moeten velen toegeven dat ze dit gebied zelfs niet kenden”, zegt Mien Quartier, projectleider sociale innovatie aan de Stiemer-vallei.

De snelle uitbreiding van Genk heeft ervoor gezorgd dat de beek op vele plekken aan het zicht onttrokken werd. Bovendien moest de Stiemer eind jaren ’70 hetzelfde lot ondergaan als heel wat waterlopen in Vlaanderen: hij werd bijna volledig rechtgetrokken en in een betonnen profiel gekanaliseerd. “Zo konden ze makkelijk rechthoekige perceeltjes tot tegen de Stiemer maken”, zegt Wim Sauwens van Natuurpunt Limburg. “Helaas weten we vandaag dat door het water zo snel af te voeren het gebied bij droge periodes uitdroogt, en bij veel neerslag makkelijker overstroomt.”

Dat was eind juni nog het geval, toen de Stiemer door de hevige regenval uit haar oevers trad en tot op het niveau van sommige huizen kwam. Wat niet helpt, is dat er tegen de Stiemerbeek verouderde collectoren van waterzuiveringsorganisatie Aquafin liggen, die bij hevige neerslag telkens rioolwater in de Stiemer lozen. Na de natte julimaand liggen de oevers vandaag nog steeds bezaaid met blikjes, toiletpapier en maandverband. Niet meteen wat je tijdens een natuurwandeling hoopt aan te treffen.

De Schabeek is bevat schoner water dan de Stiemerbeek, en loopt over in een overstromingsmoeras waar een houten voetpad over loopt voor wandelaars. Beeld Eric de Mildt
De Schabeek is bevat schoner water dan de Stiemerbeek, en loopt over in een overstromingsmoeras waar een houten voetpad over loopt voor wandelaars.Beeld Eric de Mildt

Het Genkse stadsbestuur wil nu de Stiemer-vallei in ere te herstellen, met een grootschalig masterplan dat tot 2050 zal duren. De Stiemer moet, zo luidt de visie, opnieuw de groenblauwe levensader van weleer worden.

Met Suds & Soda, een van de eerste pilootprojecten, gaat de stad samen met de inwoners van Oud-Waterschei hemelwater ontkoppelen van rioolwater en laten infiltreren in de omgeving. Die SUDS - Sustainable drainage systems - moeten er op termijn langs heel de Stiemer komen om het gebied minder overstromingsgevoelig te maken. Ook waterzuiveraar Aquafin speelt een rol: tegen eind 2022 moeten de collectoren langs de Stiemer vernieuwd worden, zodat rioolwater niet langer in de beek terechtkomt.

Genk wil daarnaast het valleigebied herstellen, door bestaande poelen, oude meanders en grachten met elkaar te verbinden tot een waterstroom die parallel loopt aan de Stiemer. Een voorproefje daarvan kunnen we nu al zien sinds het stadsbestuur de Schabeek, die eveneens in een betonnen bak verscholen lag, liet loskoppelen van de Stiemer en opnieuw vrij liet meanderen in het bos. Nog geen drie jaar na het begin van de werken, sieren planten als koningsvarens en holpijp er een elegant houten wandelpad boven het ondergelopen moeras, waar ook stekelbaarsjes vertoeven.

“Vandaag is het een van de populairste Instagram-plekjes”, zegt Quartier. Door ruimte te geven aan de beek en meer water vast te houden in het moeras, maak je het gebied bovendien minder gevoelig voor droogte en overstromingsgevaar. “Dat is nog een voordeel”, zegt hydrologe Marijke Huysmans (VUB). “De oorzaken van beide problemen zijn dezelfde, de oplossingen zijn dat grotendeels ook.”

Grijs wordt groen

Door de Schabeek los te koppelen van de vervuilde Stiemer kan het propere water van de Schabeek bovendien rechtstreeks doorstromen tot in de vijvers van De Maten, een van de oudste natuurgebieden in Vlaanderen. Nu worden die vijvers nog gekweld door algen en een dikke sliblaag, door al het rioolwater dat er in de loop der jaren is ingestroomd. “Als we die sliblaag wegkrijgen en De Maten opnieuw met proper water gevoed wordt, zal de biodiversiteit er enorm op vooruitgaan”, zegt Wim Sauwens van Natuurpunt.

Wat beleidsmakers volgens Elena Lopez Gunn vaak vergeten, is dat groene investeringen ook op sociaal vlak heel wat voordelen bieden. “Als je burgers projecten laat voorstellen, of competities voor de beste ideeën opricht, stimuleer je mensen om te investeren in hun eigen leefomgeving.”

Ze ziet het ook in haar thuisland Spanje, waar dat soort projecten buurtbewoners weer een reden geeft om op straat met elkaar te praten. “Het is ook de enige manier waarop we er gaan geraken. Waterbedrijven zullen er niet op hun eentje in slagen om onze steden tegen de toekomst bestand te maken. Alleen door burgers te betrekken kunnen natuurgebaseerde oplossingen tot het nieuwe DNA van de stad behoren. Het is tijd dat groen het nieuwe grijs wordt.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234