Maandag 14/10/2019

Moeder van alle moeders van verdwenen kinderen

Had het aan haar gelegen, dan hadden migranten al sinds 1997 gemeentelijk stemrecht. Marie-Noëlle Bouzet trad de afgelopen vijftien jaar slechts occasioneel op de voorgrond. Deed ze het, dan kwam er altijd wat in beweging. Portret van de moeder van Elizabeth Brichet, van de witte mars, maar ook van alle moeders van verdwenen kinderen.

Brussel

Eigen berichtgeving

Douglas De Coninck

Ze was in de eerste plaats hoofdverdachte, toen ze die woensdagavond in december 1989 bij de politie aangifte deed. Elizabeth was niet naar huis teruggekeerd na die namiddag bij klasgenote Vanessa. Ze stond in het kunstonderwijs, vader was kunstenaar, ze waren gescheiden. In de conservatieve ogen van de gerechtelijke politie van Namen was het een helder plaatje. Familiekwestie. "Sporen waren er zat, maar de speurders waren alleen geïnteresseerd in mij", blikte Marie-Noëlle Bouzet enkele jaren geleden terug op die beginperiode. Ze werd een paar keer op behoorlijk intimiderende wijze ondervraagd, speurders belden aan met een huiszoekingsbevel, vlooiden haar privé-leven uit. "Destijds, toen ik sprak over mensen die kinderen ontvoerden en gevangenhielden, lachten de speurders me uit: 'Maar mevrouw Bouzet, u droomt.'"

Jarenlang voerde ze dus zelf maar het onderzoek, geholpen door privé-detective André Rogge. Samen met hem reisde ze meer dan eens, op eigen kosten, af naar de Canarische Eilanden, waar getuigenissen waren gekomen over de aanwezigheid van Elizabeth. Door de GP weggelachen sporen trok ze zelf na tot in Singapore. Maar altijd weer niets. Pas na de zaak-Dutroux werd ze ernstig genomen, niet alleen door justitie, maar vooral door andere ouders, Carine en Gino Russo en Paul Marchal op kop. Zij hadden 'maar' een jaar gevochten, de onvermoeibare Naamse al zoveel langer.

Ontmoette je Marie-Noëlle Bouzet in de nasleep van de affaire-Dutroux op de een of andere manifestatie of vergadering, dan zat daar een wat verlegen, zwijgzame veertigster. Verzorgd gekleed, attent. Moeilijk te geloven dat zij het was geweest die in oktober 1996 dat 'ideetje' had gelanceerd dat 350.000 Belgen in beweging zou brengen. Ze had contact gezocht met de alpinistenclub uit Namen, die zou instaan voor de ordehandhaving. Er werd gehoopt op mooi weer en een paar duizend mensen. Bloemen, ballonnetjes. Het spaghettiarrest kwam. De alpinistenclub bedankte voor de eer. "De witte mars zelf verliep als in een waas", blikte ze eind 1997 terug in een interview met De Morgen. "Als je daar achteraf aan terugdenkt, weet je: we hadden macht. We hadden dingen kunnen veranderen. Op dat moment zelf beseften we dat niet. Het ging zo snel. 350.000 mensen! We waren zo trots, zo dronken van geluk. Iemand riep: hoe zit dat nu, gaan we naar Dehaene of niet? In enkele seconden werd er beslist. Een stommiteit natuurlijk. Want als het mij als overtuigd pacifiste één ding heeft geleerd, dan is het wel dit: op zo'n moment is agressie ongetwijfeld efficiënter. Misschien hadden we het een of ander ultimatum moeten stellen... Wisten wij veel. Wij zijn geen politieke strategen, wij zijn slechts ouders die onze kinderen verloren hebben."

In maart 1997 hield ze, gesluierd, een korte maar door merg en been gaande toespraak op de uitvaartplechtigheid van Loubna Benaïssa, het vermoorde Marokkaanse Elsense meisje. Twee dagen later bestond er in de Wetstraat een brede, algemene concencus voor de invoering van gemeentelijk stemrecht voor migranten. "Toen baalde ik. Hebben de partijvoorzitters in dit land geen betere adviseurs dan Marie-Noëlle Bouzet?"

Aan nieuwe sporen naar Elizabeth was na 1996 geen gebrek. Het bizarre overlijden van pedofiel Jean-Marc Houdmont, een uur nadat die de speurders had gecontacteerd en leek te hebben gezinspeeld op een bekentenis. De koldereske graafwerken van onderzoeksrechter Langlois op het oude mijnterrein in Jumet. Een pedofiele pastoor in Saint-Servais, het Naamse voorstadje waar ze al die jaren was blijven wonen. Exact een jaar geleden nog trok Bouzet samen met haar advocaat Jean-Maurice Arnould naar het parket in Namen met een resem suggesties voor het onderzoek. Ze wou onder meer een vergelijkende dna-test van in de kelder van Dutroux gevonden sporen en die van Elizabeth. "Ongelofelijk dat men niet zelf op dat idee komt", zuchtte ze.

"De beelden die ik mij voor de geest haal, zijn beangstigend precies geworden", zei ze. "Ik heb heel lang geloofd dat men in de beweging waarin Julie en Mélissa werden teruggevonden ook zou ontdekken wat Elizabeth overkwam." Niet dus.

Een steeds wankeler gezondheid en het vervliegen van de laatste hoop deden de moeder enkele jaren geleden besluiten om naar Canada te emigreren. "Ze ziet het als een therapie, geestelijk en fysiek", zegt Arnould. "Het gaat sindsdien stukken beter met haar. Begin maart was ze nog even in België om het proces-Dutroux te volgen." Gisteren moest Bouzet opnieuw op zoek naar een vliegtuigticket. Laten we niet te veel opzienbarende retoriek van haar verwachten, zegt Arnould. "Het idee om weer in die drukte te worden ondergedompeld en op een voetstuk te worden geplaatst, boezemt haar angst in." Maar dat is nooit anders geweest.

Marie-Noëlle Bouzet voerde al die jaren ten einde raad op eigen houtje het onderzoek

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234