Vrijdag 23/04/2021

AchtergrondOnderwijs

Minst ervaren leraars staan voor kwetsbaarste klassen: ‘Een van de drama’s van Vlaams onderwijs’

null Beeld Sven Franzen
Beeld Sven Franzen

Terwijl ze net nood hebben aan de beste ondersteuning, krijgen de kwetsbaarste leerlingen doorgaans de leerkrachten met de minste ervaring voor hun klas. Dat blijkt uit onderzoek van de VUB. ‘Dit versterkt de ongelijkheid.’

“Ik vind geen mensen meer die hier willen lesgeven. Via de lerarenopleidingen hier in Brussel stromen geen afgestudeerde leerkrachten meer door.” Het schooljaar is halfweg en Dirk Kerckhoven (50), directeur van het technisch en beroepsinstituut Don Bosco in Sint-Pieters-Woluwe, heeft vijf van de twaalf vacatures die hij in september uitschreef weten in te vullen.

“Akkoord, om een praktijkleerkracht elektriciteit te vinden voor mijn vierdejaars beroepsonderwijs is de spoeling sowieso dun”, zegt hij. “Maar ook voor de algemene vakken vind ik niemand. Bij mijn Franstalige collega’s van Don Bosco: la même chose.”

Dat Kerckhoven toch vijf plaatsen wist in te vullen, dankt hij aan Teach for Belgium. Die organisatie zoekt elk jaar zo’n vijftig startende leerkrachten die specifiek in de (groot)stad willen lesgeven. “Het is een bewuste keuze om aan te werven via het alternatieve circuit”, zegt Kerckhoven. “Via de gekende kanalen zoals de VDAB of Jobat rekruteer ik niet meer. Eigenlijk moet ik bijna gaan headhunten en op zoek gaan naar leerkrachten die mijn gasten, veel kwetsbare leerlingen, naar een hoger niveau willen tillen.”

Kerckhovens ervaringen stroken met de bevindingen van een nieuw rapport van enkele onderwijssociologen van de VUB. Zij zien dat het lerarentekort en zijn neveneffecten zich “het eerst en nadrukkelijkst manifesteren in die scholen met een meer achtergesteld leerlingenpubliek”. Dat schrijven ze in een vervolgrapport op het vijfjarige TALIS-onderzoek van de OESO, een lerarenbevraging bij 7.135 leraren in 493 scholen, dat nu naar buiten komt.

Concreet stelden de onderzoekers een profiel op van de leerkrachten van de meest kwetsbare leerlingen. Daarvoor keken ze naar de leerlingen die thuis geen Nederlands spreken en van wie de moeder maximaal een diploma secundair onderwijs behaalde. “We kiezen bewust voor een sociaaleconomische indicator – het diploma – en een die culturele diversiteit in rekening neemt – de thuistaal”, zegt socioloog Jessy Siongers (VUB). “Hoewel beide samenhangen, zien we vooral de culturele diversiteit sterk toenemen de laatste paar jaar.”

In de meest kwetsbare klassen, met 30 procent of meer van de leerlingen uit een of beide van bovenstaande categorieën, blijken leerkrachten minder ervaren en volgden ze minder vaak een formele lerarenopleiding. Daarnaast zeggen deze leerkrachten vaker dat lesgeven niet hun eerste keuze was, hebben ze minder het gevoel actief betrokken te worden bij beslissingen op school en voelen ze naar eigen zeggen minder waardering door de samenleving.

Druk op onderwijskwaliteit

Uiteraard zegt dat niets over hun lesgeven. Dus vroegen de onderzoekers alle respondenten om hun eigen lesgeven te evalueren. “Het vertrouwen van leerkrachten in hun eigen kunnen is cruciaal, zowel voor de kwaliteit van het lesgeven als om de uitstroom van leraren uit deze ‘moeilijkere’ scholen tegen te gaan”, zegt Siongers.

Ze stootten op enkele opvallende verschillen tussen klassen met het meeste en minste kwetsbare kinderen. Zo is er een verschil qua effectieve lestijd. Dat is wat van de 50 minuten les overblijft na de administratieve taken, ordehandhaving in de klas, enzovoort. Die lestijd ligt lager in kansarmere scholen. Klassen waar 30 procent of meer van de leerlingen een laaggeschoolde mama heeft, hebben gemiddeld 8,4 procentpunten minder effectief les.

Bovendien geven de leerkrachten die voor een kwetsbare groep staan vaker een vak waar ze geen opleiding voor volgden. Een leerkracht biologie met een diploma lichamelijke opvoeding bijvoorbeeld. Een kwart van de leerkrachten in scholen met kwetsbare leerlingen geeft een vak buiten hun expertise. In scholen waar minder dan 10 procent leerlingen een lager opgeleide moeder heeft of thuis geen Nederlands spreekt, is dat respectievelijk 10,8 procent en 14,1 procent.

“Ten slotte liggen de verwachtingen ten aanzien van leerkrachten in scholen met meer kwetsbare leerlingen heel hoog”, zegt Siongers. “Hoewel leerkrachten hun kunnen wat betreft lesgeven in multiculturele klassen hoog inschatten, blijkt dat dit eerder een resultaat is van ‘al doende leren’ dan het resultaat van hun opleiding.”

Kortom, er zijn verschillende aanwijzingen dat de meest kwetsbare leerlingen niet altijd de meest geschikte of de best voorbereide leerkrachten hebben. “Terwijl we uit onderzoek net weten dat deze leerlingen daar net het meeste baat bij hebben”, zegt Siongers. “Eigenlijk vergroot je dus de problemen die er al zijn: de ongelijkheid en segregatie worden er enkel groter door.”

Een ingebouwde structuurfout dus. De auteurs hebben het over “een van de drama’s van het Vlaamse onderwijs”. Ook Kerckhoven gaat akkoord met die omschrijving. “Vind je dat niet erg? We slagen er blijkbaar maar niet in om een structuur te installeren om voor elke jongere, of het nu op het platteland is of in de stad, de geschikte leerkracht te vinden. Het hangt voor mijn leerlingen nog altijd af van die ene leerkracht die opstaat en zegt: ‘Ik geloof in uw school en wil mij smijten voor uw leerlingen.’

Mechanismen

Op zich bevestigen de cijfers vooral verhalen die al langer de ronde doen. Over lang openstaande vacatures of leerkrachten in kwetsbare scholen die hun eigen kind niet op hun school willen.

De grote meerwaarde van het TALIS-rapport ligt in het blootleggen van een mechanisme dat de eerder beschreven structuurfout in stand houdt. Door de vlakke loopbaan in het onderwijs hebben leerkrachten niet veel kans tot promoveren, behalve directeur worden. Ook ligt de algemene jobtevredenheid en de tevredenheid over de werkomgeving in diverse scholen lager. Wel is de tevredenheid over het lerarenberoep er niet lager.

null Beeld ANP
Beeld ANP

Op die manier drijft diversiteit leerkrachten niet uit het onderwijs, wel richting andere scholen. “Er zijn vandaag weinig incentives voor (ervaren) leerkrachten om les te geven in grootstedelijke contexten”, zegt Siongers. “Voor haast hetzelfde loon wordt daar veel meer van je verwacht. Wat zien leerkrachten dan als een volgende stap in hun loopbaan? Naar scholen gaan met een minder divers publiek, ‘naar de gemakkelijke scholen’.”

“Of ik dat herken? Ja, dat is een van de redenen waarom ikzelf destijds gestopt ben als leerkracht”, zegt Sabine Verheyden (41), tegenwoordig directeur in het Lutgardiscollege in Oudergem. Elf jaar geleden vroeg ze als leerkracht wiskunde haar toenmalige directeur in dezelfde school om extra taken. Toen dat niet mogelijk bleek, trok ze naar Justitie als communicatiemanager. Toch keerde ze terug naar de school. “De impact die ik hier heb, is groter”, zegt ze. “Hier help ik elke dag leerlingen weg te blijven uit het vaarwater van mijn vorige werkgever.”

Leerkrachten die les willen geven in de grootstad extra loon geven, lijkt niet evident. “Maar je kan dat ook op een andere basis doen”, zegt Siongers. “Leerkrachten in scholen met veel kansarme leerlingen enkele uren vrijstellen van lesopdrachten om zich bij te scholen over lesgeven aan diverse klasgroepen en zich daarop voor te bereiden, of voor de begeleiding van leerlingen die het moeilijk hebben. Dat is wellicht gemakkelijker te realiseren en komt tegemoet aan de noden van leerkrachten.”

Het is wat Verheyden – haar eigen carrière in het achterhoofd – al doet. “Daardoor ben ik extra alert voor leerkrachten die uitgekeken zijn op hun job”, zegt ze. Daarnaast vraagt ze haar leerkrachten veel meer om mee het beleid uit te tekenen en aan te geven wat hun noden zijn. Ook moeten beginnende leerkrachten sowieso co-teachen: met twee in één klas lesgeven zodat een collega ze onder de vleugels kan nemen.

“We hebben een paar heel moeilijke jaren achter de rug”, zegt Verheyden. “Maar dankzij die ingrepen heb ik nu wel een zeer geëngageerd lerarenteam en moest ik dit jaar voor het eerst nauwelijks op zoek naar leerkrachten.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234