Maandag 25/01/2021

minister van staat Willy Claes

'Als ik geconfronteerd zou worden met het ongeluk van Alzheimer, dan hoeft het voor mij niet meer. Het perspectief van het verlies van mijn verstand of van delen van mijn verstand schrikt me af. Ik zou mezelf niet meer zijn, en dat wil ik niet''Een van mijn kleinkinderen is onlangs met notenleer begonnen. En met piano spelen. Als hij op bezoek komt, brengt hij zijn muziekschriften mee. Dan help ik hem en spelen we samen. Dat zou ik dus heel mooi vinden, ja, als een van hen - en eigenlijk het liefst allemaal - muzikaal begaafd zou zijn'

'Ik blijf strijden

voor de zaak'

'Ik verjaar al enkele jaren niet meer', zegt Willy Claes (66, niets aan te doen) als hij in zijn geruite pantoffels van de voordeur naar de woonkamer stapt. 'Het leven is al kort genoeg, en ik heb nog ontzettend veel te doen.' Gelukkig weet hij zijn prioriteiten te stellen. Zodat hij, voor het schrijven van zijn 'memoires' en tussen alle telefoons, concerten, partituren, voordrachten én kleinkinderen door, graag en ruim de tijd maakt voor een terugblik. 'Omdat reflectie de mens vooruithelpt.' Margot Vanderstraeten / foto Stephan Vanfleteren

hapsody in blue: die partituur ligt opengeslagen op de zwarte vleugelpiano van Willy Claes. Boven de noten van George Gershwin heeft de ex-politicus die nu vooral als musicus door het leven gaat, enkele krabbels in potlood geplaatst. 'Vertragen', staat er, en 'kort bij toetsen'. Later in het gesprek zal Claes zeggen dat deze klassieke rapsodie vol jazzeffecten aan de grenzen van zijn vaardigheden ligt, en dat het instuderen van de Gershwins compositie veel inspanningen van hem vergt en gevergd heeft. "Ik heb nooit over de capaciteiten beschikt om tot de top der musici te behoren. Zeker niet als pianist.

"Als dirigent zou ik het, mocht ik van muziek mijn beroep hebben gemaakt, misschien wel verder geschopt hebben. Laat me het realistisch uitdrukken: ik heb al heel wat mensen ontmoet waarvan ik denk dat ze meer 'natuurlijk' muzikaal talent bezitten dan ik. Maar met oefening en studie kun je veel bereiken. Een goede dirigent beschikt trouwens over eigenschappen die een goede politicus niet vreemd in de oren mogen klinken. Natuurlijke aanleg, zeer zeker. Maar daarnaast moet een dirigent, net als een politicus, ook kunnen dirigeren. En kunnen leiding geven is niets anders dan anderen op een geloofwaardige wijze je overtuiging overbrengen. Die vorm van communicatie kun je nooit op een afdoende wijze verwezenlijken als je niet bestendig partituren of dossiers bestudeert, als je geen inzicht verwerft én als je geen blijk geeft van een kritische zin.

"Ik vind verstand en een analytische geest van wezenlijk belang, ja. Dat denkvermogen maakt van mij wie ik ben. En uiteraard: met ouder worden denk ik al wel eens aan welke kwalen me wel niet allemaal te wachten zouden kunnen staan. Als ik geconfronteerd zou worden met het ongeluk van Alzheimer, dan hoeft het voor mij niet meer. Het perspectief van het verlies van mijn verstand of van delen van mijn verstand schrikt me af. Ik zou mezelf niet meer zijn, en dat wil ik niet. Ik heb de juiste papieren nog niet laten opstellen. Maar ik kan u wel zeggen dat de documenten met de geijkte termen in de bovenste lade van mijn bureau liggen, en dat ik van plan ben om er binnen afzienbare tijd werk van te maken. Niet dat er al enige tekenen van verstandsverbijstering te bespeuren vallen, hoor. Maar ik wil die zaken toch graag geregeld zien."

Dat het zover nog niet is, blijkt ook uit die andere bedrijvigheid van Willy Claes. Behalve als pianist en dirigent is Claes ook in de politiek een veel gevraagde gast: zij het dan aan de rand van het veld. Er kan geen mondiale ontwikkeling of gebeurtenis plaatsvinden - en op dat vlak vliegen de gebraden duiven hem in de mond - of er duikt wel een medium of symposium op dat de mening en analyse van de voormalige secretaris-generaal van de Navo wil vernemen. "Men weet mij intussen goed wonen", zegt Willy Claes. "Als je mijn actieve politieke carrière bekijkt, is mijn huidige positie aan de zijlijn natuurlijk een beperking. Maar ik heb die rol van kritisch observator volkomen aanvaard. Sterker nog: ik speel ze graag. Het is voor het eerst sinds jaren dat ik mijn agenda weer naar eigen goeddunken kan invullen, en dat ik me echt alleen maar bezighoud met zaken die ik wil doen. Ik ben geen slaaf meer van afspraken die door anderen gemaakt worden, zoals dat het geval was toen ik minister van Buitenlandse Zaken of secretaris-generaal bij de Navo was.

"De tijd heeft me geleerd om het voordeel van die nieuwe situatie in te zien. Volgend jaar is het tien jaar geleden dat ik van het politieke toneel ben verdwenen. Die dagen, maanden en jaren na de Agusta-zaak vergeet ik nooit meer. Ze hebben me getekend, en de sporen zullen nooit verdwijnen. Ik heb in 1995 en daarna in een heel diep, zwart gat gezeten. Maar ik ben er ook langzaam maar zeker weer uitgekropen. Die slag was trouwens niet enkel geestelijk hard. Ook fysiek heb ik onder de hele affaire geleden. Ik leidde een hyperactief, internationaal leven in een ritme dat veel hoger lag dan het gezonde gemiddelde. Ik werd gestuwd door een jachtige en zware agenda, door mijn grote verantwoordelijkheid in de wereldpolitiek. De oorlog in huidig ex-Joegoslavië was toen volop aan de gang.

"En ja, het klopt dat mijn naam op een bepaald moment bovenaan op een zwarte lijst van de Serviërs stond. Er stond geld op mijn kop. Hoeveel weet ik niet, maar voldoende om de bevoegde diensten van de Navo ertoe aan te zetten het alarmpeil te verhogen en de veiligheidsmaatregelen te verscherpen. Ik kreeg maar liefst tien bodyguards; allemaal mannen, want het privilege van Kadhafi (die allemaal vrouwelijke bodyguards heeft) heb ik helaas (!) niet genoten. We namen nooit dezelfde weg naar het kantoor. En we reden in drie identieke gepantserde wagens achter elkaar: de ene keer zat ik in de eerste, dan in de tweede... Uit respect voor het werk en de verantwoordelijkheid van de bodyguards heb ik dat spel meegespeeld, al moet ik zeggen dat ik het allemaal nogal wat overdreven vond.

"Maar u vraagt me naar die kleine anekdote. Ik wilde zeggen dat de overgang van een drukke naar een blanco agenda heel groot was. Medisch is zo'n bruuske sprong van het ene uiterste naar het andere volstrekt af te raden. De verhalen van mensen die aan het begin van hun pensioen een hartaanval krijgen, verbazen me niet. Niets-meer-mogen-doen kan veel stress veroorzaken. Uitgesloten worden van de habitat waarin je jarenlang gezwommen hebt, is een straf die je in je hoofd en in lichaam en leden voelt. En die ook gevolgen heeft voor de mensen uit de omgeving. Ik kwam bijvoorbeeld terecht in een nieuwe biotoop die weliswaar al lang de mijne was, maar waar ik nooit vertoefde: mijn stad Hasselt, in dit huis, bij mijn vrouw. Dat dit leven me intussen zeer bevalt, kan ik illustreren met deze hypothese. Mocht men mij een huis in twintig wereldsteden aanbieden, dan zou nog altijd dit in Hasselt kiezen. Vraag me niet waarom. Ik kan het niet uitleggen, maar het is gewoon zo."

"Ik wil niet meer verjaren. Ik heb nog zoveel plannen en ambities. Zo wordt het langzamerhand tijd om mijn politieke carrière op papier zetten. Inclusief de Agusta-zaak, jazeker. Maar denkt u niet dat ik aan rancuneuze hoofdstukken denk. Als ik wraak had willen nemen, zou ik dat al lang gedaan hebben. Maar het spreekt voor zich dat ik over Agusta enkele spraakmakende feiten, nieuwigheden, naar buiten zal brengen. Over de verantwoordelijkheid van de Belgen bij de genocide in Rwanda heb ik ook nog een eitje te pellen. En verder zal ik onder meer uitweiden over de te ver doorgedreven liberalisering in dit land, en de daarmee gepaard gaande deregulering.

"Mijn politieke periode was misschien wel niet de voorbeeldigste, maar toch denk ik dat sommige beslissingen van interventionistische aard voor ons land goede gevolgen hebben gekend. Neem de zogenaamde nationale sectoren: de staalindustrie, de textiel, de steenkoolmijnen. De overheid heeft tijdens en na die crises een cruciale rol gespeeld. Ik vind het dan ook bijzonder triest dat in een land als het onze bijvoorbeeld de hele energiemarkt in vreemde handen is. Hetzelfde geldt voor de financiën: de niet onaardig werkende kroonjuwelen zoals de Aslk en het Beroepskrediet zijn verdwenen. Ik ben ervan overtuigd dat elk spel, ook een spel zonder grenzen, bepaalde regels moet hebben en dat in elk spel scheidsrechters de navolging ervan in de gaten moeten houden. Die regels en scheidsrechters zijn vandaag echter te ver zoek. Dus zal ik nauwgezet uiteenzetten hoe de politiek weer voor meer regulering kan zorgen, en hoe ze haar actieradius weer kan uitbreiden.

"In dit boek zal ik waarschijnlijk ook enige gematigdheid aan de dag leggen. Dat doe ik altijd; u mag het gerust beroepsmisvorming noemen: ik volg de regel van de voorzichtigheid. Altijd. Ook nu ja. En neen, ik wijk er niet vanaf, hoe graag u dat ook zou willen. Als je voor de publieke opinie spreekt, kun je alleen per uitzondering, op de gepaste plaats en in de gepaste, beperkte kring, alle remmen losgooien en echt zeggen wat er te zeggen valt. Die voorzichtigheid is een professionele houding. Ik ben minister van Buitenlandse Zaken geweest. En een minister van Buitenlandse Zaken moet vaak in verhulde termen spreken. Met zijn uitspraak over de gebrekkige kwaliteit van Afrikaanse leiders mag Karel De Gucht dan wel een open deur hebben ingetrapt: hij had - ook al had hij voor tweehonderd procent gelijk en deel ik zijn mening ten gronde - die uitspraak beter niet gedaan. Om de eenvoudige reden dat hij toch met die mensen verder zal moeten werken. Niemand, politiek noch publieke opinie, is ermee gediend als je de zaken op een brutale wijze de wereld in slingert.

"Enige bescheidenheid siert de mens. De aarde is een planetair dorp. De wetenschap heeft onlangs vastgesteld dat op Mars alle elementen aanwezig waren voor het scheppen van leven. Wie zijn wij dan? Weet u, ik heb - intussen ruim tien jaar geleden - een tijdje aan zweefvliegen gedaan. Als je daar boven in de lucht hangt, en onderworpen bent aan de natuurwetten, aan de zwaartekracht en aan het spel van de thermiek, dan krijg je meer respect voor de kosmos en voor de natuur. Dat perspectief is goed voor het relativeringsvermogen.

"Ik vind trouwens ook dat een politicus altijd ondergeschikt is aan zijn partij. U weet wat op André Cools zijn graf staat: 'Le parti ne me doit rien, je dois tout au parti'. Dat vind ik ook. En vanuit die redenering heb ik ook naar al de taferelen binnen de VLD gekeken. Binnen een partij moet er voldoende ruimte zijn voor elk individu. Maar binnen die partij moet de gemeenschappelijke noemer ook afdoende zijn om iedereen te herbergen. Je kunt toch niet iedereen zijn ding laten doen. Daar heeft niemand baat bij; ook de partij niet. Ja, de tijd dat Omer Vanaudenhove een spraakmakende overwinning voor de liberale partij uit de wacht sleepte (1965) is letterlijk en figuurlijk ver weg. Weet u met welke slagzin hij campagne voerde? Met 'Le parti, c'est mon pays. Mon pays, c'est le parti'."

'De memoires van Willy Claes', mijn notities en overpeinzingen zullen die titel dan ook niet krijgen. Ik vind het woord 'memoires' nogal belangrijk, en zo belangrijk ben ik nu ook weer niet geweest. Jammer is natuurlijk wel dat ik niet meer over persoonlijke aantekeningen beschik. Die zijn allemaal in de vlammen opgegaan toen ons huis - dat kwam er nog bij - enkele jaren geleden afbrandde. De hele zolder en de eerste verdieping waren volkomen weg. Aan brandstichting is nooit gedacht, neen. De brandweerlieden hebben die mogelijkheid meteen uitgesloten. Ze hebben een kortsluiting vastgesteld, daar was geen twijfelen aan."

"Bescherm me tegen mijn politieke vrienden, met mijn vijanden houd ik me zelf wel bezig'; die uitspraak van Camille Huysmans breng ik graag in herinnering. Ik heb met de hele Agusta-affaire heel wat zogenaamde vrienden verloren. Maar ik heb nog een andere vaststelling gestaan. Sommige mensen die ik vroeger misschien nooit tot mijn vrienden zou hebben gerekend, bleken plots wel echte vrienden te zijn. Uiteindelijk moet ik toch de conclusie trekken dat elke medaille twee kanten heeft. Hoe negatief de ervaring ook is, er zit altijd een positieve kant aan. Al maakt die natuurlijk lang niet alles goed.

"Tja, en mijn chauffeur. Ik had met mijn chauffeur een heel speciale band. Hij was mijn engelbewaarder. Een echte vertrouwenspersoon. Het eigenaardige is dat hij uitgerekend de dag dat ik uit de Navo ontslag heb moeten nemen, heel ernstig ziek is geworden. Vijf jaar later is hij aan die ziekte gestorven. Ik weet niet wat ik van dit toeval moet denken. Ik kan alleen maar denken, en ik denk dat vaak, dat het een zeer eigenaardig toeval is.

"Maar vrienden en het gezin: ze zijn belangrijker en waardevoller geworden in mijn tweede leven. Ik heb nu bijvoorbeeld ook veel meer tijd om intensief met mijn kleinkinderen, vier jongens, bezig te zijn. En ik kan alvast dit heuglijke nieuws melden: eentje is onlangs met notenleer begonnen. En met piano spelen. Als hij op bezoek komt, brengt hij zijn muziekschriften mee. Dan help ik hem en spelen we samen. Dat zou ik dus heel mooi vinden, ja, als een van hen - en eigenlijk het liefst allemaal - muzikaal begaafd zou zijn. Al wil ik daar meteen aan toevoegen dat ik niet die gevaarlijke ouder of grootouder ben die in zijn kroost kleine Mozarts ziet ontluiken. Maar ik geloof toch wel dat ik mag zeggen dat muziek een mens gelukkiger maakt dan politiek. Dat mijn dochter (Hilde Claes, nu federaal volksvertegenwoordiger voor de SP.A, MvdS) al flink gebeten is door de politieke microbe, vind ik meer dan genoeg. De politiek is een harde wereld die zich perfect leent tot het uitdelen van slagen onder de gordel. Ik ken de pro's en de contra's van die stiel, en ik zal niemand die me nauw aan het hart ligt, aanmoedigen om in die wereld te stappen.

"Voor kerst en nieuwjaar krijgt mijn tienjarige kleinzoon alvast een uniek cadeau. Ik schenk hem de piano waarop mijn vader ons, mijn broer en ik, vroeger heeft leren spelen. Ik heb die piano altijd bewaard, ook al speelde ik er niet meer op. Onlangs heb ik hem opnieuw laten stemmen. En ik heb er ook een speciale pianostoel bij gekocht: kwestie van de knaap meteen de juiste houding aan te leren. Aan die piano hangt trouwens een verhaal vast dat bepalend geweest is voor mijn leven. Ik woonde met mijn ouders en met mijn broer in Hasselt, op de Martelarenlaan 11. We huurden het huis, maar op een bepaalde dag moesten we eruit omdat de huisbaas zijn zwangere dochter in het pand wilde laten wonen. Op zich is daar niets mis mee, natuurlijk. Alleen wilde die huisbaas dat alles heel snel ging, veel sneller dan dat voor ons - ik was toen een jaar of dertien - haalbaar was. De huisbaas heeft toen zonder pardon de deurwaarder erbij gehaald, en die heeft, met steun van de toenmalige rijkswacht, al onze huisraad op straat gezet. Ook onze piano. Ook dat prachtige instrument. Hij stond op de stoep, alsof het een stuk vuilnis betrof. Mijn wil om naar een rechtvaardige verdeling van lasten en middelen streven, heeft daar ongetwijfeld kiem gevat."

"Ik geloof heel zeker niet dat het einde van het socialisme in West-Europa nabij is nu, mede uit verkiezingsuitslagen, blijkt dat West-Europeanen zich meer en meer in materialisme en egoïsme wentelen. Want hoe lang kan dat nog duren? De mondiale structuur zal invloed op ons hebben, en niet een beetje ook. Want wat denkt u? Dat mastodonten als China, India, maar ook Zuid-Amerika op ons zullen wachten? De Verenigde Staten, waar nog amper 3 procent van de wereldbevolking zal wonen, zullen binnen dit en enkele decennia sterk aan macht en invloed inboeten; dat heeft met politieke en economische logica te maken. Andere, nieuwe grootmachten zullen de positie van de Verenigde Staten innemen. De kans is groot dat deze nieuwe machten niet alleen economische maar ook politieke beslissingen zullen nemen, zonder dat wij, Europeanen, daarbij betrokken zullen worden. En het toekomstbeeld dat ik hieruit distilleer, ziet er niet bepaald aangenaam uit, maar het is wel reëel. Bedrijven van hier zullen elders hun tenten opslaan, met banenverlies als gevolg. En dus ook verlies van koopkracht. Wel: koppel die economische feiten aan de vergrijzingsproblematiek en je ziet dat het sommetje tot een algemene verarming van Europa zal leiden. Wat mij dan weer doet zeggen dat het eindtijdperk van het socialisme in Europa zeker nog niet ingeluid is.

"Integendeel. Het is vandaag heel belangrijk om mondiaal te denken. Om niet meer in functie van staatsnaties te denken. Neem de multiculturele samenleving: daar moet je wel mee leren leven, om de eenvoudige reden dat er geen alternatief voor bestaat. Zolang er overal ter wereld, behalve in het Westen, sprake is van een bevolkingsexplosie, en zolang er overal ter wereld, behalve in datzelfde Westen, armoede heerst, zullen mensen hun geluk elders zoeken, en zelfs grijpen als het moet. Azië zal weldra drieënhalf miljard inwoners tellen. Wat had men nu gedacht? Dat die mensen niet op zoek zullen gaan naar gunstiger perspectieven? De migratie waarvoor zoveel burgers nu al zo bang zijn, begint maar pas op gang te komen. En ja: er is sprake van een alternatief: 'the clash of civilizations', zoals de Amerikaanse professor Samuel Huntington die voor de 21ste eeuw voorspelt. Maar in dat alternatief geloof ik niet. Ik geloof niet in de blinde confrontatie van culturen en beschavingen. En ik maak al zeker niet de fout te denken dat de islam onze vijand is.

"Ik ben niet bang van de islam. De overgrote meerderheid van de islamieten wil in vrede leven. Het fanatiek misbruiken van godsdiensten heeft gedurende de hele loop van onze geschiedenis tot onmenselijke acties geleid. Denk maar aan de inquisitie. Het grote en ook zorgwekkende verschil met de eenentwintigste eeuw is dat er nu massavernietigingswapens voorhanden zijn. Sterker nog: dat de distributie op die massavernietigingswapens ongecontroleerd verloopt. De voorzitter van het Internationaal Atoomagentschap (IAEA) in Wenen heeft het onlangs nog gezegd, 'dat de controle op die wapens niet mogelijk is'. Als ex-Navo-baas, dat mag u van me aannemen, heb ik een goed beeld van de trefkracht van die wapens die de mens ter beschikking heeft. In deze tijden van de techniek van de blinde aanslag - die in Madrid heeft me zeer aangegrepen - is deze situatie zorgwekkend. En ja, dat klopt. Vandaag komt het gevaar van deze techniek uit islamitische hoek. Dat is ongetwijfeld een feit dat we hoe dan ook onder ogen moeten zien."

"Ik kan me dan ook behoorlijk opwinden over de huidige ontwikkelingen binnen de Europese Unie. Europa heeft me altijd met begeestering vervuld. De lichtzinnigheid waarmee men vandaag met deze entiteit omspringt, maakt me zeer ongelukkig. Heeft er één van de 25 regeringsleiders al eens goed nagedacht over de gevolgen die het lidmaatschap van Turkije op de Unie zal hebben? Heeft er iemand afgewogen of wij wel bereid zijn om voldoende budgettaire inspanningen te leveren om de koopkracht van de Turken, die nog lager ligt dan die in de onlangs toegetreden landen, op te trekken? Hoe gaan ze de instanties in evenwicht houden als er plots een lid met maar liefst 70 miljoen inwoners bij komt? Een nieuw lid dat even groot is als Duitsland? Hebben ze dat bestudeerd? De huidige regeringsleiders richten zich op een uitbreiding van Europa, maar vergeten dat verruiming zonder politieke verdieping alleen maar tot mislukking kan leiden. Alsof Europa alleen maar een economische entiteit hoort te zijn; alsof die goed functionerende markt de enige doelstelling is. Europa moet een politieke eenheid vormen. Europa moet met één stem spreken als het over buitenlandbeleid of veiligheid gaat. Dat is de essentie van het hele Europese project.

"Ik kan me dan ook niet verzoenen met het idee dat er overmorgen, zonder inspraak van Europa, beslissingen genomen zullen worden die weerslag kunnen hebben op mijn kleinkinderen. Me daarbij neerleggen druist in tegen mijn persoonlijke ambitie en tegen mijn temperament. Ik heb mijn leven niet opgeofferd aan de politiek om tot dit negatieve eindresultaat te komen. Die passieve rol druist toch ook in tegen de historisch-politieke rol die Europa altijd gespeeld heeft. Wij moeten ernaar streven om een representatieve plaats te vervullen in de multilaterale structuur. Dat gaat dus over veel meer dan markt en economie. In al mijn lezingen - en ik doe toch minstens één voordracht per week - blijf ik op dat thema hameren. En blijf ik de noodzaak van een politiek project onderstrepen. Overigens ben ik niet de enige die meent dat het huidig debat over de Europese Unie om te huilen is. Ik las de woorden van Karel Van Miert in uw krant. Hij heeft groot gelijk. En wat hij zegt, zeg ik ook. Berlusconi die eerst graag Rusland en daarna Israël bij de Unie wil. Waar zijn ze mee bezig!

"Toch ben ik niet pessimistisch. Ik ben ervan overtuigd dat Europa uiteindelijk zijn lesje wel zal leren. Ik weet niet hoeveel keer het daarvoor met de kop tegen de muur zal moeten lopen, en hoeveel slagen het zal moeten incasseren, maar uiteindelijk zal het moment aanbreken waarbij Europa logische conclusies uit de feiten zal trekken. Ik zei zojuist dat er geen alternatief bestaat voor de multiculturele samenleving. Wel, voor een politiek verdiept Europa bestaat er evenmin een. Europa zal verplicht worden af te stappen van dat waanbeeld van de staatsnatie. Het zal gedwongen worden om mondiaal te denken. Hoe lang dat zal duren, weet niemand. Soms kan een dergelijke evolutie van enkele personen afhangen. Zo denk ik bijvoorbeeld met heimwee terug aan Jacques Delors, toen die de Commissie voorzat en de Europese Unie een glorieuze periode beleefde. Het was een tijd van leiders met een visie, neem Kohl en Mitterrand. Zij maakten het verschil. Alleen vind je zulke politieke grootheden vandaag niet meer. Zelfs met een vergrootglas zie ik ze niet staan.

"Of die genadeloze kritiek te maken heeft met mijn positie aan de zijlijn? Oh, het is mogelijk dat ik, nu ik me niet meer in het veld bevind, minder besef heb van de onvermijdelijkheid van compromissen. En misschien denk ik wel iets te eigengereid over de generatie waartoe ik behoord heb. Maar los daarvan meen ik dat mijn mening aan de rand dezelfde is als die ik in het veld zou hebben. Ik wind me op over de uitholling. Maar ik blijf geloven. Ik blijf op mijn terrein strijden voor de zaak. En ik blijf benadrukken, ook en zeker aan jonge mensen, dat een verenigd Europa onder meer de onschatbare garantie biedt dat elke staat die er deel van uitmaakt, alle essentiële vrijheden verleent of toestaat. Het Spanje van Franco kan niet meer. Het Griekenland van de kolonels al evenmin. Bovendien, en dat is op een dag als deze wel enige reflectie waard, is het dankzij het verenigd Europa is dat wij hier al zestig jaar vrede kennen. En dus zestig jaar een vreedzaam eindejaar beleven."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234