Donderdag 15/04/2021

Minister van Staat overlijdt op 78-jarige leeftijd

Hugo Schiltz:

Macht en onmacht van een Vlaams-nationalist

Peetvader van de Volksunie , mede-architect van de staatshervormingen en minister van Staat Hugo Schiltz is zaterdagavond aan leukemie overleden in het Universitaire Ziekenhuis van Antwerpen. Met zijn dood verliest de Vlaamse strijd een van zijn jarenlange boegbeelden.

Door Georges Timmerman

BRUSSEL l De overleden Schiltz wordt door vriend en vijand geroemd als een groot staatsman, die een belangrijke rol speelde in de naoorlogse Vlaamse beweging en in de federalisering van het land. Hij wordt zelfs beschouwd als een van de meest invloedrijke Vlaams-nationale politici, al kreeg hij ook heel wat kritiek door zijn rol in het omstreden Egmontpact.

Schiltz werd op 28 oktober 1927 geboren in Borsbeek in een niet zo bemiddelde, Vlaamsgezinde familie. Zijn oom was de Antwerpse advocaat Emiel Schiltz, die activisten als August Borms verdedigde.

Als scholier bij de jezuïeten van het Xaveriuscollege was de jongeman al een overtuigd flamingant. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij oppertrommelaar bij de geüniformeerde Nationaal-Socialistische Jeugd Vlaanderen (NSJV) en stond hij op het punt om zich te melden voor het Vlaams Legioen, dat met de Waffen-SS aan het oosfront tegen de Russen vocht.

De collaboratie met de nazi's, waarvoor hij na de oorlog als zestienjarige een paar maanden in de gevangenis zat, noemde Schiltz later een vergissing. "Ik zweer ze niet af", verklaarde hij. "Wij vochten voor de Vlaamse zaak en vanuit dat oogpunt was het begrijpelijk dat wij in de collaboratie terechtkwamen. Maar het was een denkfout omdat de Duitsers het spel niet eerlijk meegespeeld hebben."

Als student aan de Leuvense universiteit was Schiltz zeer actief in het Katholiek Vlaams Hoogstudentenverbond (KVHV). In 1951 behaalde hij zijn diploma van doctor in de rechten. Na zijn legerdienst vestigde hij zich als advocaat in Antwerpen en maakte een blitzcarrière, onder meer als verdediger van collaborateurs.

Parallel hiermee nam hij zijn aanloop naar een politieke carrière. In 1958 werd hij een eerste keer verkozen als onafhankelijk gemeenteraadslid op een CVP-lijst. Hij twijfelde lang tussen CVP en Volksunie, maar koos vijf jaar later voor de Volksunie, destijds de eerste naoorlogse hergroepering van Vlaams-nationalistisch rechts.

De doorbraak volgde in 1965, toen Schiltz werd verkozen als Kamerlid. In het parlement viel hij op als een begenadigd redenaar en scherp debater. De volgende tien jaar werkte hij zich op tot de onbetwistbare nummer een van zijn partij. Om de tegenwerking van de historische, rechtse leiders van de partij te counteren, haalde Schiltz progressieve bondgenoten zoals Maurits Coppieters en Nelly Maes aan boord.

Zodra hij in 1975 partijvoorzitter werd na een bitsige interne machtsstrijd, gebruikte hij zijn positie om de extremistische vechtersbazen van de Vlaamse Militanten Orde (VMO) uit de partij te zetten. Tegelijk verruimde hij de VU tot een volwaardige partij met een programma dat de communautaire problematiek ruim oversteeg.

Eind jaren zeventig beleefde Schiltz zijn politieke hoogtepunt. Hij was erin geslaagd de Volksunie in 1977 in de regering te loodsen en onderhandelde met de andere partijvoorzitters tijdens nachtelijke conclaven in kastelen over het Egmontpact, een communautair compromis dat gekelderd werd door premier Tindemans. Sinds het Egmontpact stond Schiltz bij de traditionele Vlaamse beweging gebrandmerkt als een verrader. De breuk leidde ook tot het ontstaan van het Vlaams Blok.

Toen het Egmontpact op de klippen liep en de VU zware verkiezingsnederlagen moest incasseren, werd Schiltz hiervoor verantwoordelijk gesteld. Hij besloot zich in 1979 terug te trekken als partijvoorzitter.

Maar de tocht door de woestijn duurde niet lang: begin jaren tachtig begon hij aan zijn comeback. Schiltz werd in 1981 gemeenschapsminister van Financiën en Begroting in de eerste Vlaamse executieve.

En in 1988 werd hij vicepremier en minister van Begroting en Wetenschapsbeleid in de laatste regering-Martens. Na een rel over de uitvoer van Belgische wapens naar Koeweit en Saudi-Arabië, kort na de eerste Golfoorlog, stapte de VU uit de regering en veroorzaakte mee de val van het kabinet.

Achter de schermen bleef Schiltz evenwel sleutelen aan een nieuwe staatshervorming en legde hiermee de basis voor het in 1993 ondertekende Sint-Michielsakkoord. Samen met Wilfried Martens en Jean-Luc Dehaene wordt hij gerekend tot een van de drie architecten van het gefederaliseerde België.

In 1989 nam Schiltz ontslag als lid van de Antwerpse gemeenteraad, vanaf 1991 zetelde hij niet meer in de Kamer, daarna bleef hij nog vier jaar senator.

Zijn laatste grote politieke wapenfeit was een gooi naar het burgemeesterschap in Antwerpen in eenkartel van CVP, VU en onafhankelijken. Schiltz moest genoegen nemen met de functie van schepen van Financiën, Economie en Toerisme.

De éminence grise van de Volksunie moest in de jaren negentig met lede ogen toekijken hoe 'zijn' partij verpulverde en in stukken en brokken uit elkaar viel. Verschillende van zijn oude kameraden liepen over naar VLD en CD&V, terwijl twee fracties openlijk ruzie maakten over de verdeling van de erfenis van de Vlaams-nationalistische partij. Uiteindelijk volgde Schiltz Bert Anciaux en de zijnen naar het links-liberale Spirit.

Op het einde van zijn leven was hij nog voorzitter van de Vlaamse Opera en bleef hij actief in het Flanders Fashion Institute, een instelling die hij zelf mee heeft opgericht.

De Encyclopedie van de Vlaamse Beweging stelt: "Om zijn ideeën te realiseren koos hij bewust voor een deelname aan de macht en was hij bereid compromissen te sluiten en toegevingen te doen aan de Walen. Dit pragmatisme werd hem door de traditionele Vlaamse Beweging niet in dank afgenomen. Toch was Schiltz veruit de meest invloedrijke Vlaams-nationalistische politicus van de tweede helft van de twintigste eeuw."

Wij vochten voor de Vlaamse zaak en zo was het begrijpelijk dat wij in de collaboratie terechtkwamen. Maar het was een denkfoutSamen met Wilfried Martens en Jean-Luc Dehaene wordt Schiltz gerekend tot een van de drie architecten van het gefederaliseerde België

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234