Zondag 24/01/2021

Reportage

Miljoenen Fransen hebben gewoon geen zin om te gaan stemmen. En dat kan gevaarlijk zijn

Verkiezingsaffiches zijn schaars in het stadsbeeld. Wel aanwezig: een oproep tot boycot van de presidentsverkiezingen.Beeld © Franky Verdickt

Niet de extreemrechtse kiezer zal de Franse presidentsverkiezingen beslechten, wel de niet- en blanco-stemmer. "Plus rien à foutre", zegt die laatste, kortweg PRAF. We gingen in Rijsel en Roubaix de stemming peilen.

Er staat een pittige lentezon in Rijsel. Op de markt van volkswijk Wazem­mes schreeuwen de kramers hun waar uit, maar vervliegt de ochtend voor de rest in begroetingen, schouderkloppen en kussen op de wang.

Het is dat we weten dat het hier straks verkiezingen zijn, want aan het stadsgezicht zal het niet gelegen hebben: affiches hangen er amper, niet één militant deelt pamfletten uit, naar het programma van deze of gene kandidaat, van Jean-Luc Mélenchon op de linkse flank tot Marine Le Pen uiterst rechts, is het zoeken als een speld in een hooiberg.

Yves Baise.Beeld © Franky Verdickt

Electorale leegte troef, zo lijkt het wel. Het is maar net wat ook Yves Baise zegt, een 66-jarige man die voor de sociale dienst gewerkt heeft, maar inmiddels met pensioen is. “In de stad gebeurt niets meer, de verkiezingen zijn tot een loutere televisieshow gereduceerd. Daar wordt de strijd gestreden. Niet hier, niet onder de mensen.”

De burger komt er niet langer aan te pas, zegt Baise, terwijl hij zich dégoûté noemt. Eind 2015, bij de jongste regionale verkiezingen, stemde hij in de eerste ronde “uit boosheid” voor Le Pens Front National; in de tweede ronde haastte hij zich om klassiek rechts te stemmen, voor Les Républicains dus. “Of beter, tégen het FN, ik wou vooral niet dat ze aan de macht kwamen.”

Deze keer, niet eens anderhalf jaar later, zal Baise – blauwe jekker, afgewassen jeans – zich verdere moeite besparen. “Ik ga niet naar de stembus, en als ik ga stem ik blanco.”

Baise heeft nog wat te doen, en neemt alweer afscheid. In al zijn alledaagsheid vertegenwoordigt deze man de snelst groeiende politieke kracht van Frankrijk. Hij heeft lak aan links, lak aan rechts, lak aan extreem rechts zelfs.

Plus rien à faire, plus rien à foutre”, zegt de bekende politicoloog Brice Teinturier, auteur van het gelijknamige, veelbesproken boek. Door er een handige afkorting op te plakken, de PRAF-attitude, lanceerde Teinturier op slag een nieuwe categorie kiezers: les prafistes.

Baise, die de term zelf nog niet kent, blijkt een typische prafist. Wat hij voelt, is ontgoocheling, wrok en onverschilligheid. Hij heeft de indruk dat zijn stem geen jota meer uitmaakt, kortom, dat de politiek hem niets meer te bieden heeft.

Prafisten zijn niet voor één gat te vangen, zegt Teinturier. Tot hun rangen behoren zowel niet-stemmers, blanco-stemmers als lusteloze wél-stemmers. Ze vormen geen ­politieke partij en zijn geen welomschreven sociale groep, ook al behoren ze vaker tot de lage middenklasse. Prafisten houden zich stil en zijn de colère al voorbij.

Gabrielle Finez.Beeld © Franky Verdickt

Zij die alsnog uit stemmen gaan doen dat vaak, maar niet koste wat het kost, voor het FN. Ook Les Républicains en de Parti Socialiste tellen miljoenen prafisten onder hun electoraat. “Op korte termijn, bij deze presidentsverkiezingen al, zal de PRAF-attitude een beslissende variabele worden in de einduitslag”, waarschuwt Teinturier.

Onder de symboolgrens

In zijn boek levert Teinturier, ook directeur-generaal van het peilingsinstituut Ipsos, ­genuanceerd kritiek op de eigen sector. Ook de onvolprezen radiozender France Inter, geleerd door de brexit en verkiezing van Donald Trump, publiceerde vorige dinsdag pas zijn eerste peiling.

Toch bevestigde ook die de trend: Le Pen haalt in de eerste ronde 25 procent van de stemmen, haar rivaal in het centrum Emmanuel Macron 24 procent. Daarna volgen de conservatieve kandidaat François Fillon (18), de linkse populist Jean-Luc Mélenchon (14) en, zwakker dan verwacht, PS’er Benoît Hamon (12).

De grootste les hadden echter de sceptici en opgevers in petto, de prafisten dus. Zo weet liefst 40 procent van de stemgerechtigden nog niet óf ze zullen gaan stemmen, en zo ja voor wie. De Franse presidentsverkiezingen, anders altijd goed voor animo, dreigen zelfs onder de symboolgrens van 70 procent opkomst te duiken.

Terwijl Le Pen en Mélenchon op een vast, gemotiveerd kiezerskorps prat gaan, blijkt favoriet voor de eindzege Macron de minst zekere burgers aan te trekken: een op de twee Fransen die een stem voor de 39-jarige outsider overwegen, moet zijn of haar finale keuze nog maken.

“Ik heb geen zin om te gaan stemmen”, zegt ook Gabrielle Finez. Ze slurpt koffie op een terras terwijl de zon haar okerblonde dreadlocks streelt. Finez, een twintiger die toneeldecors bouwt, heeft veeleer linkse affiniteiten, maar zij noch haar vrienden vinden hun gading in het aanbod. “De politici komen liever in de media dan dat ze met de mensen spreken. En zoals de media de campagne verslaan? Sorry, maar het lijkt alsof de strijd bij voorbaat is beslecht. Wat valt er nog te kiezen, dan? Wat valt er ook te kiezen als de enige instrumenten de stembrief en de stembus zijn?”

Finez heeft een broertje dood aan extreem-rechts, o ja, maar zich een schuldgevoel laten aanpraten omdat ze Le Pen niet helpt tegenhouden zal ze niet. Niet meer. Met of zonder Le Pen, het roer moet om. “Ziet u, ik bén niet onverschillig. Ik bén niet a-politiek. Ik zít niet te mokken in mijn huisje, mijn wagen of mijn tuintje. Ik bén niet zoals de generatie van mijn ouders, die de schouders ophaalt en zegt: ‘Ach ja, de wereld draait ook zonder ons.’” Gabrielle wil gewoon een ander beleid. Vanuit het verenigingsleven, het buurtwerk, kleine ecologische initiatieven. “Iets waar de elite ons niet langer kan raken.”

Eerlijk is eerlijk, Yves en Gabrielle komen uit voor hun keuze. Toch houdt de prafist, zoals dat ooit voor de FN-kiezer het geval was, zich liever gedeisd. Hij schaamt zich nog en praat niet honderduit over wat een meerderheid aan burgers tot nader order als een gebrek aan burgerzin, aan citoyenneté omschrijft.

Gevochten voor stemrecht

Metrostation Gambetta. We kruisen het pad van kiezers die zeker weten dat niet Macron, maar de voor zelfverrijking in staat van beschuldiging gestelde Fillon het pleit zal winnen. “Allesbehalve links!” scanderen twee stijlvolle dames in koor.

“Marine, niets dan Marine”, zweert dan weer Simon Ghiar, een mecanicien die in de jaren 40 in Kabylië geboren werd, Algerije, in een gebied waar islamitische, joodse en animistische invloeden verweven waren, een harmonie die niet langer bestaat omdat “de mannen met baarden ons verpletterd hebben. Lees er Boualem Sansal maar op na, wat hij schrijft wordt realiteit! Links collaboreert met het islamisme.”

Simon zelf, houder van een klein pensioen maar trotse vader van twee zonen die het op en top gemaakt hebben, is van de weeromstuit christen geworden. “Links stuurt zijn kat naar de stembus, straks. Rechts zal winnen. Rechts!”

Catherine.Beeld © Franky Verdickt

Danièle Splète, die bij kaashandel Coeur de Lille, in de fraaie hallen van Wazemmes, haar Tomme de Savoie en een stevige klomp Maroilles inslaat, denkt dan weer dat “het centrum” aan het langste eind zal trekken. Ze houdt zich ver van tv-debatten en politieke actua, Danièle (“même pas la peine”), maar als het op stemmen aankomt, maakt ze reclame: “We hebben hard gevochten voor dat stemrecht, zeker de vrouwen. Ik hoor massa’s mensen wie het allemaal niets meer kan schelen. Een ras-le-bol aan de ene kant, het FN aan de andere! Maar wat de kiezers straks gaan doen? Neen, dat vertellen ze je niet. Aan de vooravond kan het nog alle kanten op.”

Contracynisme

De verleiding is groot om de prafist, of hij nu apathisch is geworden dan wel door foertgevoel werd overmand, als een armoedzaaier en economische verliezer te portretteren. Als een ingehouden racist ook. Maar dat klopt niet volledig. Brice Teinturier, wiens grootvader in het uitroeiingskamp Bergen-Belsen om het leven kwam, ziet andere oorzaken. Hij heeft het over een democratie in crisis. “De PRAF-attitude is een diepe en krachtige reactie tegen het alomtegenwoordige cynisme, of wat mensen als dusdanig ervaren. Eigenlijk gaat het om een soort contracynisme.”

Ze hebben hun malaise zelf niet in een theorie vervat, maar onbewust, paradoxaal genoeg zelfs, ­willen prafisten naar de kantiaanse moraal terug, weg van het heilige eigenbelang, weg van een sa­menleving waar de burger plaatsgemaakt heeft voor de consument, waar het collectieve bezweken is voor het individuele, waar Facebook, LinkedIn en Google+ de norm zijn, niet langer de mens zelf. “Het probleem”, schrijft Teinturier, “is dat het individu onophoudelijk geflatteerd wordt en daar zo gewend aan is geworden dat hij enkel zichzelf nog als bron van alle waarden ziet. De resultaten zijn legio: de enscenering van de pietluttigheid, de bewieroking van het narcisme, de delegitimatie van elke deskundigheid.”

Arbeid, inzet, overgave en sociale gerechtigheid: de melange van graaicultuur en oppervlakkigheid heeft de intrinsieke waarde van dit alles onderuitgehaald en ook de politieke klasse aangetast. Of het nu om de rechtse Nicolas Sarkozy of diens linkse opvolger François Hollande gaat – beiden zullen maar één mandaat hebben vervuld – de kloof tussen hun woorden en hun daden is groot, al te groot gebleken. De voorbeeldfunctie van toppolitici heeft het afgelegd tegen schraapzucht: de socialistische minister van Begroting Jérôme Cahuzac parkeerde aanzienlijke sommen op persoonlijke rekeningen in Zwitserland en ontvluchtte de fiscus; de zich immer onberispelijk voordoende François Fillon, premier onder Sarkozy, gaf vrouw en kroost 900.000 euro cadeau voor klussen waar geen spoor van over blijkt. Het prafisme rukt al op sinds de jaren 80, zo bepalend als nu was het nooit eerder.

Van links naar rechts naar niks

Met zijn 1,1 miljoen inwoners is Lille Métropole zo groot als het Brussels Gewest. Ten noorden van de kernstad, tegen de Belgische grens aan, ligt Roubaix. Het opgeschoonde Roubaix, een variant op Schaarbeek en in de hoogdagen van het textiel zowat de rijkste stad van Frankrijk, is niet alleen arm, het is ook het oord waar stemgerechtigden zich de minste moeite getroosten van het land. Zo komt het dat burgemeester Guillaume Delbar, van Les Républicains, zijn mandaat binnenhaalde met de stemmen van slechts acht procent van het totale electoraat – een representativiteit die vragen oproept.

Nu we voor het stadhuis staan: PRAF-attitude en electorale abstentie zijn geen synoniemen. Strijdlustige niet-stemmers die hun democratische rechten inroepen zijn strikt genomen geen prafisten. Een zanger als Jo Rana, die met zijn YouTube-chanson ‘L’Abstentionniste des élections’ een geestig eerbetoon schreef aan de niet-stemmer, is geen prafist. Mensen die uit macht der gewoonte thuis blijven en zich nooit als kiezer hebben ingeschreven ook niet. De echte prafist is een ex of bijna-ex.

Catherine bijvoorbeeld, die voor het station op de bus wacht. “Ik heb lang gedacht dat het een plicht was, stemmen, ik stemde omdat het moest, niet uit overtuiging.”

De dertiger en moeder van drie is nooit werkloos geweest. Moeite om de eindjes aan elkaar te knopen heeft ze wel: ze staat er alleen voor. Het lachen heeft ze verleerd, het hopen niet. “Al moet dan eerst het systeem om. Deze generatie politici pleegt chantage, pakweg tegen Marine. Nochtans: ook voor haar zal ik niet stemmen, zij zal de zaak evenmin veranderen.”

Ook in Roubaix hangen amper affiches, of het moesten oproepen tot boycot zijn. Burgers die straks thuisblijven, die vinden we; burgers die willen spreken veel minder. Of ze hebben het te druk, of ze hebben geen zin, of ze hebben hommeles met het gerecht en vrezen dat een foto in de krant extra onheil brengt.

Jean-Marie Dubois.Beeld © Franky Verdickt

Jean-Marie Dubois (57) dan maar, “want ik heb al in La Voix du Nord getuigd”. Dubois is een echte Roubaisien, werkte jarenlang in een drukkerij, kreeg echtelijke problemen, zat aan de heroïne, kickte af maar drinkt nog dagelijks zijn beker methadon. “Ik zit in een sociale woongemeenschap, ik heb een uitkering van 800 euro. Meer wil ik niet, want ik zou er toch maar rotzooi mee kopen. Ik ben best tevreden, ik doe niet moeilijk.”

Dubois’ electorale parcours leest als dat van zijn regio: tot 20 jaar geleden stemde hij links, daarna ging hij over naar extreemrechts, nu laat hij het erbij en stuurt hij zijn kat. “Kijk naar de gevels, ooit zat het hier vol aristocraten. Vandaag blijft er niets over. Niemand die het tij gekeerd heeft, ik doe geen moeite meer.”

De prafisten, voor wie de verkiezingen niets anders meer zijn dan een obsoleet ritueel, baren Teinturier zorgen. Prafisten kan het bijvoorbeeld weinig schelen als er pakweg een autoritair regime zit aan te komen. “Dat zouden ze niet beter of slechter vinden dan het huidige stelsel.”

Tel de 18 procent kiezers die zo denken op bij de 22 procent die wél heil verwachten van een autoritaire staat, en we stuiten onvermijdelijk op de risicogrens. Teinturier is glashelder: dit scenario doen we beter niet als politieke fictie af. “We moeten de PRAF-attitude bestrijden omdat ze de democratie vernietigt. Zolang er controverse is, contestatie en debat, leeft de democratie. Dat de democratie minder voor de hand ligt en het voorwerp van discussie vormt, tot daaraan toe, dat staat voor de vitaliteit ervan. Wat mij ongerust maakt, zijn de groeiende onverschilligheid, relativering en zelfafscheiding.”

Twee valkuilen

Het vraagstuk wordt extra complex doordat er geen gebruiksklare oplossing voorhanden is. Politici moeten niet zozeer inspanningen leveren om Yves, Gabrielle, Catherine en Jean-Marie voor zich te winnen, dan wel om te onderzoeken waar het zo fout gelopen is. Twee valkuilen moeten we vermijden, stelt Teinturier. Ten eerste mag de vertegenwoordigende democratie geen fossiel worden en moet ze het woord en de wilskracht van de burger ernstiger nemen; ten tweede mag ze zichzelf niet opheffen en vervangen door wat politicologen ‘de vloeibare democratie’ gaan noemen zijn, een los-vast forum waarin het voortdurende online stemmen centraal staat.

De echte uitweg zit ergens tussenin en kan maar soelaas bieden als politici hun vak beschermen tegen lobby- en permanente pressiegroepen; de representativiteit van hun issues beter inschatten; de samenhang van hun voorstellen versterken; het langetermijndenken een plaats geven; meer werk maken van corruptiebestrijding en de kiezer duidelijk maken dat hij de verkozenen mag straffen als die de daad niet bij het woord voegen.

Teinturier: “Maar het moet niet enkel van de politici afhangen. Ook journalisten, academici, het verenigingsleven, vakbonden, bedrijfsleiders en het marketing- en opiniewezen zijn verantwoordelijk. En de burger zelf natuurlijk, de burger voorál, zowel hij die deelneemt aan de democratie als degene die dat niet doet.”

Sociaal werker Bruno Lestienne en zijn team proberen de inwoners van Roubaix naar de stembus te lokken, onder het motto 'Je pense donc je vote'Beeld © Franky Verdickt

In de wijk L’Hommelet, in Roubaix, blijven ze alvast niet bij de pakken neerzitten. In het wijkhuis, een statig pand, beweegt educatief medewerker Bruno Lestienne al vijftien jaar lang hemel en aarde om de kiezers uit hun huis te krijgen. Op tafel liggen flyers en posters met daarop de woorden ‘Je pense donc je vote’. Deur-aan-deurwerk is het, doorspekt met wijkfeesten, missverkiezingen, slam- en rap-ateliers.

“We zijn er niet om de mensen stemadvies te geven”, zegt Lestienne. “Wel om hen aan het denken te zetten. We maken ook de politici duidelijk dat ze geen wereld op zich zijn, maar met de burger in verbinding moeten staan. Zonder poeha en spektakel, in volle bescheidenheid.”

Of het iets uithaalt? “Dat valt te bezien. Over luttele weken kiezen we een nieuwe president. Wij zullen ons huiswerk alvast gemaakt hebben.”

Brice Teinturier, 'Plus rien à faire. Plus rien à foutre. La vraie crise de la démocratie', Robert Laffont, Parijs, 198 p., 18 euro.Beeld rv
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234