Maandag 09/12/2019

Militaire dril en elektroshocks tegen internetverslaving

Twaalf jaar nadat internetverslaving voor het eerst werd gedefinieerd door een Amerikaanse professor zoeken landen als Zuid-Korea en China nu hun heil in elektroshocks, militaire trainingen en creatieve cursussen om kinderen van hun pathologische obsessie voor het net af te helpen. Werkt het? De Belgische expert Serge Minet noemt die oplossingen 'therapeutisch terrorisme'.

Door Catherine Vuylsteke

Het internet is overal. Wereldwijd is één burger op de vijf erop aangesloten en volgens internetworldstats.com is dat 2,5 keer zoveel als in 2000. Met 212 miljoen geconnecteerden voeren de VS die wereldlijst aan maar het duurt niet lang meer voor China dat land inhaalt. 162 miljoen mensen zijn daar nu online, zes keer zoveel als zeven jaar geleden. En het gaat almaar harder.

De wereld is aldus een virtueel dorp geworden maar evengoed als het internet mensen dichterbij brengt, lijkt het soms ook voor grotere afstanden te zorgen. Wat moeten we er bijvoorbeeld van denken dat recent onderzoek aangeeft dat ongeveer twee op de drie Amerikaanse internetgebruikers meer tijd voor het scherm doorbrengen dan met hun vriend(in) of echtgeno(o)t(e)?

De bevindingen waar onderzoekers in China mee uitpakken, zijn niet minder verontrustend. Zo blijkt maar liefst 40 procent van alle gebruikers het gros van de vrije tijd in het weekend achter het scherm door te brengen en zeven op de tien geconnecteerden eten zelfs achter de computer.

De Amerikaanse professor Goldberg, wiens werken overigens al lang in het Chinees zijn vertaald, waarschuwde twaalf jaar geleden al voor internetverslaving. Zijn Amerikaanse collega's schatten het aantal mensen dat daar nu in de VS aan lijdt op 9 tot 30 miljoen. In Zuid-Korea gelooft men dat 2,4 miljoen jongeren internetverslaafd zijn, maar liefst één derde van de jeugd.

Chinese onderzoekers maakten vorig jaar hun cijfers bekend: één Chinese jongere op de zeven, zo bleek, kan nu al geen dag meer zonder internet. De één kan niet zonder chatten, de ander overleeft niet zonder games. Er zijn momenteel zo'n 30 miljoen gamers in China, van wie 10 procent jonger is dan achttien. Eén derde daarvan, goed voor één miljoen kinderen, speelt langer dan drie uur per dag.

Wat doe je eraan? De Chinese overheid verplichtte de internetcafés, die onderhand tot in elke rurale districtshoofdstad te vinden zijn, om voortaan om middernacht te sluiten. Vroeger waren veel van die etablissementen de klok rond geopend en je trof er zelfs om drie uur 's nachts nog jonge gamers aan. Bovendien moesten alle spelletjesfabrikanten hun systeem deze zomer aanpassen waardoor identiteitsgegevens verstrekt worden vooraleer de game kan beginnen. Aldus worden minderjarigen verplicht om er na drie uur mee op te houden, zoniet verliezen ze de verworven scores. Tal van universiteiten verbieden computerbezit onder hun eerstejaarsstudenten nadat bleek dat 90 procent van het spijbelgedrag aan internetverslaving te wijten was. Op tal van campussen werden de internetconnecties de voorbije maanden afgesloten.

Maar dat voldoet niet, en dus doken er de jongste jaren tal van heuse opvang- en rehabilitatiecentra op. Sinds 2005 worden jonge internetverslaafden onder meer 'geholpen' in een militair complex aan de rand van Peking. Daar krijgen 'ernstige gevallen' medicijnen, vergelijkbaar met de middelen die drugsverslaafden moeten helpen bij hun ontwenning. Tevens werd er met elektroshocks geëxperimenteerd, en met Full Metal Jacket-achtige drilsessies. De vergelijkbare kliniek die deze zomer in Shanghai haar deuren opende, rekent zo'n 1.000 euro per behandeling aan - niet weinig als je bedenkt dat dat ook voor het gros van de stedelingen overeenkomt met verschillende maandlonen.

Boot camps als oplossing voor een internetverslaving worden ook in Zuid-Korea als valabel beschouwd. Daar ving de eerste twaalfdaagse training deze zomer aan. Je hoeft er als jongere in dat land overigens niet eens verslaafd voor te zijn aan het scherm. Legerkampen waar kinderen volharding, vertrouwen en het vermogen om samen te werken worden bijgebracht, vingen daar in 1997 aan en sindsdien werd menige tiener eraan onderworpen. Psychologen schrijven het succes van die formule, geïntroduceerd op het hoogtepunt van de financiële crisis in Azië, toe aan de grote mentale kloof tussen jongeren en hun ouders. Die laatsten groeiden in moeilijke tijden op en vrezen dat hun kinderen niet over de mentale kracht beschikken om het hoofd te bieden aan tegenslagen.

Maar help je een aan games verslaafd kind door het op militaire dril te sturen in de regen? Serge Minet, die aan de Franse Lille 3-universiteit doceert en die in het Brusselse Brugmannziekenhuis aan het hoofd staat van een kliniek voor mensen met een pathologische speeldrang, vindt alvast van niet. De voorbije twintig jaar hielp hij vooral mensen die zich ziekelijk aangetrokken voelen tot casino's maar de jongste vier, vijf jaar krijgt hij ook steeds meer jongeren met internetverslaving op de consultatie.

"Therapeutisch terrorisme vind ik dat, die militaire trainingen of medische behandelingen van jongeren met een internetverslaving. Het is een gewelddadig antwoord op wat je het geweld van de verslaving zou kunnen noemen.

"Kijk, verslaving is altijd een pathologische schuilzucht, in dit geval dan bij een gefragiliseerde adolescent. Die jongere is zijn zingeving kwijt, heeft geen referentiepunten meer en geen plaats om daarover te praten. Het internet geeft een scherm van bescherming, alsook een forum voor projectie. Emoties worden uitgedrukt zonder dat er een oordeel is en je ziet dat mensen in chatsessies veel makkelijker naar de essentie gaan, ze geven zich ongezien bloot. In een realliferelatie moet je eerst een band opbouwen en vertrouwen scheppen vooraleer je tot confidenties kunt overgaan. En toch ontsnapt de essentie van communicatie aan chatten. Immers, iemand in levenden lijve ontmoeten betekent zien, horen, ruiken, aanraken, kortom echtheid. Bovendien zit de kans van mislukking erin en is de ontmoeting in tijd ingebed, wat voor het internet niet geldt. Wordt de ander vervelend, dan vind je meteen een alternatief. En dat bestaat de klok rond. Er is dus geen confrontatie, noch in de tijd, noch in de ruimte. Daarom helpt internetchatten ook niet echt om in het dagelijkse leven beter te kunnen praten over je gevoelens."

Minet vindt dat militaire trainingen voor verslaving een foute aanpak zijn omdat internetverslaving louter een symptoom is. Het echte probleem is van socio-maatschappelijke aard. "Kinderen zoeken een veilig heenkomen op internet, in chatten of in games. Het is voor velen een soort van plek om emotioneel te slapen, om de angst en de stress te laten ophouden, net zoals alcohol of drugs dat doen. Je zou het een toxicomanie kunnen noemen zonder vergif.

"Gamen is een manier om controle te krijgen over de wereld. De jongere kan het beeld transformeren en zichzelf daarbij valoriseren. Vandaar dat zoveel moeite wordt gedaan om een zo hoog mogelijke score op te bouwen bij games: men wil de beste zijn, daar tenminste, terwijl dat in het echte leven niet lukt".

Gebroken gezinnen mogen in China minder voorkomen dan in West-Europa, de emotionele stress onder jongeren is er niet minder om. Ten eerste is er de gigantische transformatie die zich binnen de maatschappij voltrekt. Daardoor groeien de jongeren in een onvergelijkbaar andere wereld op dan hun ouders destijds. Bovendien zijn Chinese stedelingen tweeverdieners voor wie de werkdag vaak neerkomt op meer dan twaalf uur per dag van huis zijn. Veel kinderen zitten bijgevolg 's avonds vaak alleen. Daarbij komt nog dat de urbane omgeving waarin veel burgers wonen niet meteen op de maat van de mens en van de ontmoeting met de ander is afgesteld, wat voor een erg grote vervreemding zorgt. Die laat zich sterk voelen in de hedendaagse literatuur.

Het Amerikaanse echtpaar Philips, dat al achttien jaar in China woont en nu een psychiatrische kliniek en zelfmoordhotline aan de rand van Peking runt, heeft een goed zicht op de psychologische problemen van jongeren. "Ouders", zo zei mevrouw Philips tijdens een bezoek aan haar centrum vorig jaar, "hebben vaak alleen oog voor de talloze kansen die hun kinderen krijgen, mogelijkheden waaraan het henzelf door de woelige Maoïstische jaren heeft ontbroken. Hun zoon of dochter moet de ambities vervullen die zijzelf niet mochten hebben. Ze doen er alles aan om de ideale omstandigheden te scheppen, maar oefenen tegelijk een ontzettend grote druk op hun spruit uit. Alleen als die een sterke persoonlijkheid heeft, kan die opkomen voor wat hij of zij zelf wil.

"Bovendien groeien de kinderen op in een omgeving van ongeziene consumptiedrift. Het is nooit genoeg en dus loert de verveling overal. Ik vergelijk deze generatie vaak met bomen met ondiepe wortels. Ze zien er wel oké uit, maar eigenlijk zijn ze niet bestand tegen moeilijke tijden."

Internet is voor velen een plek om emotioneel te slapen, om de angst en de stress te laten ophouden

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234