Zaterdag 31/07/2021

Reizen

Milaan, droombestemming voor liefhebbers van design, cocktails en steengoeie koffie

Cocktail­hemel Botanical Club distilleert zijn eigen gin.  Beeld rv
Cocktail­hemel Botanical Club distilleert zijn eigen gin.Beeld rv

Het Noord-Italiaanse Milaan is niet alleen het mekka van de mode, maar ook voor design dé broeiplaats van wat mooi en modern is. Denk daar zon, goeie cappuccino en dito gelato bij, en je hebt een ideale lentetrip.

Industrieel. Zielloos. Koud. De lelijke stiefzus van Rome. Dat er bepaalde pejoratieven rond Milaan de ronde doen, is nog een understatement. Verrassend genoeg zijn het ook de Italianen zelf die deze vooroordelen lustig in stand houden: ook mijn Siciliaanse vrienden drukten me op het hart “dat er daar niets te zien is, de mensen onvriendelijk zijn en het weer terribile”.

Gelukkig liet ik me hierdoor niet tegenhouden en na ondertussen voor de zesde keer de stad doorkruist te hebben, kan ik zeggen dat ik er officieel verknocht aan ben. Akkoord, er zijn wat buitenwijken waar je nog niet dood gevonden zou willen worden en de laidbacksfeer uit het Zuiden is er minder alomtegenwoordig, maar met haar verborgen plekjes en mondaine sfeer is het zelfs voor de grootste criticus een blaam deze stad nog als lelijk te omschrijven.

The now and the next

In Milaan heerst een devotie aan al wat met esthetiek te maken heeft, en hoe je het ook draait of keert, daar hoort meestal ook een dikke portefeuille en een zeker materialisme bij. Toch gaat het hier niet zomaar om een smakeloze jetset die met felle logo’s en luid gebanjer zijn rijkdom etaleert: Milanezen zijn simpelweg verliefd op mooie dingen, en niemand houdt je tegen hun voorbeeld te volgen – ook zonder beleggingsfonds of designertas.

De Dimore Gallery in het Brera Design District is meer huis dan winkel. Beeld rv
De Dimore Gallery in het Brera Design District is meer huis dan winkel.Beeld rv

Het kloppende designhart van de stad bevindt zich in het Brera Design District, dat met zijn historische steegjes en barokke balkons meer op een dorp dan op een onderdeel van een grootstad lijkt. Hier hebben zo goed als alle grote Italiaanse interieur­ontwerpers hun flagshipstore. Mijn favoriet: Dimore Gallery (Via Solferino 11) gelegen in een 18de-eeuws palazzo met typisch Milanese groene binnenplaats. Meer huis dan winkel, is het een plek waar ik gewoon een boek van de plank zou willen nemen om dan uren te blijven hangen. En dat is niet toevallig: met behulp van een uitgekiend kleur- en lichtspel is elke kamer erop gericht een emotie op te roepen, van plezier en verrassing tot sereniteit en melancholie.

Van een heel ander kaliber is Raw (Viale di Porta Vercellina 5) wat verderop. De winkel omschrijft zichzelf als ‘curiositeiten­kabinet’, de collectie is dan ook een bont allegaartje waar interieurdesigner Paolo Badesco de hele wereld voor afspeurt. Denk: porseleinen bordjes met tekeningen van insecten, vintage letters tegen de muur, servetten met dierenprints, de kaarsen van True Grace en een antiek cocktailmeubel. En daar hangt niet altijd een afschrikwekkend prijskaartje aan: zelf word ik verliefd op een set geurkaarsen onder een stolp, waar ik nog geen 30 euro voor moet neertellen. Momenteel zijn de eigenaars druk in de weer met de heropening van hun tweede winkel in Via Magenta, die vooral op meubels met een vleugje nostalgie zal focussen.

Nilufar, een oude fabrieks­hal die zich ontpopte tot design­mekka. Beeld rv
Nilufar, een oude fabrieks­hal die zich ontpopte tot design­mekka.Beeld rv

Nog zo’n bijzondere plek is Nilufar Depot (Viale Vincenzo Lancetti 34), een beetje uit de buurt maar voor designliefhebbers toch de omweg waard. Uitbaatster Nina Yashar stond al langer bekend als de top van de Milanese designhandel met haar ‘Nilufar Gallery’ in Via della Spiga, het Milanese equivalent van Bond Street. Al die tijd diende het 1.500 vierkante meter grote depot slechts als stockageruimte, waar zich vijftien jaar aan interieurgeschiedenis opstapelde. Maar eind 2015 besliste Yashar om de oude fabriekshal te renoveren en voor het publiek open te stellen. De aankleding werd een hedendaagse versie van het Teatro alla Scala: een betonnen atrium, zwart metalen balkons, neon­spots en rode gordijnen. Zelfs zonder op zoek te zijn naar een nieuwe aanvulling op mijn inboedel duurt het niet lang voor ik helemaal meegevoerd word in de caleidoscoop van antieke stuks met een verhaal, zoals de kabinetten van Giò Ponti of enkele originele Fornasetti-meubels.

Luxeleventje

Het Brera-district mag dan maar enkele straatjes tellen, ook voor foodies valt er heel wat te ontdekken. Zelf kom ik terecht op een zonovergoten pleintje met de lieflijke naam ‘Piazza del Carmine’, waar lokale hipsters sapjes sippen en burgers happen bij het stijlvolle God Save The Food. Naast een lekkere lunch is het 360°-terras ook de uitgelezen plek voor people watching, de favoriete sport van de Milanezen. Na een uurtje staren – met gigantische zonnebril op de neus, bien sûr – heb ik zo ongeveer de volledige nieuwe zomercollectie zien passeren, alsook enkele bittere veldslagen tussen de kasseien en moedige Louboutin-dragers.

Ceresio 7, een rooftop­restaurant met zwembad. Beeld rv
Ceresio 7, een rooftop­restaurant met zwembad.Beeld rv

Wie het allemaal wat exclusiever wil, kan een tafeltje reserveren bij Ceresio 7 (Via Ceresio 7). Dit rooftop-restaurant met zwembad is gelegen bovenop de Dsquared2-hoofdkwartieren in Chinatown, een wijk die vroeger niet meteen op de trendlist stond maar waar tegenwoordig steeds meer elegante plekken de kop opsteken. De inrichting werd overgelaten aan Dimore­Studio, die zich lieten inspireren door het Amerika van de jaren 30. Hier voel je de kracht die goed uitgedachte architectuur op een mens kan hebben: gedrapeerd in de loungezetels met zicht op de skyline en het glinsterende zwembadwater, voel ik me instant gelukkig ­– al zit die perfecte cocktail er waarschijnlijk ook wel voor iets tussen. Eind januari 2017 breidden de tweelingbroertjes van Dsquared2 hun universum nog verder uit met een privégym en spa, waarvoor ze de architecten van Storage Studio uitnodigden. Ook hier is het resultaat een knap staaltje American dream met art-deco­allures: Jay Gatsby had er met plezier zijn baantjes getrokken.

Moleskine Café, voor een koffiepauze in stijl. Beeld rv
Moleskine Café, voor een koffiepauze in stijl.Beeld rv

Koffie en een schriftje

Na de lunch blijf ik nog even in de wijk hangen, deze keer vooral met mode op mijn radar. Naast een obligaat bezoek aan fashionista’s favorite 10 Corso Como (Corso Como 10) maak ik ook kennis met Antonia, uitbaatster van een gelijknamige multibrandstore (Via Cusani 5) en fanatiek opvolger van bekende modelijnen als Lanvin of Fendi. De 600 vierkante meter grote winkel is een lust voor het oog, dankzij de uitgebalanceerde architectuur van Vincenzo de Cotiis en frivole aankleding vol fluwelen zetels, marmeren sokkels en kunstobjecten. Verder in de straat vind je ook nog de flagshipstore van het Italiaanse sneakerlabel D.A.T.E., de gloednieuwe boetiek van het Milanese juwelenmerk Misani en het gesofisticeerde parfummerk Culti Milano, dat enkele maanden geleden de deuren opende.

Voor een koffiepauze in stijl trek ik naar het allereerste Moleskine Café (Corso Garibaldi 65), een moderne interpretatie van het café littéraire. Net zoals de iconische notitieboekjes werd het interieur gestyled met primaire kleuren en minimalisme, de perfecte plek om even te unpluggen, filosoferen en grasduinen in de open bibliotheek. Net zoals Matisse, Hemingway en Picasso met hun zwarte notitieschriftjes lang geleden ook al deden.

Logeer je in Hotel VIU, dan krijg je dit prachtige uitzicht er gratis bij. Beeld rv
Logeer je in Hotel VIU, dan krijg je dit prachtige uitzicht er gratis bij.Beeld rv

Apericena

’s Avonds zijn het de kanalen en straatjes in de wijk Navigli waar alles gebeurt, ver weg van de toeristische massa’s rond de Duomo. Dit is de plek waar Italiaanse diva’s komen flaneren, waar studenten tot in de vroege uurtjes de terrasjes bevolken en topchefs hun kunsten etaleren. Hoewel Italië sowieso al bekendstaat om zijn ‘aperitivo’, wordt het concept met ‘apericena’ in Navigli naar het volgende level gebracht: ‘cena’ is Italiaans voor avondeten en dus gaat het om bars waar je bij je aperitief ook gratis mag graaien van een uitgebreid buffet. Op dit moment zijn vooral Tongs, Ugo en Ral8022 trekpleisters voor Instagram­mende Spritz-drinkers, maar zelf beland ik in de iets rustigere, plantrijke Botanical Club (Via Pastrengo 11). In deze nieuwe cocktailbar zien ze gin niet zomaar als genot, maar als ambacht: dagelijks destilleren de eige­naars zelf het heilige goedje, en daarmee zijn ze de allerkleinste distilleerderij van heel Italië. Jammer genoeg gaat het voorlopig nog om een limited edition en moet je op voorhand een fles reserveren, waarop we dan maar soelaas zoeken in de vijftig andere ginsoorten op de kaart. De keuken serveert gastronomische tapas, die in niets te vergelijken vallen met ordinaire klassiekers als patatas bravas of tortilla: zelf probeerde ik er onder andere de gegrilde octopusjes en Hawaiiaanse salade van rauwe vis.

Ook wie niet helemaal voor het apericena-concept gewonnen is, moet in Navigli zijn voor de restaurants. De prijs voor mooiste interieur gaat naar Carlo e Camilla (Via Giuseppe Meda 24), gelegen in een voormalige houtzagerij met industriële looks. Anders dan de meeste Michelin-restau­rants waar alles tot in de puntjes gepolijst is, geven de cementen muren in combinatie met de weelderige kroonluchters de plek een edgy kantje. Eten doe je er aan lange, gemeenschappelijke tafels gezeten op antieke Cappellini-stoelen, met de creaties van food­legende Carlo Cracco op je bord.

Overdag liggen de bruisende kanalen er een stuk verlatener bij, maar toch is ‘de mooiste passeggiata van Italië’ ook bij daglicht de moeite. Een beetje zoals het vroegere Montmartre in Parijs, is het een buurt waar tal van kunstenaars zich vestigden en slenterend in de kleine steegjes stuit je dan ook geregeld op een galerie of atelier. Zo ontdek ik achter een smeedijzeren poortje de Associazione del Naviglio Grande (Alzaia Naviglio Grande 4), een collectief waar enkele artiesten dagelijks een kunstmarktje organiseren. Daarnaast toont de buurt dat Milaan niet enkel het bastion is van luxemerken, maar ook een diverse undergroundscene herbergt. Zo vind je in de Corso di Porta Ticinese ook alternatieve winkels en verfrissende boetieks van kleine, Italiaanse labels.

Het Senato Hotel liet meubels op maat ontwerpen door Alessandro Bianchi. Beeld rv
Het Senato Hotel liet meubels op maat ontwerpen door Alessandro Bianchi.Beeld rv

Schoonheidsslaapje

Er zijn heel wat mooie hotels in Milaan, maar de mooiste zijn gelegen in het ‘Quadrilla della moda’. Daar is een opmerkelijke nieuwkomer: het Senato Hotel (Via Senato 22) gevestigd in de voormalige privé­woning van de rijke Ranza-familie. De oude koer midden in het palazzo werd omgetoverd tot een feeërieke waterpoel, perfect in evenwicht met het serene interieur. Organische materialen als hout, marmer en brons zetten de hoofdtoon in de lobby, en ook de handgemaakte meubels werden speciaal voor het hotel ontworpen door Alessandro Bianchi.

Dat geldt ook voor het gloednieuwe Hotel VIU (Via Aristotile Fioravanti 6), dat met het Italiaanse design­label Molteni&C in zee ging. Pronkstukken van deze lobby zijn twee armstoelen ontworpen door meubellegende Giò Ponti in 1954, die tegenwoordig ook door Molteni&C geproduceerd worden. Ook in de keuken wordt het Italiaanse DNA verder uitgespeeld, en binnenkort opent het hotel nog een riante spa, inclusief rooftopzwembad en yogasessies.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234