Donderdag 02/12/2021

'Mijnfirma's in Kongo gedragen zich immoreel'

Minister van Buitenlandse Zaken Erik Derycke zegt in een interview met deze krant dat sommige van de mijnfirma's die concessies in Kongo in de wacht hebben gesleept, puur speculatieve bedoelingen hebben. 'Amerikaanse en Canadese bedrijven hebben gekocht om mijnen stil te leggen, niet om ze te exploiteren,' zegt Derycke.

BRUSSEL.

EIGEN BERICHTGEVING

Van bij het begin van de opstand die vorig jaar Laurent-Désiré Kabila aan de macht bracht in Kongo (ex-Zaïre) werd de opmars van de rebellen bijna op de voet gevolgd door de opmars van buitenlandse zakenlui. Een bedrijf als American Mineral Fields gaf zelfs openlijk logistieke steun aan Kabila. Anderhalf jaar later hebben de overeenkomsten van toen niets opgeleverd: geen enkele van de concessies die door Kabila werden toegekend wordt benut.

Volgens Derycke was dat ook nooit de bedoeling en zijn de concessies opgekocht, "niet om de mijnen te exploiteren, maar om ze stil te leggen". Met het gevolg dat de fabelachtige rijkdommen van Kongo ongebruikt in de bodem blijven zitten en de heropbouw van het land en de economie in de koelkast zit.

Er zijn logische argumenten om die stelling te ondersteunen. De zieltogende Kongolese grondstoffenindustrie had bijna elke invloed op de wereldmarkten verloren. Door het verwaarlozen van de infrastructuur was de productie teruggevallen tot een fractie van de vroegere. Maar professionele exploitatie van de koper-, goud-, diamant- en kobaltvoorraden zou wel degelijk invloed kunnen hebben op de wereldmarkten.

Vooral voor kobalt is dat het geval: kobalt wordt nu vooral in de Verenigde Staten gewonnen als een bijproduct van koper. Deze methode is duur en moeizaam, terwijl in Kongo kobalt in zo'n grote hoeveelheden voorradig is dat het rechtstreeks ontgonnen kan worden. Een medewerker van Tenke Fungurume Mining, een van de nieuwkomers in Kongo, voorspelde destijds dat de Amerikaanse kobaltindustrie geheel zou verdwijnen indien de kobaltproductie in Kongo heropgestart werd.

Hetzelfde geldt voor goud. De goudprijs is de laatste jaren sterk gedaald en vele Zuid-Afrikaanse goudmijnen zitten in moeilijkheden. Zij zouden er belang bij kunnen hebben dat er uit Kongo niet nog meer goud op de markt komt. "Er zijn duidelijke signalen dat de goudprijs een bekommernis is voor Zuid-Afrika. Men heeft liever dat er niet teveel goud uit Kongo komt," zegt een kabinetsmedewerker van Derycke.

Maar is deze stelling hard te maken? Zijn de moeilijke situatie in Kongo (de oorlog) en het onvoorspelbare gedrag van Kabila (het opzeggen van 22 contracten, de nationalisering van een goudconcessie van Banro eind juli) niet even goed verantwoordelijk voor de inactiviteit van de mijnen? Johan Peleman van het IPIS-studiecentrum noemt de stelling van Derycke "plausibel" maar merkt op dat het heropstarten van de mijnen veel investeringen vergt en sowieso een project op erg lange termijn is. De belangen van mijnfirma's in Kongo zijn altijd voer voor samenzweringstheorieën geweest. "Mensen met een meer extremistische visie op de wereld zeggen dat Kongo een appeltje voor de dorst is voor speculanten die vrezen voor een beurskrach," zegt Peleman.

Dat er speculatie gemoeid is met de concessies in Kongo staat zo goed als vast. Twee namen die altijd opduiken, American Mineral Fields (AMF) en de Lundin-groep, die Tenke Fungurume Mining (TFM) controleert, zijn geen mijnexploitanten maar speculanten: ze hebben niet het kapitaal om hun concessies te exploiteren. "Het is hun te doen om de waarde van de aandelen op de beurs", zegt Peleman, "om de kortetermijnwinst door de stijging van de beursnotering telkens als zij een overeenkomst met Kabila konden aankondigen."

Typisch voor 'juniors' als AMF en TFM is dat zij grote risico's nemen door concessies te kopen in conflictgebieden en die concessies dan later doorverkopen aan 'seniors'. AMF is met de Zuid-Afrikaanse reus Anglo-American in zee gegaan; dit gebeurde nadat Kabila de concessieovereenkomst met AMF verbrak en AMF daarop in de VS een rechtszaak aanspande tegen Anglo-American omdat het een lastercampagne tegen AMF zou hebben gevoerd. Is het dan niet veel te vroeg om firma's te beschuldigen van het opzettelijk niet exploiteren van mijnconcessies?

"Men mag niet generaliseren", zegt Afrika-expert Eric Kennis (UIA). "Een aantal investeringen is speculatief, maar een bedrijf als Anglo-American kan men moeilijk beschuldigen van speculatie." Ook journalist François Misser, die een boek schreef over de diamantindustrie in Kongo/Zaïre, is sceptisch. "Speculatie is mogelijk, maar ik denk dat de voornaamste reden waarom de investeerders de boot afhouden toch het wispelturige gedrag van Kabila is."

Gert Van Langendonck

Het volledige interview met Erik Derycke vindt u in De Bijsluiter op pagina 25

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234