Donderdag 22/10/2020
Julie Cafmeyer.Beeld DM

Column

Mijn moeder glimlachte hartelijk. Ik vond het ongelofelijk hoe ze zo vreselijk vrolijk kon zijn

Julie Cafmeyer is columnist.

Gisteren wandelde ik met mijn moeder in het stadspark. Het was een prachtige dag en ik vond het bijna akelig hoe onverschillig het weer was tegenover deze crisis. Mijn moeder zei: “Bekijk het van de goede kant, Julie. De zon schijnt, de vogels tsjirpen, de bomen staan in bloei. Geniet van de schoonheid.”

“Ik kan er niet van genieten”, mokte ik. “Ik krijg stress van al die onheilspellende nieuwsberichten. Mijn rug staat sinds enkele dagen vol uitslag. Ik moet de hele tijd krabben.”

Ik bleef verder klagen over een vakantie die niet doorgaat en dat ik bang was voor de toekomst. Ze zei dat ik de controle moest lossen, dat we niet weten wat morgen brengt, dat we de zon op ons gezicht konden laten schijnen.

Mijn moeder is twee maanden geleden een bar begonnen in het centrum van Antwerpen. Tijdens de opening schonk ze me een glas prosecco uit en zei: “Het is alsof ik op mijn 55ste voor de eerste keer doe wat ik graag doe. Kiezen voor wat je wil, dat geeft zoveel levenslust.” Sindsdien lijkt ze onverslaanbaar. Als nieuwe zelfstandige is ze kwetsbaar, maar het lijkt alsof ze elke uitdaging aangaat met levensvreugde en humor. Ze ziet er ook anders uit. Ze is 10 kilo lichter en heeft een nieuwe, klare blik.

Ik zei: “Het lijkt wel alsof jij een persoonlijke revolutie hebt doorgemaakt.”

Tijdens onze wandeling kwamen we een vriend van haar tegen. Een man met lange grijze haren en beige trenchcoat vertelde dat hij bang was voor het virus omdat hij hartproblemen had. Mijn moeder moedigde hem aan, dat hij gezond zou blijven en dat ze hierna een groot feest zou geven in haar bar. De man zei: “Ik heb zoveel zin om je te knuffelen.”

Een jongetje met pijpenkrullen kwam voorbij gestept en stopte om onduidelijke redenen vlak bij mijn moeder. Alsof ze zoveel geluk uitstraalde dat iedereen bij haar in de buurt wilde zijn. Ik krabde nog eens aan mijn rug en panikeerde: “Het kind houdt geen 1,5 meter afstand!” Mijn moeder zei: “Laat hem toch.”

“Ondanks de sluiting ben ik druk bezig,” ratelde ze verder, “ik zit midden in een lenteschoonmaak. Vannacht ben ik tot 3 uur doorgegaan. Vind je dat ik er moe uitzie?”

Een puber wandelde voorbij. Hij droeg een witte pet en Fila-sneakers. Hij had ons gesprek afgeluisterd en zei mijn moeder: “Nee, je ziet er heel goed uit, mevrouw!”

Mijn moeder glimlachte hartelijk. Ik vond het ongelofelijk hoe ze zo vreselijk vrolijk kon zijn. Toch had ze gelijk. Schopenhauer zei het al: “Wie opgewekt is, heeft alle reden om het te zijn: gewoonweg omdat hij het is.”

Mijn moeder bleef in de slappe lach hangen door het onverwachte compliment van een puber. Haar gelach klonk zo vrolijk dat ik het niet langer kon ontkennen. Ondanks alles was dit gewoonweg een prachtige dag.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234