Donderdag 23/09/2021

'Mijn man is politiek gevangene in de VS'

Op Cuba worden ze als helden beschouwd. Als heroïsche verdedigers van de revolutie prijken ze op billboards in Havana. T-shirts en pins met hun beeltenis zijn volop in omloop: vijf Cubanen die in de VS aan de slag waren en daar als spionnen gearresteerd en gestraft werden. 'Je hoeft de Cubaanse revolutie niet te steunen om te zien dat hun proces totaal oneerlijk verlopen is', zegt Adriana Pérez, een 33-jarige Cubaanse. Haar man, Gerardo Hernández, kreeg tweemaal levenslang.

Brussel

Eigen berichtgeving

Lode Delputte

Op 8 juni 2001 werden vijf Cubaanse mannen door een jury in Miami schuldig geacht aan spionage. De vijf drongen militaire installaties in de VS binnen en infiltreerden de anticastristische groepen in Florida. Een van de vijf, Gerardo Hernández, werd ook beschuldigd van samenzwering tot moord. Hij werd verantwoordelijk bevonden voor de dood van vier inzittenden van een sportvliegtuigje dat in 1996 door de Cubaanse luchtmacht werd neergehaald. De vier waren lid van de Brothers to the Rescue, een controversiële en ultrarechtse groepering van Cubaanse ballingen. De 'Brothers' weigerden de herhaaldelijke waarschuwingen van Havana ernstig te nemen en bleven het Cubaanse luchtruim schenden. Dat bekochten ze met de dood. Volgens de rechtbank in Miami had Hernández daar als Cubaans agent de hand in.

"Mijn man", zucht chemisch ingenieur Adriana Pérez, "werd als het brein van de groep beschouwd en kreeg daarom de zwaarste straf: tweemaal levenslang en nogmaals vijftien jaar cel. Eerst beschuldigden ze hem van spionage, daarna van samenzwering. Het heet dat hij de nationale veiligheid van de VS op het spel heeft gezet en toegang kreeg tot staatsgeheimen. Welnu, daar is niets van aan. De aanklager moest zelf toegeven dat hij niet over het geringste bewijs beschikte dat Gerardo of wie ook toegang had gekregen tot geheime documenten."

Volgens Pérez werden haar man en zijn makkers - "ik wist niets van hun activiteiten" - dan ook met een puur politiek vonnis bedacht. "Het is simpel, internationaal rechtelijk kun je als individu niet eens bestraft worden voor de handelingen van een staat, dat is hier overduidelijk wel gebeurd. Bovendien vond het proces plaats in een wat Cuba betreft overgepolitiseerde stad als Miami. Verzoeken om het proces elders te houden, op een plek waar wel neutrale of minder partijdige juryleden kunnen worden gevonden, waren boter aan de galg. Talrijke Amerikaanse juristen, sociologen en politologen hebben destijds gesteld dat een eerlijk proces in een aan Cuba gerelateerde zaak onmogelijk was in een stad als Miami."

Bovendien, zegt Pérez, "heeft Cuba de VS herhaaldelijk op het hart gedrukt iets te ondernemen tegen het anti-Cubaanse gestook op hun territorium. Washington weet erg goed dat die lui er zijn en dat ze terreurdaden in hun mars hebben, maar het heeft hun nooit een strobreed in de weg gelegd. Cuba kon niet anders dan de zaak zelf oplossen. Het handelde in naam van zijn legitieme zelfverdediging."

Pérez, die eist dat het proces overgedaan wordt en samen met de andere leden van de verdediging naar het beroepshof van het 11th Circuit Court in Atlanta stapte, weigert de moed op te geven, al blijft ze realistisch. "Het is de dubbele moraal van de VS. Enerzijds zit Washington met terroristen aan tafel, aan de andere kant stopt het hen die het terrorisme mee helpen bestrijden in de cel, of beter, in vijf verschillende cellen."

Vijf verschillende cellen in vijf verschillende staten. De vijf kunnen niet met elkaar communiceren, en het contact met advocaten en familie is beperkt. "Ze kunnen niet naar huis bellen, mogen de kleren niet aantrekken die ze willen, krijgen de mogelijkheid niet om brieven te schrijven. Onder internationale druk, een tweehonderdtal solidariteitsgroepen in 77 landen, zijn de omstandigheden wel verbeterd. Aanvankelijk leken ze voorbestemd om in maximaal beveiligde isoleercellen te moeten blijven, waar een mens wettelijk ten langste zestig dagen in kan vastzitten."

Maar dan nog, kennelijk wordt ook Adriana Pérez in de VS als staatsgevaarlijk beschouwd. "Toen ik vorig jaar een inreisvisum voor de VS verkregen had, werd ik bij mijn aankomst in Houston onverwijld gearresteerd. Mijn reis voortzetten naar Californië, waar mijn man vastzit, mocht niet. Na mijn ondervraging werd ik elf uur lang vastgehouden en vervolgens op een vliegtuig naar Cuba gezet. Zo komt het dat ik Gerardo in geen vijf jaar nog gezien heb. Vijf jaar al, en hij heeft levenslang gekregen: waar moet het op die manier met ons levensproject naartoe? Met onze kinderwens? Onze professionele dromen?"

Maar dat is nog niet alles. Terwijl Gerardo Hernández en vier andere Cubanen na een ook door onafhankelijke juridische specialisten als oneerlijk omschreven proces vastzitten - "Je hoeft de Cubaanse revolutie niet te steunen om te zien dat het proces niet eerlijk verlopen is" - lopen lieden als Orlando Bosch vrij in de VS rond. Bosch werd tot levenslang veroordeeld voor zijn rol in de sabotage van een Cubaans lijnvliegtuig dat op weg was naar Barbados, in 1976, en waarbij tientallen doden vielen. Hij kwam evenwel vervroegd vrij, volgens sommigen omdat hij anders uit de biecht dreigde te klappen over de werkwijzen van de CIA.

"Meer nog", reageert Pérez fel, "Bosch bazuint trots rond hoeveel anti-Cubaanse daden hij op zijn kerfstok heeft en in de toekomst nog zal hebben. Over hem, en het feit dat de regering in Washington dit soort figuren laat begaan, schrijft de pers in Miami vrijwel niets. Evenmin dat Gerardo en de anderen door hun acties juist lui als Bosch wilden tegenhouden. Waarom weten jullie dat in Europa niet? Waarom is niemand zich bewust van de reële krachtsverhoudingen?"

"Ik wil niemand overtuigen", antwoordt Pérez op de vraag of Fidel Castro, sinds de zomer meer dan ooit in internationale ongenade gevallen vanwege de bikkelharde campagne tegen de interne opposanten, haar niet als propagandamiddel gebruikt. "Ik wil dat de opinie de feiten onder de loep neemt en zichzelf overtuigt dat mijn man en zijn makkers politieke gevangenen zijn. Dat de VS de hele tijd de confrontatie zoeken en een land als Cuba ervan beschuldigen medeplichtig te zijn aan biologische oorlogsvoering (Cuba staat niet op de As van het Kwaad maar wordt er door de regering-Bush wel mee geassocieerd, LD).

"Nu ja, als je ziet met welke bewijzen de VS naar Irak trokken, dan kun je je voorstellen dat het bewijsmateriaal tegen Cuba ook niet je dat zal zijn. Wat als de VS het straks in hun hoofd halen ook Cuba preventief aan te vallen?"

Pérez wordt in VS als staatsgevaarlijk beschouwd: 'Ik heb Gerardo in vijf jaar niet meer gezien'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234