Woensdag 28/07/2021

'Mijn God, geef ons toch meer tederheid'

Het etiket 'one hit wonder' werd Sam Sparro te vroeg en onterecht opgekleefd. Vier jaar na 'Black and Gold' vindt de zanger immers opnieuw de weg naar de bovenste regionen van de hitlijsten. Met 'Happiness' zorgt hij vandaag zelfs voor een van de fijnste zomerhits.

Disco mag met uitsterven bedreigd lijken, na de recente dood van Donna Summer en Robin Gibb, om nog te zwijgen over Nile Rogers, die momenteel de strijd aanbindt met kanker. Maar de dertigjarige Sam Sparro zou wel eens in staat kunnen zijn om het genre eigenhandig in leven te houden. Met broeierige, funky disco loodst hij de glitterbal terug binnen in de hitparade.

Al werd 'Happiness' wél pas een hit, toen de song onder handen genomen werd door The Magician, ofwel de Italo-Belgische producer Stephen Fasano. "Hij heeft er een iets killere remix van gemaakt," zegt Sparro. "Maar ik vind hem fantastisch. Laat het me zo stellen: ik hou nog nét iets meer van mijn eigen versie op de plaat, maar ik hou nog nét iets meer van zijn versie in de top-40. (lacht)"

Hoe komt het eigenlijk dat we liefst vier jaar moesten wachten op 'Happiness'?

"De laatste jaren waren te chaotisch om iets voor mekaar te krijgen. Kijk, ik was 25 jaar oud toen het succes van Black and Gold me in de schoot werd geworpen. Misschien was ik te jong om daar goed mee om te gaan. Ik ging me direct te buiten aan alle clichés van de popster. Elk feestje moest ik per se meemaken, en ik fladderde van uitspatting naar uitspatting. (verlegen lachje) Bovendien draaide alles in die kleine luchtbel van succes om mij: héérlijk! En verslavend. Voor ik het wist, was ik een smerige, geile egomaniak geworden. Alleen uit op mijn eigen genot. Ik geloof niet dat ik erg fijn was om mee om te gaan."

Als ik de fruitschalen en speciale thee voor je neus zie staan, lijkt daar een eind aan gekomen.

"Dat moest wel. Het werd te veel. Ook in mijn privéleven liep alles spaak. Wat gebeurt er als je hoofd alleen naar feesten en je eigen ego staat? Je jaagt alle normale mensen weg. Op korte tijd had ik zo veel bruggen verbrand dat ik op een ochtend wakker werd en dacht: Godverdomme, Sam. Je bent helemaal alleen."

Return to Paradise is eigenlijk ook geen luchthartige plaat. 'Yellow Orange Rays' lijkt bijvoorbeeld op jouw versie van Prince's 'Sign O' the Times'.

"Dat was niet meteen mijn bedoeling, maar ik begrijp de vergelijking wel. Ik werk ook met namen, anekdotes, en verwijzingen naar seks en drugs. Maar het grote verschil is dat mijn song gaat over hoe mensen juist een betere persoon willen worden als ze verliefd worden."

Op de plaat zing je ook over crack en LSD. Toevallig ervaringsdeskundige?

"Die drugs heb ik nooit gebruikt. Te extreem. Wel heb ik genoeg weed gerookt voor een tweede leven. En coke. En nog wat andere drugs, maar die vermeld ik niet op de plaat. En ik wil ze liever nu ook niet propageren."

Wil je wel je helden propageren? Wie beïnvloedde je bijvoorbeeld op Return to Paradise?

"Tijdloze legendes als Quincy Jones en Prince. Maar dat hoor je wellicht zelf ook. En verder: Arif Marden, die Chaka Khans 'What Cha' Gonna Do for Me' heeft geproducet. Prachtige plaat."

Heb je een andere producer, The Magician, al ontmoet?

"Nee. Makkelijk is het niet om die jongen te pakken te krijgen, heb ik gehoord. Het was zelfs bijna niet gelukt om een remix van hem te krijgen: problemen met zijn laptop en zo. Maar Vito heb ik wél al een paar keer ontmoet, de andere helft van Aeroplane, waar hij vroeger mee speelde.

Ik hou heel erg van de Magician-remix, omdat die compleet anders is. Geweldig als mensen mijn songs in een andere context plaatsen. De bluesy versie van Adele vond ik om diezelfde reden ook magistraal. Mag ik trouwens nog even met bloemetjes gooien?"

Doe maar.

"Belgische dance is de beste ter wereld! Jullie hebben zo veel talent. En eindelijk begint de rest van de wereld dat ook op te merken. Niets mooiers dan goede muziek die ontdekt en omarmd wordt."

Jijzelf werd ontdekt door Chaka Khan. In een kerk nog wel!

"Ik zong met de McCrary Singers, een zwarte gospelfamilie. Hoe graag was ik toen zelf ook zwart geweest. Ik voelde me sowieso al een buitenbeentje. Maar op basis van mijn verleden als koorzanger moet je niet geloven dat ik een onschuldig knaapje was, hoor. Toen ik vijftien was, stapte ik zelfs op uit het koorleven, omdat ik het niet kon rijmen met mijn gedraag. Ik wilde een überqueen zijn en droeg opvallende make-up en pruiken. Toen ik uit de kast kwam, mocht de hele wereld het weten. En mijn seksuele fantasieën deden ongetwijfeld zelfs de duivel walgen. (lacht) Tja, wat kan ik zeggen? Ik hield altijd al van overdaad. En ik raak er ook gauw aan verslaafd."

Dat hoor je nochtans niet op de plaat, al flirt je wel vaak met edelkitsch. Hield iemand je in toom, in de studio?

"Dat moest wel. Ik hou ervan om overboord te slaan op de kitschboot, daar niet van. Maar er zijn altijd vertrouwenspersonen in de buurt die me er tijdig op wijzen dat ik mijn carrière door het rioolputje zou spoelen met mijn waanzinnige ideeën.

Eén van mijn favoriete songs klonk bijvoorbeeld alsof de Sylvester van 'You Make Me Feel (Mighty Real)' en Patti Labelle van 'Lady Marmalade' in een kamer waren opgesloten met een berg speed. Waarop ze gingen zingen als eekhoorntjes. (giert het uit) Ik vond het fantastisch. Ach, misschien breng ik die verboden songs ooit nog uit."

Muziek is er altijd geweest in je leven. Je zou zelfs de vijfde generatie muzikant zijn in je familie.

"Klopt. Mijn grootvader is een gevierd jazzmuzikant en mijn vader een gospeldominee die als soulmuzikant aan de bak probeerde te komen. Hij schreef onder meer mee aan de muziek van Star Trek. Mijn moeder speelt dan weer orgel en mijn broer is professioneel gitarist. Kortom: er was altijd muziek te horen bij ons thuis. Het stond dus in de sterren geschreven wat ik zou doen met mijn leven."

Nooit gerebelleerd tegen je ouders, door te dreigen om boekhouder te worden?

"(lacht) Nee. Vreemd genoeg probeerden ze me mijn muzikantendroom uit het hoofd te praten. Dat hadden hun ouders trouwens ook met hen gedaan. Ze spraken me over een onzeker bestaan, armoede, depressies, drugs... Is overigens allemaal uitgekomen. (lacht) Maar ik wist al op m'n zevende dat ik performer wilde worden. En op mijin veertiende schreef ik al mijn eigen songs."

Had je toen al je eigen stem gevonden?

"Helaas niet. Ik luisterde voortdurend naar Björk, waardoor ik ook met zo'n raar IJslands accent zong. Be-là-che-lijk. Ik wilde allicht zo graag hip zijn."

Op South By Southwest heb je onlangs honderden hipsters op het verkeerde been gezet. Je schreef op Twitter dat iedereen naar de groep Furious Wank - stevige rukbeurt - moest gaan kijken. Heel wat muziekfans zochten zich het pleuris naar die fictieve groep.

"Meen je dat? Hilarisch! Maar het zegt tegelijk ook veel over de staat van muziek vandaag: iedereen is neurotisch op zoek naar de nieuwste sensatie, zonder de prachtige muziek van weleer te koesteren. Veel jonge mensen doen niet eens de moeite om Chaka Khan te ontdekken! Weet je, ik mis dat tijdloze karakter in popmuziek. En grooves. En tederheid. Mijn God, geef ons toch meer tederheid!"

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234