Woensdag 17/07/2019

interview

"Mijn geest floept alle kanten uit"

Beeld Thomas Sweertvaegher

Woorden van Jules Deelder legt hij zo uit: "Alles wordt interessant als je blijft kijken." En ook al bedoelt Wim Helsen (47) het niet zo letterlijk, het geldt zelfs voor Winteruur, een snoepje van tien minuten op Canvas waar je vanaf maandagavond kunt van smullen. Met in de zetel een gast en ook een hond.

Over die hond vertelt Wim Helsen eerst dat hij eigenlijk graag een koe in het decor van Winteruur had gehad. Ooit liep op Ketnet een programma waarbij de hele tijd een konijn in beeld was. "Alle kindjes bleven kijken omwille van dat konijn. Een koe leek me leuk. Of een schaap. Maar dat was niet het beste idee."

Boris heet de hond en het is een échte: hij praat niet. Wim Helsen streelt hem soms, en nu en dan zal Boris tegen zijn been kwijlen. Aan Samson denkt hij niet, en de verdieping die productiehuis Panenka boven een Antwerps advocatenkantoor inneemt, lijkt niet op Studio 100. In de verte gloort geen Plopsaland. Klein is nog goed.

Zoals Winteruur zelf. Een 'snoepje' schrijven we in de inleiding - de pousse-café van de kortste dagen van het jaar, meteen na Terzake. Tien eenvoudige minuten: iemand brengt een stukje tekst mee, dat leest zij of hij voor, ze praten erover en op het einde wordt datzelfde stukje nog eens voorgelezen. Sam Dillemans gaat dat doen. Otto-Jan Ham, Charlotte Van den Broeck, Paul Baeten Gronda, Marc Didden, Christophe Vekeman ook.

Het makkelijkste voor dit verhaal in de krant was geweest om Wim Helsen op voorhand zijn favoriete stukje tekst te vragen en dit zo op te bouwen. Het tv-format op papier, de ideale openingsvraag. Maar dat doen we later. We beginnen zo:

Beeld Thomas Sweertvaegher

Winteruur is rust op televisie en dat valt op in 2015. Voelden jullie aan dat de mens stilaan meer rust nodig heeft?

Wim Helsen: "Niet bewust. Maar misschien wel onbewust. Op de radio hoorde ik een gesprek met dichter Charles Ducal, iemand die heel dun en voorzichtig praat en alles mooi en precies formuleert. Daar geniet ik van, en dat was de aanleiding voor het idee. Dat idee was: elke avond een dichter twintig minuten lang over een gedicht van zichzelf en één van een collega laten vertellen. (glimlacht) Er zijn heel veel redenen om te zien dat dat geen goeie televisie zou opleveren, maar Tom (Lenaerts, RVP) vergat het niet, bleef erover nadenken en dit werd het.

"Die hond ligt er niet zomaar, zegt hij later, maar we schrijven het nu al: "Otto-Jan Ham vertelt over zijn angst om oud te worden en Boris is tien. Dus eigenlijk 70, als je in hondenjaren telt. Maar dat dier trekt zich niks aan van wat er gezegd wordt, blijft moeiteloos op de bank liggen en heeft met zijn leeftijd geen enkel probleem. Hoewel hij allicht dichter bij de dood staat dan Otto-Jan. Dat vind ik een dankbare gedachte."

"Ik ben 47 nu en door van mijn leven zo weinig mogelijk een verhaal te maken, probeer ik met die leeftijd niet bezig te zijn. Doe je dat wel, dan gaat dat te veel in je hoofd zitten. Bij alles wat ik nu doe, denk ik nog altijd: ik ga iets maken dat nog nooit gedaan is, en dat beter is dan al het vorige dat ik deed. Maar veel verder dan dat wil ik niet kijken."

"Wim? Dat is voor het leven." Jan Eelen antwoordde het de avond voor dit gesprek op de vraag of hij het nog goed kan vinden met Helsen, die hij ooit regisseerde in De ronde. Zeer atypisch overigens, helemaal geen komische rol, een ernstige, tobbende man die een geheim deelt met Bruno Vanden Broecke en Tom Van Dyck. Maar je weet nooit hoe transfers in televisieland verlopen en hoe ze bij Woestijnvis kijken naar hoe iemand voor Tom Lenaerts' Panenka gaat werken. Maar "Wim is voor het leven" dus, zei Eelen, en dat doet Helsen zichtbaar plezier. Een vriendin zei: "Wim is iemand die alles van twee kanten wil bekijken. Stel iets en verdedig jouw opinie, dan zal Wim altijd zeggen: 'Maar bekijk het zo eens.'"

"Ik kom net uit de draaiperiode van Clinch, een reeks met Roy Aernouts en Herwig Ilegems. Herwig is iemand die heel graag pertinente uitspraken doet. Over tv-series, over de Rode Duivels tegen Cyprus: altijd een lekker geformuleerde mening. Ik vind dat geweldig entertainend, maar ik word tegelijk altijd uitgedaagd om in de contramine te gaan. Het is bijna dwangmatig. Door zo in te zoomen op één ding, ontstaat er meer spel, ruimte en leven. Daarom is Herwig ook zo'n goeie gesprekspartner: hij geeft immers nooit toe."

Beeld Thomas Sweertvaegher

Is het iets dat je van thuis meekreeg, die discussie? Alles altijd in vraag stellen?

"Ik kan het niet traceren naar thuis, ik heb het gewoon altijd in mij gehad. Toch zou ik ook heel graag ongegeneerd en ongenuanceerd duidelijk stelling voor of tegen iets nemen. Wie dat kan, zet dingen in beweging. Bij mij ligt dat anders."

Het zou ook zitten in wel of geen keuzes kunnen maken. Is dat moeilijk? Omdat je met keuzes maken mensen teleurstelt en pijn doet?

"Besluiteloosheid, gebrek aan daadkracht, lethargie soms: dat zijn absoluut mijn zwaktes. Zowel privé als professioneel heb ik daar altijd mee geworsteld. Soms slepen dingen daardoor jaren aan. De enige manier om eruit te geraken, is niet te véél te denken en te vertrouwen op je gevoel en je intuïtie. En net op tijd te beslissen voor in je hoofd een ander tegenargument opduikt."

Het gekke is dat je ooit ontslag nam als vaste redacteur bij een radioprogramma met het argument: 'Ik ga het Leids Cabaret Festival winnen.' Dat is durven.

"Dat klopt, maar het klopt ook niet. Ik was 31 toen en al vanaf mijn zestiende wist ik dat ik dat wilde. (met z'n typische kleine lachje:) Eigenlijk had ik dus vijftien jaar over die beslissing gedaan. Maar die zomer had ik voor het eerst alleen gespeeld, en daar had ik zo veel energie van gekregen dat het onontkoombaar was. Nog anderhalve maand heb ik getwijfeld voor ik het echt zei. Voor mijn collega's leek het een plotse beslissing, maar dat was niet zo."

'Belg verliest Cabaret Festival nipt' stond in De Standaard van 18 februari 2002: "LEIDEN - Cabaretier Wim Helsen uit Mortsel is er zaterdag niet in geslaagd de 24ste editie van het Leids Cabaret Festival op zijn naam te schrijven. De overwinning ging naar Javier Guzman uit Amsterdam."

Helsen leerde Guzman beter kennen tijdens de finalistentournee die nadien kwam. Hij volgde hem nog een tijdje, maar wie de naam van de Nederlander vandaag googelt, komt nogal snel uit bij verhalen over verslavingen. Drank en drugs: zo zwaar kan een leven worden. Helsen knikt, hij voelt mee, in Alleen Elvis vertelde hij dit voorjaar hoe in alles wat hij zelf doet, lichtheid maar ook zwaarte zit.

Beeld Thomas Sweertvaegher

Waar zitten die lichtheid en zwaarte in Winteruur?

"Het doel is altijd om ernstig naar de tekst van de gast te kijken en te begrijpen wat er staat. Maar de toon is licht. Al zit ik er niet als de grote grapjas, ik ben wie ik ben. En als dan Michael Van Peel of Otto-Jan Ham bij mij zitten, word ik uitgenodigd om tussendoor een zwanske te maken."

Maar welke tekst zou je dan zelf kiezen?

"Een gedicht van Jules Deelder dat Het heelal heet. Het gaat zo: "Hoe verder men keek / Hoe groter het leek." Dit is van een kinderlijke eenvoud én het is ook grappig. Het zou veel minder goed zijn als dit in de tegenwoordige tijd was geschreven. Door de verleden tijd is het precies een fenomeen dat je hebt meegemaakt.

"En dan die 'men'. Niet 'ik' of niet 'jij', maar 'men': door het onpersoonlijke lijkt het iets bovenmenselijks te worden. Ik weet niet of het Jules Deelders bedoeling was, maar ik zie er een uitnodiging in om te blijven kijken. Alles wordt interessant als je blijft kijken. En mijn temperament is zo. Mijn geest floept alle kanten uit; ik bewandel tegelijk heel veel wegen en zijpaden, dat zit in alle shows die ik doe."

Joost Nuissl van De Kleine Komedie in Amsterdam vergeleek je ooit met Jacques Brel: "Eén keer om de zoveel jaar staat er iemand op met zoveel talent dat je hem niet kunt negeren."

"Zei hij dat? Dat is mooi."

Terwijl net een nummer van Jacques Brel, 'Les F...', blijkbaar ook doorslaggevend was voor je vertrek bij de radio. Je ging er niet mee akkoord dat die plaat gespeeld werd, je voelde je onmacht en dacht: ik moet voor mezelf gaan werken.

"Het is niet zo dat ik door die plaat dacht: ik wil niet meer voor de radio werken. Sven Speybrouck was producer van Groot gelijk en als je er bij een bespreking niet uitkomt, dan heb je zo'n baas nodig die de knopen doorhakt.

"Ik vond 'Les F...' een heel lelijk nummer, slechte muziek die je niet op de radio moet laten horen. Sven had andere argumenten, hij vond dat het inhoudelijk aansloot bij het onderwerp van die dag en dat het dus wél gedraaid moest worden. Net dat vond ik niet opwegen. Als hij het nu nog mooi had gevonden, dan spraken we over een verschil in smaak. Maar dat vond hij zelf niet."

Die middag hoorden de luisteraars van Radio 1 'Les F...'; de baas had beslist. Hoe graag Wim Helsen ook met Sven Speybrouck - overigens ook 'voor het leven' - werkte: "Ik voelde dat dit bleef hangen. Het gevoel dat ik het nodig vond om zelf over alles van begin tot einde controle te hebben. Zoals in mijn solovoorstellingen."

Uit De Morgen van 3 augustus 2001, een verslag van Theater aan Zee: "Tweede kandidaat van de avond werd ene Wim Helsen, die samen met een nog uitgesprokener typetje een schare supporters naar Oostende meebracht en met zijn ietwat onderbroekgeladen humor schijnbaar meer bijval oogstte dan de volgende niet aan het concours deelnemende gast: Humo's Comedy Cup-finalist 2000 Thomas Smith."

"Ik had helemaal geen supporters mee, ik ging alleen naar Oostende", zegt hij nu. "En onderbroekenhumor? Dat denk ik niet. Ik wilde hele goede voorstellingen maken die een dwingend karakter hebben en die mensen meezuigen. Samen met Randall Casaer had ik met Vrolijk België overal gespeeld: in theaters, in cafés en in chirolokalen. Randall kon heel ongelukkig zijn als we in zo'n chirolokaal stonden. Hij vond dat wat wij deden daar niet kon werken. Ik begrijp dat: Randall is een tekenaar, het beeld is heel belangrijk. Zelf trok ik me dat minder aan.

"Maar toen ik solo ging en ik Randall vroeg of hij me daarmee wou helpen, stelde hij me drie vragen: waar wil je spelen, in welke omstandigheden en wat wil je dat er gebeurt? Ik heb zo ernstig en eerlijk mogelijk geantwoord: ik wil in volle theaters spelen en ik wil het publiek op sleeptouw nemen. Ik wil de mensen heel hard doen lachen en ze ontroeren en stil maken. Ik wil dat ze beter buitenkomen dan toen ze binnenkwamen. Als ik dat nu zelf zeg, denk ik: wie wás ik in godsnaam om dat te stellen? Want nu weet ik wat er ondertussen is gebeurd. Maar toen niet. Ik wilde mijn fantasie serieus nemen en dat was heel belangrijk."

Beeld Thomas Sweertvaegher

Dat is een geweldig levensmotto: je fantasie serieus nemen.

"Ik denk dat alleen zo iets kan ontstaan. Je zal dat zien in wat Michael Van Peel in Winteruur zegt. Hij vertelt over zijn batmobiel en dat is eigenlijk net hetzelfde: je fantasie serieus nemen."

Het betekent ook je werk serieus nemen. Ik hoorde dat je in Heden soup! een stuk soms wegliet tijdens de shows, omdat je vond dat het publiek het moest verdienen.

"Het was een stukje met grappen zonder pointe, dat altijd heel goed werkte. Twee keer heb ik dat inderdaad achterwege gelaten. Een keer in Nederland en dan in Maldegem. Alles was daar slecht. Het was een sporthal met van die uitgetrokken tribunes en een volstrekt ongeïnteresseerde huistechnieker.

"Mijn eigen technieker moest op 80 meter van het podium gaan staan, hij kon daar helemaal niet horen of het geluid goed zat en het wás niet goed. Die huistechnieker was ook exemplarisch voor die hele avond: een ongeïnteresseerd publiek dat naar mij zat te kijken als een dier in de zoo naar de mensen. Tijdens het optreden heb ik beslist dat ze die grappen zonder pointe niet kregen: ze verdienden het niet. Misschien een puberale reactie, maar het hielp mij op dat moment."

Beeld Thomas Sweertvaegher

Je zei daarnet dat je altijd vertrekt met het idee iets te maken dat beter is dan het vorige. Wat nu?

"Na de laatste voorstelling van Spijtig, spijtig, spijtig had ik te veel gespeeld en had ik totaal geen zin in een nieuwe voorstelling. Ook al vroegen de mensen van het theaterbureau in Nederland er af en toe naar. Ik stelde maar uit. Maar deze zomer deed ik op de Gentse Feesten twee keer iets kleins, van hooguit vijftien minuten, in een programma dat Wouter Deprez samenstelde.

"Puur op intuïtie, maar zo plezant, dat ik plots de basis had voor een nieuwe voorstelling. Welkom pijn is de voorlopige titel, al twijfel ik eraan. Misschien wordt het wel gewoon Welkom P. Ik merk dat mensen dat woord 'pijn' te veel associëren met alleen zwaarte. Terwijl dat in mijn beleving niet zo is. Zeker door die 'welkom'. Maar Welkom P. staat wel mooi op een affiche."

Bij mij zijt ge veilig was misschien de mooiste titel. Er schuilt echte bezorgdheid voor de mens in.

"Daar ben ik eigenlijk altijd mee bezig. Het gaat altijd over de mens en over de ballast die we meezeulen met gedachten over onszelf en onszelf in de wereld. De absurditeit van ideeën is de kern. Mijn shows gaan niet over de actualiteit. Maar wat die mensen van IS tot extremisten maakt, kun je net zo goed reduceren tot psychologische disfuncties die in ons allemaal aanwezig zijn. Alleen werken ze gelukkig niet bij iedereen in dezelfde destructieve mate."

Dat zo opvoeren is jouw engagement. Hoe kijk je dan naar wat Wouter Deprez doet in zijn strijd voor dat bos in Genk?

"Ik vind dat heel straf van Wouter. Ik word natuurlijk vaak uitgenodigd om me in te zetten voor een goed doel, en dat zal ik wel doen. Maar ik wil het énkel als ik het kan zoals Wouter: ergens 100 procent achter staan en zeer beslagen zijn in dat dossier. Nu ontbreekt vaak de tijd, echt waar. Vroeger stond op mijn website een e-mailadres en dat is er nu niet meer. Ik verloor gewoon te veel tijd door al die aanvragen te beantwoorden. Niét schrijven kon ik niet. Maar elke keer opnieuw jezelf verplicht voelen om uitgebreid te antwoorden op de vraag aanwezig te zijn bij de poëzievoordracht van de bibliotheek in Destelbergen: ik moest mezelf daar wat tegen beschermen."

Wat u niet ziet op papier, is dat we ondertussen drie Camel-sigaretten verder zijn. Dat in dit kantoortje op een groot wit bord een mooie brief van oud-VRT-baas Cas Goossens hangt met "veel succes aan Panenka" en dat Tom Lenaerts koffie kwam brengen. Tegen de glazen wand het behangpapier van de creatievelingen: post-its in alle kleuren.

Helsen vertelt hoe hij bij een voetbalpartijtje in de zomer z'n achillespees scheurde, hoe hij met krukken afhankelijk werd van iedereen ("zelfs naar de koelkast gaan lukte niet alleen") en hoe dat een geplande reis met z'n twaalfjarige zoon Max naar Noorwegen onmogelijk maakte.

"Enkele jaren geleden had ik ruzie met mijn dochter. Uiteindelijk kwam het eruit: ze had me heel erg gemist, ik zat midden in een showtournee en ik was me van haar gemis niet bewust geweest. We praatten daarover en ik zei: 'Je gaat me ook de komende twee maanden weinig zien, maar dan gaan jij en ik samen op reis naar IJsland.'

"Dat moment maakte al een verschil, omdat ik haar duidelijk maakte dat ik haar probleem serieus nam. Mathilde zou twaalf worden dat jaar, en voor een kind van die leeftijd is IJsland zeker niet het eerste wat in haar opkomt. Maar ze is nu zestien en we praten er nog over. Zo'n reis met één van je kinderen maken, is anders dan met het hele gezin. Het zorgt voor iets exclusiefs."

Beeld Thomas Sweertvaegher

We kunnen alleen in clichés praten over onze kinderen, maar is Bij mij zijt ge veilig ook het gevoel dat je aan hen wilt meegeven? Omdat we in angstige tijden leven?

"Ik ben niet de man van het grote overzicht. Al heb ik het gevoel dat dit de beste tijden ooit zijn en tegelijk de slechtste. Wij zaten op school toch nooit met iemand met autisme of dyslexie of ADHD? Alleen met domme kinderen die achteraan in de klas moesten zitten en daarna naar de vakschool. Vandaag is er echt veel aandacht voor alle kinderen en het enthousiasme van leerkrachten is bijzonder. Dat helpt om minder angstig in het leven te staan."

"Maar dan heb je dus IS dat gruwelijk en extreem is. Ik heb er geen antwoord op hoe zoiets te stoppen, maar zo zijn we terug aan het begin van dit gesprek: er is een andere kant. IS dwingt de moslims in mijn straat buiten te komen en te zeggen: wij verfoeien dat, we hebben er niks mee te maken en het heeft niks met de islam te maken. Daardoor doen ze zelfs mee aan ons straatfeest. Ik denk dat het bewustzijn van wat er misgaat, groter is dan dertig jaar geleden. Zoals ook de tegenreacties dat zijn."

Maar de hoop is niet verloren.

"Als er iets tegenvalt, vind ik het belangrijk om het te laten tegenvallen. Een debacle laat ik een debacle zijn. Een idee, verwachting of hoop die verkeerd uitdraaien: laten gebeuren. Dan pas kan ik iets loslaten. De pijn pijn laten zijn. Dat klinkt boeddhistisch, maar dat helpt me best. En zelfs als ik dan, bijvoorbeeld, poëzie zou opzoeken, dan is het nog iets waarin die pijn of dat verdriet zichtbaar en voelbaar zijn. Bijna alles wat Jan Arends schreef, is heel direct en heel pijnlijk. Maar tegelijk zo troostend en onontkoombaar."

En-en dus. Alles van twee kanten bekijken. En nog eens aan Jules Deelder denken: "Hoe verder men keek / Hoe groter het leek."

Winteruur is vanaf maandag 26/10 vier avonden per week te zien op Canvas, na Terzake.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden