Dinsdag 24/11/2020

InterviewBoeken

Michel Faber schrijft een sprookje: ‘Er zit nu niemand te wachten op deprimerende fictie’

Michel Faber: ‘Ik zou als Nederlander graag in Engeland blijven wonen. Ik hoop alleen dat de xenofobie verdwijnt.'Beeld Carlotta Cardana

In zijn nieuwste roman – een sprookje – zoekt Michel Faber (60), vermaard om zijn vervreemding, de verbondenheid. ‘We leven met z’n allen in een bizarre parabel.’

U woont, volgens internet, in Zuidoost-Engeland en bent zowel Engels, Australisch, Schots als Nederlands.

Michel Faber: “Ik ben Nederlands. Geboren in Den Haag. Ik heb nooit een andere nationaliteit gehad. Vóór de brexit was dat geen probleem, want Europeanen waren vrij om in Groot-Brittannië te wonen en te werken.

“Nu er een xenofobe regering aan de macht is, ben ik een buitenlander. Maar ik heb me altijd een buitenlander gevoeld, overal waar ik heb gewoond. Misschien zie je dat in het personage Dhikilo, die ook een vreemdeling is in een vreemd land.”

Dhikilo: het hoofdpersonage van zijn nieuwe boek. In 2002 veroverde Michel Faber een wereldwijd lezerspubliek met de historische roman Lelieblank, scharlakenrood, waarin de prostituee Sugar zich eind negentiende eeuw staande moet houden in het grimmige victoriaanse Engeland. In D - Een geschiedenis van twee werelden woont het Somalische adoptiekind Dhikilo tussen de witte mensen in een rustig Brits kustdorp. Haar adoptieouders houden op opgewekte maar ingetogen Britse wijze van haar. In haar eentje bestudeert Dhikilo Somaliland, het land waar ze eigenlijk vandaan komt.

BIO

• geboren op 13 april 1960 in Den Haag • emigreerde in 1967 naar Australië • emigreerde in 1993 naar Schotland, waar hij nog altijd woont • debuut­roman: Onderhuids (2000) • zijn monumentale roman Lelieblank, scharlakenrood (2002) was een internationale bestseller

Het is Dhikilo, dé vreemdeling, die bemerkt hoe in haar omgeving warempel overal de letter d verdwijnt. In de spreektaal, op straatnaambordjes: de d is er gewoon niet meer en Dhikilo lijkt de enige te zijn die het merkt, of die erover durft te spreken... Zij blijkt uitverkoren voor dit avontuur en moet als heldin in een ander land een gemene heerser overwinnen en de d terughalen.

D - Een geschiedenis van twee werelden tikt de meeste van de 31 boxen af van de morfologie van het sprookje (zoals opgesteld in 1928 door Vladimir Propp). D is ook een kostelijke parabel voor gróte mensen, levend in een wereld waarin een vreemdeling geen verrijking maar een bedreiging is.

De gemene heerser The Gamp heeft een gele pruik, een eigen toren, doet denken aan Donald Trump...

“The Gamp is gebaseerd op drie personages: mevrouw Gamp uit Dickens’ Martin Chuzzlewit, op Gary Glitter, de in ongenade gevallen Engelse popster, en, ja, op de president van de Verenigde Staten. Ik weet zeker dat ik niet de enige ben die het gevoel heeft dat we momenteel met z’n allen in een bizarre, fantastische parabel leven.”

Heeft een schrijver een bijzondere taak in de samenleving en wat kan de schrijver een lezer bijbrengen?

“Verschillende schrijvers hebben verschillende dingen te bieden. De Harry Potter-boeken doen voor mensen wat de toneelstukken van Samuel Beckett niet kunnen. En vice versa. De enige generalisatie die ik zou willen maken over de rol van serieuze literaire schrijvers in de maatschappij van vandaag, is dat we ons best moeten doen om mensen wat moed en troost te geven wanneer we kunnen, omdat het een enge wereld is. Humor helpt een hoop. Ik ben er niet van overtuigd dat wie dan ook op dit moment grimmige, deprimerende fictie nodig heeft.”

Kunt u uw schrijverschap in verband brengen met de geschiedenis van uw vader, die een lid van de Nationaal­socialistische Beweging was?

“Ik kende mijn vader niet goed en ik weet niet veel over de Nederlandse geschiedenis. Ik neem aan dat tientallen Nederlandse schrijvers belangwekkende boeken over dit onderwerp hebben geschreven. Het zou waarschijnlijk beter zijn als Engelstalige uitgevers het risico namen om een aantal van die geweldige boeken te vertalen en publiceren, in plaats van te wachten tot Michel Faber een roman schrijft over zijn mysterieuze vader.”

Bent u nooit in zijn geschiedenis gedoken?

“Ik weet niet waar ik zou moeten beginnen. Hij stierf in de jaren tachtig. We hebben maar één gesprek gehad waarin hij zijn oorlogservaringen opbiechtte. Ik was te jong om het te kunnen behappen. Ik vroeg hem of hij iemand had neergeschoten toen hij in het Duitse leger diende en hij zei: ‘Nee. Ik was te laf.’ Dat is vrijwel alles wat ik me herinner. Iedereen die hem goed kende, is dood.”

Als kind van een foute vader valt u, naar mijn indruk, in de categorie tweede­generatie­slachtoffer.

“Ik stel me voor dat je gelijk hebt en dat ik ben getekend door de sfeer van schuld, geheimhouding en schaamte waarin ik opgroeide. Dit soort gevoelens had waarschijnlijk een grote invloed op Lelieblank, scharlakenrood of Onderhuids. Maar ik denk niet dat ze relevant zijn voor dit boek. Dhikilo is in wezen een gelukkige ziel. Ze is op aarde om plezier te hebben en grote dingen te bereiken.”

Geeft het vreemdeling-zijn haar extra kracht tijdens haar avontuur?

“Ik denk dat ze gewoon een geweldig persoon is. Dat ze uit Somaliland komt en opgroeit in zo’n heel wit Engels stadje geeft haar een zekere vervreemding, maar het maakt geen gedeprimeerd of erg getroebleerd mens van haar. Het gaat haar goed. Ze heeft een vuurtje branden. Sommige mensen hebben dat gewoon.”

Hoelang woonde u in Nederland?

“Ik heb maar zeven jaar in Nederland gewoond. Mijn foute vader en mijn door de oorlog erg getraumatiseerde moeder hadden mislukte huwelijken en andere kinderen waaraan ze wilden ontsnappen. Dus emigreerden ze naar Australië met het enige product van hun verbintenis: mij. Ik heb in Melbourne en Sydney gewoond tot mijn 33ste en ben toen naar Schotland geëmigreerd, waar ik 23 jaar heb gewoond. In 2016 ben ik naar Engeland geëmigreerd.”

Spreekt u Nederlands?

“Ik kan redelijk vloeiend in het Nederlands converseren, maar mijn woordenschat is niet groot genoeg om echt literatuur of cultuur te bediscussiëren. Mijn ouders lazen niet en waren nergens echt in geïnteresseerd. We spraken eigenlijk alleen over wat we gingen eten. Ik was waarschijnlijk 40 voordat ik, terwijl ik andere gezinnen observeerde, me realiseerde dat het mogelijk is voor ouders en kinderen om diepe filosofische gesprekken te voeren.”

‘Ik communiceer via e-mail. Ik ben een schrijver. Ik heb geen telefoon.’Beeld Carlotta Cardana

Wilde u na de brexit niet terug naar Nederland?

“Ik heb na de brexit­uitslag overwogen om naar Nederland te verhuizen. Maar ik heb geen herinneringen aan mijn jeugd. In die zin lijk ik op Dhikilo die geen herinneringen heeft aan Somaliland. Ik voel me geenszins Brits, maar ik denk en schrijf in het Engels. Ik denk niet dat ik ooit terug naar Australië zou kunnen gaan; de hitte zou me te veel zijn.

“Ik zou nu graag willen blijven waar ik ben. Ik hoop alleen dat de xenofobie verdwijnt, als een slechtweerfront dat overwaait.”

Waarom na uw laatste, Het boek van wonderlijke nieuwe dingen, nu dit sprookje?

“Mijn romans kijken in het hart van de duisternis. Ze gaan over alle grote dingen: dood, verdriet, religie, de oorlog tussen de seksen, de zoektocht naar zingeving, het verval van beschavingen. Het zijn goede boeken en ik ben er trots op, maar het voelde alsof ik gezegd had wat ik zeggen wilde en ik wilde mezelf niet herhalen. Het boek van wonderlijke nieuwe dingen voelde – en voelt nog steeds – als een geschikte plek om die fase van mijn carrière af te sluiten.”

Waarom is Het boek van wonderlijke nieuwe dingen een passend einde?

“Ik heb er de thema’s in samengebracht die ik in eerdere romans had aangepakt – het verlangen van mensen naar zingeving, de kwetsbaarheid van de wereld en onze korte mensenlevens, de leemten in de communicatie die ons het gevoel geven dat we op een andere planeet leven dan waarop onze medemensen leven, enzovoort – maar met meer compassie en humor dan voordien.

“Ik had het gevoel dat ik mijn best had gedaan en dat als ik op zoek zou gaan naar een ander verhaal en een andere set personages dat onvermijdelijk een minder kunstwerk zou opleveren. Ook viel het schrijven van dat boek samen met het voortschrijden van de kanker van mijn vrouw Eva en stierf ze toen ik het voltooide. Zo voelde het nog meer als een afscheid dan het in andere omstandigheden had gedaan.”

Zo klinkt schrijven niet als een ‘gewone’ baan.

“Ik keur ze niet af, de schrijvers die elk jaar een trouwe lezersschare tevredenstellen door een boek te schrijven met telkens een variant van hetzelfde verhaal. Dat is een perfect helder en te respecteren arrangement. Het is alleen niet wat ik met mijn eigen leven wilde doen. Ik wilde dat elk boek uniek en anders werd, en ik wilde stoppen als het gevaar ontstond dat ik mezelf zou her­halen.”

Was het schrijven een roeping?

“Ik verwachtte nooit de kost te verdienen met schrijven. Ik schreef voor mijn lol. Eva (zijn in 2014 overleden vrouw, red.) haalde me over serieus te proberen om gepubliceerd te worden. Ik was toen in de 30 en sinds mijn 11de schreef ik romans en verhalen. Allemaal met de hand geschreven, niet eens getypt.”

Volgt u de hedendaagse fictie?

“Ik lees helemaal geen fictie meer. Ik lees alleen artikelen over muziek, als onderzoek voor het nonfictieboek dat ik momenteel aan het schrijven ben. Ik hoop dat ik ooit weer fictie ga lezen, maar ik verwacht dat ik dat associeer met het praten over romans en korte verhalen met Eva, en die mogelijkheid is verdwenen toen ze stierf.”

Waarom mailen we en spreken we niet via telefoon of Skype of Zoom?

“Ik communiceer via e-mail. Schrijvend, ik ben een schrijver. Ik heb geen telefoon. Ook toen ik er vroeger wel een had, gebruikte ik die misschien vier of vijf keer per jaar voor noodgevallen. Ik heb in mijn leven drie Skype/Zoom-gesprekken gevoerd en vond dat flink stresserende ervaringen. Het is ook niet meer dan een telefoontje met wat schokkerig beeld erbij.”

Sommige oude interviews en portretten lijken te cultiveren dat u ‘gek’ bent. Boven een Nederlands artikel uit 2000 stond: ‘Mijn inspiratiebron is dat ik gek ben.’

“Het enige doel van citaten die bovenaan bij het artikel worden geplaatst, is om lezers aan te trekken. Toen Eva voor het eerst werd gediag-nosticeerd met kanker, stond boven een interview in een Schotse krant: ‘Ik blijf ondanks de pijn doorschrijven’. Dat had ik zo echt niet gezegd. Het klonk alsof ik een medaille wilde omdat ik doorschreef toen mijn vrouw ziek was.”

U klinkt gezond. Uit uw mails stel ik me u slechts voor als iemand die een vorm van vervreemding ervaart, mede doordat u bent opgegroeid zonder gevoel van grote verbondenheid met een plek.

“Dat kan best waar zijn. Ik heb ook een sterk vermoeden dat ik ergens in het Asperger-spectrum zit, wat die vervreemding nog directer zou maken. Maar ik denk dat ik genoeg boeken heb geschreven die benadrukken hoe losgekoppeld alle mensen van elkaar zijn. Je vervreemd voelen van de persoon naast je en van de bredere samenleving is waarschijnlijk een normaal onderdeel van de menselijke conditie. Met D wil ik mensen helpen zich meer verbonden te voelen. Dhikilo komt misschien uit Somaliland en is heel anders dan de meeste lezers van dit boek, maar je voelt meteen dat ze een vriend is.”

Michel Faber, D - Een geschiedenis van twee werelden, Podium, 304 p., 20,99 euro.Beeld rv
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234