Zaterdag 14/12/2019

Mevrouw Yeats doet boodschappen

Kroniek van een esoterisch schrijvershuwelijk

door Geert Lernout

Brenda Maddox is een drukke dame. Op het ogenblik dat haar derde biografie van een schrijvershuwelijk uitkomt, wordt haar eerste verfilmd. Een filmproject rond haar boek over Nora Joyce was er zeker nooit gekomen als het niet de aandacht had getrokken van een jong Schots acteur die na de jonge Obi Wan Kenobi nu ook de iets oudere James Joyce mag spelen. Maddox schrijft graag en goed over sterke vrouwen, dat bleek ook uit een portret van het al even turbulente huwelijk van D.H. Lawrence, waarin de wilde Duitse Frieda (net als de wilde Ierse Nora Joyce) zonder moeite de hoofdrol voor haar rekening nam.

Mevrouw Yeats lijkt niet meteen tot dezelfde categorie te behoren. Zij trouwde met de oudere dichter toen hij net voor de zoveelste keer was afgewezen door zijn oude vlam Maud Gonne en, op dezelfde dag, door haar dochter. George Yeats lijkt nauwelijks een rol te spelen in het werk van haar man, daarvoor kwam ze te laat in zijn leven en het is bijna onmogelijk je Yeats als vader of echtgenoot voor te stellen. Ondanks het feit dat zijn moeder nooit echt van hem gehouden lijkt te hebben (of juist daarom), was Yeats zijn hele leven lang op de eerste plaats een wereldvreemde zoon, die steeds nieuwe oude dames nodig had om voor hem te zorgen.

Hoe wereldvreemd Yeats was, wordt in deze biografie weer eens bevestigd. De dichter was nauwelijks naar school gegaan, maar hij maakte een en ander goed door veel en wild te lezen. Schrijven bleef moeilijk, en hij zou tot het einde zijner dagen de makkelijkste woorden (sleap) verkeerd blijven spellen. Het kostte hem een baan als hoogleraar Engelse literatuur in University College (in een brief aan zijn toekomstige collega's schreef hij 'professorship' met twee f's), maar in de rest van de buitenwereld waren er altijd vriendelijke dames om zijn spelling te corrigeren.

Voor de mens op het einde van deze eeuw is Yeats nog het meest wereldvreemd in zijn geloof in spiritisme en in andere esoterische wetenschappen. Maar daarin was hij juist erg een man van zijn tijd. Er waren vooral in Engeland in de late Victoriaanse en vroege Edwardiaanse tijd genoeg intelligente mensen die geloofden in een leven na de dood en in allerlei neoplatoonse en apocalyptische nonsens.

Maddox begint haar verhaal in het midden. In 1917 is Yeats 51. Hoewel het grootste deel van de gedichten die we nu nog lezen nog moet worden geschreven, wordt hij als een van de belangrijkste dichters van zijn tijd beschouwd. Lezingentournees in America en een Brits dichterspensioen hebben ervoor gezorgd dat hij er warmpjes bij zit. Maar hij is ook gefascineerd door het bovennatuurlijke en de tekenen vertellen hem dat hij in oktober 1917 moet trouwen. En niet alleen om de familienaam verder te geven, zoals we zullen zien. Als zowel Maud Gonne als haar dochter een paar huwelijksaanzoeken afwijst, trouwt hij met de vijfentwintigjarige Bertha Georgie Hyde-Lees, vijf weken na het laatste negatieve antwoord van Iseult Gonne.

De kersverse echtgenote was dan wel veel jonger, ze was bijna de gelijke van Yeats in esoterische kennis en macht. Beiden hadden graad 6=5 van de Tweede Orde van de Gouden Dageraad. Minder dan een week na het huwelijk schreef de dichter in een brief aan Iseult hoe ongelukkig hij was. Toen de dichter haar antwoord doorvertelde aan zijn jonge bruid, moet zij beseft hebben dat hij inderdaad niet van haar hield. Haar oplossing voor het probleem redde niet alleen haar huwelijk, maar gaf het werk van Yeats een richting en diepgang die hij alleen aan haar te danken had.

Georgie Yeats begon zelf te schrijven. Terwijl ze gewoon met Yeats bleef praten, schreef haar hand bladzijde na bladzijde vol met boodschappen van gene zijde. Dat deed ze jarenlang, na enige tijd vooral via een andere techniek, die van het slaapspreken. Verschillende stemmen gaven boodschappen en beelden door, die door Yeats in zijn grote gedichten verwerkt en later in zijn filosofisch boek A Vision in een groot systeem werden ondergebracht. De beschaving kent cyclussen van ongeveer tweeduizend jaar, met aan het begin een messias; alle soorten persoonlijkheden van de mens kunnen worden ondergebracht in de 28 fasen van de maan; en iedere ziel doorloopt via een reeks reïncarnaties het hele gamma, van de volledige objectiviteit van het kind (fase 1) tot de totale subjectiviteit van de zot (fase 28). Alle grote genieën vinden ergens in dit systeem hun plaats.

De kritische lezer kan zich met Maddox afvragen of Yeats en zijn vrouw zich niet al te volledig in het achtentwintigste stadium bevonden. Toen George zwanger bleek, was het al snel duidelijk wiens zoon zij ging reïncarneren. Zelfs toen de zoon tegen alle verwachtingen in een dochter was, bleef Yeats een "believer," ook toen het tweede kind wel een zoon, maar niet de nieuwe messias bleek te zijn.

Opnieuw, dit geloof maakt van Yeats geen naïeve domoor. De psychoanalyse à la Carl Gustav Jung heeft flink wat raakpunten met het systeem van Yeats, en de gedegen studie van esoterische teksten versterkte zijn idee dat zijn informanten de waarheid spraken. De relatie tussen poëzie en spiritisme heeft een rijke geschiedenis: ook de Amerikaanse dichter James Merrill sprak jarenlang met de geesten van de overledenen (onder meer met die van Hans Lodeizen) en maakte daar dan dikke (en heel mooie) dichtbundels van.

Wat doe je dan met Yeats? De Amerikanen die in 1992 alle overgeleverde automatische geschriften in drie boekdelen uitgaven, besloten Yeats en zijn vrouw te geloven. De sprekers worden als echte personen voorgesteld, die zich kunnen vergissen, onuitgesproken bedoelingen hebben en, als ze tot de kwaadaardige soort behoren, het geschrift van George Yeats in de war kunnen sturen. Het is overigens merkwaardig hoe graag de ernstige Yeats-critici bereid zijn om de dichter en zijn vrouw het voordeel van de twijfel te geven. Brenda Maddox doet dat niet. Al in haar inleiding is ze het eens met Auden, die in een prachtig 'In Memoriam' schreef: "You were silly like us: your gift survived it all". Zijn geloof in geesten hoort volgens de biografe tot de fouten van de dichter. Ze schrijft dat er, zelfs op ogenblikken dat het automatisch schrift vier of vijf "controlegeesten" tegelijkertijd aanwezig laat zijn, volgens haar nooit meer dan twee mensen in de kamer waren.

Dit boek brengt terecht een van die twee, de persoon die de pen in de hand hield, voor het voetlicht. Yeats was en bleef een believer, maar ook hij had soms zijn twijfels en op sommige ogenblikken leek hij te denken dat het hele gedoe alleen maar met seks te maken had. En dat is volgens Maddox inderdaad het geval: met haar geesten redde George Yeats niet alleen haar huwelijk, ze maakte van een dichter een attente echtgenoot. Het zegt veel over de Victoriaanse man in het algemeen en over Yeats in het bijzonder, maar het blijft merkwaardig. Van een vrouw die half zo oud was als hij zou hij de raadgevingen in verband met zijn seksleven niet aanvaard hebben, van geesten uit een andere wereld wel.

Een andere fout van Yeats is zijn sympathie voor het fascisme en in het verlengde daarvan het walgelijke boek On the Boiler, waarin hij het probleem aankaart dat de arme (en dus dommere en ongezondere) personen veel te snel kweken en de mensen van kwaliteit (hijzelf en andere aristocraten) te weinig. Terecht schrijft Maddox dat het enige wat goed is aan On the Boiler het volledige gebrek aan samenhang is, maar over het vermeende fascisme van Yeats oordeelt Maddox dan weer heel wat milder.

Behalve haar interpretatie van het automatisch schrift als privé-sekshandboek heeft Maddox niet veel nieuws over Yeats te vertellen. De beroemde verhalen over de ijdele en pompeuze Yeats zijn er allemaal, onder meer de prachtige anekdote dat de dichter de nieuwe orde in Italië verdedigt maar het voortdurend heeft over "that very great man, Missolonghi". Als iemand hem op zijn vergissing wijst, zegt Yeats op magistrale wijze: "Men vertelt me dat de naam niet Missolonghi is maar Mussolini - but, does it... really... matter?"

Voor mijn smaak overdrijft Maddox hier en daar met haar louter seksuele interpretaties van de grote gedichten van Yeats, maar haar beeld van de dichter die niet oud wilde worden is een belangrijke bijdrage, omdat we hem nu voor het eerst door de ogen van zijn vrouw zien. In haar laatste hoofdstuk heeft Maddox het nog over de vraag of het graf in Drumcliff inderdaad het gebeente van Yeats bevat of dat van iemand anders. Ze antwoordt op die vraag met een citaat van Yeats: "but, does it... really... matter?"

Met haar geesten redde George Yeats niet alleen haar huwelijk, ze maakte ook van een dichter een attente echtgenoot

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234