Donderdag 13/08/2020

'Meus is de nieuwe Harry Potter'

Het proza van Alexandra Kollontai deed André Van Halewyck beseffen: schrijven kan ik maar beter aan anderen overlaten. En dus werd hij uitgever bij Kritak. Vijfendertig jaar later treffen we hem en zijn vrouw Lut in Luzine, het restaurant van Jeroen Meus. En daar is een goede reden voor: woensdag levert uitgeverij Van Halewyck 200.000 exemplaren van Dagelijkse kost 2. 'Meus heeft ons extra zuurstof gegeven.'

erwijl de kok zelf ergens in de buurt van Diestaflevering zoveel van Dagelijkse kost opneemt, stelt iemand in Luzine het lunchmenu van vandaag voor: zeevruchten (witbier, ui, selder, wortel, lavas), dorade royale (ratatouille, champignon, knolselder, parmezaan), huila chocolade (mango, drop, praliné). Kijk, je kúnt elders eten met het uitgeverskoppel André Van Halewyck en Lut Raymaekers, maar waarom zou je.

Toen Van Halewyck in april deel één van Dagelijkse kost lanceerde, sprak hij een oude droom uit: ooit eens een boek van honderdduizend exemplaren hebben. Vorige week haalde dit bericht de krant:"De boekenverkoop in Vlaanderen steeg dit jaar met 3 procent. Die stijging is de netto verkoop van Dagelijkse kost." De teller staat vandaag op 185.000. "Ik had drie dromen als uitgever", vertelt Van Halewyck, vorige maand 60 geworden. "Ik wilde van een boek ooit honderdduizend exemplaren verkopen. Dat is nu gelukt. Een andere droom was: ooit een Nobelprijswinnaar verdelen. Jaren terug, toen wij de boeken van De Bezige Bij verdeelden, kregen we op een dag in oktober een telefoontje uit Stockholm. Waar ze Hugo Claus de volgende dag konden bereiken? Claus zat bij De Bezige Bij, de dag erna werd de Nobelprijs literatuur bekendgemaakt. We dachten dat dat het moment was, waren voorbereid, hadden catering besteld en het Provinciehuis in Antwerpen besproken. Helaas: ze belden niet terug."

Zijn derde droom? "Altijd mijn goesting kunnen doen, zeker?"

Dat is een grapje, maar terug naar die getallen: de historische eerste druk van Dagelijkse kost 2 wordt dus een vracht van 200.000 boeken. "Dat is in Vlaanderen nooit gebeurd", zegt Lut. "En over Wallonië moeten we zelfs niet spreken." Eén vergelijkingspunt is er: het zevende (en laatste) Harry Potterboek werd voor Nederland en Vlaanderen gelanceerd op 800.000 exemplaren. "Jeroen Meus is de nieuwe Harry Potter", glimlacht Lut. Straks staat Jeroen Meus dus ongetwijfeld op nummer één en twee in de top tien.

Er zijn ondertussen pagina's volgeschreven over het fenomeen Meus. Over het haalbare van zijn recepten. The boy next door. Zijn Leuvense charme en zijn Vlaamse keuken. En het straffe is: alles wijst erop dat het allemaal klopt. "In de uitgeverij wist ik vorige week van drie mensen wat ze die avond zouden koken", zegt Lut. "'Ik maak bladzijde zoveel', hoorde ik. Een boekhandelaar in Antwerpen zei onlangs, na dat gedoe dat het boek voor Nederlanders niet te begrijpen is omdat ze niet weten wat een bussel prei is, dat 100 procent van zijn kopers van het boek Nederlanders zijn. Ze zien het programma op Eén en komen het bij hem halen. En mijn moeder, die in het ziekenhuis ligt, gaf ik een exemplaar voor de verpleegsters. In plaats van die elke dag te trakteren op een praline, laat ze ze elke dag een recept inkijken."

Wat nog over Meus gezegd wordt: hij is clever. "Frank Vander linden (zanger van De Mens, RVP) noemt hem 't slim kokske uit Leuven. En dat klopt ook: hij is zeer wijs." Die lof is begrijpelijk. In februari schreeuwde de hele Vlaamse boekensector om het boek ("de stills uit het programma waren niet bruikbaar voor het boek, Jeroen heeft alle 72 recepten in een week tijd opnieuw gemaakt voor de fotograaf"), uiteindelijk kwam het met twee maanden vertraging. Lut: "Veel boekhandels in Vlaanderen zullen het toegeven: zonder het boek van Jeroen stond hen het water aan de neus."

Ook bij Van Halewyck? Lut, snel: "Het gaf ons extra zuurstof. Dat vind ik een hele mooie term. Zoals iedere bestseller voor elke uitgeverij dat doet."

André: "Vorig jaar was wel een heel moeilijk jaar. We doen ook distributie, 50 procent van onze omzet komt daaruit. Maar er liepen vijf contracten af en in 2009 moesten we daarop anticiperen door vijf mensen te laten opstappen. Op een totaal van vijftien. Dat was zuur en had een effect op ons rendement."

Hebben jullie ooit gevreesd voor het voortbestaan van Van Halewyck?

André: "Ja. Je hebt wel reserves opgebouwd en je bent voorzichtig geweest, maar het crisisjaar 2008 had er ongelooflijk zwaar in gehakt. We kregen boeken terug waarvan we zelfs niet meer wisten dat we ze ooit hadden uitgegeven. De boekhandel maakte zijn kasten leeg en het was voor iedereen vechten en knokken. De laatste jaren verkochten we jaarlijks 200.000 boeken. Dat hadden we dit jaar ook gehaald met twee keer 30.000 van Jeroen. Natuurlijk wordt het nu makkelijker. En dat is leuk, na 35 jaar knokken."

Lut: "Van die vijf mensen die weg zijn, zijn er ondertussen een paar vervangen. Het succes van Meus zorgt er bovendien voor dat je nu ook een aantal 'riskante' boeken kunt uitgeven. We noemen dat interne subsidiëring."

André: "De markt is zo volatiel geworden dat je echt niet meer weet of je van een boek meer dan 300 exemplaren verkoopt. Vroeger waren dat er altijd 1.000. Wij hebben lef en vinden het belangrijk dat te blijven doen. Maar in mijn kast staan wel drie boeken die gemiddeld niet meer dan 125 exemplaren verkochten. Eén ervan is Jonge honden. Een echt goed boek, maar er gingen er slechts 135 de deur uit. Dat is erg. En dus staan die boeken er als bewust geheugensteuntje."

Vraag is: hoe ontmoedigend is dat? Voor de uitgeverij, zeker, maar vooral voor de auteur? André: "De grootste troostquote is: 'Alle Nobelprijswinnaars literatuur liggen bij De Slegte.' Voor een Nederlandse uitgeverij verdeelden we ooit Imre Kertész (Nobelprijswinnaar in 2002, RVP). Hadden we 1.000 boeken van. We verkochten er 500, de andere 500 stonden op onze shortlist om naar De Slegte te brengen. Zo konden we nog wat van de kosten recupereren. Maar hij won de Nobelprijs en tien minuten na de bekendmaking was ik mijn voorraad kwijt."

Lut: "Maar op de Boekenbeurs, amper een maand later, verkochten we van Kertész geen tien boeken. Er stond nochtans een speciaal bordje op de stapel."

Verrassend nieuws in december vorig jaar: Lut Raymaekers verliet het bedrijf en ging voor Roularta Medica werken. Daar kwamen twee roddels van. Eén: André en Lut waren uit elkaar. Tweede mogelijkheid: dit is risicospreiding, als Van Halewyck failliet gaat, heeft een van beiden tenminste nog een baan.

André glimlacht: "Iemand zei: 'André, als de vrouw van de bakker weggaat, dan denkt toch iederéén dat het gedaan is met die relatie?'"

Lut: "Het strafste wat we hoorden, was dat er een onderhuidse strategie werd uitgewerkt voor een samenwerking tussen Roularta en Van Halewyck." Wat niet zo was. "Ik ben een onrustige natuur en Van Halewyck was het zevende bedrijf waar ik voor werkte. Af en toe heb ik nieuwe input nodig. En ik heb bijgeleerd, bijvoorbeeld over het hele e-bookgegeven. Maar al heel snel miste ik het creatieve, de jacht, het zoeken naar maatschappelijke thema's die komen bovendrijven."

André: "De nood om weg te gaan, was er al voor de cijfers van 2010 bekend waren. En de beslissing om terug te keren was genomen voor we wisten dat het boek van Meus zo zou aanslaan."

Lut: "Achter de schermen ben ik trouwens nooit helemaal weg geweest. Mijn e-mailadres bij de uitgeverij bleef altijd actief."

André complimenteert de kok. We zitten aan het hoofdgerecht, er komt Portugese Terras d'Ervideira-wijn bij.

En we gaan terug in de tijd. 1979, op de boekenbeurs in de Stadsfeestzaal in Antwerpen. André Van Halewyck draalt even bij de stand van uitgeverij De Clauwaert. Aan de andere kant van de tafel staat Lut Raymaekers. Ze is negentien. "Zijn historische uitspraak was: 'Juffrouw, welk boek zou u mij aanraden?'"

André: "Puur voor de kwaliteit natuurlijk."

Lut: "Jaja. Filip De Pillecyn, Maria Rosseels, dat lag daar allemaal. En André Van Halewyck, die op dat moment 28 was en al zijn eigen uitgeverij had, wilde weten welk boek ik hem zou aanraden. Op die leeftijd is negentien en 28 een wéreld van verschil. En ik vergeet nooit wat mijn vader (uitgever bij De Clauwaert, RVP) zei toen hij die langharige met zijn parka zag: 'Die linkse rakker komt níét meer op mijn stand!' Enfin, we zijn later wel eens gaan eten."

André: "Toen bestond links en rechts nog. Als economiestudent had ik in een geëngageerde studentengroep gezeten. Ik was daarin niet het haantje de voorste, maar het boeide me wel. En als er brochures gemaakt moesten worden, dan deed ik dat. (lacht) Pas op, we hebben wel wat verwezenlijkt hoor: Zuid-Afrika, de oorlog in Vietnam..., dat hebben we allemaal opgelost. Franco (de gewezen Spaanse dictator, RVP) was onze eerste hit, al hadden we het geluk dat zijn doodsstrijd achttien maanden duurde. In Vlaanderen verkochten we toen via de Wereldwinkel 3.000 exemplaren van een brochure over hem. En een jaar eerder, toen we wisten dat er in Leuven een betoging van het NSV (Nationalistische Studentenvereniging, RVP) zou komen, stencilden we op woensdag en donderdag 3.000 brochures met als titel: 'Who is who in rechts Vlaanderen?' Op één avond verpatst, aan de Amadezen (leden van Amada, de voorloper van de PvdA, RVP) en via de Wereldwinkels. Die nacht zijn er molotovcocktails gegooid, maar daar hadden wij niks mee te maken. Wij waren aan het stencilen."

Later werd Kritak geboren, dat stond voor Kritiese Aktie, André Van Halewyck begon er "als een fulminerend relschoppertje", schreef een krant ooit. "Was ik niet, hoor", zegt André. Lachend: "Ik was de boodschapper van het betere nieuws! Van het ochtendgloren! Wij gaven boeken uit over ecologie, mijnheer, toen het woord nog niet bestond. Dat was in 1982. Ik was visionair!"

Lut, op zijn Luts: "Een visionair die wel met een auto rondreed met een CO2-uitstoot van hier tot in het toenmalige Oostblok."

Tom Lanoye mocht debuteren bij Kritak. "In het Gentse studentenmilieu was hij al een bekend stand-upcomedian. We publiceerden een bundel kritieken van Tom uit De Zwijger. Tom was toen al zo wijs om te weten dat Vlaanderen te klein voor hem was, ooit wilde hij naar Amsterdam. Dat is trouwens het eeuwige verdriet van de Vlaamse uitgevers. Wat hij schreef, was van het betere dat van jonge auteurs te lezen was. Zijn baldadigheid en originaliteit spraken me aan. Hij had het ook aan Julien Weverbergh aangeboden, die wel interesse had, maar in de volgende twee jaar was er geen plaats. Dus deden wij het, het was de kans om het monument Weverbergh/Manteau een beetje te beplassen. Maar ik wist dat we te klein waren om hem te houden. Zoals Anderlecht en Racing Genk te klein zijn om supertalenten te houden, moet je ook als uitgever je plaats in de ranking kennen."

Zou diezelfde André van Kritak toen vandaag...

"... de boeken van Jean-Marie Dedecker uitgeven? Ik wist dat je dat zou vragen. Kijk: een fout die ik me al snel realiseerde, was dat we in de vroegste periode Alexander Solzjenitsyn niet wilden verdelen omdat we hem te kritisch vonden voor het reëel bestaande socialisme. Dat inzicht kwam al snel. Maar eerder hadden we zelfs het Rode Boekje van Mao verspreid. Vandaag moet je toch toegeven dat dat veel erger is dan Jean-Marie Dedecker. Onze relatie met iemand als bijvoorbeeld Tom Lanoye is wel bekoeld sinds we Dedecker publiceerden, maar deze week las ik van Tom het volgende citaat: 'Als ik Verhofstadt bezig hoor, dan herken ik me meer en meer in die man.' Mja, die Verhofstadt heeft in zijn carrière al meer bochten gemaakt dan er in de Semois zijn. Ik blijf vinden dat 80 procent van wat Jean-Marie Dedecker zegt heel intelligent en intellectueel uitdagend is. Alleen heeft hij soms de gave om in zijn eigen voet te schieten."

Lut: "Jean-Marie zou meer moeten werken aan de verpakking van wat hij zegt. Maar de essentie is: wát vertelt hij? Of dat nu uit de mond van Jean-Marie Dedecker komt of uit die van Jantje Peeters, dat kan me niet schelen."

André: "Ik wil niet het grote gelijk halen, maar hij dwingt om over een aantal dingen na te denken. Over milieu, over hoofddoeken, over de multiculturele samenleving... (glimlacht) Ik zou hem vandaag opnieuw uitgeven, alleen zou ik de eerste oplage wat verminderen."

Klopt het cliché dan niet: links als je achttien bent, rechts als je 40 bent? Of 60, zoals André? "Sinds de val van de Berlijnse Muur is links en rechts niet meer van toepassing, en ik ken vele linkse gewetens in Vlaanderen die mij de les niet moeten spellen. In 1978 publiceerden wij Wat zoudt ge zonder 't werkvolk zijn? van Jaak Brepoels, een boek dat al heel kritisch was tegenover de vakbond. Als er één volatiele kracht is in Europa, dan is het toch wel de vakbond? Ze hebben heel goed werk gedaan, maar er zijn veel heilige koeien waar ze d'office niet aan willen raken. De indexaanpassing van de lonen bijvoorbeeld. Die doen alsof de wereld de laatste 60 jaar niet veranderd is. Dát noem ik conservatisme."

Lut: "De portfolio van de uitgeverij is veranderd, maar dat kon niet anders. De maatschappij is veranderd. Sommige zogenaamde weldenkende mensen verweten ons dat we Spannende seks en Van aardbei tot zweepje van Ilse Nackaerts of Poetsen met Sien en Maria wilden uitgeven. Wel, dat was leuk en dat waren gigantische hits. Aan dat betuttelend gedoe heb ik geen behoefte. Wie heeft trouwens het recht om te zeggen dat 'die van Kritak' het boek van Sien en Maria niet zouden mogen uitgeven?"

Succes lokt. Nog altijd valt er elke dag meer dan één manuscript binnen. "Bij vele weet je na drie bladzijden of het iets is", zegt zij. "Maar alsmaar meer krijg je een soort arrogantie: 'Hier vind je mijn manuscript, ik stuur dit vandaag ook nog naar vijf andere uitgeverijen.' Soms staan die gewoon in cc. Die lezen we dus niet. Als je voor het huis Van Halewyck kiest, dan kíés je daarvoor. En dan weet je op zijn minst dat Van Halewyck met y en niet met lange ij geschreven wordt."

André: "We hebben iemand nieuw in dienst die die manuscripten leest. Er ligt een stapel van honderd, maximaal één daarvan mag een boek worden. Als er bij staat 'Mijn vriendin of mijn broer vindt het heel goed', dan leggen we het zeker weg."

Lut: "Bij mij is de gevarenzone: 'Mijn dokter zei dat ik er een boek van moest maken.'"

Hadden jullie ooit een Beatlesmoment? Ik bedoel: iemand afgewezen die later elders een hit scoorde met dat boek?

André: "Ik denk dat we het manuscript van Omega Minor van Paul Verhaeghen ooit hebben laten passeren. Maar toen zat ik alleen op mijn bureau bij de opstart van uitgeverij Van Halewyck. Ik had geen tijd om dat goed te lezen."

In het fonds zitten vandaag gynaecoloog Marleen Temmerman, senator Rik Torfs, mensen als Jan Leyers, Jos Bouveroux en Chris Dusauchoit. Najaar 2012 zouden de memoires van Jean-Luc Dehaene verschijnen. Waarbij in de voorwaardelijke wijs alle voorzichtigheid zit. "Hij wilde ze graag publiceren voor zijn zeventigste verjaardag (in augustus 2010 was dat, RVP) maar in de aanloop kwamen de financiële crisis en Dexia, en dan moest hij ook nog efkes proberen Brussel-Halle-Vilvoorde te splitsen. Toen we 'Dexia' hoorden, wisten we: dat boek schuift een jaar op. Maar nu was hij een paar weken in Sardinië, met zijn archiefkisten, en terwijl de familie tot 9 uur uitsliep, stond hij om 6 uur 's morgens op om te schrijven." Het respect is groot. "Hij schrijft het op zijn Dehaenees en hij wil dat het op zijn Dehaenees blijft. Maar verder zegt hij: Jullie zijn de uitgevers, jullie weten hoe het moet, jullie beslissen. (bewonderend) Dehaene is een baken, daar kun je alleen maar respect voor hebben. Net zo goed vind je auteurs die naar de drukkerij gaan om zelf te bepalen met welke foto ze op de voorpagina staan."

Boeken, boeken, boeken. Houdt het ooit op? Het houdt nooit op. Een vakantie naar Lissabon, zeven dagen, werd vorige week afgelast. Te veel werk op de uitgeverij. Een weekend naar Den Haag ("Lissabon, op rijafstand") kwam in de plaats. "Eerst frustratieshopping, dan het prachtige Gemeentemuseum", zegt Lut. "Wel, bij een van de twee werken dachten we: misschien is dat wel iets voor de cover van een boek. Hetzelfde met kranten. Op zondagavond ligt onze living bezaaid met krantenartikels over dingen waar we mogelijkheden in zien. Als we echt rust willen, kunnen we dus beter geen kranten lezen. Mentaal is het een vak dat je nooit loslaat."

André: "Het is een way of life."

"Geboren op de Boekenbeurs", zei Lut eerder, al zat er bij André even een andere carrière in: "Ik had misschien profvoetballer kunnen worden. In mijn geboortedorp kwam SK Beveren me vragen. In de historische periode met Jean-Marie Pfaff, Jean Janssens en Freddy Buyl. Europees tegen Inter Milaan, en wij waren beter! Maar mijn ouders wilden het niet. Later heb ik nog een jaar bij Stade en enkele seizoenen bij Daring Leuven gespeeld."

Boeken dus. Is er opvolging? Allebei hebben ze drie kinderen uit een vorig huwelijk, maar alleen Andrés oudste dochter Liselotte maakte even aanstalten om de uitgeverij te versterken. Straks begint ze bij Ketnet. Luts jongste zoon overweegt volgend jaar misschien journalistiek. "Ze zien ook wel hoe hard we werken."

Een uitsmijter, want het heerlijke dessert brengt ons weer bij Jeroen Meus. De kok die in zijn boek een cameo gunde aan Piet Huysentruyt (als u het boek koopt, zoekt u hem maar). Elke dag krijgt Meus op zijn minst tien aanvragen voor optredens. Zij het koken in Hamont-Achel, een demonstratie in West-Vlaanderen. "Die gast kan niet meer buitenkomen zonder aangesproken te worden. Maar goed, als veel jongere jongens als Lukaku en Witsel en Kompany overeind blijven, dan zal Jeroen dat ook wel doen." De gekste vraag? "Een redelijk bekende prostituee in Vlaanderen (Hot Marijke dus, RVP) mailde met een voorstel om samen met Jeroen een boek te maken met wat spicy recepten. Goed, dat kon interessant zijn. Ware het niet dat ze eraan toevoegde: 'Dankzij mijn naambekendheid zal dat ook goed zijn voor Jeroen.' Needless to say dat er niks van komt."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234