Zaterdag 28/11/2020

'Met Shakespeare lok je straatjongeren geen stadstheater binnen'

Slammers en rappers op het toneel, een betaal-wat-je-wilt-formule en een totaal nieuwe spelersgroep. Michael De Cock (43) doet meteen stof opwaaien als nieuwe baas van de KVS. 'Men heeft mij voor deze job gekozen omdat ik andere accenten wil leggen.'

Te volks. Te weinig artistiek gewicht. En nog Antwerpenaar ook. Michael De Cock was nog niet begonnen bij de Koninklijke Vlaamse Schouwburg (KVS) of zijn benoeming was al omstreden. Toen vorig jaar bekendraakte dat hij Jan Goossens zou opvolgen als artistiek directeur van het Brusselse stadstheater, klonk er in de sector evenveel gevloek als gejuich.

De Cock komt van het Mechelse stadstheater 't Arsenaal, waar hij als directeur de afgelopen tien jaar lege zalen weer liet vollopen. Vrienden en medestanders prijzen hem voor zijn bevlogenheid en engagement. Migratie en interculturaliteit zijn thema's die vaak terugkomen in zijn werk. Voor Aller/Retour trok de acteur/regisseur/auteur samen met fotograaf Stephan Vanfleteren langs asielcentra in Europa, voor het theaterstuk Namaals over euthanasie verbleef hij maandenlang in palliatieve centra.

Zijn critici vinden dat de theatermaker veel te licht weegt voor een cultuurtempel als de KVS. Te veel boodschap, te weinig artistieke kwaliteit. Eerder de man van het brede publiekstheater, dan van de Kunst met grote K. Dat hij zijn carrière begon in tv-series als Flikken, Sedes en Belli en Thuis zit daar wellicht ook voor iets tussen.

"Ik ben op een leeftijd gekomen dat ik vrede kan nemen met die kritiek", zegt De Cock in een achterzaaltje van de KVS, tussen twee repetities door. Hij praat zoals hij in het werk en het leven staat: snel, zelfverzekerd, van de hak op de tak. "Het is net goed dat er over je gesproken wordt. Dan breng je tenminste iets teweeg. Laat ze praten. Ik doe mijn goesting."

Dat blijkt alvast uit zijn eerste programmering voor het komende KVS-seizoen, die deze week werd voorgesteld. De vaste spelerskern is vervangen door een geheel nieuwe groep. Van schrijver Fikry El Azzouzi, maakster Sachli Gholamalizad tot regisseur Jaco Van Dormael en de beloften van Sincollectief.

"Intergenerationeel, genderdivers en intercultureel: dat is de ambitie. Ik heb een duidelijke droom over wat een stadstheater in Brussel kan en moet bereiken. Het lokale met het mondiale verbinden, de hoge met de lage cultuur."

Klinkt mooi maar vaag.

Michael De Cock: "De drempel van cultuurhuizen moet omlaag. Brussel is een meerderheid van minderheden. Die moeten zich hier allemaal thuisvoelen. Dit stadstheater moet nog meer een open huis worden."

Maar concreet: hoe gaat u die droom waarmaken?

"Door met andere mensen, op andere uren en andere manieren te programmeren. Het stuk Kamyon, over vluchtelingen, spelen we vanuit de laadbak van een vrachtwagen in verschillende wijken in Brussel. De jongste acteur in het stuk Odysseus wordt via een open auditie gezocht. Studenten Latijn-Grieks of hiphoppers: ze mogen zich allemaal aandienen.

"En evident: door die mix ook al in je organisatie en ensemble te voorzien. Mensen die sneller dan ik bepaalde vragen stellen, en bepaalde reflexen sneller maken. Zoals: waarom cast je in dit stuk een blanke en geen zwarte acteur?"

Als er een diverse mix op het podium staat, komt die diverse mix ook vanzelf in de zaal?

"Je bent maar geloofwaardig naar bepaalde gemeenschappen wanneer je als stadstheater zelf meertalig bent en oprecht interculturaliteit ademt."

Maar volstaan gekleurde acteurs om jongeren te lokken die nog nooit een voet in de KVS hebben gezet?

"We moeten niet naïef zijn: we gaan hier niet heel Brussel in de zaal krijgen. Wel moet je mensen op z'n minst het gevoel geven dat iedereen hier vertegenwoordigd is."

Fikry El Azzouzi opperde ook het idee om tijdens de ramadan de vastenverbreking 's avonds in de KVS te organiseren, gevolgd door een lezing of optreden. Om zo een ander publiek te bereiken.

"Als iemand als Fikry daarmee afkomt, beschouw ik dat als waardevol. Ik heb zelf die reflex niet. Daarom heb je mensen als hem nodig in je organisatie.

"Een stuk van Orhan Pamuk programmeren en ervan uitgaan dat er 'dan wel Turken zullen komen kijken': dat is te geforceerd, dat werkt niet. Je moet nieuwe stemmen een kans geven. Zoals de mensen van Sincollectief die eerder Reizen Jihad maakten, een open, eerlijk stuk over de motieven en gevaren van jongeren die naar Syrië trekken. Rond dat stuk is ongelooflijk veel gedoe geweest. Het diverse publiek in de zalen was laaiend enthousiast, in de sector reageerde men op zijn zachtst gezegd koeltjes. Omdat er in wordt gerapt, of Arabisch in wordt gesproken.

"Dan merk je dat de achterhaalde theaternormen dringend aan herziening toe zijn."

Op welke manier?

"Ik ben niet het soort mens dat in een collectief wil zitten waar we heelder dagen discussiëren hoe we Tsjechov en Shakespeare anders kunnen interpreteren. Wat mij interesseert aan theater is: wat wil ik ermee vertellen? Pas op, artistieke kwaliteit is de basis van elk stuk. Maar ik word bang als ik zie dat het zo vaak als exclusief criterium wordt gehanteerd. Dat is toch het ultieme wij-zijdenken.

"Met Shakespeare krijg je de jongeren die voor de KVS op straat hangen niet binnen. Daarom linken we het Brussels Jazz Orchestra met hiphop, brengen we slam (straatwoordkunst, red.) en focussen we met stukken als Malcolm X op hun leefwereld. Het uitgangspunt is daar: wat zou Malcolm X zeggen als hij vandaag door de straten van Brussel zou wandelen?"

Om die jongeren dat stuk te laten zien, moet je ze wel eerst bereiken.

"Klopt. Het Brusselse jong talent Amira Daoudi heeft onze programmabrochure heel trendy vormgegeven. Maar dat boekje mag dan nog zo urban aanvoelen, wie neemt dat vast en boekt plaatsen? Niet de jongeren die hier in de straat hangen. Die moet je proberen binnen te trekken met andere formules, zoals sms'en sturen, reclame op Facebook en Instagram, digitale snufjes als Google Glass en pay what you want."

Ik mag voor een ticketje voortaan betalen wat ik wil?

"Voor bepaalde momenten. In het najaar zijn er al twee momenten, zoals de voorstelling Malcolm X. Op termijn moeten dat er zeker meer worden. Ik zou ook graag een manier vinden om het publiek te responsabliseren, en iets op te zetten waarbij mensen zonder financiële zorgen meebetalen voor wie het moeilijk heeft."

Wie De Cock kent, had niets anders verwacht. Als kind verkocht hij al sleutelhangers ten voordele van de Vredeseilanden aan familie en vreemden. Al heeft hij geen idee waar dat engagement - vreselijk woord, vindt ie zelf -vandaan komt. "Ik heb gewoon altijd gehouden van dingen organiseren, mij nuttig maken. Het heeft wel tot mijn dertigste geduurd voor ik dat sociale aan mijn werk begon te koppelen."

De theatermaker studeerde eerst Romaanse Taal- en Letterkunde, trok daarna naar het Conservatorium in Brussel. Maar spelen bleek al snel niet genoeg voor de rusteloze Antwerpenaar. Hij begon ook te regisseren, en theaterteksten, filmscenario's, tijdschriftenartikels en boeken te schrijven. Hij schreef een tijd voor Knack en won twee Zilveren Griffels en een Boekenleeuw voor zijn kinderboeken. Bang voor stilstand, zegt hij daar zelf over. Tussendoor probeert hij nog vijf kinderen op te voeden.

Soms flirt zijn werk met het moralisme. Zelf zegt hij dat hij gewoon iets wil maken dat hoop uitstraalt. "Een beetje menselijkheid te midden van alle miserie en complexiteit. Vandaag meer dan ooit. There's always a crack where the light comes in."

Maar noem hem niet naïef. "Ik ben cynisch en opportunistisch genoeg om mezelf voor naïviteit te behoeden", zei de theatermaker al in een eerder interview. Ook collega Marc Verstappen van Villanella noemde De Cock in een artikel over zijn aanstelling bij de KVS een opportunist, "maar dan van het oprechte soort".

"Ik kan daar mee leven", zegt De Cock. "Ik ben slim genoeg om wat ik in handen heb tot kansen om te buigen."

Kwatongen beweren zelfs dat u zich in de directeursstoel van de KVS hebt gelobbyd.

"Tja, wat moet ik daar op zeggen? Afgunst leidt tot speculaties. Ze vergissen zich schromelijk. Niemand, behalve mijn vrouw, wist van mijn sollicitatie af. Ik heb die last minute ingediend."

Hoe ambitieus bent u?

"Heel ambitieus. Grenzeloos zelfs. Maar die ambitie zit vooral in dingen doen bewegen, anderen kansen te geven. Ik was content in Mechelen, maar het kriebelde om op grotere schaal te spelen. Dat kan in Brussel, in de KVS."

De subsidiecommissie die uw plannen voor de KVS moest beoordelen, gaf in haar preadvies een goede score, maar ook kritiek: de link met de stad zelf zou ontbreken.

"Staat dat erin? Nee, zo hebben ze dat niet gezegd."

Een letterlijk citaat: 'Het valt op dat 'Brussel' voorlopig niet erg aanwezig is in de plannen, en dat De Cock vooral teruggrijpt naar het kader en het terrein waar hij zelf al mee vertrouwd was en die niet in Brussel gevestigd zijn: 0090, MAF (Antwerpen), Victoria Deluxe (Gent). Dat is jammer.'

"Dat je samenwerkt met mensen die je kent en vertrouwt, is niet meer dan logisch. Maar Brussel te afwezig? Laten we een beetje ernstig blijven. Er is geen enkel stadstheater dat zo op de stad betrokken is als de KVS. Die kritiek is wat gratuit. Sinds het indienen van ons dossier is er al veel in gang gezet. We hebben nu drie stadsdramaturgen die echt de stad intrekken, op zoek naar inspirerende nieuwe partners, spelers en plekken. We spelen stukken op locatie in de stad, tot in Brussels asielcentra als het Klein Kasteeltje toe."

De situatie in Brussel ziet er vandaag, in de nasleep van de aanslagen, anders uit dan toen u solliciteerde voor deze job.

"Brussel staat op een kantelmoment, maar ik zie het hoopvol in. De stad die het nu zwaar te verduren krijgt in de buitenlandse pers, werd tot voor kort wél het 'nieuwe Berlijn' genoemd. De interessantste kunstscene bevindt zich hier.

"Na zo'n emotioneel dieptepunt kan het alleen maar beter gaan. Zo'n crisismoment geeft nieuwe impulsen, energie."

Welke rol kan of moet de KVS daarin spelen?

"Een rol die in twee richtingen werkt. Enerzijds moeten wij Brussel mee aantrekkelijk maken voor de rest van Vlaanderen en de wereld. Ons uiterste best doen zodat de schoolmeesters die de hoofdstad nu als een oorlogsgebied zien en Brussel uit angst mijden, wél komen. Anderzijds moeten wij ook in dialoog gaan met de stad.

"Om het met een boutade te zeggen: ik geloof niet dat cultuur of theater de wereld kan veranderen, maar ze kunnen wél mensen veranderen."

Denkt u dat radicaliserende jongeren na het zien van een stuk als Reizen Jihad of Malcolm X plots beslissen om toch maar niet naar Syrië af te reizen?

"Laten we het niet op flessen trekken: we gaan alle radicaliserende jongeren niet redden met theater. Ik heb ooit gesproken met de teruggekeerde Syrië-strijder Younes Delefortrie. Die luisterde niet meer als je er op inpraatte; die was al te fel geradicaliseerd. Sommige mensen zijn al te ver heen.

"Maar lang niet elke jongere die met vragen of bedenkingen zit, is een potentieel gevaar. Ik heb soms het gevoel dat mensen niet altijd het hele plaatje (willen) zien. Als je in een wijk als Molenbeek nu met tien politiecombi's komt staan, is het logisch dat zoiets de lokale jongeren verontrust. Zeker als ze dingen als 'Ferme tagueule' als antwoord krijgen wanneer ze vragen wat al die combi's daar komen doen.

"Het is niet aan mij om al die problemen op te lossen, maar het is wel een gedeelde verantwoordelijkheid van ons allemaal. Ook de KVS kan, moet, een tegenwicht bieden. Met verhalen."

Wat is de kracht van een verhaal als je in het echte leven voortdurend geconfronteerd wordt met (kans)armoede, racisme en/of slechte invloeden?

"Met het risico om prekerig over te komen: de kracht van cultuur mag je nooit minimaliseren. Zeker niet in een stad als Brussel de dag van vandaag.

"Als je alles opblaast, inclusief cultuur, moet je niet schrikken dat je problemen krijgt, of monoculturele wijken en scholen. Investeer daarin, net als in onderwijs. Zorg dat in de scholen identiteit en cultuurverschillen positief bevestigd worden, en niet ontkend of doodgezwegen.

"Spreek over migratiegeschiedenis. Gebruik verhalen. Ik geloof dat elk boek, theaterstuk, verhaal een les in empathie is. Waarom huilen mensen wel bij Bambi en niet meer bij beelden van honderden gestrande bootvluchtelingen aan de grens?"

Waarom, denkt u?

"Dat heb ik me ook lang afgevraagd, want ik geloof in de journalistiek. Mogelijk zijn mensen platgeslagen door alle werkelijke ellende. Non-fictie maakt van de ander vreemd genoeg nog meer echt 'de ander'. Het depersonaliseert, terwijl we ons bij verhalen wél sneller in een personage of iemand anders verplaatsen. Dat is voor mij de oefening: hoe krijg ik die empathie het sterkst?"

U bent het gewoon om uw goesting te doen. Moet u in een groot, gevestigd huis als de KVS niet te veel compromissen sluiten?

"Nee, dit is het programma waar ik achter sta."

De subsidiecommissie vraagt zich in zijn advies af of u gerenommeerde namen als Josse De Pauw en Luk Perceval vooral cast vanwege het prestige?

"Ik heb ze gevraagd omdat ze werk maken dat van het beste is dat ik al heb gezien. Om dezelfde reden heb ik Wim Vandekeybus en Peeping Tom ook teruggevraagd. Dat wil niet zeggen dat ik op veilig speel. Een theater dat al meer dan honderd jaar bestaat, kun je moeilijk vullen met alleen maar kunstencentrawerk. Dat een van onze jonge, nieuwe gezichten straks in Hamburg staat omdat Luk Perceval hem of haar regisseert: dat is waarvan ik droom. De balans moet bewaakt worden. En ik durf te stellen dat die balans er vandaag is met zo'n diverse groep van spelers en makers."

Ontbrak die de afgelopen jaren?

"De KVS zette natuurlijk al in op Brussel en diversiteit. Als je vandaag komt kijken naar dansvoorstellingen: dat publiek is al divers."

Toch sprak u in het subsidiedossier dat u zelf indiende over 'gemiste kansen'. Zoals een betere aansluiting bij de stad en de nood aan meer makers en medewerkers van een andere culturele achtergrond.

"Als ik een dossier indien voor de toekomst, moet ik toch zeggen waar het beter kan? Ik denk dat er nog grote openingen liggen. Een oprecht intercultureel stadstheater moet dat ook weerspiegelen in de organisatie. Dat is nu wel aan het gebeuren. Logisch: nieuwe mensen zien altijd nieuwe mogelijkheden. Daarom wil ik nooit ergens te lang blijven.

"Men heeft mij voor deze job gekozen omdat ik continuïteit zie én andere accenten wil leggen. Ik ben een andere man dan mijn voorganger: ik ben zelf een maker, hij meer essayist en producent. Dan sta je er sowieso al anders in. Ik heb niet de behoefte om mij met hem te meten."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234