Zaterdag 06/03/2021

Met mormonen het moeras in

Tijdens de nacht van de Amerikaanse verkiezingen zat ik op een vliegtuig richting België. "Obama heeft gewonnen", zei de piloot ergens boven de Atlantische Oceaan. Er brak luid applaus en gejuich uit. "Nu kan ik tenminste een dutje doen", zei de opgeluchte Amerikaanse studente naast me. Ze had me al tijdens het opstijgen toevertrouwd dat ze op was van de zenuwen uit schrik dat Obama het op het laatste nippertje toch niet zou halen. De volgende dag was ik uitgenodigd in West-Vlaanderen om twee lezingen te geven. Verschillende aanwezigen lieten me - op vriendelijke toon weliswaar - verstaan dat ze niet begrepen dat ik zo'n historisch moment in de lucht had doorgebracht in plaats van feestend in New York. Net als na de verkiezingsnacht kreeg ik de ochtend na de inauguratie een rits enthousiaste mailtjes van Obama-supporters uit België. Ze wilden allemaal weten hoe en waar ik de historische dag had doorgebracht. Het antwoord was dat ik ook dit keer niet had meegefeest. In de plaats van in de VS zat ik in Belize in zomerkleren tv te kijken naar de klappertandende massa die ondanks de bittere kou was opgedaagd om Obama's eedaflegging bij te wonen. Net als op het vliegtuig tijdens de verkiezingsnacht was ik omringd door Amerikanen. De sfeer was wel behoorlijk anders in Sueño del Mar, het vakantiedorpje waar we verbleven op uitnodiging van Toms Canadese neef. Er klonk geen gejuich en er werd geen glas rum gedronken op Obama's gezondheid. "Het is hier een Republikeins nest", had onze gastvrouw Tina ons al de eerste dag verwittigd, "de mensen mijden het om in het publiek over politiek te praten." Ik had nochtans op de boot die ons naar onze verblijfplaats had gebracht, kennisgemaakt met een stel Obama-fans uit Chicago. "We wonen in dezelfde buurt als Obama", had de man trots verteld. Zijn vrouw droeg een Obama-petje. "Ik denk dat we de enige Democraten in Sueño zijn", zei ze, "het kan me niet schelen. Ik hou mijn petje op."

De avond na de inauguratie kon ik het toch niet laten om de onuitgesproken regels te overtreden. "Proficiat", zei ik tegen een roodverbrande, uit de kluiten gewassen man die de enige andere klant was in de 'Palapa', de bar onder het ronde dak van palmbladeren aan het strand. "Proficiat met wat?" vroeg hij achterdochtig. "Met uw nieuwe president", antwoordde ik. "Hij is mijn president niet", zei hij, "ik heb niet voor hem gestemd. Heb je gehoord hoeveel de beurs gezakt is vandaag? Dat toont wat veel mensen over hem denken." Ik liet het daar maar bij. In New York kreeg Obama meer dan 85 procent van de stemmen. Zelf ken ik er niemand die er voor uitkomt dat hij Republikeins heeft gestemd. Hier zit ik plots zowat in het hol van de leeuw. Ik zag zelfs iemand met een petje waar 'Palin 2012' op stond. De meerderheid van de bewoners van Sueño del Mar - 'members' is hun officiële benaming - komt uit Colorado, net als de eigenaars van het vakantiedorp. "De kern is een hechte groep van vrienden en zakenrelaties die elkaar al lang kennen", had Tina uitgelegd. Hoe hecht ontdekte ik de volgende dag tijdens een trektocht door bossen en mangrovemoerassen naar de andere kant van Ambergris Caye, het eiland waar we logeren. Ik was de enige vrouw in een gezelschap van tien mannen. De jongste, die met zijn lange blonde krullen op een Californische surferboy leek, ratelde in snel Spaans tegen Santos, onze Guatemalteekse gids en de enige niet-Amerikaan. "Waar heb jij de taal zo goed geleerd?" vroeg ik. "In Bolivia", antwoordde Steve. Hij was ook van Colorado maar had twee jaar in Bolivia gewoond. "Mijn kerk had me daarheen gestuurd als missionaris", zei hij. Steve bleek een mormoon te zijn. Hij was aangenaam verrast toen ik zei dat ik het mormoonse 'Vaticaan' in Salt Lake City had bezocht. Terwijl we tot aan onze knieën door het colabruine water tussen de mangrovewortels waadden, zei hij me dat de anderen in onze groep ook mormonen waren. Zelfs Santos, de tuinier van Sueño, was bij hun kerk. Steve vertelde dat ze op zondag met z'n allen met de boot naar de kerk gingen in San Pedro, het dichtstbij gelegen stadje. "Ga je daar wel eens uit?" vroeg ik, "ik heb gehoord dat het er op vrijdag- en zaterdagavond behoorlijk wild aan toegaat." "Nee", zei Steve, "want wij mormonen drinken noch roken." "Ik ook niet", zei ik, "maar ik vind niet dat een mens dat per se nodig heeft om zich te amuseren." Dat wou hij wel geloven maar hij vond het toch beter om duivelse verleidingen uit de weg te gaan. "Er zijn hier mormonen geweest voor jou", zei Tina toen ik de volgende ochtend thuiskwam na een fietstocht op het strand. Ze reikte me een blauw boekje aan: The Book of Mormon, de Bijbel van de mormonen. Een van de mannen met wie ik de vorige dag door de moerassen had gewaad had de eerste pagina volgeschreven met een persoonlijk aan mij gerichte religieuze boodschap. Republikeins en voor een groot deel mormoons: de 'Zeedroom' had voor mij iets beklemmends gekregen. Tijd om in te pakken en verder te trekken. Dat hebben we vandaag gedaan. Ik zit in een van de weinige koloniale huizen in Belize City die de verschrikkelijke orkaan van 1961 overleefd hebben. Het is hier op het eerste gezicht bijzonder rustig. Maar een eerste wandeling toont al dat die rust, net als de paradijselijke harmonie van Sueño, scherpe tegenstellingen verbergt. Meer daarover volgende week. n

De avond na de inauguratie kon ik het niet laten de onuitgesproken regels te overtreden

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234