Vrijdag 20/05/2022

Met mooi zijn alleen zal je er niet komen

Ze ging een boek kopen in de Fnac. Snel even binnen en buiten en hup, het laatste werk van die dag zat erop. En toen werd Pauline Van der Cruysse tussen de rekken gespot door een stylist van Dominique Models. Geen twee jaar later verhuisde de Oostendse naar de East Village in New York City, waar ze de voorbije maanden geposeerd heeft voor Vogue, W en Interview. Met wat geluk treedt ze de komende jaren in de voetsporen van beroemde Belgische topmodellen als Anouck Lepere en Elise Crombez. ‘Als Belgische heb je in de modewereld van New York een streepje voor.’

Vandaag:Na Anouck Lepere en Elise Crombez verovert nu ook Pauline Van der Cruysse (19) de modewereld

Ze staat alleen in de grote inkomhal van het Gentse station Sint-Pieters, maar je haalt ze zo tussen alle andere mensen uit. Niet opvallend, maar wel 1 meter 82 lang. Pakken uitstraling. En kleren die veel mooier zijn dan wat het doorsneemeisje van negentien aan heeft. “Ik ben Pauline”, glimlacht ze vriendelijk, en ze geeft een kus. Nauwelijks een uur eerder die ochtend is ze geland op de luchthaven van Zaventem, na maar liefst twee en een halve maand Manhattan. Daar tekende ze een contract met Marylin, een van de grootste en beroemdste modellenbureaus ter wereld, met kantoren in Parijs en New York. De eerste maand woonde ze daar samen met zeven andere fotomodellen in een tweeslaapkamerappartement aan Union Square, centraal in Manhattan. Daarna verhuisde ze naar een eigen appartement in de East Village, waar ze vanaf eind augustus opnieuw intrekt om de fashion week van New York te lopen. Daarvoor moet ze zichzelf binnenkort op een catwalk zien te werken tijdens de castings, sollicitaties voor fotomodellen, zeg maar. “Ik zou graag de show van Marc Jacobs in New York lopen, in Milaan die van Prada en in Parijs die van Givenchy”, zegt ze. “Marc Jacobs is de show die je in New York moet zien te pakken krijgen. Lukt dat, dan heeft iedereen je gezien.”

Nog geen twintig is Pauline Van der Cruysse, maar ze loopt niet verloren in de miljoenenstad. Haar gids in New York heet Tom Van Dorpe, een Vlaming die als stylist in de modewereld van the big apple werkt. Hij was het die Pauline twee jaar geleden tussen de boekenrekken van de Fnac zag staan. Van Dorpe sprak haar aan, zei dat hij voor Dominique Models werkte en dat Pauline model kon worden voor het Belgische modellenbureau waaruit de voorbije jaren al zoveel toptalent is voortgekomen. “Ik vertrouwde hem wel”, zegt ze. “Omdat ik wist dat Dominique Models een bekend bureau was. Maar toen hij mijn telefoonnummer vroeg, heb ik voor de zekerheid toch maar dat van mijn mama gegeven (lacht).”

Niet veel later kreeg Paulines moeder telefoon. Of haar dochter niet eens kon langskomen om een paar foto’s te nemen. “Ze hebben toen polaroidfoto’s gemaakt”, herinnert ze zich. Niet veel later stond ze op de cover van Le Vif Weekend en daarna verscheen ze in de Nederlandstalige tegenhanger Weekend Knack. Terwijl ze amper in het vijfde middelbaar zat. “Ik heb toen beslist dat ik koste wat het kost mijn middelbareschooldiploma wilde behalen. Ik had geen zin in gedoe met middenjury en zo.”

Pauline concentreerde zich op haar studies, al liep ze hier en daar een modeshow en poseerde ze voor een modeshoot. Zo werkte ze voor de Vlaamse ontwerpsters Annemie Verbeke en Sofie d’Hoore. Vorig jaar ging ze rechten studeren in Brussel. In januari stuurde ze een mailtje naar Tom Van Dorpe, voor wat het waard was. Hij haalde haar naar de fashion week van Parijs, waar ze twee weken testshoots moest doorstaan voor Marylin. Daarna werd ze uitgenodigd in New York. In mei nam ze een vliegtuig richting JFK Airport. “Ik dacht dat het opnieuw voor een paar weken en een paar testshoots zou zijn”, vertelt ze. Van der Cruysse moest echter meteen aan de slag. Ze mocht poseren voor de lens van Mert&Marcus, zowat de hipste modefotograaf van de voorbije vijf jaar, die vaak vergeleken worden met Guy Bourdin en Helmut Newton. “Die shoot heeft heel wat deuren geopend”, vertelt Pauline. In een paar weken tijd stond ze in de Chinese, Duitse, Russische en Turkse Vogue en in andere beroemde modebladen, zoals W, V Magazine en Interview. “Die eerste keer in die Chinese Vogue, dat was een meisjesdroom die uitkwam”, zegt ze. “Daar droomt ieder meisje toch van?”

Wel, niet allemaal. Pauline zelf ook niet, voor ze in de Fnac tegen Tom Van Dorpe liep. “Ik was een heel gewoon meisje”, zegt ze. “Ik zat in de scouts, volgde ballet, ging naar de muziekschool... Ik deed wat alle andere meisjes deden. Nooit ofte nimmer heb ik gedacht dat ik model zou worden. Ik vond mezelf ook niet opvallend mooi. Soms zeiden vriendinnen wel eens: ‘Jij zou fotomodel moeten worden.’ Maar dat zeggen ze tegen iedereen die groot en mager is.” Nu, eens ze model werd, werd ze het ook helemaal. “Van toen af begon ik al die bladen na te pluizen. Van Weekend tot Vogue. Wat heeft welk model gedaan? Welke fotograaf nam de foto’s? Sindsdien was het een droom om in Vogue te staan.”

Sinds Pauline besliste om naar New York te gaan, nam haar leven een bocht van 180 graden. Terwijl ze haar koffers pakte, stopte ze met haar studies rechten. “Ik dacht: deze kans kan ik niet laten schieten. Tegen dat ik ben afgestudeerd, ben ik te oud om nog model te zijn. Terwijl ik wel nog kan studeren als het modellenwerk niets zou worden.” Haar ouders, die in Oostende wonen maar samen een schoonmaakbedrijf in Gent runnen, stemden met haar beslissing in. “Ze vonden dat ik moest doen wat ik het liefste deed”, zegt Pauline. Ze heeft nog één oudere broer en twee zussen, een tweeling, van een jaar jonger. “Zij vinden het geweldig. Ze willen elk blad zien waar ik in sta en ze zijn echt trots.” Toch heeft twee en een halve maand New York haar veranderd. “Ik moest er alleen wonen in zo’n grote stad en alles zelf regelen. Daar word je snel volwassen van. Onlangs skypete ik met al mijn vrienden. Toen merkte ik dat ik veranderd ben, dat ik misschien wat meer volwassen geworden ben dan hen.”

Gelukkig had ze geen vriendje die nog snel op straat gezet moest worden. “Het was het eerste wat ze bij dat bureau in New York vroegen toen ik daar aankwam”, bekent ze. “Toen ze hoorden dat ik niemand had, vonden ze dat een pluspunt. Het zou moeilijk te combineren zijn met wat ik allemaal moest gaan doen.” Met andere woorden: Pauline mag de komende jaren niet verliefd worden. Ze lacht als we haar dat duidelijk maken. “Alleszins niet op iemand uit België”, zegt ze. “Iemand uit New York zou misschien nog lukken.”

Bij de eerste kennismaking beschikte ze, zo bleek al snel, over nog een pluspunt. “Toen ik zei dat ik uit België kwam, gingen de ogen van die mensen meteen open”, zegt ze. “Het is als model een groot pluspunt als je uit ons land komt. De Belgische meisjes hebben ondertussen een uitstekende reputatie opgebouwd. In New York weten ze dat we een rijke cultuur hebben en veel talen spreken. Met alleen maar mooi zijn, zal je er niet komen. Als je een casting doet, dan is je karakter en persoonlijkheid minstens even belangrijk.”

Met andere woorden, als Pauline nu een streepje voor heeft, dan komt dat door meisjes als Anouck Lepere, Elise Crombez, Hannelore Knuts, Delfine Bafort, Kim Peers... Allemaal Vlaamse modellen die het haar hebben voorgedaan in the big apple. “Naar Anouck en Elise kijk ik echt op”, zegt ze. “Zij draaien al jaren mee aan de top. Het is zeer straf om daarin te slagen.”

Ook al is ze amper negentien, ze beseft goed hoe snel het voorbij kan zijn. “Ik zou graag hebben dat het lukt, maar zo niet, dan ga ik weer rechten studeren in België. Ik zou het jammer vinden, maar je kan niet meer doen dan het te proberen en er het beste van te maken. Ik geloof graag dat er voor alles een reden is. Als ik naast een show grijp, dan zal dat wel een oorzaak hebben. En misschien lukt het de volgende keer wel. Vaak hangt de keuze van de meisjes ook van trends af. Tot voor kort moesten ze vooral edgy types hebben, zoals Hannelore Knuts. Sinds de crisis willen ze weer eenvoudige meisjes. Zo relatief is het allemaal. En je moet het ook alleen maar doen als je het graag doet. Anders hou je het geen twee jaar vol, denk ik.”

Toch denkt Pauline dat het wel goed komt met haar. “Ze pikken me er snel uit op castings, omdat ik er niet uitzie als een doorsneemodel, met mijn donker haar en donkere wenkbrauwen. Mijn booking agent gelooft ook echt in mij en pusht me bij klanten. Dat helpt.” Ze kent ondertussen ook een paar trucs om niet meteen aan de kant geschoven te worden. “Je mag nooit klagen en je moet altijd vriendelijk zijn, want je weet nooit wie tegenover jou staat. Het is niet leuk als je lang moet wachten en duizend keer opnieuw make-up aan en af moet, maar als je uiteindelijk de foto’s ziet, dan weet je weer waarom je het doet.”

Morgen: The American dream van Lenny Crabbe

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234