Maandag 06/12/2021

Focus

Met de stenen gaat het goed, met de mensen een stuk minder

Een groepje jongeren doodt de tijd in La Courneuve, een Parijse voorstad waar in 2005 stevig slag werd geleverd tijdens drie weken van rellen. De branden zijn allang geblust, de onvrede niet. Beeld © steven wassenaar
Een groepje jongeren doodt de tijd in La Courneuve, een Parijse voorstad waar in 2005 stevig slag werd geleverd tijdens drie weken van rellen. De branden zijn allang geblust, de onvrede niet.Beeld © steven wassenaar

Vandaag is het tien jaar geleden dat de Franse banlieues wereldnieuws werden. President Hollande bezocht vorige week een buitenwijk van Parijs, maar meed de inwoners. 'We worden aan ons lot overgelaten!'

"Hoe vaak heb jij in de gevangenis gezeten?", vraagt Piou (27). "Tien keer!", antwoordt Bectos (31). "Haha, ik vijftien keer!", zegt Piou. Hij haalt een mes uit zijn zak. "Zo leven we hier. Ik heb nog nooit gewerkt. Ik leef van de straat."

De mannen staan te wachten op president François Hollande. Tien jaar na de banlieuerellen van 2005 brengt de Franse president een bezoek aan La Courneuve, een voorstad van Parijs waar destijds flink gevochten is. "Ik heb toen ook meegedaan", zegt Bectos. "Alles in brand gestoken, auto's, een school, een bibliotheek. Omdat ze ons links lieten liggen."

Op 27 oktober 2005 vluchtten Zyed (17) en Bouna (15) voor de politie, in Clichy-sous-Bois. Ze hadden niets gedaan, maar vertoonden de reflex van veel banlieuejongeren. Politie, ellende, rennen! Ze verstopten zich in een elektriciteitscabine waar ze geëlektrocuteerd werden. Die avond braken heftige rellen uit die een paar dagen later oversloegen naar andere voorsteden. De banlieue leek een oorlogszone, beelden van brandende auto's gingen de wereld rond. Frankrijk raakte in paniek en riep de noodtoestand uit. Pas op 17 november verklaarde de politie dat de situatie weer normaal was. In de tussentijd waren drie doden gevallen en meer dan negenduizend auto's in brand gestoken.

null Beeld RV
Beeld RV

Onder armoedegrens

Hoe gaat het sindsdien met de banlieues? Niet al te best, zegt socioloog Didier Lapeyronnie van de Sorbonne. Een positief punt is de stadsvernieuwing: overal in de voorsteden zijn naargeestige torens gesloopt om plaats te maken voor kleinere complexen in frisse kleuren. Sinds 2003 is er 44 miljard euro geïnvesteerd. Met de stenen gaat het goed, met de mensen een stuk minder.

Door de economische crisis van 2008 zijn armoede en werkloosheid toegenomen. Inmiddels leeft de helft van de kinderen in de banlieues onder de armoedegrens. Ook andere problemen zijn gebleven: de drugshandel, het geweld. Anders dan veel mensen denken, zijn de banlieues geen Kaboel of Bagdad. Zeker overdag kun je er rustig rondlopen. Maar onder het kalme oppervlak broeit altijd het geweld. Vorige week nog werd een delegatie Nederlandse ambtenaren overvallen in Saint-Denis. Het is klein bier voor de banlieues: onlangs nog werd een 16-jarige jongen uit Aubervilliers gelyncht door een groep van dertig jongens uit La Courneuve.

Bovendien: sinds 2005 is de islam veel sterker geworden. Daardoor is niet alleen de sociaal-economische, maar ook de culturele kloof tussen de voorsteden en de rest van de Franse samenleving gegroeid.

Achterstandswijken heb je overal in Europa, maar nergens is de afstand tussen achterblijvers en hoofdstroom zo groot als in Frankrijk, zegt Lapeyronnie: "We gaan naar de Fransen, zeggen veel mensen uit de banlieues als ze naar het centrum van de stad gaan. Ook al hebben ze zelf de Franse nationaliteit." De kloof is geografisch: in Parijs heeft de bourgeoisie zich achter de virtuele stadsmuur van de boulevard périphérique verschanst tegen de barbaren uit de voorsteden. Maar ook politiek. "In Frankrijk loopt heel veel via de staat: de politie, de school, de publieke dienstverlening. De mensen in de banlieues hebben geen enkele invloed op de staat. Daarom beschouwen ze staatsinstellingen vaak als vertegenwoordigers van een koloniale macht. Bij rellen worden vaak scholen en bibliotheken aangevallen, omdat het symbolen van de staat zijn", zegt Lapeyronnie.

Afstand, dat is ook wat je proeft als president Hollande La Courneuve bezoekt. Bij een winkelcentrum staan honderden mensen op de president te wachten. Hoog boven de winkels torent een enorme flat uit, een verticale sloppenwijk van vijftien etages, met mottige blauwe gevelplaten, schotelantennes en met huisraad volgestouwde balkons.

Dan verschijnt eindelijk de president van de republiek. Hij stapt uit zijn grijze DS5, schudt een paar handen en verdwijnt razendsnel naar binnen, uitgejouwd door een groot deel van het publiek. Een gesprek tussen de president en boze buurtbewoners zit er niet in.

"Ik heb het gevoel dat ik niet besta", zegt Momo (36), een werkloze ex-militair. "Geld maakt gelukkig in deze maatschappij, maar wij hebben niets. En we worden genegeerd, aan ons lot overgelaten. De president weigert met ons in discussie te gaan."

Tegenover hem staat een kordon van de oproerpolitie. Agenten zetten hun helm op, doen hun vizier naar beneden, geven geen krimp, als robocops, ongenaakbare symbolen van een staatsmacht die de verworpenen van de consumptiemaatschappij op veilige afstand houdt.

null Beeld RV
Beeld RV

Cohesie verdwijnt

De banlieues verrezen tussen 1950 en 1970 om de gewone man 'een deel van de hemel' te geven. Moderne, lichte flats met centrale verwarming en stromend water, getekend door navolgers van Le Corbusier. La Courneuve maakte destijds deel uit van de 'rode ring' rond Parijs, steden die veelal bestuurd werden door communistische burgemeesters. De sociale cohesie was sterk: inwoners identificeerden zich met de fabriek, de partij, de arbeidersbeweging. Het is allemaal verdwenen. La Courneuve is een verdrietige, gefragmenteerde stad geworden, van immigranten uit honderd verschillende landen die vaak de grootste moeite hebben hun weg te vinden in een postindustriële samenleving die weinig werk genereert en hoge eisen stelt.

De leegte wordt steeds meer gevuld door de islam, zegt Lapeyronnie. Religie biedt identiteit en houvast in een harde, verwarrende en vaak als vijandig ervaren wereld. Sinds de aanslagen op Charlie Hebdo in januari wordt de banlieue als een broeinest van terrorisme gezien. Dat is niet helemaal terecht. Jihadisten komen uit alle milieus. Zo bleek een autochtone jongen uit een dorpje in Normandië, Maxime Hauchard, opeens als beul voor Islamitische Staat op te treden. Maar terroristen als Mohammed Merah en Amedy Coulibaly waren wel producten van de banlieue: draaideurcriminelen die zich tot een gewelddadige variant van de islam bekeerden.

null Beeld RV
Beeld RV

'Uw rok is te kort'

De islam kan ook een verstikkende religieuze druk opleggen. "Het gebeurt steeds vaker dat vrouwen op straat worden beledigd of bespuwd door fundamentalistische moslims. Je krijgt te horen: waarom draagt u geen hoofddoek? Of: mevrouw, uw rok is te kort", zegt Nadia Ould-Kaci van de actiegroep Femmes sans voile (vrouwen zonder hoofddoek) uit Aubervilliers.

"Een vrouw stapte in een bus en raakte per ongeluk de arm van een moslim die net uit de moskee kwam. Daardoor was zijn rituele wassing niet meer geldig. De man ging enorm tekeer. Het einde van het liedje: de hele bus riep 'Allah akbar' en de vrouw kon uitstappen", zegt haar medestandster Nadia Benmissi.

Zo doen er veel verhalen de ronde. De omvang van het verschijnsel is echter moeilijk in te schatten. Cijfers zijn niet voorhanden. En La Courneuve is allerminst een grote shariadriehoek: overal zie je vrouwen en meisjes zonder hoofddoek. "Ik woon naast een moskee, maar ik heb nog nooit een opmerking gekregen", zegt Nacima Abdelli (42), een elegante, modieus geklede Algerijnse die voor een halalslagerij met de buren een babbeltje slaat.

Toch is iedereen het over één ding eens: de islam is een dynamische kracht in de banlieue. Onder sommige jongeren is het cool om een hoofddoek of een pluisbaard te dragen, niet zelden tot leedwezen van hun ouders, die veel minder streng in de leer zijn. "Het lijkt een beetje op de Black is beautiful-beweging van Amerikaanse zwarten in de jaren zestig", zegt Lapeyronnie. "Maar het verschil is dat de zwarten zich nog altijd als Amerikaan beschouwden. De fundamentalistische islam gaat vaak gepaard met een sterk gevoel van vijandigheid tegen de Franse samenleving. Het is een soort afscheiding van de republiek."

'Mijnheer de president, waar blijft u?', vragen deze inwoners van La Courneuve zich af. Hollande bracht de voorstad een bezoek, maar ze kregen hem niet te zien. In de achtergrond rijst Mail de Fontenay op, een van de vele woonblokken waarmee banlieues volgeplant staan. Beeld © steven wassenaar
'Mijnheer de president, waar blijft u?', vragen deze inwoners van La Courneuve zich af. Hollande bracht de voorstad een bezoek, maar ze kregen hem niet te zien. In de achtergrond rijst Mail de Fontenay op, een van de vele woonblokken waarmee banlieues volgeplant staan.Beeld © steven wassenaar

Hoofddoek op schoolreis

In januari werd deze kloof pijnlijk duidelijk. Op ongeveer tweehonderd scholen verstoorden moslimleerlingen de herdenking van de slachtoffers van de aanslag op Charlie Hebdo. Frankrijk was geschokt en politici reageerden met harde woorden. Desnoods moesten moslims maar gedwongen worden de waarden van de republiek te onderschrijven. De Marseillaise moest vaker op school gezongen worden! Moeders met hoofddoeken mochten vooral niet meer mee op schoolreisjes. Oppositieleider Sarkozy wilde de hoofddoek op de universiteit verbieden.

Ook Lapeyronnie vindt dat Frankrijk moet vasthouden aan zijn seculiere waarden, zoals het recht om een karikatuur van Mohammed te maken. Tegelijkertijd waarschuwt hij voor een ongenuanceerde anti-islamkoers die de afstand tussen banlieues en de rest van de samenleving alleen maar zal vergroten.

Volgens de republikeinse ideologie is elke Fransman gelijk, ongeacht zijn afkomst, religie of huidskleur. De praktijk is heel anders. De werkloosheid in de voorsteden is enorm, nergens in de westerse wereld doen kinderen uit achterstandsmilieus het zo slecht op school. Die spanning tussen ideologie en werkelijkheid is gevaarlijk, vindt ook Lapeyronnie. Moslims zien het voortdurende hameren op republikeinse en seculiere waarden al snel als een antireligieuze aanval van een samenleving die voorts niets voor ze doet.

Voor het café Le Petit Normand in La Courneuve staan Yousfi (37) en Djamel (40) koffie te drinken. "Sinds Charlie Hebdo worden we met de nek aangekeken", zegt Djamel, afgekeurd elektricien. "De ochtend na de aanslagen merkten we het verschil al. Als ik naar Parijs ga, word ik soms wel drie keer gecontroleerd door de politie. Ze zeggen: ga toch terug naar waar je thuis hoort, de banlieue! We blijven altijd Arabieren. Ik voel me ook geen Fransman. Ik woon op twaalf vierkante meter, met twee kinderen."

Yousfi, beveiligingsbeambte op zoek naar werk: "Hoe moeten wij ons Fransen voelen? Liberté, Egalité, Fraternité. Maar waar is de Egalité?"

null Beeld RV
Beeld RV

De vlam kan zomaar opnieuw in de pan slaan

Exact tien jaar geleden, op 27 oktober 2005, werden twee jongens op de loop voor agenten geëlektrocuteerd in een elektriciteitscabine in het Parijse voorstadje Clichy-sous-Bois. Het was het startsein voor een golf aan rellen en geweld in de Franse buitenwijken met flats, de banlieues, waar veel immigranten wonen. Het duurde drie weken; er vielen drie doden en talloze gewonden. Duizenden auto's werden in brand gestoken.

Het lijkt de laatste jaren iets rustiger in de banlieues. Een nationale geweldgolf, zoals in 2005, heeft zich niet meer herhaald. Toch hebben zich plaatselijk veel ernstige rellen voorgedaan, zoals in Villiers-la-Bel (2007), Grenoble (2010) of Amiens (2012). Volgens veel mensen in de banlieue kan de vlam elk moment weer in de pan slaan. De socioloog Didier Lapeyronnie heeft echter de indruk dat de kans op rellen kleiner is geworden. Door de toegenomen armoede zijn de mensen in de banlieues apathischer geworden, oppert hij.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234