Dinsdag 12/11/2019

Merci, Raymond, merci

Een goudgerand, fijn anarchistisch man, met een encyclopedische kennis van muziek. Aldus omschrijven Jan De Smet, Luc Janssen en Patrick Riguelle hun vriend Raymond Stroobant. 'Kennis delen, passie delen: dat is belangrijk', zegt de Radio 1-muziekvormgever op de rand van het pensioen. Lander Deweer

Dit verhaal speelt zich af in de enige ruimte waar het zich kan afspelen. Een radiostudio aan de Reyerslaan. Vanonder een ravenzwarte koptelefoon zegt Ronald Verhaegen, presentator van het Radio 1-programma Sonar: "Zo Raymond, dit is jouw laatste week hier, en we zijn bij de vijf laatste nummers van je countdown richting pensioen aangekomen. Champagne."

Raymond Stroobant - een licht gehaakte neus en grijze stoppelbaard priemen net boven de microfoon uit - lacht. Slikt. Start een vertelling. Over zijn voorliefde voor platen die op het einde van het leven van een artiest zijn opgenomen, over een citaat van Raymond van het Groenewoud dat hij altijd in gedachten heeft gehouden, en over het verschrikkelijk mooie liedje 'Keep Me in Your Heart' van Warren Zevon. "Dat nummer is ook gebruikt in de allerlaatste aflevering van House M.D.", zegt Stroobant. "Als om te zeggen: ik ben hier nu weg, maar vergeet mij niet."

Dat die boodschap niet per se op zichzelf toegepast moet worden, voegt Stroobant er snel aan toe. Maar dat hij toch een beetje melancholisch wordt door erover te praten, nu op dit moment. "Raymond, je hebt ons allemaal beïnvloed", antwoordt Verhaegen dierbaar. "Met je enthousiasme, met je smaak, met je kennis. Dat is jouw erfenis. Bedankt, Raymond. Maar nog een vraagje: je laat hier straks ook heel wat cd's achter. Wat ga je daarmee doen?"

'Shadows are falling and I'm running out of breath

Keep me in your heart for a while

If I leave you it doesn't mean I love you any less

Keep me in your heart for a while'

(uit: 'Keep Me in Your Heart', Warren Zevon)

Erbuiten ligt 's mans naambekendheid nog steeds braak, maar in radioland is Raymond Stroobant niets minder dan een monument. Helden. Classics. 100 op 1. Pilipili. Blue Bayou. O Draaibaar België. Fel gewaardeerde programma's die stuk voor stuk in Stroobants koker ontsproten zijn. En, vooral, door hemzelf met liedjes ingekleurd. Het muzikale geheugen van Radio 1, noemt men Stroobant wel eens. Na 25 jaar zwaait de producer annex muzieksamensteller nu noodgedwongen af. Noodgedwongen, maar mooi: met een warme rubriek in Sonar, een finale editie van zijn 100 op 1, en een laudatio door collega's die intussen vrienden zijn.

Jan De Smet, bijvoorbeeld. Zegt het gezicht van De Nieuwe Snaar:

"Raymonds ongebreidelde kennis en voeling met de 'mooiste muziek ter wereld' werd soms jammer genoeg wegens die ergerlijke profileringsdrangweggestopt op onmogelijke uren, maar toch wist de ware muziekfanaat steeds de weg te vinden naar zijn - nu al - legendarische programma's. Als elke mens die sterft een museum is dat verdwijnt, dan laat ook het pensioen van Raymond een holle leegte achter in de archieven van de radio. Merci, Raymond."

Stroobant zwijgt even, zucht zachtjes, en zegt dan: "Amai, ik ben echt wel ontroerd moet ik zeggen. Wat een compliment."

En, enkele tellen later: "Tja, hoe gaat dat...Ik ben ben opgegroeid in de jaren zestig. Mijn vader zat in de fanfare, ik heb zelf ook nog bugel gespeeld trouwens, en luisterde thuis vooral naar fanfaremuziek, schlagers of Tirolerzangers. Maar plots, in 1963, hoorde ik in een baancafé uit de jukebox The Beatles schallen, 'Please Please Me' geloof ik. Op dat moment ging er een hele wereld voor me open, ik wist niet wat ik hoorde. Ik wou absoluut meer van die muziek horen, maar het grote probleem was dat je die nergens vond. De toenmalige BRTN draaide geen popmuziek, en thuis mocht ik er al zeker niet naar luisteren.

"Gelukkig heb ik na lang aandringen toch een kleine transistorradio gekregen, waarmee ik op de middengolf en de lange golf naar popmuziek kon zoeken. Radio Luxembourg bijvoorbeeld, met vooral Franse chansons als Jacques Dutronc en Serge Gainsbourg of de yéyé-artiesten. Maar ook van piratenzenders als Radio Caroline en Radio London was ik een geweldige fan. Die draaiden de volledige Sgt. Peppers toen ie net uitkwam!

"Met wat vrienden die ook door de microbe gebeten waren, troefden we elkaar op de speelplaats af. ''Substitute' van The Who, heb je dat nog niet gehoord? Allee jong, zo geweldig', en dat soort dingen. We maakten ook elke dag een nieuwe hitlijst, lazen alle kleine lettertjes op onze platenhoezen en bouwden op die manier een zekere kennis op. Zelf platen kopen, was op dat moment nog te duur, maar gelukkig had ik vrienden die wel geld voor platen hadden.

"Na mijn transistorradio heb ik aan mijn ouders een bandopnemer gevraagd, zogezegd om mijn uitspraak Frans te oefenen. Het perfecte excuus, want als het voor school was kreeg ik thuis alles gedaan. Met die bandopnemer begon ik alle platen van mijn vrienden op te nemen, te knippen en te plakken. Op den duur had ik een stapel van zeker anderhalve meter hoog.

"Later heb ik dan ook veel literatuur over muziek opgezocht. In de platenwinkels in Brussel lagen altijd wel een paar rocktijdschriften, en ik heb in die periode tientallen biografieën gelezen. Van Lou Reed tot Ray Davies. En ik onthou dat blijkbaar allemaal heel gemakkelijk, al gaan de schuifjes van mijn geheugen nu toch steeds langzamer open.

"Oorkleppen heb ik nooit gehad. Ik ben altijd heel ontvankelijk geweest voor alles dat op mij afkwam. Als ik goeie covers hoorde, ben ik altijd op zoek gegaan naar het origineel. Nu is dat gemakkelijk, met YouTube of iTunes, maar destijds was dat veel moeilijker. Ik heb als jonge gast dikwijls in een platenzaak naar plaatjes zitten luisteren, zonder ze ook echt te kopen. Via verschillende culturele instromen ben ik zo mijn muzikale kennis blijven verbreden. Dankzij de fantastische film Ascenseur pour l'échafaud heb ik bijvoorbeeld de jazz van Miles Davis ontdekt.

"Ik heb geen echte idolen, want iemand aanbidden betekent dat je ook je kritisch bewustzijn uitschakelt.Ik ben altijd heel kritisch gebleven, zelfs voor mijn grootste helden. Met Bruce Springsteen heb ik bijvoorbeeld een tijdje gedweept, maar op een zeker ogenblik is die liefde toch serieus getemperd."

Tijd voor het tweede luik van deze lofrede. Tijd voor een boodschap van Luc Janssen:

"Ik heb Raymond pas in 2007 leren kennen, en meteen was duidelijk dat hij een ongekende passie voor muziek heeft. De liefhebber die van zijn hobby zijn beroep maakt. Dat doet hij nog steeds met dezelfde passie en vakkennis, iets wat in de moderne radiomakerij soms dreigt verloren te gaan. Raymond is een topgast en collega die niets onder de 'norm' zal maken, en met diezelfde zorgvuldigheid gaat hij ook met zijn gasten om. Onderweg heb ik ondervonden dat Raymond ook heerlijk principieel kan zijn in zijn keuzes, een fijn anarchist, wat je hem niet zou nageven."

Stroobant: "Het is een cliché, maar ik heb echt van mijn hobby mijn beroep kunnen maken. Op mijn dertiende maakte ik mijn eigen radioprogramma's thuis, en ik ben er enorm dankbaar voor dat ik dat tot nu toe altijd heb mogen blijven doen. En bovendien heb ik ook steeds in de luwte mogen werken, een heel comfortabele positie. Als luisteraars kritiek hadden, ving de presentator dat altijd op.

"Al heb ik zelf ook genoeg op tafel geklopt, vandaar allicht het anarchistische kantje waar Luc het over heeft. Ik heb een hekel aan wat ik de 'opgelegde nummers' noem. Ik vind dat je de luisteraar als een volwassene moet behandelen, en hem ook met minder bekende dingen vertrouwd moet maken. Buiten de lijntjes kleuren, een buitenbeentje draaien. Dat werkt ook, heb ik heel dikwijls ondervonden. Ik ben geen missionaris, maar ik heb wel altijd de muziek willen doorgeven die ik zelf goed vond. Kennis delen, passie delen: dat is belangrijk.

"Voor de buitenwereld ben ik heel kritisch, maar voor mezelf al even hard. Soms sliep ik na een uitzending een hele nacht niet, omdat er een slechte enchainement (het aan elkaar koppelen van twee nummers, red.) in mijn programma was geslopen of omdat er door een vergissing een verkeerd nummer werd opgelegd. Daar kon ik echt enorm over kankeren.

"Maar radio maken blijft nu eenmaal des mensen, natuurlijk. Gelukkig heeft de techniek het nog niet allemaal overgenomen. Oké, er zijn nu computergestuurde playlists, maar ik ben nu weer ook niet zo reactionair dat ik alles wat modern is slecht vind. Ik zie mij hier nog sleuren met mijn bakken vol singles en elpees, zorgvuldig geselecteerd uit mijn platencollectie. Technisch is mijn job nu dus een stuk eenvoudiger. Alles is ook sneller en snediger geworden, wat ik eigenlijk vooral een pluspunt vind.

"Mocht ik nu sommige programma's van vroeger opnieuw beluisteren, ik zou allicht ook schrikken hoe traag het eraan toeging. Al vind ik het wel zonde dat men tegenwoordig tijdens intro's zo vaak door blijft praten. Ik durf het soms weleens op mijn playlist zetten: van deze intro blijf je maar beter af.

"En wat Luc zegt over respect voor de gasten: dat is essentieel, vind ik. Ik stond er bijvoorbeeld op dat een gast niet uit een beker moest drinken, maar dat hij een glas kreeg. Meestal bracht ik zelf een fles wijn mee, als ik wist dat de gasten graag een glaasje lusten. Je moet je gasten respecteren, vind ik, die komen hier ook maar om je een dienst te bewijzen.

"Kijk, ik ben hier eigenlijk met een gelukje terechtgekomen. Aan de VUB heb ik eerst Germaanse filologie gestudeerd, waarna ik zestien jaar als leraar Nederlands-Engels heb gewerkt. Tot ik op een zeker moment voelde dat ik met mijn leerlingen niet meer de nodige creativiteit aan de dag kon leggen. Ik had toen ook net meegedaan aan Neem je tijd, een radioprogramma op de openbare omroep. Daarin werd aan de luisteraars gevraagd welke tien platen ze zouden meenemen naar een onbewoond eiland. Ik had een totaal ander lijstje gemaakt, met tien liedjes en de jeugdherinneringen die ze bij mij opriepen. 'Hello, I Love You' bijvoorbeeld van The Doors, dat we vroeger altijd zongen als we in de zomer naar het openluchtzwembad van Zaventem reden en onderweg de meisjes van het dorp tegenkwamen.

"Soit, op een dag was er blijkbaar een gebrek aan studiogasten en dan heeft men mij maar uitgenodigd om dat lijstje te komen voorstellen. Ik ben daar aan de praat geraakt met Frans Ieven, de latere grote baas van de radio, en toen hij een jaar later een nieuwe invulling zocht voor de zomerprogrammering heeft Frans mij opnieuw uitgenodigd om een eigen idee uit te werken. Niet veel later had ik het het geluk dat er een plaatsje vrijkwam als samensteller bij een oldies-programma, helemaal spek naar mijn bek. Zo is de bal stilaan aan het rollen gegaan. Maar het was dus wel een toevalstreffer. Voor hetzelfde geld stond ik nu nog altijd in het onderwijs."

Het sluitstuk van dit triptiek vol dank komt van muzikant Patrick Riguelle:

"Ik heb Raymond leren kennen toen ik zelf als manusje-van-alles op de VRT werkte. Toen bleek dat we allebei fan waren van de oude roots-dub-reggae van de jaren zeventig zijn we snel vrienden geworden. Raymond was mijn rots in de branding. Wat je ook wou weten van muziek, je kon altijd bij Raymond terecht. Raymond is niet alleen een enorme muziekfreak, hij is ook een geweldige gast die enkel uit goedheid bestaat. Ik zou hem dan ook willen vragen om aan zijn pensioen te verzaken, en samen met mij een dj-project voor oudere jongeren te beginnen. Dat zou ik geweldig vinden."

Stroobant: "Dj'en doe ik normaal nooit, het blijft toch een stiel apart. Maar als Patrick dat wil... Ja, waarom niet eigenlijk. Ik heb genoeg platen om het plezierig te maken."

Gretig vertelt Stroobant voort. Ideeën voor nieuwe radioprogramma's vliegen voorbij, haast even ongrijpbaar als het verloop der tijd. "Tja", zegt hij. "Ik mag mij eigenlijk gelukkig prijzen dat ik wegga op een moment dat ik nog altijd goesting heb. Ik heb genoeg collega's gezien die echt aan het aftellen waren naar hun pensioen. Maar ik doe dit nog altijd heel graag, en ik weet nu al dat ik mijn collega's zal blijven bestoken met nieuwe ideeën."

Evert Venema, jarenlang aan dezelfde bureau als Stroobant gekluisterd, tot slot:

"Muzieksamenstellers blijven gewoonlijk op de achtergrond. Het zegt veel dat Vlaamse iconen (we beschermen het vertrouwelijk karakter van hun correspondentie) in mails aan ons hun droefheid over het verdwijnen van Raymond Stroobant uitschreeuwen. Wij schreeuwen mee. Maar wensen hem tegelijkertijd een fantastisch leven buiten de VRT, vrij van de stress die al het hooi op zijn zelf volgeladen vork hem bezorgde. We dragen hem mee als ons geweten."

In Sonar bespreekt Raymond Stroobant volgende week nog elke dag zijn favoriete platen. 100 op 1, een van Stroobants geesteskinderen, is op zaterdag 1 december te horen op Radio 1.

Raymond Stroobant in drie snelle vragen

In welk liedje zou u, al was het maar voor drie minuten, graag eens rondwandelen?

Stroobant: "Ik zou heel graag eens in de huid gekropen zijn van de ik-figuur uit het liedje 'Puis-je?' van Kevin Ayers. Een mooi meisje zien zitten op een zonovergoten terrasje ergens in Parijs met een musettedeuntje op de achtergrond, aan haar tafel gaan staan en vragen: 'Puis-je m'asseoir auprès de toi pour te regarder? J'aimerais la compagnie de ton soleil'. Dat vind ik zo poëtisch. Ik zou het nooit gedurfd hebben. 'Encore un beau sourire et après je peux partir.' Meer moet dat soms niet zijn om een mens gelukkig te maken. Onderschatte figuur, die Kevin Ayers!"

Met welke artiest zou u graag eens een nacht aan de toog hangen?

"Ik ben nog nooit in New Orleans geweest. De ideale gids om die stad te verkennen en van jazz- naar blueskroeg te zwalpen en intussen ook nog bedwelmd te raken door een vleugje voodoo is Dr. John. Wanneer nodigt hij mij eens uit?"

Welke plaat hebt u met het meeste plezier op de luisteraars van Radio 1 losgelaten?

"Zowat alles van Jimi Hendrix en ook 'Loan me a Dime' van Boz Scaggs met de fantastische Duane Allman op gitaar heb ik altijd met veel plezier geprogrammeerd. Een song van meer dan 12 minuten. En ik drong er bij de presentatoren op aan dat ze hem draaiden 'tot het gaatje'. In deze tijden waar alles heel snel moet gaan, is dat bijna een daad van burgerlijke ongehoorzaamheid."

'Ik ben altijd heel

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234