Zondag 08/12/2019

Mensenrechteneducatie moet verder gaan

Dag van de Mensenrechten

Morgen 10 december is Dag van de Mensenrechten. Wim Taelman pleit voor een verdergaande mensenrechteneducatie. Want pas als iedereen precies weet waar het om gaat, kan er een wereldwijde mensenrechtencultuur ontstaan.

Durven we met de hand op het hart te zeggen dat de burgers van dit land, van jong tot oud en in alle lagen van de bevolking, vertrouwd zijn met het begrip mensenrechten? Dat de onderliggende waarden de hunne zijn? Dat ze in staat zijn om voor hun rechten en die van anderen op te komen? Opiniepeilingen allerhande bij volwassenen en recente studies over waardenbeleving bij jongeren tonen aan dat er hier ook bij ons nog veel werk aan de winkel is.

Dat ook op internationaal vlak niet alles koek en ei is, weten we intussen wel. Op het einde van deze 20ste eeuw lijkt onze samenleving van de ene mensenrechtencrisis in de andere te vallen: Rwanda, Bosnië-Herzegovina, Kosovo, Oost-Timor, Burundi De menselijke en materiële kostprijs is telkens onnoemelijk hoog. De 'brandblusoperaties' van de internationale gemeenschap kosten handenvol geld en hebben slechts een beperkte impact. Er moet dus meer gebeuren. Mensenrechteneducatie kan alvast een belangrijke bijdrage leveren bij de preventie van mensenrechtenschendingen, het voorkomen van conflicten en het handhaven van de vrede.

Als vervolg op de grote Mensenrechtenconferentie van de Verenigde Naties in 1993 in Wenen, riepen de VN in 1995 het Decennium voor Mensenrechteneducatie uit voor de periode 1995-2004, met een aantal concrete doelstellingen. Zo vragen de VN de formulering van effectieve leerstrategieën voor mensenrechteneducatie op alle schoolniveaus, beroepsopleidingen en informele vormen van educatie. Ook streven ze naar de opbouw van programma's en expertise op het vlak van de mensenrechteneducatie op nationaal en lokaal niveau. Materialen moeten dan weer op een gecoördineerde manier worden ontwikkeld. Verder vragen de VN de versterking van de rol en de mogelijkheden van de media in relatie tot mensenrechteneducatie. En de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) moet in zoveel mogelijk talen en in aangepaste vormen beschikbaar zijn, ook voor ongeletterden en gehandicapten.

In het domein van de mensenrechteneducatie heeft de staat dus een opdracht te vervullen. Volgens de teksten van het VN-Decennium moet de overheid niet enkel een actieve rol vervullen in de ontwikkeling van een nationaal plan voor mensenrechteneducatie en in de opname van mensenrechten in hun onderwijs. Ook het voeren van campagnes rond mensenrechten, het ter beschikking stellen van informatie en vorming en de ondersteuning van vrijwilligersinitiatieven en -organisaties in dit domein is hun verantwoordelijkheid. Maar het onderwijs mag ook niet de enige doelgroep zijn als het op mensenrechteneducatie aankomt: ook de informele sector in het algemeen en welbepaalde doelgroepen (zoals armen, kinderen, bejaarden, vluchtelingen, minderheidsgroepen en aidslijders) moeten hierbij aandacht krijgen. En uiteraard ook allen wier beroep verband houdt met mensenrechten: politie, rechters, leerkrachten, ontwikkelingswerkers, militairen

Mensenrechteneducatie mag zich daarbij niet beperken tot het louter geven van informatie. Ook het verwerven van vaardigheden en attitudes moet aan bod komen. Het uiteindelijke doel is een wereldwijde cultuur van mensenrechten. Een cultuur van begrip, tolerantie, gelijkheid voor man en vrouw, vriendschap onder alle landen en volkeren. Een cultuur waarin mensen in staat zijn om effectief voor hun rechten en voor die van anderen op te komen.

Mensenrechteneducatie moet ook het hele spectrum van mensenrechten omvatten dat vervat zit in de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens en in alle andere internationaal aanvaarde mensenrechtennormen. Dat betekent dus meer dan enkel de burgerlijke en politieke rechten. De universaliteit van de mensenrechten, hun ondeelbaarheid en onderlinge afhankelijkheid zijn daarbij van fundamenteel belang. Mensenrechteneducatie heeft daarenboven enkel betekenis als de structuren en methodes van onderwijs en vorming aangepast zijn aan de waarden en normen ervan. Niet alleen moeten hierbij inspraak en waarden zoals gelijkheid voor man en vrouw, tolerantie en internationale solidariteit geïntegreerd zijn in de structuren en in de houding van de verantwoordelijken, de verstrekte vorming moet ook participatief zijn.

In haar brief van 4 september 1998 aan onze eerste minister - hetzelfde schrijven ging overigens uit naar álle regeringsleiders - vroeg Mary Robinson, de VN-Hoge Commissaris voor de Mensenrechten, om in ons land het VN-Decennium voor de Mensenrechteneducatie in de praktijk om te zetten. Daarbij bezorgden de VN gedetailleerde richtlijnen over het opzetten van een nationale werkgroep, het uitvoeren van een grondige inventaris, het vastleggen van prioriteiten en doelgroepen, het uitwerken van een nationaal actieplan en de uitvoering ervan. Onze overheden zijn echter nog niet in actie gekomen, zodat ons land niet vermeld staat in het VN-document dat een overzicht geeft van de stand van zaken bij de implementatie van het Decennium voor Mensenrechteneducatie in de lidstaten.

Niet dat we beweren dat ons land of de Vlaamse Gemeenschap het totaal laat afweten qua mensenrechteneducatie. Dat zou onterecht zijn. In de ontwikkelingsdoelen en eindtermen die de laatste jaren in het onderwijs zijn vastgelegd, of momenteel nog in bespreking zijn, gaat aandacht naar mensenrechten. Bij de opleiding van politie en rijkswacht staan mensenrechtennormen eveneens op het programma. Ook aan de universiteiten zijn er diverse mogelijkheden om met mensenrechten kennis te maken. Het is dus niet dat er niets is, maar er zijn toch kanttekeningen bij te plaatsen. En als er een inventaris wordt gemaakt, zoals omschreven in het kader van de VN-richtlijnen bij het Decennium, zullen er nog veel leemtes blijken te zijn.

Willen ons land en zijn gemeenschappen dus op een geloofwaardige manier de rol blijven spelen van goede leerling in de mensenrechtenklas, dan wordt het dringend tijd dat zij hun opdracht in het kader van het VN-Decennium voor Mensenrechteneducatie volop ter harte nemen. Laten we hopen dat naar aanleiding van deze 10de december - de dag waarop de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens haar 51ste verjaardag viert - de start wordt gegeven van een poging om de opgelopen achterstand in te halen.

'Wil België een goede leerling blijven in de internationale mensenrechtenklas, dan moet het zijn opdracht nú ter harte nemen'Wim Taelman is coördinator mensenrechteneducatie bij Amnesty International Vlaanderen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234