Zondag 22/09/2019

'Mensen voelen dat het geluk elders ligt dan waar economen denken'

In dit razendsnelle tijdperk zoekt de moderne stedeling naar rust, evenwicht en oprechtheid. Waar niemand bij stilstaat, is dat je op dat vlak, zelfs als doorgewinterde atheïst, wat kunt opsteken uit het monastieke leven. Wij gingen lessen sprokkelen in Leuven, bij pater Dirk (54).

Nee, ik werd bij mijn roeping niet zoals Paulus van zijn paard geflikkerd. Daarin moet ik u teleurstellen", lacht prior Dirk Hanssens terwijl we door de abdijtuin wandelen. Naast zijn zwarte habijt bengelt een sigaret tussen de vingers, zijn dagelijkse zonde. Hij wijst naar een raam van de abdij. "Daar is mijn kantoor. Ik werk er dagelijks, zonder muziek. Ik hou van de stilte. Maar veel mensen snakken naar rust. De stilteretraites in kloosters zijn opnieuw populair."

Abdij Keizersberg ligt op een heuvel aan de rand van Leuven, op een halfuur stappen van het station. Aan dat station slaat de geur van kebab en de schaterlach van studentes om de neus en de oren. De weg richting Keizersberg is bezaaid met wegenwerken. Drilboren nemen het lawaai over van de huppelende dametjes. Eens doorheen de burchtwaardige poort van de abdij zakt het lawaai weg tot gezoem. Zo blijft de mensenmassa ook in dit oord van verstilling aanwezig.

We wandelen even doorheen de tuin die uitziet op de stad: een en al cumulus, kranen en beton in wording. We draaien ons om en merken een oude waterput op. Na ons zicht verloren te hebben in de schijnbaar oneindige diepte ervan, slaan we de gegraveerde boodschap gade: "In eigen stilte ingeklonken, als steden in een donkere zee verdronken." We schrikken op door het alarm van een sms-bericht. De fotograaf. Zijn trein liep vertraging op wegens 'persoon op spoor'.

Deel je dag in volgens rituelen

"Wij beginnen om kwart voor zeven met het morgengebed. Vervolgens wijden wij de voormiddag aan ons werk. Om twaalf uur is er de eucharistieviering, gevolgd door het middaggebed. In de namiddag gaan wij weer aan het werk. Tot zes uur. Dan volgt het avondgebed en het avondmaal. Om acht uur wordt de lezingendienst gezongen en om kwart voor negen gaat de nachtstilte in."

We zitten in een donker vertrek tegenover prior Dirk Hanssens, de 'eerste monnik' zeg maar van de abdij, niet te verwarren met het leidinggevende mandaat van de abt. Prior Hanssens woont al sinds zijn twintigerjaren in deze abdij. Terwijl de metalen koffiekan in het weinige daglicht schittert, vertelt hij ons hoe zijn leven gestructureerd wordt volgens de Regel van Benedictus, een lijst van eenvoudige levenslessen geschreven door Benedictus van Nursia in de zesde eeuw.

Deze Regel is van toepassing bij de drie kloosterorden: de benedictijnen waartoe Hanssens behoort, de cisterciënzers van de strikte orde (zo zijn er niet veel meer) en de cisterciënzers van de strikte observantie (de trappisten). "Wij dragen een zwart habijt, de cisterciënzers een wit met donker schouderkleed", zegt prior Hanssens. "Het leven van mijn vijf medebroeders en mij is niet zo besloten als dat van de trappisten. Zo geef ik hoorcolleges aan de universiteit, rijd ik van hot naar her voor het intermonastriële tijdschrift De Kovel en zit ik in het bestuur van het Davidsfonds."

Leven volgens een regel die een strikte dagorde oplegt, lijkt op het eerste gezicht benauwend, maar werkt in feite bevrijdend. "De Regel is een vorm waarin de inhoud kan gegoten worden", verklaart prior Hanssens. "Die vorm dient zoals dat kopje hier, om de inhoud, de koffie, te kunnen drinken. De Regel is dus een hulpmiddel." In feite gaat het om het ritualiseren van de taken en de handelingen. Dat biedt immers houvast en gemoedsrust. "Je weet exact hoe en wanneer iets dient uitgevoerd te worden. Althans, dat ontdek je door een 'kader' te aanvaarden dat je tot kwaliteit uitnodigt."

Monniken zijn meesters in het ritualiseren. Door de dag op te delen in rituelen, werkt de monnik ook een stuk geconcentreerder. Bidden, werken, zingen, eten: iedere handeling krijgt te zijner tijd de volledige aandacht. Prior Hanssens: "Het is belangrijk om alles eenzelfde waarde te geven. Benedictus schreef dat je alles moet behandelen als het Heilig Vaatwerk. Doe je alles ter ere Gods, dan is er niets wat minderwaardig is." Immers, als we sommige zaken minder belangrijk vinden, willen we er sneller vanaf zijn om maar terug naar het belangrijke van de dag over te gaan. Dat zorgt voor onrust. Geef de afwas dus evenveel aandacht als je kind, de douche evenveel als je werk. "De dagorde leert je te leven in het nu."

Rijst de vraag of we nog kunnen genieten van het nu. Wat er nu gebeurt op de sociale media bevestigt dat we vooral bezig zijn met het moment vast te leggen, niet te beleven. "Dat is wat Petrus ook deed toen hij Jezus in zijn verheerlijkte gestalte zag. 'Laat ons hier drie tenten bouwen,' zei hij, 'we gaan dit moment vastleggen'. Maar Jezus zei: je hebt dat moment meegemaakt, het is voedsel voor je verdere tocht. Probeer je het in al zijn uitwendigheid te consolideren, dan ben je het kwijt.'"

Wat monniken doen, is waarde geven aan alle handelingen. Als prior Hanssens grasmaait, dan maait hij het gras. Als hij een interview geeft, dan geeft hij alle aandacht aan de journalist. Dat klinkt eenvoudig, maar ondertussen versnippert de concentratie van de mens, door op allerhande manieren te multitasken. "Wij hebben een geaarde spiritualiteit", vertelt de prior. "Door secuur met aardse dingen bezig te zijn, bidden wij vaak niet minder intens dan wanneer we in de kerk psalmen zingen. Op een eerbiedige manier omgaan met de dingen, daar kun je sowieso deugd aan beleven." Kortom: geef de kleinste dagdagelijkse handelingen tijd en aandacht. Ritualiseer het koffiezetten of het stofzuigen. Haal er genoegen uit.

Doe aan handenarbeid

De dagtaken van de monnik bestaan voor een groot deel uit handenarbeid. Zo snoeit prior Hanssens de heggen en sleurt hij met zwaar materiaal. Trappisten onderhouden een kruidentuin, brouwen bier en fermenteren kaas. "Men spreekt niet voor niets over bezigheidstherapie", zegt Prior Hanssens. "Bezig zijn werkt therapeutisch." Handwerk biedt rust. Dat lijkt de moderne, gedigitaliseerde mens vergeten te zijn.

Hoewel, de nieuwe generatie van stedelingen houdt er steeds vaker stadstuintjes op na. Het ploeteren in de potgrond bezorgt hen een zeker monnikenplezier. Om maar te zwijgen van de hernieuwde aandacht voor het ambacht: jonge creatievelingen die het productieproces van de lopende band weghouden en hun handen vuil maken. Ora et labora, bid en werk, maar dan zonder god.

Omarm de stilte

Getooid in een zwart habijt straalt prior Hanssens een zekere statigheid uit. Monniken staan dan ook bekend voor hun afwachtende, bedachtzame houding. Het is een volk van herkauwers. Niet alleen genieten zij van alle handelingen des levens, zij herhalen die graag om alles volledig 'geproefd' te hebben. Het perfecte bijbelse symbool daarvoor is het psalterium - het Boek der Psalmen - dat letterlijk 'boekmaag' betekent, alias de maag van een herkauwer.

In onze maatschappij lijkt dat herkauwen niet meer aan de orde. We jagen naar nieuwigheden, naar stimuli, naar het geluk. "Mensen kunnen niet meer stilstaan en lopen het geluk voorbij", stelt prior Hanssens. "Geluk is immers datgene wat je vindt als je er niet naar zoekt. En het is altijd dichter dan je denkt." De jachtige obsessie van de mens interpreteert prior Hanssens vooral als vluchten. "Het duidt op rusteloosheid. Men zit met vraagtekens en weet er geen blijf mee. Terwijl nu juist die vraagtekens duiden op een mysterie dat uitnodigt tot overgave".

"Daarom net het belang van de verstilling", gaat hij verder terwijl hij wijst naar de bundel kopieën op de salontafel. Lees het straks, als je weer alleen bent. Haal er maar uit wat je wenst." Stilte, hoe kan het ook anders, is de priors stokpaard. En volgens hem een uitdaging. In de echte verstilling loop je immers jezelf tegen het lijf en dat is niet altijd even aangenaam. Maar het loont. Door stil te zijn, schenk je immers aandacht aan wat hij het 'binnenhuis' noemt. De Regel spreekt dan ook over habitare secum: bij jezelf wonen.

Er is een verhoogde aandacht voor dat zogenaamde binnenhuis. Men slaat ons om de oren met yoga- en mindfulnesscursussen. Volgens prior Hanssens komt het allemaal op hetzelfde neer: men zwijgt in de verstilling. "Mensen ontdekken dat zij positiever beginnen te denken door bijvoorbeeld yoga te beoefenen. Dat is logisch: gedurende een uur mogen zij gewoon zijn; zoals bomen zijn." Zonder verwachtingen en zonder doelen. Want de stilte geeft niets en vraagt niets.

Consuminder

"Mensen hebben heel veel moeite om me een cadeau te geven. 'Kunnen we u een kaars geven?', vragen zij. 'Goh ja,' antwoord ik dan, 'ik steek elke dag een kaars aan in de kerk.' 'Een boek misschien?' Moet ik het dan recenseren voor ons tijdschrift?" (lacht) "Och, dat jij er bent, is een godsgeschenk."

Een monnik leeft niet volgens het adagium van de consumptiemaatschappij: ik consumeer dus ik besta. Spullen worden gekocht wanneer zij nodig zijn. We volgen prior Hanssens naar de leeszaal van de bibliotheek, die nu dienstdoet als hoofdredactiekantoor. Tussen het prachtige houten meubilair springt een gigantische iMac in het oog. "De drukkerij die ons tijdschrift drukt, werkt met Apple, dus zocht ik iets dat goed kon matchen met de formats van hun vormgever. Ik koop wat ik nodig heb. En ik koop goed materiaal, net zoals de producten die wij afleveren ook goed moeten zijn - kijk naar de trappistenbieren."

"Mijn leven is sober in die zin dat ik niets van mezelf heb: dit is allemaal gemeenschappelijk bezit. Maar armoedig is het niet, want ik kan beschikken over wat ik nodig heb." De monnik leeft in een gemeenschap waar alles gedeeld wordt - over een duurzame 'deeleconomie' gesproken. Daarbij bezit hij niets te veel en wat hij bezit, daar draagt hij zorg voor. Met andere woorden: de monnik consumindert. Al 1.600 jaar. Prior Hanssens: "Neem de Sint-Godelieveabdij in Brugge, nu in erfpacht genomen door het stadsbestuur. Als je er binnenwandelt, denk je: wat een weelde. Mozaïeken van Delftse steentjes, open haarden, koper, voorwerpen van de zestiende eeuw. Maar dat zijn gewoon gebruiksvoorwerpen van weleer. Door de zorg van de zusters zijn die voorwerpen er nog steeds. Brak er iets, dan werd het hersteld. Er was geen wegwerpcultuur."

Uiteraard houdt een monnik niet van de wegwerpcultuur: zijn leven helt naar het spirituele en niet het materiële. Dat kunnen we onevenwichtig noemen. Maar klopt de balans bij de seculiere mens wel? Het lijkt alsof wij spiritualiteit en zingeving uit het oog zijn verloren en alle ogen gericht hebben op het materiële. Op school leren wij over de wetenschap die het van de godsdienst heeft gewonnen. Echter, wetenschap is geen zingeving en zingeving - al dan niet in de vorm van een godsdienst - is nodig.

"Gelovigen en ongelovigen hebben dezelfde hunker naar zin", zegt prior Hanssens. Voor hem gaat zingeving bij iedereen over hetzelfde, namelijk over de aanvaarding dat het leven groter is dan je eigen huid. "Als je vindt dat je aan jezelf genoeg hebt, dan ben je verloren." Nochtans tiert het egocentrisme welig. Het neoliberalisme stelt dat iedereen zijn eigen bedrijfje moet zijn en zichzelf moet verkopen. Kuisen voor eigen deur, ieder zijn eigen geluk.

Wees bescheiden

"Zal ik nog wat warme koffie schenken bij dat restje koude? Dan warmt het terug op." In de korte stilte die volgt, klinkt het geluid van een bescheiden koffiewaterval, net zo bescheiden als de schenker zelf. We bedenken hoe zeldzaam dat geworden is: bescheidenheid. Je hoeft de laptop maar open te slaan en de opzichtigheid druipt van het scherm. Het gepoch, het gepronk. Wanneer we dat te berde brengen, antwoordt hij dat de groten der aarde nederige mensen waren. Opzichtigheid is de façade van de onzekerheid. "Het is een truc om toch je mannetje te kunnen staan: anders zullen ze me plat trappen. Af en toe lees ik artikels in de krant, in de trant van: 'Hoe moet ik me gedragen om een vergadering goed te leiden?' Dat is geschreven voor onzekere leiders."

Nog meer bescheidenheid, nederigheid zelfs, ervaren wij tijdens onze wandel door de tuin. Terwijl prior Hanssens aan zijn sigaret trekt, vertelt hij dat dagelijkse zonden - zoals de sigaret - niet gebiecht hoeven te worden. Wat wij uit zijn woorden lezen: aanvaard je tekortkomingen. Gebruik wel je talenten - dat is een kwestie van eerbied naar de schepping - maar berust in het feit dat je hulp nodig hebt om te worden wie je in optima forma bent.

Leef als een rebel

Tijdens onze wandeling kunnen we niet anders dan ons afvragen hoe het moet zijn, leven in een abdij. De rust, de berusting en de nederigheid van de monnik staat mijlenver van onze schichtige maniertjes en acute verlangens, gevoed door een maatschappij waar alles bestaat en alles te koop is. Prior Hanssens staat daar bewust lijnrecht tegenover. Mocht Benedictus nu leven, werpen we in een opwelling op, hij zou een rebel zijn. En zijn Regel zou als een bestseller over de toonbank vliegen.

"Maar heeft hij echt bestaan?", vraagt prior Hanssens haast retorisch. "De Regel is ontdekt en verspreid door paus Gregorius de Grote. Gregorius was tegelijkertijd een monnik en een seculiere man die bekendstond om zijn geniale kerkpolitieke machtsspelen in Rome. Daardoor was hij vanbinnen erg verscheurd. Het waren ook woelige tijden. De Barbaren, de Visigoten en andere volkeren waren het West-Romeinse rijk binnengevallen. De samenleving was één grote smeltkroes van culturen".

En toen kwam dus Gegorius met de Regel van een onbekende Benedictus op de proppen waarin richtlijnen staan om - kort door de bocht - het gemoed te sussen, stabiel te zijn. "Om de Regel van elke zweem van totalitarisme te ontdoen, heeft Gregorius het leven van Benedictus beschreven aan de hand van verzonnen verhalen die, als je ze nader bekijkt, eigenlijk uit de Bijbel komen. Dus heeft Benedictus bestaan? Wie weet... Misschien is Gregorius de Grote wel de schrijver van de Regel".

Waardoor Gregorius als een Banksy avant la lettre een mythe rond zichzelf creëerde. Niet bepaald nederig. "Maar als je een parel vindt, dan deel je die toch met anderen?"


Wie meer wil weten over de Regel van Benedictus kan Een levensregel voor beginners lezen van Wil Derkse. Dirk Hanssens schreef drie boeken over de monastieke spiritualiteit bij uitgeverij P en Royal Jongbloed.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234