Woensdag 28/07/2021

Meer uitzendtijd is gelijk aan meer reclame-inkomsten, of toch niet

Regionale zenders staan voor moeilijke economische keuze

De Vlaamse regionale zenders staan voor een keerpunt in hun bestaan. De Vlaamse regenboogcoalitie pleit voor minder betutteling, meer uitzenduren en demonopolisering van het regionale televisielandschap. Maar onderling zijn de meningen hierover verdeeld en bovendien melden zich de eerste kapers op de kust.

Het fenomeen regionale televisie is in Vlaanderen al meer dan tien jaar oud. Op 29 juni 1988 kregen vier zenders een uitzendvergunning in Antwerpen, Eeklo, Leuven en Kortijk. Enkel AVS in Eeklo vatte daadwerkelijk de uitzendingen aan. De vier erkende omroepen beschikten immers enkel over een uitzendvergunning, maar waren niet gemachtigd reclamespots uit te zenden. Het zou tot eind juli 1992 duren vooraleer de vier daadwerkelijk gemachtigd werden om streekgebonden reclame uit te zenden. Het decreet Van Rompuy (CVP)-Chevalier (op dat ogenblik nog mandataris voor coalitiepartner SP, KV) van oktober 1991 lag aan de huidige regeling ten grondslag.

Het decreet voorzag in maximaal tien regionale zenders die elk voor negen jaar exclusiviteit genoten binnen een afgebakend zendgebied. De zendtijd werd beperkt tot 200 uur per jaar en er mocht enkel streekgebonden reclame gemaakt worden. Het duurde nog eens tot mei 1992 vooraleer de voorwaarden voor het indienen van de erkenningsvoorwaarden werden geconcretiseerd. Vanaf 1993 werden de zendgebieden druppelsgewijs ingevuld, dat van Mechelen en de Kempen werd zelfs tot één enkel samengevoegd.

Van bij de start bleken de beperkingen allerminst een bevorderlijk effect op de leefbaarheid van de zenders te sorteren. Vooral de beperking om enkel streekgebonden reclame uit te zenden, bleek een veel te enge financiële basis. Al snel zochten de zenders naar achterpoortjes en zonden toch nationale reclamespots uit waarin bijvoorbeeld enkel het adres van een lokale autodealer als streekgebonden component figureerde. De Regionale Audiovisuele Regie (RAR), de reclameregie van een aantal regionale zenders, legde er zelfs in februari 1997 het bijltje bij neer met een gecumuleerd verlies van 162 miljoen frank (4 miljoen euro).

Het nieuwe mediadecreet van 1996 versoepelde de regelgeving en verhoogde het jaarlijks aantal uitzenduren tot 300 en stond nationale reclamespots toe. Maar een regionale zender moet minstens over een jaarlijks budget van 60 tot 80 miljoen beschikken om uit de werkingskosten te geraken en dat noopt tal van regionale zenders ertoe de noodklok te luiden. In het recente verleden gingen dan ook meermaals stemmen op, niet het minst die van Roularta-top Rik Denolf, met flink wat financiële belangen in regionale zenders, om aanspraak te kunnen maken op overheidssubsidies. Het systeem van gemengde financiering, zowel inkomsten uit belasting- als uit reclamegeld bleef echter enkel op de publieke omroep VRT van toepassing. Het regeerakkoord van de Vlaamse regenboogcoalitie voorziet dan wel in een versoepelde regeling, van gemengde financiering wil ook de nieuwe Vlaamse mediaminister liever niet weten.

Dirk Van Mechelen (VLD) pleit integendeel voor het uitbreiden van de uitzenduren, waardoor meer reclamespots uitzenden tot de mogelijkheden behoort en zelfs voor het demonopoliseren van de uitzendgebieden, wat de onderlinge concurrentie en ook samenwerking zou stimuleren. Maar de maatregel die door Van Mechelen als het einde van de betutteling wordt voorgesteld, zorgt voor verdeeldheid binnen de regio-omroepen.

In een artikel in de VUM-kranten trok Johan Boel, algemeen directeur van de Antwerpse regionale zender ATV, hard van leer tegen Roularta, de uitgeverij van Rik Denolf die de reclamebelangen van tal van regionale zenders volledig of gedeeltelijk behartigt. Volgens De Boel, hierin gesterkt door andere zenders zoals ROB (Leuven) en TV Limburg, streeft Roularta helemaal niet naar de uitbreiding van het aantal uitzenduren. Roularta zou integendeel de regionale zenders waarvoor de groep de reclamebelangen behartigt klein houden om de belangen van haar wekelijks huis-aan-huisblad De Streekkrant niet in het gedrang brengen.

In een reactie laat Roularta-topman Rik Denolf een andere klok luiden. "Roularta is helemaal niet gekant tegen het uitbreiden van de toegestane zendtijd", zegt Denolf. "Het uitbreiden van de uitzendtijd boort niet meteen een nieuwe bron van inkomsten aan. Meer uitzendtijd kost meer en het is niet zeker dat daar meer inkomsten uit voortvloeien." Concreet denken zenders als ATV aan regionale opsporingsprogramma's. Denolf is daar naar eigen zeggen niet tegen, maar waarschuwt voor het verschil in reclame-inkomsten tussen de verschillende regio's waardoor voor sommige zenders een uitbreiding van de zendtijd geen goede oplossing is.

Dat sommigen menen dat Denolf erop uit is om enkel uitbreiding van de zendtijd te accepteren in ruil voor overheidssubsidies, wordt door hem gelogenstraft. "Wij pleiten niet voor rechtstreekse subsidies, wel voor meer overheidscommunicatie. We wensen de overheid als klant of contractant te kennen." Overeenstemming tussen de verschillende zenders is er daarover nog lang niet. Om de zaak enigszins objectief te onderzoeken stelde Roularta het studiebureau E & Y Consulting aan om het fenomeen regionale televisie in Vlaanderen door te lichten en de toekomstperspectieven ervan vast te stellen."

Roularta krijgt het niet enkel hard te verduren van de andere regionale zenders, ook nieuwe initiatiefnemers die zo snel mogelijk op de kabel springen, nemen de West-Vlaamse mediagroep onder vuur. Patrick Vaernewyck van Netwerk Televisie koestert zelf plannen om een concurrentiële regionale zender in West-Vlaanderen op te starten. Volgens de ambitieuze mediaplannen van de huidige Vlaamse regering zou dat snel tot de mogelijkheden kunnen behoren.

"Wij maken nu een aantal keer per jaar een videojournaal dat op een VHS-cassette in een aantal West-Vlaamse steden gratis aan huis bezorgd wordt. Voor sommige adverteerders is dat een ideaal medium om hun reclameboodschap kenbaar te maken. Alleen aast Roularta via WTV (de Kortrijkse regionale zender) op onze adverteerders. Haar dagelijkse beeldkrant bevat tot 70 procent reclameboodschappen uit ons marktsegment." Vaernewyck is ervan overtuigd dat Roularta hem het licht in de ogen niet gunt en diende klacht in bij het Vlaams Commissariaat voor de Media.

Griffier Roland Massyn bevestigt dat en beweert dat het VCM tijdens haar eerstvolgende vergadering beslist of er dient onderzocht te worden dat WTV het wettelijk toegestane aantal minuten reclame per uur niet overschrijdt. Vaernewyck die zo snel mogelijk een uitzendvergunning voor een concurrentiële regionale West-Vlaamse zender onder de roepnaam Kanaal West wil indienen, heeft daaromtrent al een schrijven gericht aan Vlaams mediaminister Dirk Van Mechelen. Een aanvraag bij het VCM zou immers zonder gevolg blijven omdat er voor het demonopoliseren van de zendgebieden eerst een decreetswijziging nodig is. Maar voorlopig liggen noch Van Mechelen noch Roularta wakker van Vaernewycks plannen.

Kris Vanderhaegen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234