Maandag 20/01/2020

Meer dan datkonijn

Jeugdschrijfster Gerda Dendooven heeft het nooit zo gehad voor Nijntje. Toch is ze een groot bewonderaar van de geestelijke vader van het lieve konijn, met name voor zijn boekcovers en posters. Een eigenzinnig portret van een internationaal geprezen graficus. Gerda Dendooven

ang geleden, ik was vijf, misschien zes, vroeg Tante Terry aan alle televisievriendjes in Vlaanderen, een hele mooie tekening te maken van Musti. De populaire witte kat met het bekende kruissnuitje. Ik maakte een tekening en viel in de prijzen. De beloning, een poster van Musti, zou mij eerstdaags worden toegestuurd. En zo gebeurde. Op een ochtend viel een slappe, bruine, verkreukelde omslag in de brievenbus met daarin mijn Musti, strak in vier gevouwen. Alleen al de envelop maakte de prijs heel bijzonder want in de linkerbovenhoek stonden drie magische letters: BRT. Wat een wonder, dacht ik, Tante Terry kent mijn naam en zelfs mijn adres. De poster heb ik nog altijd. Vergeeld en verweerd en vol punaisegaatjes, maar de zwaaiende Musti loopt er nog fris bij.

Pas veel later kwam ik erachter dat er in Nederland een konijn woonde dat sprekend op Musti leek. Dezelfde ovalen oogjes, dezelfde verbaasde blik, hetzelfde ronde kopje, dezelfde kleurcombinatie en hetzelfde kruisje als snuitje. Nijntje Pluis, want zo heet Nijntje voluit, was in Vlaanderen nog niet zo bekend. Zeker niet in die jaren en allerminst bij ons thuis. Wat een toeval, dacht ik, een poes en een konijn die sprekend op elkaar lijken. Het woord 'plagiaat' kende ik nog niet.

Dick Bruna, daarentegen, Nijntjes geestelijke vader, kende Musti wel. Zijn uitgever heeft Ray Goossens, de tekenaar van Musti, herhaaldelijk beschuldigd van plagiaat. Vooral omwille van het kruisje waarmee het mondje wordt getekend. Waarop Goossens de beschuldigingen afwimpelde met de surrealistische oneliner: "Je hebt het over een kat en een konijn. Dat is appels met peren vergelijken. En wie heeft dat kruis nou eigenlijk uitgevonden? De rechten berusten volgens mij nog steeds bij Jezus Christus."

Officieel is Nijntje in 1955 geboren. Aanvankelijk een dik konijntje met oren als pannenkoeken en stipjes als ogen. Ze is even oud als Tiny maar even tijdloos als Babar. En net als Winnie De Poeh bedacht om zoonlief te plezieren. Musti kwam pas in 1968 op tv, al is hij volgens Ray Goossens twintig jaar eerder bedacht. De reeks zou een betaalbaar alternatief zijn geweest omdat Nijntje te duur was voor de BRT. We hebben er dus nog steeds het raden naar wie van beide de oudste is. Maar wat doet het er toe. Toeval ruikt vaak naar tijdsgeest en inspiratie pluk je overal uit de lucht.

Bruna maakt er trouwens zelf geen geheim van dat hij zich liet inspireren door schilders als Matisse en Léger, Braque en Picasso. Vooral de simpele knipsels van Matisse en de kleurvlakken bij Léger zullen zijn werk sterkbepalen.

Onschatbare aanwinst

Dick Bruna wilde aanvankelijk kunstenaar worden. Tegen de zin van zijn vader, die hem liever in het familiebedrijf zag werken. A.W. Bruna & Zoon, een uitgeverij van vooral theologische publicaties, die door grootvader Bruna, in 1868 werd opgericht. Eind 1800 kreeg de uitgeverij de exploitatie van de stationskiosken onder haar hoede waarop ze ontspanningsliteratuur in pocketformaat begon uit te geven. Snel en goedkoop leesvoer voor op de trein. En daar moesten in het oogspringende covers voor bedacht worden. Maar Dick, eigenlijk heet hij Hendrik maar zijn roepnaam was 'Dik' of 'Dikkie' omdat hij zo mollig was en kromme beentjes had, Dick wilde dus schilder worden. In een biografische uitgave uit 1989 Het paradijs in pictogram, vertelt hij over deze ambities en frustraties. "Ik had een beperkt talent" zegt hij over zichzelf. Hij vond zichzelf niet goed genoeg als schilder. Uiteindelijk gaat hij toch in het familiebedrijf werken om zijn gezin te kunnen onderhouden. Een onschatbare aanwinst voor de uitgeverij en de boekenwereld. Hij zal een andere wind door de boekvormgeving laten waaien. Bruna wordt de koning van in het oog springende, ijzersterke boekomslagen waarbij een helder idee in een uitgepuurde vorm wordt gegoten. De invloed van Léger en Matisse is nooit ver weg.

Typografie ligt hem minder. Met letters werken vindt hij koel en zakelijk. De schreefloze letter, kaal en helder, wordt zijn handelsmerk. Het tijdperk van de pathetische, realistische scènes op een paperback is voorbij. Ook in Amerika. Eenvoud hangt in de lucht. Wie de filmaffiches Anatomy for murder, Vertigo of Exodus kent, zal meteen overeenkomsten zien tussen zijn werk en dat van Saul Bass. Maar ook ontwerpers als Paul Rand en Jim Flora of de Franse Raymond Savignac zitten op dezelfde grafische lijn. Noem het tijdsgeest, zelfs in de film en de muziek zoekt men naar krachtige eenvoud.

Dick Bruna ontwerpt meer dan tweeduizend boekomslagen, meer dan honderd per jaar. Zonder computer nog wel. Er moet dus onder hoogspanning worden gewerkt. Hij begint om zeven uur in de ochtend en werkt de klok rond. Hij knipt en scheurt vormen uit, hij gebruikt foto's, veelal zonder raster en met grote contrasten. Meestal covers voor de Zwarte beertjes, de detective- en thrillerreeks van uitgeverij Bruna. Hij signeert ze met Dick.

Georges Simenon, een van de auteurs, feliciteert hem om deze eenvoud. "Vous gagnez chaque année en simplicité", schrijft hij in een persoonlijke brief aan Bruna. Picasso zou over Bruna hebben gezegd dat hij zijn boekomslagen aanpakt alsof het affiches zijn en dat ze daarom zo krachtig zijn. Gerrit Rietveld, ook een idool van Bruna, prijst hem voor het eenvoudige vormpje dat hij bedacht voor de reeks De Saint. Bruna liep daarna, naar eigen zeggen, een jaar lang met zijn hoofd in de wolken. "Ik heb een klein talent", zegt hij over zichzelf, "en ik moet heel hard werken om daar iets mee te doen." Dat kleine talent heeft hij op een uitzonderlijke manier weten te ontwikkelen. Hij ontwerpt duizenden boekomslagen, meer dan honderd affiches, tientallen prentbriefkaarten en om en bij de zeventig prentenboeken.Alles wat hij maakt beïnvloedt elkaar. Zonder zijn omslagen en affiches hadden zijn prentenboeken nooit diezelfde directheid en perfectie gekregen. Bruna maakt geen illustraties, zijn prenten zijn eerder pictogrammen van een wereld waarin een kind zich veilig voelt. Ze helpen kinderen hun wereld overzichtelijker te maken en tegelijk laten ze voldoende ruimte om zelf te fantaseren.

Bruna is de meest uitgeleende auteur van Nederland. In Japan leren kinderen lezen met zijn verhalen. Het eerste kinderboek van Dick Bruna dateert uit 1953 en heet De appel. "Ik wilde mooie prenten maken, maar niet meteen voor kinderen. Ik was in die dagen vol van Matisse en ik wilde beelden maken die stuk voor stuk aan de muur zouden kunnen hangen. Ik maak eerst tekeningen en daarna de tekst." In de Nijntjesboeken staan op elke pagina slechts vier regeltjes tekst. Ook daar is Bruna een purist. De boekjes worden vierkant en het etiket op het schutblad 'Dit boek is van...' blijkt een pedagogische vondst voor die tijd.

Zelfs als hij schetst puurt hij de lijn uit, zoekt hij naar schematisering van de wereld. Zijn tekeningen van schroeven, een handdoekrekje of een lichtschakelaar zijn gevoelig, teder en ook grappig. Hij maakt veel schetsen voor hij aan een tekening begint. Hij zoekt tot de vorm als een pictogram is uitgepuurd, trekt op kalkpapier de lijnen over en zet dan de tekening over op een bobbelig soort papier. Daarna overschildert hij de potloodlijn met zwarte verf. De kleuren komen op een apart vel. Kleur en lijn gescheiden, zoals striptekenaars vroeger deden.

Hij werkt heel traag. Alleen het overtrekken van de zwarte lijn kost hem soms een halve dag. Om het half uur houdt hij even pauze om zijn penselen uit te spoelen. Dick Bruna werkt in een atelier buitenshuis. Elke ochtend fietst hij er naartoe. Eerst stopt hij om in een café zijn koffie te drinken en de krant in te kijken. Daarna gaat hij als een monnik aan de slag. Hij lijkt een rustige man, een opgeschoten kind van 85. Maar hij maakt nog steeds boeken. Prentenboeken als Betje Big, Boris Beer, Fien en Pien.

Ik heb het nooit zo voor Nijntje gehad. Misschien zit die lookalike kat er wel voor iets tussen. Het zijn de affiches en de boekomslagen waardoor ik het grafische werk van Bruna heb leren kennen en meteen plat ging. Vooral die verbluffende Zwarte beertjes. Lang geleden ben ik ze beginnen verzamelen, tot ik op een keer een doos vol Havanks, Maigrets en De Saints vond. Kleine parels, ook druktechnisch. In de eenvoud herken je de meester.

Expo Dick Bruna, nog tot 3 juni in cc Mechelen, cultuurcentrummechelen.be

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234