Maandag 21/10/2019

Meer dan alleen maar mollige meiden

Op 6 maart 2004 opent de grootse overzichtstentoonstelling Rubens in Lille, de Europese culturele hoofdstad. Antwerpen, de Rubens-stad bij uitstek, heeft daaraan loyaal meegewerkt maar presenteert zelf ook een aanvullend en indrukwekkend Rubens-programma. Op 6 maart openen er in Antwerpen tegelijk drie tentoon- stellingen die de platgetreden paden willen verlaten en een nieuw, fris licht op de kunstenaar willen laten schijnen. 'We willen hem weer sexy maken', zegt Carl Depauw, conservator van het Antwerpse Rubenshuis.

Madrid

Van onze verslaggever ter plaatse

Eric Rinckhout

Antwerpen pakt in 2004 uit met een bijzonder ambitieus Rubens-programma. Daarbij wil men niet opnieuw het klassieke, zeg maar clichébeeld van de Antwerpse barokschilder ophangen maar de grootste Vlaamse meester 'opfrissen'. Hij is inderdaad veel meer dan een schilder van mollige meiden en lillend vlees. Het hele project loopt dan ook onder de noemer Herontdek P.P. Rubens.

"We willen Rubens actualiseren", zegt Carl Depauw, conservator van het Rubenshuis en een van de stuwende krachten achter het project. "We willen een nieuwe dialoog met zijn werk tot stand brengen, hem opfrissen en weer sexy maken. We moeten Rubens bijvoorbeeld zien als een filmregisseur met een hele crew onder zich, als een soort modeontwerper die niet altijd zelf schaar en draad hanteert maar wel de grote lijnen uitzet."

Liefst zeven tentoonstellingen zullen er in de loop van 2004 plaatsvinden waarin Rubens centraal staat of die iets minder rechtstreeks met hem te maken hebben. Tegelijk wil Antwerpen ook de nadruk leggen op het indrukwekkende permanente aanbod van Rubens-schilderijen in de stad. Want hoewel een aantal Rubensen uit de Antwerpse musea de reis naar naar Lille 2004 zal maken, blijft er in de Antwerpse musea en zeker in de historische kerken meer dan genoeg te zien: de Kruisoprichting en de ronduit fenomenale Kruisafname in de kathedraal, de weinig bekende grafkapel van Rubens in Sint-Jacobs, de Carolus Borromeuskerk die Rubens ontwierp, en de prachtige reeks schilderijen in Sint-Paulus, waar Rubens tussen andere Antwerpse meesters prijkt. Herontdek P.P. Rubens werd maandag gepresenteerd in Madrid. Dat is niet toevallig, aangezien het Prado een uitzonderlijk rijke Rubens-collectie bezit en gewoonweg de grootste verzameling Vlaamse meesters van de 15de tot de 17de eeuw in huis heeft. Het wereldberoemde museum werkt bovendien bijzonder genereus mee aan de Antwerpse tentoonstellingen. Zo krijgt Een huis vol kunst. Rubens als verzamelaar zes werken in bruikleen, waaronder een piepkleine Elsheimer, Het avondmaal in Emmaüs van Rubens en een schitterend zelfportret van Titiaan. Die zes werken behoorden ooit tot de kunstverzameling van Rubens zelf en zullen nu dus tijdelijk weer in zijn Antwerpse woning te zien zijn.

De bedoeling van Een huis vol kunst (Rubenshuis, 6 maart-13 juni 2004) is om aan de hand van circa negentig voorwerpen een staalkaart te bieden van de kunstverzameling die Rubens tijdens zijn leven aanlegde. Hij bezat werk van Antoon van Dyck, Adriaen Brouwer en Pieter Brueghel de Jonge, van Dürer en Holbein, maar ook van Italiaanse grootmeesters als Titiaan, Veronese, Tintoretto en Carracci, naast nogal wat schilderijen van zijn eigen hand. Rubens verzamelde voorts tekeningen, sculpturen en cameeën.

Hij legde een collectie aan omdat dat toen onder gegoede burgers een populaire bezigheid was en status verleende. Maar hij kocht ook kunst om ervan te leren en om ze te gebruiken als lesmateriaal voor zijn leerlingen. Zijn collectie was ruim, divers en van zeer hoge kwaliteit.

"De verzameling kan voor het grootste deel gereconstrueerd worden", zegt Carl Depauw, "omdat we beschikken over de sterfhuislijst die werd opgesteld na de dood van Rubens in 1640. Maar de omschrijvingen zijn niet altijd even precies en de boedellijst biedt alleen een zicht op de laatste staat van de verzameling. Tijdens zijn leven kocht en verkocht hij veel. Daarover vinden we in zijn brieven dan weer veel informatie terug. We zijn gegaan voor de werken waarvan we zeker waren dat ze tot zijn collectie hebben behoord en we hebben gekozen voor kwaliteit en verscheidenheid."

's Werelds belangrijkste musea werken mee aan de tentoonstelling. Zo zijn er bruiklenen uit het Rijksmusem (Amsterdam), het Kunsthistorisch Museum Wenen, de Bibliothèque Nationale (Parijs), de kunstmusea van Berlijn, München en Dresden, de National Gallery (Washington), het museum van Boston, en het British Museum en de National Gallery (beide in Londen).

De Titiaan die vanuit het Prado naar Antwerpen reist is bijzonder belangrijk, zegt Alejandro Vergara, hoofd van het departement Vlaamse kunst van het Prado. "Rubens werd ingrijpend beïnvloed door Titiaan, hij was Titiaans erfgenaam. Rubens volgde de Italiaanse meester trouwens op als hofschilder van de Spaanse koning Filips IV. In diens troonzaal hing aan de ene kant Titiaans ruiterportret van Karel V - nu in het Prado - en aan de andere kant een ruiterportret van zichzelf, waarvoor hij aan Rubens had gevraagd zich op Titiaan te inspireren. Dat ruiterportret van Rubens is helaas vernietigd in de brand van het Escorial in 1734."

Het Prado herbergt nog steeds die koninklijke collectie van Filips IV. "Op die manier", zegt Vergara, "kunnen we nog altijd de schilderijen zien die ook Rubens zag en die hem beïnvloed hebben toen hij aan het Spaanse hof was."

Het was diezelfde koning Filips IV die tussen de dertig en veertig werken heeft gekocht uit Rubens' nalatenschap. Daaronder vijfentwintig werken door Rubens zelf. Het ging daarbij vaak om werken die Rubens in Madrid had geschilderd maar weer mee naar Antwerpen had genomen om in zijn eigen huis op te hangen. Die werken zijn na zijn dood dus terug naar Madrid gehaald.

Boven Rubens' open haard in zijn woning aan de Wapper hing een aangrijpend werk van Antoon van Dyck, De bespotting van Christus, nu ook in het Prado. Tot grote spijt van Carl Depauw wilde het Madrileens museum dat grote werk niet uitlenen. Een andere Van Dyck, Het portret van Isabella Brant (nu in Washington), komt dan weer wel.

Op 6 maart gaat nog een tentoonstelling open waarin Rubens als verzamelaar centraal staat. Het Museum Plantin-Moretus toont een ruime selectie uit de bibliotheek van Rubens, die toentertijd een van de grootste in Antwerpen was. De expositie Een hart voor boeken. Rubens en zijn bibliotheek (6 maart-13 juni 2004) is een primeur, aangezien tot nu toe zelden of nooit aandacht is besteed aan dat aspect van Rubens. De schilder was nochtans een gretig lezer: de kunstenaarsbiografieën van Vasari en Van Mander, schildershandleidingen, atlassen, boeken over taal en de prille archeologie droegen zijn voorkeur weg. Een pittige anekdote vertelt dat toen de arts van de Deense koning Rubens in zijn atelier opzocht, de schilder tegelijk schetsen corrigeerde terwijl hij zich liet voorlezen uit Torquato Tasso.

In het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten begint op dezelfde dag een tentoonstelling die handelt over Rubens' invloed in de negentiende eeuw: Van Delacroix tot Courbet. Rubens ter discussie (6 maart-13 juni 2004). Delacroix volgde Rubens omdat hij diens kunst bij uitstek geschikt vond om heftige gevoelens en tragedies uit te beelden. Dat werd door de aanhangers van de klassieke vormgeving, zoals Ingres, argwanend bekeken, terwijl weer anderen, zoals Courbet, radicaler paden insloegen en in de open lucht gingen schilderen. De Franse meesters komen met hun beste werken uit het Palais des Beaux Arts van Lille, dat plaats moest kunnen maken voor de vele Rubensen en Antwerpen iets in ruil wilde geven voor de samenwerking.

Later op het jaar volgen nog vier tentoonstellingen. De uitvinding van het landschap in het Museum voor Schone Kunsten (8 mei-1 augustus 2004) geeft een overzicht van de Vlaamse landschapsschilderkunst van Patinir tot Rubens en belooft ook een echte blikvanger te worden met studietekeningen van Pieter Bruegel de Oude, werken van Patinir uit onder meer Wenen en Londen, en twee magnifieke werken, een Rubens en een Paul Bril met toevoegingen van Rubens, die het Prado uitleent. Tegelijk loopt in hetzelfde museum Copyright Rubens (12 juni-12 september 2004) over Rubens en de grafiek, waarin het hele productieproces van tekening tot proefdruk wordt geïllustreerd. Daarbij sluiten Rubens in zwart en wit en Rubens en de boekillustratie nauw aan, twee exposities in respectievelijk het Rockoxhuis en het Museum Plantin-Moretus.

In Antwerpen worden er ook gloednieuwe Rubens-wandelingen georganiseerd en wie van Rubens maar niet genoeg krijgt, kan in 2004 nog naar Madrid, Genua, Braunschweig, New York, Wenen, Berkeley en Cincinnati. Want ook daar worden Rubens-exposities opgezet. Rubens is weer helemaal terug van nooit weggeweest.

De all-informule geeft toegang tot de tentoonstelling in Rijsel, de zeven exposities in Antwerpen en de vier historische kerken (plus kortingbon op het Rubens-wandelboekje): 20-16 euro (tot 13 juni). De 'Rubens in Antwerpen'-formule is identiek aan de vorige maar zonder Rijsel: 16-13 euro (tot 13 juni).

Meer inlichtingen, ook over dagtrips van de NMBS en hotels: tel. 070/233.799; www.rubens2004.be; Toerisme Antwerpen, Grote Markt 13, 2000 Antwerpen; en Fnac.

Met zeven tentoonstellingen wil Antwerpen Rubens actualiseren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234