Donderdag 24/09/2020

AchtergrondExplosie Beiroet

Meer dan 72 uur na de ramp: dan toch Belgische hulp naar Beiroet

Op de militaire luchthaven van Melsbroek wordt een C-130 ingeladen met medisch en humanitaire hulpmateriaal.Beeld BELGA

Meer dan drie dagen na de zware ontploffing in de haven van Beiroet is een C130 met medisch en humanitair materiaal naar Libanon vertrokken. Geen teams, dus. Omdat Libanon dat weigerde, maar ook omdat België vorig jaar heeft beslist om het ‘search and rescue-team’ niet langer op internationale missie te sturen.

Vrijdagavond is een C130-transportvliegtuig van Defensie naar Beiroet vertrokken met “dringend medisch en humanitair materiaal”, zo liet minister van Defensie en Buitenlandse Zaken Philippe Goffin (MR) enkele uren voor vertrek weten. “Naast de slachtoffers en gewonden, zijn door de enorme ravage ook vele mensen dakloos geworden. Om hen te helpen wordt ook materiaal voor tijdelijke opvang meegestuurd.”

Het woord ‘dringend’ is opmerkelijk in zijn statement, gezien het materiaal meer dan 72 uur na de ontploffing van de opslagplaats in de haven van Beiroet vertrok, waarbij zeker 154 doden vielen. Alle ons omringende landen zijn al enkele dagen ter plaatse, met een reddingsteam, én verschillende tonnen hulpmateriaal. 

De Nederlanders stuurden twee vliegtuigen met daarin 64 mensen, 8 honden en 16 ton materiaal. “We hebben woensdagochtend om kwart over acht onze hulp aangeboden en ’s nachts om 1 uur waren we in Beiroet”, zegt iemand van het Nederlandse Urban Search and Rescue team (USAR) vanuit Beiroet.

Zoekteams afgebouwd

De Belgische minister van Buitenlandse Zaken Goffin nam dinsdagavond al contact op met de Libanese ambassadeur in Brussel om de hulp van B-FAST aan te bieden. B-FAST valt onder Buitenlandse Zaken, maar doet beroep op de capaciteit en mensen van verschillende diensten: Volksgezondheid, Defensie, Binnenlandse Zaken… Na het snelle telefoontje op dinsdagavond ging het plots moeizamer. Oorspronkelijk vroeg Libanon om vijf USAR-reddingsteams met honden, die moeten zoeken naar vermisten onder het puin. 

Navraag leert dat België beslist heeft om de USAR-teams voor B-FAST af te bouwen. Zonder enig debat in de Kamer is eind 2019 beslist om de USAR-capaciteit alleen nog in eigen land in te zetten. In alle stilte, want volgens de website van B-FAST maken ze wel nog altijd deel uit van het team. Meer nog, de site pronkt ermee dat het USAR-team in 2017 de leiding had over een internationale oefening in Guadeloupe en verwijst naar de succesvolle hulpoperatie in Haïti in 2010 “als meest gekende wapenfeit”. België kreeg toen lof voor zijn inzet.

De site is aan een update toe, want hoewel de civiele bescherming nog altijd beschikt over USAR-teams, zet ze deze sinds 2020 niet meer in voor buitenlandse missies van B-FAST. De afgelopen jaren is er bespaard op de civiele bescherming. Onder minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) verdwenen vier van de zes kazernes en het takenpakket werd afgebouwd om tot een slankere civiele bescherming te komen, tot protest van de vakbonden. Toch heeft de beslissing om de USAR-teams enkel in eigen land in te zetten volgens de communicatiedienst van Binnenlandse Zaken niet te maken met besparingen.

Defensieminister Philippe Goffin geeft tekst en uitleg. Beeld BELGA

“Maar wel met het feit dat er al veel aanbod is van USAR voor risicovolle regio’s door andere landen.” Daardoor werd amper nog beroep gedaan op het Belgische USAR-team en is er beslist dat de civiele bescherming zich beter kon specialiseren in andere capaciteiten, zoals bluskanonnen en zware waterpompen, gespecialiseerde reddingsteams op water voor overstromingen en gespecialiseerde chemische en radiologische meetploegen.

Gevolg: andere landen stuurden hun USAR-teams. Woensdag in de namiddag liet de Libanese ambassade dan weten wat het land kan gebruiken van België. Daarna volgden verschillende vergaderingen tussen de zes departementen die betrokken zijn bij B-FAST. Er is dan ook communicatie heen en weer gevoerd met de Libanese ambassade.

“Voor de B-FAST-capaciteiten die België stuurt, heeft de Civiele Bescherming een meetploeg met zes personen aangeboden die mogelijk giftige stoffen kan analyseren, maar dit voorstel is niet weerhouden door Libanon”, zegt de woordvoerder van FOD Binnenlandse Zaken. Defensie bood dan weer aan om enkele gewonden uit Beiroet over te brengen naar het brandwondencentrum in België, maar ook dat werd door Libanon geweigerd.

“Daar is niet meteen nood aan”, zegt Fadi Hajali, ambassadeur van Libanon in ons land. “De capaciteit in onze ziekenhuizen volstaat. We hebben helaas ervaring met dit soort rampen.”

Glas en aluminium

Maar in Libanon heeft de bevolking kritiek op het weigeren van internationale hulp. Een Frans team van Artsen zonder Grenzen kreeg enkele uren voor vertrek te horen dat het niet meer nodig was. Het Nederlandse USAR-team had het gevoel dat het na aankomst in Beiroet werd afgeremd door nodeloos tijdverlies aan verschillende checkpoints. De Belgische hulp is altijd nog welkom, verzekert de ambassadeur: “We kunnen altijd hulp gebruiken: voedsel, glas en aluminium voor ramen.”

Sinds de missie in Nepal in 2015 lag B-Fast geregeld onder vuur, net omwille van het trage beslissingsproces. Er kwam een onderzoek naar de werking en op aansturen van N-VA kwam er een audit van het Rekenhof. Die partij heeft nu opnieuw vragen.

“Als een instelling voor acute hulp niet in staat is om tijdig te vertrekken, dan moet de vraag gesteld worden of dat een zinvolle structuur is”, zegt Peter De Roover (N-VA). Volgens gewezen spoedarts Luc Beaucourt, ooit betrokken bij B-FAST maar later in onmin, zijn er plannen voor een soortgelijk initiatief op Vlaams niveau, maar dat wordt ontkend binnen de Vlaamse regering.

Beeld REUTERS
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234