Dinsdag 28/09/2021

Mediakunstenaars tussen wal en schip

Zijn ze bezig met beeldende kunst of horen ze eerder bij de media? Mediakunstenaars zal het worst wezen in welk hokje ze terechtkomen. Hun probleem is dat, als het op overheidssubsidies aankomt, ze overal geweerd worden. Het NICC, de belangenorganisatie van hedendaagse beeldende kunstenaars, houdt er morgen een debat over.

De mensen die in de kou blijven staan, zijn makers van creatieve documentaires, van theater- of dansvideo's, of het zijn beeldende kunstenaars die video of nieuwe media in hun werk gebruiken. Ze treden nu naar buiten omdat de beleidsbrief 'Film in Vlaanderen' die de Vlaamse minister van Economische Zaken Eric Van Rompuy (CVP) onlangs voorstelde, hen ongerust maakt. Van Rompuy stelt onder meer voor om de productiemiddelen met 100 miljoen te verhogen en om het geld onder te brengen in een fonds met beheersautonomie, dat zou worden geleid door een 'filmmanager'.

Volgens het NICC heeft het beleidsplan erg veel oog voor de economische aspecten van de audiovisuele media, en dan vooral voor de film, maar is er geen plaats in voor kunstzinnige producties. Dan maar aankloppen bij de minister van Cultuur, Luc Martens (CVP), met de vraag om kunstzinnige producties te financieren en om de verenigingen te financieren die zich bezighouden met spreiding, archivering en conservatie. Maar ook Martens houdt (voorlopig?) de boot af. De mediakunstenaars vallen dus tussen wal en schip.

Een van de verzuchtingen van de mediakunstenaars is een productie-atelier waar ze bijvoorbeeld kunnen gaan monteren. Het commerciële circuit, waar reclamefilmpjes worden gemaakt, biedt hen geen haalbare oplossing. De Brusselse vereniging Argos zou maar al te graag zo'n atelier opstarten, maar heeft niet de nodige financiële middelen. De inrichting (met camerafaciliteiten, digitale montagestudio, hardware en software) zou ongeveer 14 miljoen frank kosten, de werkingskosten per jaar zouden ongeveer 6,6 miljoen bedragen. Dat geld zou worden gebruikt om workshops te organiseren, gastdocenten aan te trekken, artiesten uit de nodigen om in residence te komen werken, en om personeel te betalen. Een hoog bedrag? "Dat lijkt zo in onze sector", zegt Paul Willemsen van Argos," maar het is peanuts als je het vergelijkt met het geld dat naar speelfilms gaat. In Nederland, Frankrijk, Duitsland, in de Franse Gemeenschap bestaan deze ateliers wél."

Argos diende ook een subsidiedossier in bij Brussel 2000. Maar Robert Palmer en zijn ploeg zijn niet bereid om de infrastructuur te financieren, al zou het wel tot een samenwerking kunnen komen. Bij minister Eric Van Rompuy werd een petitielijst pro productie-atelier met een driehonderdtal handtekeningen afgegeven. Vijftig kunstenaars (of organisatoren) schreven zelf een brief aan de minister. Onder hen Jan Fabre, Jan Hoet, Johan Grimonprez, Gorik Lindemans, Koen Theys, Rudy Trouvé, Anne-Mie van Kerckhoven, Jan Vromman, Ana Torfs en Elke Boon.

Op het debat over het filmbeleid zullen onder meer Walter Aertsens (Eric Van Rompuy's kabinetsmedewerker voor media) aanwezig zijn, alsook Mario Verstraete (voorzitter van de Vlaamse audiovisuele selectiecommissie) en Paul van de Velde (directeur-generaal media bij de administratie). "Dat er nu op beleidsvlak in niets voorzien is voor mediakunstenaars, heeft één voordeel: men zal wel moeten inzien dat er iets moet gebeuren", meent Paul Willemsen. "Men begrijpt blijkbaar niet dat we pas interessante films en andere audiovisuele producten kunnen ontwikkelen als er een goed klimaat is. We hebben onder meer behoefte aan goed functionerende filmmusea, vertoningscentra in de culturele sfeer, gespecialiseerde niet-commerciële distributie..." En aan een openbare zender die op zijn verantwoordelijkheid wordt gewezen, voegt hij er aan toe.

Zowel op het kabinet van minister Eric Van Rompuy, bevoegd voor Film en Media, als op het kabinet van minister van Cultuur, Luc Martens, blijkt men zich bewust te zijn van het probleem. Maar consequente afspraken tussen beide excelenties zijn er nog niet gemaakt. Walter Aertsens, woordvoerder van Van Rompuy, wijst er op dat volgens de meeste aanvragen die bij de commissie binnenkomen, de indieners zich als beeldende kunstenaars beschouwen. De woordvoerder van Luc Martens stelt dan weer dat de regel is dat wie bezig is met bewegende beelden zich tot de filmcommissie moet richten. Maar de commissie beeldende kunst erkent video dan weer wel als beeldende kunst als ze aan aankoop van een museum subsidiëren. Kunstenaars in wiens oeuvre videofilm een belangrijk element is, krijgen geregeld ook werkbeurzen toegewezen van de commissie beeldende kunst. (AB)

Het debat vindt op 23/9 om 20 u plaats in het Paleis voor Schone Kunsten, Ravensteinstraat 23 in 1000 Brussel. Info: 03/216.07.71 (wo. tot za., van 14 tot 17 u).

De commissie beeldende kunst subsidieert wel aankoop van een videowerk door een museum

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234