Dinsdag 18/05/2021

Matig Watou vertaalt dichter Leonard Cohen

Met Leonard Cohen in de eregalerij der dichters zit er muziek in het Kunstenfestival Watou 2014. Maar de beeldende kunst is te vaak van een middelmatig niveau. Kunstenaars in situ laten werken, kan het kunstdorp-aan-de-schreve ten goede komen.

Klein geluk in tijden van overvloed, dat is het thema van deze 34ste editie van het poëzie- en kunstenfestival in Watou, de zesde al zonder initiatiefnemer en dichter Gwij Mandelinck. Maar het sprenkeltje geluk dat je vervult als je mooie beelden ontdekt, blijft op sommige van de elf locaties achterwege.

Een van de meest coherente presentaties is te zien in de zogenaamde Graanschuur in de Blauwhuisstraat. De Oostenrijkse kunstenaar Thomas Ehgartner vulde de vloer van een kamertje met 8.000 boeken, die, de rug naar beneden, in een golfbeweging tegen de muur oplopen. Als je de kamer wil betreden, moet je plastic beschermhoezen over je schoenen trekken. De ladder in het midden van de kamer leidt naar een nestachtig hol met nog vochtige wanden van papierpulp. De kunstenaar biedt een uitweg uit de stortvloed aan informatie, een geborgen plek om tot onszelf te komen.

Ehgartner maakte al eerder soortgelijke installaties, maar voor het kunstenfestival heeft hij ter plaatse een variant op maat gemaakt. Zijn Gentse collega Johan De Wit heeft in een andere ruimte bladen uit een tijdschrift streng naast elkaar ingekaderd, nadat hij ze eerst blind heeft gemaakt met tipex. Het resultaat oogt ascetisch en esthetisch tegelijk. Wie goed kijkt, merkt dat de kunstenaar het kunstblad De Witte Raaf het zwijgen heeft opgelegd. Mooi is ook het zwart-witfilmpje van een geconcentreerd meisje met een vogeltje op de vinger. De Wit monteerde het gevonden filmfragmentje naadloos in een loop, zodat de intieme interactie tussen kind en vogel nooit ophoudt.

Elders in de Graanschuur heeft de Nederlandse kunstenares Ans Repkes een fragiele toren gebouwd met 230 broedkastjes. De deurtjes zijn naar het midden gekeerd, zodat ontsnappen onmogelijk lijkt. Even symbolisch is het werkje waarbij ze een teddybeertje tussen boeken over het geloof heeft geschroefd. Het is moeilijk om hier geen allusie op kindermisbruik in de kerk in te zien. Intendant Jan Moeyaert voegde aan het trio in de Graanschuur nog twee beroemdere namen toe, namelijk Louise Bourgeois en Eugène Ionesco. Maar niemand is gebaat met deze namedropping via lithografieën.

Wat wel blijft hangen, is de documentaire Happiness van Thomas Balmès in het Gemeentehuis. De film vertelt via trage beelden en mooie dialogen het verhaal van een dorpsjongetje uit Bhutan dat in de stad voor het eerst kennismaakt met elektrisch licht (en de nachtclub waar zijn zus werkt). Ook de werken in de kerk van Watou, met onder andere een boeddha op een hoop kleren en afgedankte elektronische apparaten van Michelangelo Pistoletto, zijn goed en betekenisvol, maar de integratie in het interieur had beter gekund.

De installatie van de Brit Patrick Murphy op de nabijgelegen Kleine Markt verdient een pluim omdat ze de bewoners deelgenoot maakt aan het kunstenfestival, iets wat in Watou te weinig gebeurt. Op dakgoten, portaal- en dakranden zitten overal felgekleurde duiven, terwijl de container op het plein is omgebouwd tot een lege duiventil met een aantal duivenringen.

Het zwaartepunt van de poëzie, geselecteerd door Willy Tibergien, ligt ongetwijfeld in de Douviehoeve. De eregalerij, waar eerder Leonard Nolens en Herman de Coninck gevierd werden, is nu gewijd aan Leonard Cohen. De focus ligt uiteraard op zijn dichterschap, de eerste liefde van de charismatische Canadees, zoals ook blijkt uit de documentaire Ladies and Gentlemen... Mr Leonard Cohen. Toen de jonge dichter met de fluwelen stem vaststelde dat hij van zijn pen en zijn voordrachten niet kon leven, trok hij in 1967 naar de VS om zijn kans te wagen als singer-songwriter. Toch bleef hij gedichten schrijven. In de eregalerij zien we tien gedichten uit de acht bundels van Cohen die voor het eerst naar het Nederlands zijn vertaald.

Geslaagd is ook de schuur met twee reusachtige hoornen en een grote hangende kap van de Duitse kunstenaar-designer Henry Baumann, waar men liggend of staand onder andere Luc De Vos (Gorki) Elsschot hoort zingen. Wijlen Lenny Kuhr vertolkt de prachtige verzen van Neeltje Maria Min en een fadozangeres zingt Slauerhoff. Proef drie grote Nederlandstalige dichters met je oren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234