Woensdag 30/09/2020

Massaverkrachting in Oost-Congo

In een dorp in Oost-Congo hebben FDLR-rebellen en leden van de Mai Mai-militie zeker 179 vrouwen verkracht. Dat melden de Verenigde Naties op gezag van hulporganisaties ter plaatse. In groepen van twee tot zes man vergrepen de strijders zich daarbij telkens aan een vrouw, vaak voor de ogen van hun echtgenoten en kinderen. Zelfs baby’s zouden seksueel misbruikt zijn.

Huturebellen en Mai Mai-strijders begaan op gigantische schaal seksueel geweld in schaduw van VN

De gruwelijke feiten dateren van begin deze maand. De VN trekken na hoe het kan dat VN-militairen op een dertigtal kilometer van de getroffen dorpen niet in actie kwamen.

De Verenigde Naties hebben maandag de verkrachting bevestigd van meer dan 179 vrouwen door het FDLR (Forces démocratiques de libération du Rwanda), de Huturebellen die al jaren de heuvels van Oost-Congo terroriseren en aan wie talloze dorpen ten prooi vielen. Ook beruchte Mai Mai-strijders hebben aan de massaverkrachtingen deelgenomen.

Volgens woordvoerster Stefania Trassari van het VN-Bureau voor de Coördinatie van Humanitaire Zaken (OCHA) speelden de feiten zich in en om de stad Luvungi in Noord-Kivu af. Op 30 juli namen meerdere honderden militieleden de regio in, om ze pas drie dagen later, op 3 augustus, weer ‘vrij’ te geven. “Tijdens hun aanval plunderden de rebellen de huizen van de burgerbevolking en verkrachtten ze talrijke vrouwen”, aldus Trassari. Ook is er sprake van verregaand seksueel geweld tegen baby’s en jongeren.

Met name in het dorp Bunangiri zouden de daders bijzonder driest te werk gegaan zijn. Eerst zouden ze de burgers verteld hebben dat ze hooguit wat voedsel en rust kwamen zoeken en dat niemand iets te vrezen had. Uiteindelijk werd het dorp compleet afgesloten en aan de willekeur van de verkrachters onderworpen.

Het International Medical Corps (IMC), een hulporganisatie die actief is in het gebied, zegt dat tot dusver 179 gevallen van verkrachting zijn gesignaleerd. “Eerst hoorden we van 24 gevallen, dan werden het er 56, vervolgens 78, dan 96, daarna 156 enzovoort”, zegt regionaal IMC-directrice Miel Hendrickson. “Het aantal blijft stijgen naarmate er meer gerapporteerd wordt.”

Volgens IMC “blijkt uit bijna alle getuigenissen dat de verkrachtingen door twee tot zes mannen terzelfder tijd begaan werden. Niet zelden vonden ze plaats voor de ogen van echtgenoten en kinderen, hetzij thuis, hetzij in de bush. Als er een auto in de buurt passeerde, verstopten de daders zich.”

Dat de gruwel zich drie weken geleden afspeelde maar nu pas tot de buitenwereld doordringt, is bijzonder tragisch. De complete verlatenheid waarin de burgers zich tijdens en na de geweldgolf bevonden, valt nog minder te begrijpen in het licht van de aanwezigheid van militairen op 30 kilometer afstand, waar de VN een basis hebben. Militaire woordvoerders zeiden gisteren dat de organisatie volop onderzoekt wat er precies gebeurd is. Ook het mijnbouwcentrum van Walikale, dat bekendstaat als een bolwerk van de rebellen, ligt in de buurt.

Het FDLR, dat ontstond uit Rwandese Hutu’s die na de genocide van 1994 hun land ontvluchtten, heeft het oosten van Congo gaandeweg gedestabiliseerd. In 2009 lanceerden Congo, Rwanda en de VN een gezamenlijk initiatief om de rebellen klein te krijgen, maar volgens humanitaire organisaties zijn vooral de verkrachtingen in Oost-Congo sindsdien dramatisch blijven toenemen.

Een in de lente verschenen studie van Oxfam gewaagt zelfs van een verzeventienvoudiging de laatste jaren. Niet alleen het FDLR, ook andere gewapende groepen, soldaten van het Congolese regeringsleger inbegrepen, begaan seksuele gruweldaden. Vorig jaar, in het licht van het offensief, was sprake van meer dan negenduizend verkrachtingen, tevens van mannen en jongens.

Een opvallende trend is dat ook burgers steeds meer verkrachtingen op hun kerfstok hebben. Bleek in 2004 minder dan één procent van alle gevallen het werk van burgers, dan betrof het in 2008 al 38 procent. “Deze bevindingen impliceren dat verkrachting normaal geworden is en wijzen op de erosie van alle opbouwende sociale mechanismen die burgers tegen seksueel geweld moeten beschermen.”

Dat zich in Oost-Congo al sinds 1999 VN-vredestroepen bevinden waar ze voor stabiliteit moeten zorgen, kon niet verhinderen dat er in de regio hard gevochten werd en dat de verkrachtingen hand over hand toenamen. De oorlog (1998-2003) en de daaropvolgende humanitaire rampspoed hebben naar schatting 5,4 miljoen Congolezen het leven gekost.

Eerder dit jaar eiste de president van de Democratische Republiek Congo, Joseph Kabila, dat de VN hun 20.000 soldaten tegen 2011 uit het land zouden terugtrekken. Hoewel de voorbije maanden zo’n 1.700 vredeshandhavers naar huis teruggekeerd zijn, blijven de VN militaire operaties steunen tegen irreguliere gewapende groepen in Oost-Congo.

Roger Meece, de Amerikaanse diplomaat die aan het hoofd staat van de VN-missie Monusco (de opvolger van de eind juni opgedoekte Monuc), waarschuwde vorige week nog voor de gigantische bedreiging die de FDLR-rebellen voor de burgerbevolking blijven.

In ons land spreekt intussen ook minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere over een “barbaarse aanval”. Vanackere, die voor een grondig onderzoek naar de misdaden pleit, “vraagt aan Monusco na te gaan waarom de VN-blauwhelmen (...) niet zijn kunnen tussenkomen om dit meerdere dagen aanhoudend geweld te stoppen”.

Ook België is voorstander van een verdere aanwezigheid van VN-blauwhelmen in Oost-Congo en voor een actief optreden door Monusco. Vanackere besprak de toestand vorige week nog tijdens zijn onderhoud met VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon, in New York.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234