Donderdag 28/01/2021

Massaplundering in kaart gebracht

In de Tweede Wereldoorlog roofden de nazi’s zonder verpinken honderdduizenden kunstwerken uit Joodse collecties en instellingen. Nu staat er een ambitieuze database online die het opsporen en teruggeven ervan een nieuwe impuls moet geven. Een Duits-Frans-Amerikaans project registreert 20.000 stukken roofkunst, met werk van Chagall, Monet en zelfs Vermeer en Rembrandt.

Jacques Lust, expert restitutiezaken bij POD Wetenschapsbeleid, noemt het internationale initiatief ‘zeer behulpzaam’. Maar waarschuwt ook. ‘Terugvinden van een geroofd kunstwerk is één zaak. Maar het daadwerkelijk restitueren ervan is een ingewikkeld proces. Het is niet van: ik druk op de knop en ik heb het.’

Nogal wat nazikopstukken waren bezeten én onverzadigbare kunstverzamelaars. Tijdens de Tweede Wereldoorlog sloegen ze dan ook op alle fronten hun slag. Adolf Hitlers natte droom bleek een Führermuseum dat het Louvre tot een meeloper zou degraderen. En ook luchtvaartminister Herman Göring en Martin Bormann, Hitlers secretaris, lieten zich niet pramen. Göring plunderde systematisch de collectie van Edouard de Rothschild.

Toen de Duitse pletwals vanaf 1940 door Europa trok, graaiden de nazi’s dan ook op nietsontziende wijze in de collecties van Joodse verzamelaars, musea en instellingen. Ze riepen zelfs een speciale dienst in het leven: de Einsatzstab Reichsleiter Rosenberg (ERR). Die ressorteerde onder nazi-ideoloog Alfred Rosenberg en moest de inbeslagname van honderdduizenden Joodse kunstschatten stroomlijnen. Vaak werden de vangsten heel zorgvuldig geïnventariseerd op indexkaartjes. Hoewel heel wat gestolen werken intussen werden gerestitueerd, zijn nog steeds advocaten, historici en lobbyisten wereldwijd in de weer met het traceren van door nazi’s gestolen of zoekgeraakte kunstvoorwerpen.

Nieuw instrument

Sinds gisteren hebben zij daarvoor een nieuw gesofisticeerd instrument ter beschikking. Met de lancering van de database Cultural Plunder by the Einsatzstab Reichsleiter Rosenberg: Database of Art Objects at the Jeu de Paume is een register online gekomen dat 20.000 kunstwerken inventariseert die de nazi’s van de Joden ontvreemdden. Gedetailleerde foto’s van de kunstvoorwerpen en de identiteit van de eigenaars moeten de zoektocht vergemakkelijken. Het gaat voornamelijk om kunstwerken die in bezet Frankrijk tussen 1940 en 1944 zijn meegenomen, waaronder ook enkele uit België. Er zijn werken bij van Claude Monet en Marc Chagall, maar er is ook 18de-eeuwse meubelkunst, evenals werk van Picasso, Leonardo da Vinci, Vincent Van Gogh, Lucas Cranach en Johannes Vermeer. Zo zijn ook tien werken van Rembrandt na WO II niet meer teruggekomen bij de rechtmatige Joodse eigenaren, blijkt uit de databank. De nazi’s gebruikten het Parijse Musée de Jeu de Paume als een van hun verzamelpunten.

“Decennia na de grootste massaplundering uit de geschiedenis van de mensheid kunnen de beroofde families het register raadplegen. Het moet hen helpen bij het lokaliseren van sinds lang verloren kunstschatten”, zo benadrukt Julius Berman, voorzitter van de Conference of Jewish Claims Against Germany. Zij werkten voor het project samen met het United States Holocaust Memorial Museum en het Duitse Bundesarchiv.

Ruim vijf jaar kostte het digitaliseren van de Duitse indexkaartjes, merendeels afkomstig uit Rosenbergs ERR-project. “Nogal wat mensen gaan ervan uit dat de meeste roofkunst nu wel is terugbezorgd”, zegt Wesley A. Fisher van de Claims Conference. “Dat klopt helemaal niet. Ruim de helft van deze 20.000 stukken is nooit meer bij de eigenaars terechtgekomen.” Berman voegt eraan toe: “Het is nu aan de musea, kunsthandelaars en veilinghuizen om te controleren wat zij in hun bezit hebben om te bepalen of zij gestolen kunstwerken van slachtoffers van de Holocaust bezitten. Het is nooit te laat om ervoor te zorgen dat de kunstwerken weer in de huiskamers van Joodse families hangen.”

In totaal staan 260 collecties en 269 eigenaars in de gegevensbank. De Claims Conference schat overigens dat het totaal aantal geroofde kunstwerken in de naziperiode zowat 650.000 moet zijn, in Frankrijk alleen al ging het om 100.000 stukken. “Er schuilt een complex menselijk drama achter elke naam in deze database”, zegt projectleider Mark Masurovsky.

De laatste jaren kreeg de speurtocht naar naziroofkunst weer een forse impuls. In Praag verbonden eind juni 2009 46 landen er zich in de Verklaring van Theresienstadt toe om de door de nazi's gestolen kunstwerken terug te geven. Jacques Lust, Belgisch specialist van de POD Wetenschapsbeleid inzake restitutiezaken, vermoedt dat het online komen van de database een “zeer behulpzaam instrument” betekent voor vooral de nabestaanden. “Zij moesten een lange speurtocht ondernemen doorheen diverse, vaak kolossale archieven in verschillende landen. Bijzonder tijdrovend en voor de meesten niet haalbaar. Het is een grote stap vooruit dat deze gegevens samengevoegd zijn. Er is hiervoor intens en lang internationaal samengewerkt.”

Lust ziet de database kaderen in een recente tendens: “Er is de laatste decennia meer aandacht voor de precieze herkomst van kunstwerken, denk ook maar aan het Art Loss Register, een wereldwijde gegevensbank voor gestolen en vermiste kunstwerken.” Die bevat 180.000 gestolen, vermiste of geroofde kunstwerken, waaronder ook roofkunst uit de Tweede Wereldoorlog.

Precieze herkomst

Veel Duitse musea zijn nog maar pas begonnen met het onderzoek naar de herkomst van hun kunstwerken. “Maar”, waarschuwt Lust, “bij veel kunstwerken zal de precieze herkomst nooit meer te achterhalen zijn.” Toen Duitsland zelf werd bezet door Amerikanen, Engelsen en Russen, gingen veel voorwerpen weer over in andere handen. De Russen maalden weinig om eigendomsrechten. “Soms worden ook werken te goeder trouw verkocht. En je hebt ook nog het fenomeen dat bepaalde werken aan andere kunstenaars werden toegeschreven.”

Volgens Lust staan de restitutieregelingen in West-Europa goed op punt, maar is het vooral in Oost-Europa en ook in Oostenrijk aanpoten. “Daar staat alles nog in de kinderschoenen. Vergeet ook niet dat veel ‘kleinere’ werken niet geïnventariseerd zijn door de nazi’s. In deze database stuit je dan ook wel eerder op de topwerken.” Hij concludeert: “Terugvinden is één zaak. Het is niet van: ik druk op de knop en ik heb het.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234