Zondag 17/01/2021

InterviewFamilieklap

Marc de Bel en dochter Elf: ‘Zij las ’s avonds altijd wat ik overdag had geschreven’

Marc de Bel en dochter Elf.Beeld Bob Van Mol

De oudste is 66, auteur van 180 jeugdboeken en bezieler van Blinker en de zusjes Kriegel. De jongste is 45, leerkracht in het middelbaar en maker van borden uit keramiek. Marc en Elf de Bel, vader en dochter.  

MARC

“Van vier kinderen is Elf de oudste. We zijn een hele hechte familie en zien elkaar zeker wekelijks in normalere omstandigheden. Wat helpt, is dat onze kinderen allemaal op enkele kilometers van ons wonen. Mijn vrouw Mie, die echt de moederkloek van de familie is, vindt dat geweldig. Ondertussen zijn er elf kleinkinderen bijgekomen, van wie de oudste straks 20 wordt en de jongste nog maar enkele maanden oud is. Ook zij komen regelmatig langs om met de pony’s te spelen of om te zwemmen.

“Mie en ik wisten al vroeg dat we veel kinderen wilden. We waren nog maar zeven maanden getrouwd toen Elf geboren werd. Eigenlijk hadden we graag zes kinderen gehad. We zagen het al voor ons: wij aan het hoofd van een lange tafel, met drie kinderen aan elke zijde. Maar ons vijfde kindje is helaas ­teruggegaan naar waar het vandaan kwam, en toen hebben we besloten het bij vier te houden.

“Nu schrijf ik mijn boeken op de computer, maar toen de kinderen klein waren, gebeurde dat nog met pen en papier. Elf was een fervent lezer en las ’s avonds wat ik overdag had geschreven. Daar keek ze zo hard naar uit dat ze ’s ochtends al zei dat ik vaart moest maken. (lacht) Op een bepaald moment las ze gewoon mee over mijn schouder. Als ik dan een minuut aan het nadenken was, voelde ik de hete adem in mijn nek.

“Veel van wat er thuis gebeurde, heeft zijn weg gevonden naar mijn boeken. Ik herinner me nog dat mijn schrijfkamer op een bepaald moment onder de kamer van Elf lag. Cyndi Lauper was in die tijd populair en boven mij werd ‘Girls Just Want to Have Fun’ grijsgedraaid. Ik hoorde haar dan rondschuifelen op de hoge hakken van mijn vrouw, terwijl ze dat nummer luidkeels meezong. (lacht) In Nikki Nikkel heb ik uiteindelijk een scène verwerkt waarin een meisje op een vrij podium Cyndi Lauper imiteert.

“Voor ik voltijds schreef, heb ik twintig jaar als leerkracht gewerkt, en in die tijd heb ik lesgegeven aan al mijn kinderen. Dat vond ik fantastisch. Elf was een goede leerling die altijd in orde was. In de klas moest ik natuurlijk wat strenger zijn dan thuis, maar onder de schoolbank tikten we elkaars voet even aan, als een onzichtbare knipoog.

“Ik heb altijd geloofd dat je kinderen zo vrij mogelijk moet laten. Hoe verder je de grenzen kan leggen, hoe beter. Dát ze maar eens met hun kop tegen de muur lopen. Onze kinderen maakten het ons natuurlijk gemakkelijk: geen van hen heeft ooit ook maar een beetje gepuberd. Onbeleefd zijn ze ook niet geweest. ‘Een dochter sla je met een veer’, was m’n motto. Maar zelfs dat heb ik nooit moeten doen.

“Thuis hadden we ook lang geen centrale verwarming, er was enkel een houtkachel in de woonkamer, waardoor we allemaal op elkaar aangewezen waren. ’s Winters speelde ons hele leven zich af in die ene verwarmde ruimte. Daar werd er naar muziek geluisterd, huiswerk gemaakt, gekookt, gespeeld en geschreven. In de slaapkamers was het vaak ijzig koud, maar aan die periode koester ik toch vooral warme herinneringen.”

Elf: 'Vader had zo zijn stokpaardjes: tegen liegen kon hij absoluut niet. En we moesten altijd ons bord leeg­eten.'Beeld Bob Van Mol

ELF

“Ik ben opgegroeid met drie jongere broers en leerde al vroeg mijn mannetje te staan. Wij konden wel eens ruziemaken, maar als het erop aankwam, waren wij een clan waar niemand tussen kon komen. Thuis kregen wij als kind een enorme vrijheid. Er was de ruimte om te doen wat we wilden en vol­op te experimenteren. We hadden een grote tuin waarin een caravan stond die dienstdeed als clubhuis, we mochten vuur maken en soep koken met ingrediënten uit het bos. Pure zorgeloosheid was het: hele dagen kampen bouwen en in bomen klimmen. Onze ouders wisten lang niet altijd waar we waren, maar dat vonden ze ook niet erg.

“Anderzijds was papa iemand met veel gezag. Als je iets had gedaan wat niet door de beugel kon, hoefde hij zelfs niks te zeggen: je zag zijn neusvleugels trillen en je wist hoe laat het was. Hij is oorspronkelijk een schoolmeester, hè, en dat zit er nog steeds een beetje in. Hij had zo zijn stokpaardjes: tegen liegen kon hij absoluut niet. En we moesten altijd ons bord leeg­eten. (lacht) Dat betekende ook dat hij zelf heel eerlijk was tegen ons, en er bijvoorbeeld geen geheim van maakte dat hij als tiener ook weleens een jointje had gerookt. Die aanpak pas ik nu toe bij mijn drie dochters: we hebben een open relatie waarin alles bespreekbaar is. Dat wij destijds in zo’n warm gezin zijn opgegroeid, is me pas later duidelijk geworden. Toen ik een jaar of 16 was, begon ik te merken dat sommige vriendinnen een veel ijzigere relatie hadden met hun ouders.

“Ik herinner me nog levendig het moment waarop het debuut van mijn papa werd voorgesteld. Ik was net mijn eerste rapport in het eerste middelbaar gaan afhalen, en moest dan meteen naar boekhandel Beatrijs rennen waar Het ei van oom Trotter boven de doopvont werd gehouden. Toen hij niet veel later de prijs van de Kinder- en Jeugd­jury kreeg, ging het heel snel. Ik heb dus echt wel een periode voor en na zijn schrijverschap meegemaakt.

Gekke gewoontes

Elf over Marc: “Als mijn papa een boek afgewerkt heeft, speelt hij loeihard ‘Forever Young’ van Bob Dylan. Vroeger dansten en zongen we dan allemaal mee.”

Marc over Elf:  “Elf laat het hele jaar door de kerstlichtjes hangen.”  

“Na dat eerste boek was hij bijna voortdurend aan het schrijven. We zagen hem vanuit de tuin door het raam wel werken en we wisten dat hij er was als we hem nodig hadden, maar mentaal zat hij toch vaak in zijn schrijversbubbel. Ook op reis nam hij zijn manuscript mee, wat ik niet altijd leuk vond. Dat passages uit ons leven in de boeken opdoken, vond ik dan weer wél geweldig. Zo is de timmerman Valerus in Nelle, de heks van Cruysem geïnspireerd op mijn grootvader.

“Vaak was ik de eerste lezer van de manuscripten van papa, samen met mijn mama en oma. We mochten dan telkens onze ongezouten mening geven, maar meestal vond ik die eerste versie al geweldig. Ondertussen zijn we 180 boeken verder, en heb ik nog steeds alles gelezen wat hij gepubliceerd heeft. En ik vind het nog steeds allemaal even goed.”

Marc de Bels meest recente boeken: Blinker en de bezemstaf van de Belleheks en Lieze & Tine, dochters van de duivel.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234