Zondag 27/09/2020

InterviewSchoonheid

Mannen over hun lichaam: ‘De stereotypes waaraan de man moet voldoen, zijn nog strikter dan voor vrouwen’

Dominique Van Malder: 'Voor mij is het lang een overwinning geweest om te gaan zwemmen met mijn zoon. Op het strand moet ik nog vaak diep ademhalen voor ik mijn T-shirt uittrek.'Beeld Carmen De Vos

Na vier feministische golven en een #MeToo-orkaan is de verwarring van De Man compleet. Wat willen vrouwen? Wat willen mannen zelf? Wat wil Poetin bewijzen wanneer hij in een filmpje zijn spierballen weer eens laat rollen in de fitness? En hoe komt het dat jonge gasten elkaar toeroepen: ‘Do you even lift?!’ – ‘Train jij wel?!’ We maakten een tournee langs kathedralen van lijven en sprak met mannen over hun spierwitte melkflesbenen en hun omvangrijke buikomtrek.

Zonder gespierd lijf tel je niet meer mee, en dat is precies wat er vandaag aan de hand is, zegt Koen Dedoncker, coördinator van MenEngage Vlaanderen, dat met de campagne ‘Ik ben de man’ stereotiepe ideeën over mannelijkheid aan de kaak stelt.

Dedoncker: “Heb je de film Baywatch gezien? Die serie uit de jaren 90 was nog helemaal geënt op mannen die naar vrouwenlichamen kijken, maar in de film uit 2017 hebben mannen meer oog voor mannenlichamen, en zeggen ze: ‘Wat is hij gespierd. Daar moet ik ook eens nodig werk van maken.’

“Tijdens de workshops die we in scholen geven, blijkt ook steeds dat alle jongens al ontelbare keren de opmerking ‘Man up!’ – ‘Verman je!’ – hebben gekregen. En dat ze ontzettend veel namen hebben voor jongens die een beetje afwijken: pussy, sissy, janet... De stereotypes waaraan de man moet voldoen, zijn nog zoveel strikter dan die voor vrouwen.”

Dat ontdekten ook de Nederlandse wetenschapsjournalisten Stephan van Duin en Jop de Vrieze toen ze De karakterman begonnen te schrijven. Het moest een boek worden over hoe je als man je leven kunt optimaliseren, maar het werd een oproep om een eigen versie van je mannelijkheid te vinden, door ‘karakter’ te tonen.

Van Duin: “Schrijvenderwijs merkten we dat heel veel mannen zich laten leiden door stereotiepe mannelijkheid, en dat ze zich erdoor laten tegenhouden wanneer ze hun gezondheid en hun leven willen optimaliseren. Iedere man denkt dat hij meer om zijn gezondheid geeft dan andere mannen. Stiekem geven ze er dus allemaal om, maar tegenover hun vrienden houden mannen zich groot, en ze komen niet in actie als het niet goed met hen gaat. Eigenlijk nemen ze elkaar in de maling en zorgen ze ervoor dat lichamelijke of psychische kwalen niet besproken worden.

“Ik merkte zelf ook dat het niet simpel is om je te onttrekken aan de gangbare verwachtingen. Op café zei ik af en toe voorzichtig: ‘Doe mij mij maar een alcoholvrij biertje.’ Ik werd meteen belachelijk gemaakt, en als ik niet oplette namen mijn vrienden toch een normaal biertje voor me mee. Het wordt nog steeds als zwak gezien wanneer je als man water drinkt, een keer een salade bestelt in plaats van een grote pizza met veel vlees en kaas, of vroeg naar huis gaat omdat je slaap belangrijk vindt. Gelukkig komt er verandering in, maar het boek heeft veel meer losgemaakt dan we dachten.”

Uit de geëmancipeerde hoek vindt men dat het boek niet ver genoeg gaat, en dat het De karaktermens had moeten heten, en niet De karakterman. Maar veel mannen vinden ook dat die ‘karakterman’ slechts een slap aftreksel is van een ‘echte’ man.

Van Duin: “Ja, het zijn die alfamannetjes die Jop ook schamper een ‘zitplasser’ hebben genoemd, alsof dat vrouwelijk zou zijn, en ‘een schande voor het mannelijke geslacht’. Wat onzin is: het is Jops goed recht om een zitplasser te zijn. Ik ben dat zelf niet, maar dat maakt helemaal niets uit voor je mannelijkheid.”

Beeld Carmen De Vos

Ik heb de indruk dat die twee kampen steeds extremer tegenover elkaar staan: aan de ene kant de mannen die het ouderwetse manbeeld koesteren en hun viriliteit in de verf zetten, zoals Poetin die zijn spierballen laat rollen in de fitness; aan de andere kant de mannen die zich net afzetten tegen zulke clichés.

Van Duin: “Het ligt allemaal nog zo gevoelig. We leven in een tijd waarin het steeds meer geaccepteerd wordt dat je ‘jezelf’ bent, wat dat ook moge zijn – transgender, homoseksueel of iemand met een bijzondere hobby. Maar daardoor ontstaat er ook een behoefte om die identiteit heel duidelijk neer te zetten. Eigenlijk wil iedereen een hoogstpersoonlijke gaypride om zijn of haar unieke zelf te laten zien. Wie zich vastklampt aan het clichématige, merkt door al die variatie dat het fundament onder zijn mannelijkheid wegvalt. Dat zorgt voor spanning.”

Hoe merkte u dat bij zichzelf?

Van Duin: “Ik heb als student fanatiek geroeid. We waren allemaal gespierde gasten die best macho met elkaar omgingen en elkaar vaak aan het afzeiken waren. Als je 20 bent en alles nog kunt, komt dat allemaal niet zo hard aan. Maar nu we wat ouder worden, er hier en daar wat vet op de botjes komt, en niet alles in het leven nog mogelijk is, voelt het anders aan. Ik begin in te zien dat we het misschien toch eens tegen elkaar moeten zeggen als het wat minder gaat, en dat we elkaar moeten vertellen hoe belangrijk onze vriendschap is.”

Hoe heeft u dat aangepakt?

Van Duin: “Ik moest wel even een drempeltje over, hoor, voor ik in nuchtere toestand tegen een vriend durfde te zeggen: ‘Ik hou van je en ik hoop dat we nog lang vrienden zullen blijven.’ Maar die openheid heeft er wel voor gezorgd dat ik in ieder geval één vriend echt heb teruggewonnen. Hij was op den duur meer een kennis geworden omdat we allebei deden alsof we onkwetsbaar waren en een onkreukbaar leven leidden, zoals het een man betaamt. Nu we kwetsbaar durven te zijn, heeft onze vriendschap veel meer diepgang.”

‘Een man die zich afzet tegen de mannelijke clichés en zijn vrouwelijke kanten omarmt, komt voor een dilemma te staan: welke ‘mannendingen’ wil hij nog wel koesteren en welke niet? Hoe kan hij laten zien wat hij waard is?’, las ik in De karakterman.

Van Duin: “Ik vind het eigenlijk maar een vermoeiende vraag. Waarom zouden we dingen niet kunnen omdraaien? Stel: ik vind het leuk om sleutelhangers te haken. Dan is dat per definitie iets mannelijks, omdat ik een man ben.”

Ik vrees dat het voor veel mannen een brug te ver is om hun mannelijkheid te halen uit sleutelhangers haken.

Van Duin: “Dat zal best, maar daar spelen de media een rol in. Wanneer zien we eens een artikel dat mannen idoliseert die modeltreintjes bouwen? Of een dikke acteur als ‘hunk van de week’? Ik denk dat veel mannen best weten wat voor man zij willen zijn, maar dat ze bang zijn voor de reactie van de samenleving. En vrouwen net zo goed.

“Ik ben ook gevoelig voor schoonheidsidealen en voor wat als stoer wordt gezien. Deze week ga ik bijvoorbeeld weer beginnen met crossfit.”

Doet u dat voor zichzelf, of denkt u dat vrouwen spieren willen? Ik hou wel van een buikje.

Van Duin: “Ja? Val jij voor de dad bod?”

De wat?

Van Duin: “De dad body: het lijf van de man die een buikje krijgt omdat hij kinderen heeft en geen tijd meer vindt om te gaan fitnessen. Ik vind het lastig om ouder te worden en dat buikje te zien groeien. Dat lichaamsbeeld past niet bij mijn idee van wie ik ben, al is dat voor een deel ook extern ingegeven. Als ik moet spreken voor een publiek, wil ik zelfvertrouwen hebben, en een goed lichaam helpt me daarbij.”

Bent u dan ook niet bezig met te voldoen aan het stereotiepe manbeeld?

Van Duin: “Deels wel, al doe ik het ook voor mijn gezondheid. De hele krampachtige vorm van mannelijkheid loslaten levert ook echt veel vrijheid op. En dat werkt in twee richtingen: als een vrouw een man met spieren wil, dan moet ze goed beseffen dat die kerel alle tijd die hij in de fitness doorbrengt niet aan haar kan besteden.”

U zei dat stereotypes mannen beletten om hun leven te optimaliseren. Maar het gaat verder dan dat: soms werken ze ook lichamelijke en geestelijke problemen in de hand.

Van Duin: “(lacht) Ja, in het boek schrijft Jop bijvoorbeeld dat hij veel te lang met een voetschimmel is blijven rondlopen omdat hij maar bleef zeggen dat hij nergens last van had. Dat is een vrij onschuldig probleem, maar het zegt wel iets. Niet voor niets lijden mannen vaker dan vrouwen aan ziektes, leven ze minder lang en plegen ze vaker zelfmoord. Dat het not done is voor een man om hulp te zoeken kan zo funest zijn.”

Dat beaamt ook Koen Dedoncker. Volgens hem hebben we nog steeds liever dat jongens geweld gebruiken en zich stoer voordoen dan dat ze hun problemen tonen.

Dedoncker: “Dat zagen we duidelijk in de resultaten van ‘Test je mannelijkheid’, een onlinetest die we bij de campagne ‘Ik ben de man’ aanbieden. Wat bleek? Jongens hebben het gevoel dat ze moeten vechten als ze worden uitgedaagd, en dat ze risico’s moeten durven nemen. We zijn echt geschrokken van de antwoorden op de vraag in welke mate ze kunnen terugvallen op een vader(figuur) of vrienden wanneer ze zich slecht voelen, of hoezeer ze zélf een steun zijn voor vrienden met problemen. Het is voor jongens kennelijk nog steeds totaal niet aanvaard om angsten of onzekerheden te tonen.

“We zijn onze workshops nu aan het omvormen voor gedetineerden. We willen in gevangenissen gaan spreken met mannen over hoe de mannelijke stereotypes hun leven hebben beïnvloed en er misschien mee voor hebben gezorgd dat ze in de misdaad zijn terechtgekomen. We gaan het ook zeker hebben over de relatie met hun vader, die vaak problematisch of onbestaande is geweest.”

MenEngage is een internationale organisatie gericht op ‘de heroriëntering van mannelijkheid’.

Dedoncker: “Ja. Er is de laatste tijd heel veel aan de gang: wetenschappelijk onderzoek naar mannelijkheid, mannenfestivals... Niet gek, natuurlijk: vrouwen hebben al vier feministische golven achter de rug, ze denken al decennialang na over hun vrouw-zijn, en ze durven dat nu in alle vormen en maten te beleven. De man is lang een blinde vlek gebleven voor zichzelf. Dat mannen ook last hebben van stereotypering is iets dat nog maar net begint te dagen. Met MenEngage willen we de man box openbreken en benadrukken dat vrouwen en mannen allebei mens zijn, en dat de stereotypes maatschappelijke constructies zijn. Maar we merken in ons netwerk soms weerstand op van mensen die blijven vasthouden aan het fundamentele verschil tussen mannen en vrouwen, en het vroeger allemaal eenvoudiger vonden. Ik vind het heel goed – noodzakelijk zelfs – dat mannen elkaar opzoeken en rond een kampvuur verbinding proberen te maken met elkaar, maar ik ben bang dat er zo een nieuwe man box ontstaat, waarin we opnieuw vast komen te zitten.”

Beeld Carmen De Vos

VUUR EN ZWAARDYOGA

Gert Daniels van MannenRaad is medeorganisator van het Mannenfestival, een meerdaags evenement dat uitsluitend bedoeld is voor mannen en waar al eens een kampvuur wordt gestookt.

Daniels: “Mannen zijn vanbuiten en vanbinnen anders dan vrouwen, en die verschillen zijn móói. Met het Mannenfestival zijn we gaan onderzoeken hoe het is om man te zijn in deze tijd, en hoe we onze zonen kunnen inspireren.

“Vroeger zag een jonge man bepaalde kwaliteiten in zijn vader: als die timmerman was, bewonderde de zoon hem om hoe knap hij hout kon bewerken. Dat ‘manvoorbeeld’ is in onze maatschappij bijna verdwenen. Vaders zijn meestal afwezig. Jongens hebben geen manvoorbeeld meer, ze krijgen van hun vader geen inleiding tot het man-zijn. Op het Mannenfestival willen we jonge en oude mannen, vaders en zonen, weer bij elkaar brengen.”

Op het festival maken jullie onder meer kampvuren en trekken jullie je samen naakt terug in zweethutten.

Daniels: “Het lichaam helpt je te voelen wat je als man waard bent. Als we met z’n allen de zweethut uitkomen en naakt rond het vuur staan, geeft dat een heel sterk gevoel van: hier stáán we. Dat gaat niet zozeer over ‘Heb ik nu een groot of een klein spel hangen?’, of ‘Ben ik nu gespierd of dik?’, maar wel over er stáán in de wereld, over daadkracht. De wereld is complex geworden, en voor jonge mannen is het heel moeilijk om er hun identiteit en eigenheid in te vinden. De vrouwenbeweging is al decennia bezig om vrouwen te empoweren, en geeft nu zelf toe dat ze daarin te ver is doorgeschoten.”

Pardon?

Daniels: “In de #MeToo-kwestie, bijvoorbeeld...

“Maar wat ik wil zeggen: heel wat terreinen waarop vroeger alleen mannen bewogen, zijn ingenomen door vrouwen. Ook vrouwen gaan nu op pad, en zorgen voor inkomsten. Veel mannen vragen zich daardoor af wat hún terrein nu nog is, en waaruit ze hun mannelijkheid nog kunnen putten. Dat hoeft niets groots te zijn: het kan helderheid zijn, of focus. Gewoon íéts waarvan je voelt: dit is mijn kernkwaliteit.”

Zouden mannen die kernkwaliteit ook kunnen vinden in het haken van sleutelhangers?

Daniels: “Eventueel, maar dat zal niet snel gebeuren. Als je een jongen voorstelt om yoga te gaan doen, zegt hij meteen: ‘Ga toch weg!’ Daarom geef ik nu zwaardyoga, want met een zwaard zwaaien vinden ze wél interessant. En terwijl ze met dat zwaard tekeergaan, leer ik hun aandachtig zijn, aanwezig zijn, kijken en luisteren naar anderen... Dat is ook een belangrijk doel van het Mannenfestival: mannen naar elkaar laten luisteren. Vrouwen komen al eeuwen samen om diepzinnige gesprekken te voeren. Wat dat betreft, hebben wij echt een achterstand in te halen. Tijdens de gesprekken rond het kampvuur komt er zoveel naar boven: angst voor verlies, financiële onzekerheid, de veranderende maatschappij of ‘hoe ze er moeten uitzien’. We worstelen met precies dezelfde angsten als vrouwen, alleen moeten wij dat nog leren uitspreken.”

Beeld Carmen De Vos

SIXPACK OP BESTELLING

Angsten uitspreken lukt mannen ook alsmaar beter bij de plastisch chirurg. Ze kloppen er steeds vaker aan en willen net als vrouwen van hun rimpels, hangende oogleden en wallen af. Al komen heteromannen vooral om hun buik en love handles te laten wegwerken, zegt dokter Wim De Maerteleire van de Mediclinic in Heverlee.

De Maerteleire: “Voor een liposculptuur is intussen zeker een derde van onze klanten man. Het vet onder de navel en op de heupen krijgen mannen er na een bepaalde leeftijd nog heel moeilijk af. En veel mannen die fitnessen en altijd een mooi figuur hebben gehad, komen, zodra ze de 40 voorbij zijn, om een sixpack vragen.”

Kunt u mannen een sixpack geven?

De Maerteleire: “Ja. Of toch de indruk ervan. Normaal zuigen we bij een liposculptuur het vetweefsel weg dat diep onder de huid ligt, zodat die er glad blijft uitzien. Als we een sixpack maken, gaan we juist dicht onder de huid werken. We trekken een lijntje in het vetweefsel van de buik, zodat er een reliëf ontstaat dat het idee geeft van een sixpack. Dat ziet er heel mooi uit (toont foto's van mannen die inderdaad een gespierde buik lijken te hebben). Ze lijken ook slanker vanwege de suggestie van de buikspieren.”

Waanzinnig.

De Maerteleire: “Wat me opvalt bij mannelijke klanten, is dat ze heel precies weten wat ze willen. Vrouwen komen meestal met het algemene verzoek: ‘Ik wil er frisser uitzien.’ Als mannen voor fillers komen, hebben ze vooraf tot in het detail uitgezocht wat ze willen: ‘Zoveel volume in mijn slaap, zoveel in mijn wangen.’ Ook als ze hun afstaande oren willen laten rechtzetten, tekenen ze minutieus uit welk deel van hun oor hoe ver van hun hoofd moet staan.”

Die focus is dan misschien toch typisch ‘mannelijk’.

De Maerteleire: “Ik herken het wel, ja: ook ik vraag af en toe een botoxinspuiting en wat filler aan mijn vrouw, die hier ook werkt. (lacht) Ik vind dat compleet normaal. En je kunt zoveel antidiscriminatiewetten maken als je wilt: ook als man word je vandaag de dag toch voor een stuk afgerekend op hoe je eruitziet.

“Ik merk trouwens dat de mannen die hun afstaande oren willen laten rechtzetten, steeds vaker jong zijn. Vroeger kwamen ze als ze de 30 voorbij waren, nu komen ze hier binnen met hun moeder, bij wie ik dikwijls verzet voel. Zij vinden dat hun zoon prachtig is zoals ze hem hebben afgeleverd, maar die jongens zijn vastberaden, en hebben vaak foto’s mee van hoe ze er willen uitzien. De Instagram-cultuur zit daar ongetwijfeld voor veel tussen.”

Is het nog steeds zo dat mannen een hogere drempel over moeten om bij een plastisch chirurg binnen te stappen?

De Maerteleire: “Gisteren heb ik een man behandeld met gynaecomastie (overmatige borstontwikkeling, red.). Borstvorming is een probleem waar behoorlijk wat mannen mee zitten en waarvoor ze veel schroom voelen. Daardoor zoeken ze niet naar een oplossing. Vaak weten ze niet eens dat er oplossingen bestaan. Het is zelfs geen complexe ingreep, maar helaas komen de meeste mannen pas naar hier nadat ze zijn doorgestuurd door de huisarts. Je rimpels wegspuiten of een buik aanpakken is normaal, maar borsten liggen heel gevoelig bij mannen. Dat is jammer. De mannen die ik ervoor behandel, zijn vaak al een eind voorbij de 40, en allemaal zeggen ze achteraf: ‘Had ik dit maar eerder gedaan.’”

Beeld Carmen De Vos

NAAKT AAN HET KRUIS

“Beter een Jezus met tetjes dan een Maria met een penis”, zegt Raf, het personage van Dominique Van Malder in de tv-reeks Albatros (nu te zien op Play, begin volgend jaar op Canvas). Van Malder schreef de verrassende serie over en met zwaarlijvigen samen met zijn kompaan Wannes Destoop, en hij putte gretig uit zijn eigen leven. Hij is de eerste man in onze reeks die (bijna) zonder schroom vertelt hoe hij zich verhoudt tot zijn lichaam.

Dominique Van Malder.Beeld Carmen De Vos HUMO 2020

Van Malder: “Ik heb op de middelbare school Jezus gespeeld tijdens de paasviering. Ik wilde dat graag, maar ik was destijds al een dikkerdje, en toen ik daar aan het kruis hing in een grote lendendoek, vond een leraar het grappig om in mijn tieten te knijpen. Ook tijdens de zwemles, wanneer alle leerlingen in zwembroek in het gelid stonden en de gymleraar als een generaal langs ons liep, bleef hij altijd bij mij stilstaan om ze te inspecteren. Dat zijn momenten die je nooit vergeet, en die maken dat je denkt dat iederéén op die manier naar je kijkt, ook wanneer mensen helemaal niet met jouw lichaam bezig zijn. Rond mijn 18de ben ik eens 30 kilo afgevallen. Als ik foto’s van toen zie, denk ik altijd: had ik er toen toch maar wat meer van geprofiteerd! Ik kon dat niet, want in mijn hoofd bleef ik een dikzak.

“Voor mij is het lang een overwinning geweest om te gaan zwemmen met mijn zoon. En op het strand moet ik nog vaak diep ademhalen voor ik mijn T-shirt uittrek.”

Ben je het bangst voor de blikken van andere mannen, of voor die van vrouwen?

Van Malder: “Dat maakt me niet uit. Als ik een klein kind naar mijn lijf zie staren, vind ik dat even confronterend.”

Ben je altijd dik geweest?

Van Malder: “Vanaf mijn 7de is mijn lichaam een fortje geworden. Ik ben er nooit mee gepest omdat ik altijd zelf als eerste de grappen maakte, om de wind uit de zeilen te nemen van degene die met mij wilde lachen. Het heeft mijn geest aangescherpt, maar je kunt niet blíjven lachen om jezelf: door jezelf altijd naar beneden te halen, krijg je een laag zelfbeeld. Dat besef ik nu ik vrede heb met mijn lichaam, en me vooral concentreer op gezond blijven.”

Heb je ooit een plastische ingreep overwogen? Een maagverkleining, bijvoorbeeld?

Van Malder: “Nog niet. Ik ken wel mensen die zich eraan gewaagd hebben en zich er heel goed bij voelen. Ik zou het alleen overwegen als mijn gezondheid erom vraagt.”

Vrouwen die twijfelen over hun lichaam, zijn in de slaapkamer soms zo bezig met hoe de ander hen ziet, dat ze zich geremd voelen. Herken jij dat?

Van Malder: “Niet meer, denk ik, al hou ik mijn shirt wel aan. Ik heb wel moeten leren om me comfortabel te voelen tijdens het vrijen, maar nu geniet ik er met volle teugen van. En toch: wanneer ik als acteur iemand anders speel, zal het me nog iets makkelijker vallen om me bloot te bewegen.”

Heeft je lichaam je gevoel van mannelijkheid weleens in de weg gezeten?

Van Malder: “Ja. Een buik hebben vind ik niet zo’n probleem, maar als het over schaamte gaat, vind ik die tetjes wel lastig. Dat doet iets met je mannelijkheid. Als man grotere borsten hebben dan je lief, dat is natuurlijk wel iets. (lacht)

“Maar ik heb me nooit een alfamannetje gevoeld. Als ik op de speelplaats de gespierde jongens bezig zag, dacht ik altijd: vechten jullie maar, ik voer wel een gesprek. In die zin reken ik me tot het vrouwelijke kamp. Ik kan ook niet klussen of een Ikea-kast in acht minuten in elkaar steken. Maar ik ben wel een hevige voetbal- en rugbysupporter, en ik hou van bier.”

Heb je zelf gevoetbald?

Van Malder: “Ja. De reden waarom ik daarmee gestopt ben, is trouwens dat ik toen al een dikkerdje was en het niet meer zag zitten om te douchen tussen al die jongens met hun perfecte lichamen.”

Waar stond je op het veld?

Van Malder: “Ik was verdediger. Dat doe ik nu met mijn personages nog steeds: mensen verdedigen, vooral tegen alle vooroordelen. Daar weet ik natuurlijk wel iets van af.”

Weet je waarom je lichaam een fortje is geworden?

Van Malder: “Door een combinatie van dingen. Ik heb mijn genen niet mee, maar ook mijn hoofd zit er zeker voor iets tussen: eten kan mij troosten, vroeger kon ik echt mijn toevlucht zoeken in eten. Die neiging om te vluchten is ook de reden waarom ik als kind al zo graag wilde toneelspelen. Zelfs al moest ik daarvoor naakt aan een kruis hangen, ik wilde zó graag iemand anders zijn. (lacht)

In De afspraak op Canvas noemde je je lichaam ook al eens een harnas. Waartegen was je jezelf aan het pantseren?

Van Malder: “Angst? Schaamte? Ik kom uit een redelijk kansarm gezin. Mijn ouders werkten in de fabriek. Mijn vader heeft niet de skills of de tools om te communiceren en staat nogal angstig in het leven. Met zijn gsm durft hij bijvoorbeeld alleen te bellen, een bericht sturen lukt hem nog steeds niet. Wat hij me leerde, was vooral om nederig te zijn. Toen ik zei dat ik Latijn-Grieks wilde volgen, zei hij meteen: ‘Maar nee, dat is alleen voor dokterskinderen.’ Dus toen ik aan die richting begon, was het allereerste wat ik zei: ‘Sorry dat ik hier ben.’”

Je vader sprak niet over zijn angsten.

Van Malder: “O, nee! Hij komt uit een groot gezin en is op zijn 15de al beginnen te werken om mee de kost te helpen verdienen. Hij is echt het type dat hard op brommertjes reed en stoer deed, en op een gegeven moment ook echt veel te veel dronk. Maar wat er écht in hem omgaat, daar kom je niet achter. Mijn broer en ik zien hem graag, maar we hebben allebei gedacht: wij gaan het helemaal anders doen. Mijn broer is veel geld gaan verdienen, ik heb mijn hart gevolgd. Ik verwijt mijn vader niets: hij heeft ook gewoon de gevolgen van zijn opvoeding moeten dragen. Maar ik vind het wel jammer dat ik nog nooit echt een diep gesprek met hem heb gevoerd. Soms speel ik dan maar personages die op hem lijken. (lacht) Zo verwerk ik, denk ik, nog steeds de dingen waartegen ik me als kind pantserde.”

Spelen is een reddingsboei.

Van Malder: “Absoluut. Daarom heeft alles er veel te lang voor moeten wijken, ben ik in mijn vorige leven niet zo’n goede partner geweest en heb ik een stuk van het leven van mijn zoon gemist. Dat wil ik nu veranderen. Ik wil per se níét dezelfde fout als mijn vader maken.

“Geestig wel, dat je me nu interviewt over mannelijkheid: Joris (Hessels, red.) en ik hebben net de eerste aanzet gegeven voor een fictiereeks over wat je allemaal nog mag en moet als man – een vraag die wij onszelf ook stellen. Ik wil iemand zijn die wel kwetsbaar durft te zijn.”

Maar mannen die hun vrouwelijkheid omarmen zoeken vaak toch weer een manier om te bewijzen dat ze wél man zijn.

Van Malder: “Die bewijsdrang voel ik vooral tegenover mijn vader: ‘Kijk eens, papa: ik ben acteur en ik kan wél mijn geld verdienen met wat ik graag doe.’

“Je weet dat Joris en ik met Rudi Vranckx naar Mosoel zijn geweest (voor het Eén-programma ‘Tussen oorlog en leven’, red.)...”

Je hebt daar veel gehuild.

Van Malder: “Ons gesprek met het 8-jarige jongetje dat zijn gezin moest onderhouden door ijzer te gaan zoeken, heeft me toen echt verpletterd. Rudi nam ons daarna mee naar de barbier, die een uur lang mijn haar en baard heeft verzorgd. Dat hielp ontzettend om alles even te lossen. Wel vreemd, zo’n beautysalon voor mannen, maar ik vond het zo prettig dat ik ook hier op zoek ben gegaan naar een barbier. Daar zak ik nu geregeld onderuit, krijg ik een whisky’tje geserveerd en laat ik me van kin tot kruin groomen. Genieten dat ik dan doe!”

Beeld Carmen De Vos

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234