Zaterdag 05/12/2020

'Mannen hebben het echt makkelijker'

interview

mezzosopraan kristine jepson heeft graag de broek aan in de opera

Zaterdag gaat in de Vlaamse Opera in Gent de enkele jaren oude productie van Idomeneo opnieuw in première. Daarbij moet u vooral op de zangeres letten die de castraatrol van Idamante zingt. Toen zij in 2001 in de Munt Octavian speelde, in Der Rosenkavalier, was ze de vocale ontdekking van de avond. Inmiddels klopt de Amerikaanse mezzosopraan Kristine Jepson, 'opgegroeid tussen sojabonen, maïs, graan en koeien', aan de deur van de grootste huizen.

Antwerpen

Van onze medewerker

Stephan Moens

Hoe kan een plattelandsmeisje geboren in Onawa, op de grens van Iowa en Nebraska, zeg maar in the middle of nowhere, een beroemde operazangeres worden?

Kristine Jepson: 'Net als iedereen. Ik kom uit een heel muzikaal gezin. Mijn broers hadden al vóór mij muziek gestudeerd. Als studente ging ik eerst naar een kleine hogeschool, daarna naar de universiteit van Indiana, waar een belangrijke operaschool is. Daarna deed ik wat iedereen deed: ik verhuisde naar New York."

Wist u dan meteen dat u operazangeres wilde worden?

"Nee, ik wist dat ik zangeres wilde worden, maar na vier of vijf jaar hogeschool bleek gewoon dat mijn stem het meest geschikt was voor opera."

En was dat goed of slecht nieuws?

"Ik vond dat héél goed nieuws. Ik kan me niet meer voorstellen dat ik iets anders zou doen. Anderzijds moet ik toegeven dat een carrière zoals ik die nu heb wel de nodige moeite en opofferingen kost. Reizen bijvoorbeeld, dat altijd van huis weg zijn, vind ik almaar moeilijker. Maar dat is het enige. Met veel e-mails en telefoongesprekken lukt het wel. En als je geluk hebt, ontmoet je al eens iemand die je mag en met wie je eens uit eten gaat. Maar zodra ik met mijn werk bezig ben, kan zingen, nieuwe collega's kan ontmoeten en meewerken aan een nieuwe productie, voel ik mij goed."

Is die job dan altijd lonend?

"Natuurlijk niet. Maar een zangsolist heeft één groot voordeel. Een orkestmuzikant die naast een collega zit die hij haat, zit daar voor de rest van zijn leven. Als ik in een productie terechtkom die ik niet erg bevredigend vind, of als ik moet samenwerken met een zanger die ik niet moet of met een regisseur met wie ik het niet eens ben, doe ik mijn werk en zes weken later ben ik weg. Niet elke ervaring is natuurlijk even fantastisch, maar op zijn minst één keer per jaar overkomt je toch iets echt heel goeds, of is er een interessante uitdaging. Dat kan bijvoorbeeld zijn dat je iets nieuws leert over een stuk dat je al heel vaak hebt gezongen."

Kunt u daar voorbeelden van geven?

"Twee ervaringen zal ik nooit vergeten. De eerste was Bartóks Blauwbaards burcht en Schoenbergs Erwartung in de productie van Robert Lepage, die in heel Canada en op enkele plaatsen in de Verenigde Staten te zien was. Dat was echt een belevenis, zo vernieuwend en totaal anders dan alles wat ik al had gedaan. De tweede is de nieuwe opera Dead Man Walking van Jake Heggie, die ik op verschillende plaatsen in de VS heb gedaan en die nu naar Europa komt, naar Dresden en Wenen. Het is een heel sterk stuk theater met prachtige muziek. Het publiek kreeg er maar niet genoeg van. Daarnaast heb ik enkele mooie producties van Ariadne auf Naxos, La clemenza di Tito en Rosenkavalier gedaan, en daarmee bedoel ik producties waarbij ik heb geleerd waar die opera over gaat. Zulke ervaringen helpen je later om zelfs bij de meest veeleisende regisseurs nog voeling te houden met datgene wat jij ervaart als de essentie van het personage, bijvoorbeeld in een productie waar Octavian een meisje is dat op de piano seks heeft met Sophie."

Hoe kan een regisseur u van zijn gelijk overtuigen?

"Bij een reprise is dat niet makkelijk. Vaak werk je dan met een assistent en komt de originele regisseur in het beste geval twee of drie dagen voor de première. Dan is het wat laat om nog aan filosofische discussies te beginnen. Soms is het erg moeilijk om een compleet nieuwe kijk te accepteren, al heeft iedereen uiteraard het recht op een visie. Ik stel dan zoveel vragen als mogelijk is zonder beledigend te worden. Als dat niet lukt, vergeet ik het en doe ik mijn best met wat men mij geeft. Dat is de enige mogelijkheid. Anders word je boos op wat je aan het doen bent en dat maakt je alleen maar ongelukkig. Je geeft beter toe. Dan ben je maar voor één keer in je carrière een meisje als Octavian."

Kunnen traditionele opvoeringen u echt overtuigen?

"Ja. Het hangt allemaal af van de regisseur en van het stuk. Sommige stukken laat je gewoon beter waar ze altijd waren. Rosenkavalier bijvoorbeeld, dat sowieso al in een neptijd speelt. Maar er zijn ook vele stukken die je gemakkelijk in een andere tijd kunt zetten. Of het werkt of niet, hangt ervan af hoe goed de regisseur is. Armetierig geregisseerde, traditionele opvoeringen hebben geen betekenis. Maar een regisseur die de tijd neemt om de psychologie van de personages en hun onderlinge verhoudingen uit te diepen, die precies met je werkt, op elke blik en houding let, maakt ook in een traditionele enscenering groot theater. David Gately is zo iemand. Een komedie wordt bij hem heel grappig."

Maar wat is voor een 'opera seria' als Idomeneo eigenlijk de eigen tijd: die van de Romeinen of de late achttiende eeuw?

"Mozart vaart meestal wel bij actualisering, Clemenza di Tito zeker, maar ook Idomeneo. De conventies van liefde, haat en oorlog kun je makkelijk naar verschillende tijden verplaatsen. Je mag de Trojanen wel even vergeten en denken dat het over 'een' heerser gaat, die van 'die' vrouw houdt, die dan weer niet van hem houdt."

U doet vaak travestierollen. Waarom eigenlijk?

"Omdat ik het al zo vaak heb gedaan, voel ik mij er niet minder comfortabel in dan in een vrouwenrol. Vaak voel ik ze niet meer aan als 'een jongen' maar als die bepaalde 'persoon'. Weet je, mannen hebben het echt makkelijker: met een broek aan hoef je je geen zorgen te maken over schoenen, hielen en dat soort dingen. Af en toe doe ik Cosí fan tutte en dan moet ik echt weer leren omgaan met die hoepelrokken. Echt waar, je vergeet dat als je het vijf jaar niet hebt gedaan. Gelukkig kun je het van Fiordiligi afkijken."

Over enkele jaren zal ook voor u de tijd van de travestierollen voorbij zijn.

"Niet allemaal. De componist in Ariadne auf Naxos kun je lang zingen. Zelfs Octavian, die rol is gewoon te moeilijk voor de zestienjarige die hij voorstelt. Het hangt er ook van af waar je stem naartoe gaat. Ik begin nu ook aan het belcanto-repertoire. Vorig jaar heb ik mijn eerste Adalgisa (in Norma) gezongen en Romeo (in I Capuletti ed I Montecchi) stond ook op mijn planning. Mijn stem heeft een tamelijk goede hoogte en al is ze niet enorm, ik kan ze toch goed aanpassen, zelfs aan tamelijk grote huizen. Zelfs Brangäne (in Tristan und Isolde) behoort misschien ooit tot de mogelijkheden. Ik hoef niet per se te eindigen als de eeuwige meid. Dan nog liever operette."

En nieuwe opera's?

"Ja en nee. Een heel moeilijke splinternieuwe partituur, waar ik een half tot een heel jaar voor nodig heb om ze in te studeren, dat kan ik me nu niet veroorloven. Ik ben erg druk bezig. Dat zou ik enkel overwegen in heel bepaalde gevallen en het zou ervan afhangen wie de componist, de dirigent en de regisseur zijn. Voor Dead Man Walking moest ik niet langer studeren dan voor Idamante. Het is tamelijk tonale muziek, het stuk is niet te lang en het is een duidelijke partituur die goed werd voorbereid. Maar van vele stukken is de kans dat ze een tweede keer worden opgevoerd, erg klein. Dan vind ik de investering niet echt de moeite waard."

Idomeneo van Mozart speelt vanaf 27 maart in de Vlaamse Opera in Gent en vanaf 15 april in Antwerpen.

'Een zangsoliste als ik heeft één groot voordeel. Je hebt een hekel aan iemand in je buurt? Je doet je werk en over zes weken ben je

weer weg'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234