Donderdag 20/01/2022

'Magie creëren op verzoek, ik zal het nooit kunnen'

'Wie beweert dat popmuziek simpel is, heeft nog nooit geprobeerd een popsong te schrijven', zegt Robert Wyatt (62), wiens naam door artiesten als Elvis Costello, Brian Eno en Björk met ontzag wordt uitgesproken. Comicopera, zijn nieuwe cd, is een catalogus van menselijke zwakheden.

Door Dirk Steenhaut

Wyatt is een aangename gesprekspartner: integer maar vol zelfrelativering, intelligent maar zonder pretentie. In de sixties drumde hij bij progrockband Soft Machine, maar toen hij in 1973 in een alcoholroes een feestje probeerde te verlaten langs een raam op de vierde verdieping brak hij zijn ruggengraat en kwam hij in een rolstoel terecht. Later zou hij zijn val "een zegen" noemen, omdat die de geboorte van Robert Wyatt-de-soloartiest inluidde. De muziek van de zanger, toetsenman en trompettist klinkt tegelijk complex en toegankelijk. "Avant-garde zijn betekent voor mij: schoonheid zien waar anderen ze nog niet hebben ontdekt."

Het in jazzy sferen badende Comicopera is een muziekstuk in drie bedrijven. "Ik maak het soort platen waar ik zelf graag naar luister en waar, zoals bij Mingus, veel op gebeurt", zegt Wyatt. "Ik schilder een landschap met figuren die even in beeld komen en dan weer verdwijnen. Doorgaans verwacht je van een artiest dat hij op zijn platen zijn eigen gezichtspunt vertolkt, maar hoewel ik met de personages die mijn songs bevolken zekere eigenschappen gemeen heb, zijn ze heel anders dan diegene die je in romans aantreft. Wellicht een gevolg van het feit dat er ook liedjes van Anja Garbarek en Carlos Puebla op mijn cd staan.

"Juist die meerduidigheid boeit me: diverse stemmen, verschillende visies. Daarom hou ik zo van opera en van de duetten van Ray Charles met Betty Carter: de communicatie, de wederzijdse prikkels die alles in beweging houden. Soms heb ik heimwee naar de chemie die je ook in bands aantreft.

"De eerste tien jaar van mijn carrière was ik drummer en teamspeler. Best interessant, want door met anderen samen te werken, ontdek je dat je dingen kunt die je voordien onmogelijk achtte. Na Soft Machine had ik echter nood aan autonomie, wilde ik bewijzen dat ik ook in mijn eentje muziek kon maken. Dat was nodig om mijn zelfvertrouwen op te krikken, maar vandaag voel ik meer voor interactie met andere muzikanten. Het maakt mijn werk humaner."

Sinds hij in een rolstoel zit, mijdt Wyatt het podium als de pest. Mist hij het rechtstreekse contact met het publiek?

"Lang dacht ik van niet. Maar toen ik onlangs oude liveopnamen opnieuw hoorde, moest ik toegeven dat het de muziek een andere dimensie gaf. Dank zij de drive van de muzikanten durfde ik me op terreinen te wagen die ik in de steriele atmosfeer van de studio nooit zou hebben betreden. Maar alleen al het idee dat mensen een kinderoppas nemen, vrienden optrommelen om naar mijn concert te komen kijken... Ik kan die verantwoordelijkheid niet meer aan, weet haast zeker dat ik de verwachtingen niet zal kunnen inlossen. Ook in de studio zijn er periodes waarin ik er niets van bak: wie me bezig ziet, is vaak geschokt door mijn geklooi. Zelfs de simpelste pianopartij is voor mij een hels karwei. Ik ben niet professioneel genoeg om het publiek een geslaagde avond te garanderen. Magie creëren op verzoek: ik zal het nooit kunnen."

Robert Wyatt heeft een grenzeloos respect voor komieken, want doorgaans zijn het de narren die de waarheid vertellen en met hun subversieve fratsen de gevestigde orde bedreigen. Toch zijn de songs op Comicopera minder komisch dan de titel suggereert. "Het gaat om de comédie humaine", legt Wyatt uit. "En die staat haaks op de klassieke tragedies, waarin alles draaide om de goden en het noodlot. Komedies belichten het dagelijkse gestuntel van gewone mensen zoals jij en ik: we begaan stommiteiten, stellen ons aan als pathetische wezens die hooguit wat slimmer zijn dan apen en pogen het leven te idealiseren via liefde, religie of kunst. Van een afstand bekeken heeft ons bestaan iets lachwekkends. Je lacht erom, zoals om kinderen die zich als volwassenen gedragen. Zonder spot, maar met affectie."

"Self expression is such a fraud", klinkt het in 'Be Serious!' Een opmerkelijke vaststelling, zeker wanneer die afkomstig is van een artiest als Wyatt.

"Iedereen heeft de mond vol over een eigen identiteit, maar dat is een even vaag als rekbaar begrip. Uiteindelijk zijn we het product van onze omgeving. Hebben je 'eigen' smaak of de morele waarden waar je in gelooft iets met je persoonlijkheid te maken, of zijn ze het resultaat van de tijdgeest? Volgens mij hebben we er volstrekt geen idee van wie of wat we zijn. Waarom zijn we hier? Wat is ons doel? Hoe je door het leven gaat, met wie je je dagen slijt: gewoon het gevolg van een reeks toevalligheden. Vandaar een regel als "how can I express myself / When there's no self to express?" Wie zijn karakter en de manier waarop hij zich uitdrukt al te strikt probeert te definiëren, legt zijn eigen mogelijkheden al aan banden voor hij ze heeft afgetast. Daarom is het voor een kunstenaar essentieel open te staan voor nieuwe ervaringen."

Hoewel Robert Wyatt bekendstaat als een oer-Engelse artiest, voelt hij zich dermate vervreemd van de Britse mentaliteit dat hij zich tegenwoordig als een dissident in zijn eigen land beschouwt.

"Dissident is het juiste woord: het verwijst naar iemand die aan de zijlijn staat. Want een politieke activist ben ik nooit geweest. Ik voel me door en door Engels, maar verzet me uit alle macht tegen de karikatuur die van dat Engels-zijn wordt gemaakt door protserige politici die verondersteld worden mij te vertegenwoordigen. Ik krimp altijd in elkaar als ik naar het radionieuws luister: 'De VS hebben beslist', 'Iran zegt dit', 'Groot-Brittannië zegt dat...' Over wie hébben ze het dan? Die uitspraken slaan op niemand die ik ken. Waar halen ze het recht vandaan in andermans naam te spreken? Mijn onbehagen wordt dus niet veroorzaakt door mijn Brits-zijn, maar door wat het voor sommigen is gaan betekenen.

"Als kind leerde ik van mijn ouders dat er aan het einde van de Tweede Wereldoorlog nauwelijks redenen waren voor vreugde, triomf of arrogantie. Europa was aan flarden geschoten, het Britse Rijk was niet langer een wereldmacht. Maar later merkte ik dat de politieke klasse steeds meer heimwee kreeg naar de imperialistische tijden van weleer. Aangemoedigd door de VS probeert ze haar oude machtsbastion weer op te bouwen door in Afganistan en Irak de plak te zwaaien. Vandaar 'A Beautiful War', over een gevechtspiloot. Wij Britten hebben een leger, een luchtvloot, en mijn indruk is dat we enkel nog op zoek zijn naar hoofden om onze bommen op te laten vallen."

In 'Out of the Blue' laat Robert Wyatt de slachtoffers van zo'n verwoestend bombardement aan het woord: "You've planted everlasting hatred in my heart." Uit protest tegen het gratuite oorlogsgeweld weigert hij in het derde bedrijf van Comicopera nog langer in het Engels te zingen. Het Engeland van Blair is zíjn Engeland niet meer. Van de weeromstuit schakelt de zanger over op het Spaans en Italiaans.

"Die overgang symboliseert mijn wanhopige zoektocht naar een geloofwaardiger identiteit", zegt hij. "'Del Mondo', een song van de Italiaanse groep CSI, staat voor een archaïsch feminisme. Het uitgangspunt is: 'Vrouwen hebben de wereld opgebouwd, mannen hebben haar om zeep geholpen. Hoog tijd dus voor een matriarchaal systeem.' Na de val van het communisme ging links op zoek naar andere utopische ideologieën en dit is er één van. Ik oordeel er niet over, maar vind het wel zinvol de dingen eens op een andere manier te bekijken."

Het instrumentale 'Pastafari' steunt op vrije improvisatie en ook daar schuilt een ideologie achter. "Sommigen zijn ervan overtuigd dat freejazz de geest bevrijdt. Voorts is er het surrealisme van Federico Garçía Lorca in Canción de Julieta. In de vroege twintigste eeuw zetten de surrealisten zich af tegen de rationele logica, die dermate was ontspoord dat ze tot de gruwel van de Eerste Wereldoorlog had geleid. Surrealisme en dada waren pogingen om het individu van het juk van de burgerlijke ratio te bevrijden.

"Carlos Puebla's hommage aan Che Guevara ten slotte staat voor het revolutionaire alternatief. Het laatste deel van Comicopera bestaat uit een reeks naïeve dromen, maar vraag me niet of er ook een bruikbaar idee tussen zit. Mijn verwarring is net zo groot als die van ieder ander."

Sinds een plaat als Nothing Can Stop Us staat Robert Wyatt bekend als een 'rooie rakker.' Het moet dus een opdoffer voor hem zijn geweest toen het communistische systeem in Oost-Europa in elkaar klapte.

"Er was van alles mis mee", geeft de zanger toe. "Niettemin blijft de marxistische analyse voor mij een nuttig instrument dat mij de wereld helpt te begrijpen. Veel conflicten die schijnbaar cultureel of religieus van aard zijn, draaien om economische en militaire macht. Wie beheert de natuurlijke rijkdommen? Bijna iedere oorlog is een strijd tussen uitbuiter en uitgebuite. Velen denken dat de burgeroorlog in Noord-Ierland er een is tussen katholieken en protestanten, maar met godsdienst heeft het weinig te maken. De protestanten vertegenwoordigen nog altijd het Britse imperium en houden alle touwtjes van de economie in handen; de katholieken zijn de arbeidersklasse. Het is een simpele klassenstrijd, net zoals die tussen de Israëli's en de Palestijnen."

Comicopera eindigt, net als Ruth is Stranger than Richard destijds, met een ode aan Ernesto 'Che' Guevara, de poster boy van de links-progressieven. "Ach, de maagd Maria is net zo goed een icoon dat de tand des tijds heeft overleefd en nu op T-shirts en koffiemokken voorkomt", relativeert Wyatt. "Zelfs verstokte atheïsten hebben tegenwoordig hun heiligen en Che is er één van. Ik zeg niet dat hij de wereld heeft veranderd, maar in Latijns-Amerika blijft hij een figuur die de hoop op een beter leven belichaamt. En ook al is de Cubaanse revolutie niet helemaal geslaagd, voor velen blijft het een voorbeeld van trots en autonomie, van een land dat erin geslaagd is het juk van de Amerikanen én de Spanjaarden af te werpen. Als je de politieke ontwikkelingen in Venezuela, Chili, Argentinië of Brazilië bekijkt, kun je slechts vaststellen dat de geest van Che Guevara nog altijd leeft. We hebben dus niet het recht pessimistisch te zijn. Met 'Hasta Siempre Comandante' wordt Comicopera hoopvol afgerond."

Net als Picasso bewijst Robert Wyatt dat artiesten ook op latere leeftijd nog boeiend werk kunnen afleveren. "Ouder worden brengt een hoop voordelen mee, tenzij je een hardloper of balletdanser bent", lacht hij. "Door je ervaring verwerf je zekere inzichten, leer je je krachten beter te doseren en begrijp je het belang van de eenvoud. Ik ben dankbaar voor de jeugd, hoor. Ik vind het amusant te zien hoe iedere generatie zich opnieuw uitvindt, met een eigen kapsel, een eigen dresscode. Maar wie vijftig wordt, is ook nog nooit vijftig geweest. Tot op het eind blijft het leven een avontuur."

Iedereen heeft de mond vol over een eigen identiteit, maar dat is een even vaag als rekbaar begrip

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234