Zaterdag 24/08/2019

Lust geen drijfveer voor zedenpleegsters

Voor het eerst is grootschalig onderzoek gedaan naar vrouwelijke zedenplegers. Ze blijken wezenlijk te verschillen van de mannelijke delinquenten.

Vrouwelijke zedendelinquenten plegen hun daden zelden alleen. In twee derde van de gevallen hebben zij een of meer mannelijke medeplegers. Dat blijkt uit onderzoek van de Nederlandse criminologe Miriam Wijkman (Vrije Universiteit Amsterdam).

Daarmee verschillen vrouwelijke zedendelinquenten van mannelijke, die meestal alleen handelen. De meisjes en vrouwen vervallen ook zelden in herhaling, in tegenstelling tot mannen. Seksuele lust blijkt amper een drijfveer te zijn, terwijl dit bij mannelijke daders vaak wel een belangrijke rol speelt. Dat ook meisjes en vrouwen daders kunnen zijn van verkrachting en aanranding wordt volgens Wijkman onderschat. In vrijwel alle onderzoek naar seksuele delicten gaat het over mannen als dader.

Wijkman bestudeerde alle veroordelingen in Nederland sinds 1993, vanwege de digitale beschikbaarheid vanaf dat jaar. Het gaat om ruim 200 gevallen, 'het topje van de ijsberg', volgens de criminologe.

"Uit eerder onderzoek weten we dat aangifte bij misbruik door vrouwen nog lager is dan bij mannelijke daders, bij wie het rond de 5 procent ligt. Zeker als het volwassen mannen of jongens betreft. De schaamte is vaak groot. Ook kiezen vrouwen meestal erg jonge slachtoffers; voor hen is aangifte nog moeilijker, omdat ze soms niet eens beseffen wat hen overkomen is."

Aanleiding voor haar onderzoek waren getuigenverklaringen van door hun vaders misbruikte jongens. Zij gaven opvallend vaak aan dat ook hun moeder betrokken was bij het misbruik. Passief, door altijd afwezig te zijn, maar ook actief. Motieven voor het plegen van een zedendelict zijn divers. In het geval van aanrandingen of verkrachtingen in groepsverband speelt groepsdruk vaak een grote rol, blijkt uit de verklaringen van de vrouwelijke daders. Soms zijn ze bang voor hun liefdespartner die de daad initieert, soms, in het geval van meisjes, willen ze bij de groep horen.

Wijkman ontdekte dat meisjes en vrouwen soms zelf de initiatiefnemer zijn. Ze kwam diverse verklaringen tegen waarin ze zeiden dat ze zelf een partner in crime hadden gezocht om hun daad mee te plegen. Motieven als wraak speelden daarbij bijvoorbeeld een rol.

Opvallend is ook dat de vrouwelijke daders - anders dan hun mannelijke evenknieën - vaker een verleden van seksueel misbruik hebben. Wijkman: "Nog een signaal dat we met een heel ander daderprofiel te maken hebben".

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden