Dinsdag 18/06/2019
Lore Baeten.

Interview

Lore werd op haar vijftiende verkracht: ‘Er breekt iets. Je lichaam, je tederheid, je onschuld, je hart’

Lore Baeten. Beeld Wouter Van Vooren

Lore Baeten werd op haar vijftiende verkracht. Drie dagen voor de stille mars tegen seksueel geweld spreekt ze voor het eerst met De Morgen, om andere slachtoffers te steunen. ‘Wanneer je verkracht wordt, breekt er iets.’

“In onze kring is er niémand die nog nooit iets heeft meegemaakt. Seksuele intimidatie, aanrandingen en verkrachtingen, het zijn de feiten van elke dag”, stellen de organisatoren van de mars tegen seksueel geweld komende zondag in Antwerpen. Al ruim 7.000 mensen lieten via Facebook weten aanwezig te zullen zijn.

De mars komt er na de moord op Julie Van Espen, maar wil een steun zijn voor alle slachtoffers van seksueel geweld. Ook voor Lore Baeten (23), student aan de UGent. Op haar vijftiende werd ze verkracht door een jongen die ze kende, “in de stank van een marginaal cafétoilet”.

Aan De Morgen vertelt ze voor het eerst haar verhaal: “Wanneer je verkracht wordt, dan breekt er iets. Je lichaam, je tederheid, je onschuld, je hart. Als scherven zie je ze op de grond liggen, maar je kunt ze niet oprapen. Het is zo moeilijk om erover te praten, maar met vallen en opstaan probeer ik het toch te doen.”

Wat haar overkomen is, heeft ze lang verdrongen. “Met vriendinnen of klasgenoten erover praten ging moeilijk. Voor de verkrachting zeiden sommige jongens op de speelplaats: ‘Amai, die Lore zou ik weleens in een steeg willen bespringen, mijn paal rijdt haar kapot.’ Die stoere mannenpraat, dat soort ‘humor’ gaf een tienerjongen misschien wel de idee: misbruik is oké.”

Lore Baeten. Beeld Wouter Van Vooren

Baeten heeft geen aangifte tegen hem gedaan. “Als 15-jarige had ik de kracht niet om dat te doen”, zegt ze. “De samenleving was ook pre-#MeToo, er werd veel minder over misbruik en verkrachting gesproken. Hoewel ik uit een warm nest kom, kon ik het ook niet tegen mijn ouders zeggen. Tegen de mensen die het dichtst bij je staan, is het soms het moeilijkst praten.”

Niemand zag aan de jonge vrouw dat ze de maanden en jaren na de verkrachting heel eenzaam was. Ze was nog goedlachs en ging vaak uit, maar vanbinnen begon het steeds meer te knagen: “Ik weet nog dat ik tegen mezelf zei: ‘Geluk, wat is dat eigenlijk?’ Ik kon mij dat niet meer inbeelden.”

Tijdens haar eerste jaar hoger onderwijs is ze gebroken. Haar lijf was hypergestrest en ze had voortdurend nachtmerries. “Ik was op. Kotgenoten waren bezorgd: ‘Lore, ga alsjeblieft in therapie.’ Toen heb ik een psycholoog gezocht. Ik werd met een posttraumatische stressstoornis gediagnosticeerd, dat label gaf me wat houvast.”

Met dank aan de therapeut heeft ze het dan eindelijk thuis verteld. De reactie van haar ouders was zoals Lore verwacht had: teder, liefdevol. “Dat was de eerste keer dat ik het gevoel had dat er een last van mijn schouders viel, maar de échte ommekeer is er gekomen met de start van de #MeToo-beweging. Sommige mensen foeteren daarop, vinden dat ‘de slinger is doorgeslagen’ enzovoort, maar mij heeft #MeToo rust en erkenning gegeven. Al die getuigenissen hebben mij de moed geschonken om ook naar buiten te treden. Ik kan niet beschrijven wat dat met mij heeft gedaan, ik voelde mij eindelijk gehoord.”

Kwetsbare seks

Baeten heeft net haar bachelorproef ingediend en op 26 mei komt ze op voor de Oost-Vlaamse CD&V, op de Kamerlijst. Ze is dynamisch, maatschappelijk geëngageerd en in haar privéleven beweegt er ook wel wat. Zo staat ze open voor de liefde, wat niet altijd even gemakkelijk is: “Seks blijft geladen voor mij. Er zijn momenten dat het mij niet lukt of dat ik er geen genot van heb. Of dat het op het moment zelf wel gaat, maar dat ik me de dag erop vies voel.”

“Dat leidt soms tot pijnlijke situaties”, zegt ze. “Het is niet fijn dat, als je met een leuke jongen aan het daten bent, je blokkeert als het fysiek wordt. Maar als het niet goed voelt, sluit mijn lichaam zich gewoon af.”

Baeten: “Ik mis iemand bij wie seks niet per se iets passioneels moet zijn, maar bij wie het ook kwetsbaar mag zijn. Ik denk dat ik het misbruik pas echt een plaats zal kunnen geven als ik een vaste vriend heb die mij me volledig op mijn gemak laat voelen.”

Lore Baeten. Beeld Wouter Van Vooren

Toevallig heeft Baeten de jongen die haar heeft verkracht nog één keer teruggezien. Ze is naar hem toegestapt: “Ik heb hem gezegd: ‘Je hebt dat bij mij gedaan en ik ben daar kapot van geweest.’ Hij antwoordde: ‘Dat spijt me enorm, dat was niet mijn bedoeling.’ Hij voelde aan dat hij fout zat, maar ik kan niet zeggen dat dat me rust heeft gegeven.”

“Misbruik is niet zoals revalideren van een ongeval”, zegt ze. “Het is niet zoals: ‘Ah, ik heb deze kwetsuren opgelopen en zo moet ik die herstellen.’ Het is een mentale wonde waarbij je dikwijls twijfelt of die wel ooit volledig kan genezen. Je gaat uit en iemand knijpt in je poep, of iemand probeert je ongewild te kussen... door zo veel dingen kan alles opnieuw naar boven komen.”

“Ook de nachtmerries blijven. De weken rond de datum van het incident krijg ik altijd weer de vreselijkste dromen over misbruik. Alsof mijn lichaam dat aanvoelt.”

Baeten is ook gemeenteraadslid voor CD&V in Sint-Niklaas. Daar ijvert ze voor een Zorgcentrum na Seksueel Geweld (ZSG). Sinds november 2017 telt ons land er drie: één in Brussel, Gent en Luik. Slachtoffers worden er zowel psychologisch als medisch begeleid. “Het is zo belangrijk dat je een plek in de samenleving hebt waarvan je weet: dit is een veilige haven”, zegt Baeten. “Ik hoop dat andere slachtoffers zo sneller de weg naar hulp en verwerking vinden dan ikzelf.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden