Zaterdag 23/01/2021

Lig wakker in vrede, Jef. Ik bedoel... rust in vrede, Jef!

‘Er werd vroeger steeds over de grote Vlaamse vier gesproken: Willy Vandersteen, Marc Sleen, Bob De Moor en - uiteindelijk konden ze er niet meer onderuit - Jef Nys. Maar naar mij werd wat minachtend gekeken, omdat ik een kinderstrip tekende. Men denkt dat het makkelijker is.” Aldus Jef Nys, enkele jaren geleden in deze krant. Hij blikte toen terug op de manier waarop de stripwereld en media hem lange tijd behandelde, maar waar hij ondertussen al lang vrede mee had genomen. Tot spijt van wie het benijdde was Nys wel de best verkopende Vlaamse stripauteur. Geschat wordt dat er sinds het eerste album zo’n 56 miljoen exemplaren verkocht werden. Het 248ste album verschijnt nog deze maand, het feestelijke nummer 250 komt in juni 2010 op de markt, maar dat heeft de volksverteller net niet meer mogen meemaken.Voor Nys startte alles toen hij in 1955 in een Vlaams parochieblad een tekenplaat afleverde waarop een ooievaar van op een wolk een zwaar pakketje liet vallen, recht voor de ogen van twee priester-redacteurs van de dominicanenorde. Het kleine gedrongen ventje met ondeugende smoelwerk en een warrige strokop dat daaruit te voorschijn kwam, sprak de gezegende woorden: ‘Ik ben Jommeke... Moet hier elke week iets plezants doen.’ Eén van beide priesters brengt daarop zijn handen naar zijn hoofd en merkt op dat hij Jommekes komst zal beklagen ‘want gij ziet er geen gemakkelijk poezeke uit.’ Vlaanderens nieuwste strippersonage verlaat daarop, al lurkend aan een grote pijp, de pagina met de botte mededeling dat zijn tekenaar maar een paar flessen sterke drank moet achteroverslaan om inspiratie te krijgen.Die Jommeke is echter niet de Jommeke van nu. In feite waren Jommeke, Flip en professor Gobelijn gerecycleerde strippersonages die in 1954 voor het eerst onder de titel Amadeus en Seppeke in Het Handelsblad opdoken. Het blonde Seppeke was de voorloper van Jommeke, letterkundige Matthias Corpusje leek als twee druppels water op Gobelijn, net als de groen-rode papegaai Flip. Ook Jommekes twee meest beruchte vijanden vonden hun oorsprong in die reeks: de butler Anatool en de koningin van Onderland. Sterker: het eerste Jommeke-vervolgverhaal, De jacht op de voetbal uit 1958, was in feite het tweede Seppeke-verhaal. De rode draad bleef volledig overeind, met uitzondering van de voetbal, die in eerste instantie een teddybeer bleek te zijn.

Hooimijt als hoofddeksel

Jommeke was doorheen de jaren zowel inhoudelijk als fysiek erg onderhevig aan veranderingen. Zijn gedrongen gestalte verdween, om plaats te maken voor langere armen en benen, de kleine hooimijt op het hoofd werd gefatsoeneerd. Jommeke transformeerde ook van een familiestrip naar een kinderstrip. Dat was door toedoen van Marc Sleen, wiens reeks Nero ook werd voorgepubliceerd in Het Volk. Sleen pikte het niet dat beide reeksen dezelfde doelgroep aanspraken en stelde zijn krant voor een voldongen feit. Nys bond in en, hoewel hij een reeks wilde afleveren die jong en oud zou aanspreken, veranderde zijn oorspronkelijke lezersdoelgroep naar een kinderpubliek. Zo komt het dat enkel de eerste albums in het collectief bewustzijn zijn blijven hangen van de oudere lezers. In titels als De koningin van Onderland of De Zonnemummie kon Nys immers nog voluit gaan, zoals bijvoorbeeld de scène uit De koningin van Onderland waar ontvoerde kinderen naar kelders worden geleid. Decennia later werd er naar gerefereerd als een angstig Dutroux-tafereel. De strips die Nys nadien maakte, waren kindvriendelijker, braver.In de voorbije bijna zestig jaar werd - net als bij Suske en Wiske het geval was - erg omzichtig omgesprongen met thema's als seksualiteit, racisme en later ook godsdienst. Jommeke werd daardoor een brave reeks en, zo wist Nys te vertellen in 2003, blijft een brave reeks.“En zo hoort het”, vertelde hij. “In mijn testament staat heel duidelijk dat Jommeke nooit in aanraking mag komen met geweld, racisme, religie en seks. (...) Ik vind dat je als oudere de taak hebt kinderen iets bij te brengen. Als ik zie hoe het er op de televisie en Playstation aan toe gaat... Akkoord, de goeden winnen uiteindelijk wel, maar de manier waarop? Ze schieten mensen aan flarden, blazen ze op of verminken ze. Dan denk ik: Jef, hou Jommeke maar zoals ie is. Ondanks de veranderende tijden moet je kinderen toch een lichtpuntje kunnen bieden, vind ik.Een positieve, zinvolle boodschap brengen, daar ging het Nys om. "Ik wilde de jeugd iets bijbrengen. Geen geweld of seks, want daar moet je hen niet mee ambeteren. Dat druppeltje positiviteit waarvoor Jommeke kan zorgen, daar doe ik het voor. Erkenning, dat is wanneer een meneer je zegt dat hij Jommeke in zijn jeugd heeft verslonden, of als een mevrouw je bedankt omdat haar kinderen met één Jommeke toch zeker een kwartiertje stil zijn.(denkt na) Vreemd wel, dat mijn kabouterverhalen (Langteen en Schommelbuik, GDW) niet zo goed verkopen. Bij elke titel moet de oplage verlaagd worden. Jammer."

Niet langer gelovig

Maar succes leidt niet zelden tot afgunst en jaloezie, en dat werd ook Nys zijn deel. Hij werd afgerekend omdat hij ‘maar’ een kinderstrip afleverde, en werd vaak door collega’s en pers genegeerd omdat hij te conservatief zou zijn. Dat was deels terecht, want Nys had vanaf de jaren zestig heel wat realistische albums op zijn palmares staan waarin priesters, paters, missionarissen, pausen (tot tweemaal toe) en aalmoezeniers centraal stonden. Nys was een vroom man. Maar dat hij al jaren niet meer dat heilige boontje van weleer was, bleef lange tijd onbekend.In 2003 kwam daar verandering in. In een opgemerkt interview in Zeno in deze krant liet hij zich van een geheel andere zijde zien. Eén ding was duidelijk: de diepgelovige Nys was niet meer. “Ach, God, de ouderen van vandaag weten het allemaal wel: de kerk heeft ons bedrogen. De weg die ze voor ons uitstippelde was aan de linkerkant bezaaid met verbodstekenen en aan de rechterkant met flitscamera’s om ons op het juiste spoor te houden. We leefden in een soort Gestapo, een politiestaat? Een protestant mocht je zelfs niet aanspreken en aan seks dénken was al een doodzonde. Ongelooflijk toch?! Onze generatie is getekend door de kerk."Die mentaliteit werd zichtbaar in Jommeke. Terwijl in de oude albums nog her en der kruisjes tegen de muren te zien waren en het strokopje zelfs een wijwatervaatje aan zijn bed had hangen, werden ook die laatste geloofsbewijzen het raam uit geflikkerd.Zwarten met dikke lippenOok de decennialange kritiek, dat de reeks Jommeke in wezen een oerconservatief gezin naar voren schoof waarin de rollenpatronen in een halve eeuw onveranderd bleven, wuifde hij toen weg. Of Nys moeite zou hebben wanneer de rollen omgedraaid zouden worden: de man aan de haard, de vrouw werken? "Dat zou wringen bij mij, ja. De natuur heeft toch gewild dat de vrouw anders is dan de man qua genen en hersenkwabben. Natuurlijk, emancipatie bestond vroeger niet. De vrouw mocht niet gaan stemmen, mocht dit niet en mocht dat niet. Ze was gehoorzaamheid verplicht aan haar man. Dat stond zo in het trouwboekje? Truut in pakskes, hé?! Het zijn twee evenwaardige mensen. Maar goed, ergens zie ik dus wel liever de vrouw aan de hard. De band moeder-kind is ook groter, dunkt me. Ik denk dat een moeder sneller in het vuur zou springen voor haar kind dan voor haar man. Denk je niet?”In datzelfde interview maakte hij ook komaf met het feit dat hij tot het extreem rechtse kamp zou behoren. Dat was sneller gebeurd als gedaan. Een en ander dankt hij aan het feit dat hij in het verleden zwarten afschilderde met dikke lippen. “Alsof zwarten geen dikke lippen hebben”, verdedigt hij zich. "Ze zijn verdorie een en al lip. Maar dat was hoe men in vroegere tijden zwarten tekende. Hergé had er op zeker moment ook last van. Maar weet je, over de platte kop van Anatool of de bierbuik van Bommel heb ik nooit iets gehoord. Soit, het enige gevolg van die verwijten is dat ik nu geen negers meer in mijn albums breng."Erger werd het toen hij zich in Het Laatste Nieuws liet ontvallen dat hij wel sympathie kan opbrengen voor het Vlaams Belang, maar die uitspraak bleek later overtrokken en ingegeven door een voorval waarbij zijn eigen familieleden op straat waren aangevallen.

555 X de Eiffeltoren

Jommeke is al die tijd Vlaanderens best verkochte stripreeks geweest, op de voet gevolgd door Merho's Kiekeboe-reeks. Een apetrotse Jef Nys verwoordde het in 2003, toen bleek dat de kaap van 50 miljoen verkochte Jommekes gehaald was, zo: “Alle vijftig miljoen Jommekes op mekaar geeft een stapel die 555 maal de hoogte van de Eiffeltoren is, met een gewicht van zeveneneenhalf miljoen kilo; met alle albums na elkaar kun je de afstand tussen Brussel en Tokio overbruggen.” Erkenning kwam er ook rond die periode. Onverwacht, vond hij. Heel erg terecht, vonden heel wat collega’s. Eén van zijn eerste prijzen was de Bronzen Stripvos van de Vlaamse Stripgilde. Eindelijk erkenning. "Ach, wat is dat, erkenning?", klonk het toen cynisch en enigszins vingerwijzend in zijn dankwoord. "Dat je voor een klein land met zo’n vijf miljoen Nederlandstaligen een publiek van drie-, vierhonderdduizend lagereschoolkinderen kunt blijven aanspreken en dat het publiek je strips vijftig jaar lang volgt, dát is erkenning. Goh, iedere duivenbond kan een prijs uitreiken. Nu is het wat officiëler met deze prijs. Nu ja, het is wel een erkenning door collega's die vroeger, twintig of dertig jaar geleden, nog met een scheef oog naar Jommeke keken. Jommeke was voor kinderen, hé. Dat bleek iets minderwaardigs te zijn. Nu dat manneke vijftig jaar dreigt te worden, vinden ze het blijkbaar toch de moeite. Ach, weet je, mijn levensleuze is 'doe wel en zie niet om' geworden. Ze kunnen zeggen en denken wat ze willen, het raakt me niet meer.""Ik heb het gevoel dat de erkenning nu pas op gang komt”, liet hij zich in die periode ontvallen. Hij merkte hoe langzaamaan heel wat Vlaamse tekenaars zich niet langer laatdunkend uitspraken. Hij was verheugd toen hij in 2005 op Strip Turnhout de Gouden Adhemar kreeg voor zijn hele carrière, een prijs die tot dan toe enkel aan Marc Sleen werd uitgereikt. De laureaat gaf toen een onvergetelijke, lange speech waarin hij een klein showbeest werd en het zelfs -wellicht onbewust- had over De Gouden Jaguar, waarmee hij verwees naar het gelijknamige Jommeke-album. Nys werd nadien gevoelig meer opgevoerd in de media, er werden expo’s rond hem georganiseerd zoals de opvallende dubbelexpo Panamarenko/Jef Nys op het stripfestival van Strip Turnhout in 2005.Blij als een kind was hij toen in april 2008 Jommeke opnieuw in Vlaamse handen kwam dankzij zijn huidige uitgever Alexis Dragonetti. Daarvoor was Dupuis, waaronder Nys’ reeks viel, opgekocht door de Fransen, en tot spijt van Nys was Jommeke voor hen absoluut geen prioriteit. Herdrukken bleven uit, promotie werd niet gevoerd. Aan iedereen die het wilde horen sprak Nys de lovende woorden: Jommeke is terug thuisgekomen. Wel maakte hij zich de afgelopen jaren druk over een standbeeld van Jommeke in Antwerpen. In maart 2007 beloofde Philip Heylen op het Antwerps stadhuis, waar Nys werd gehuldigd om zijn gezegende leeftijd en zijn bijdrage aan de Vlaamse strip, dat dat beeld er zou komen, maar voorlopig zonder resultaat. Teleurgesteld was de auteur ook toen enkele jaren geleden bleek dat Kinderen baas, zijn lievelingsalbum, niet langer op de planning stond om verfilmd te worden. De producenten kregen het geld naar verluidt niet bij mekaar, en ook het VAF gaf in eerste instantie een negatief advies.Onlangs werden plannen gemaakt voor een heus interviewboek met Nys, maar de auteur was toen al te ziek om daar aan mee te werken. Dat boek had volgend jaar moeten verschijnen, wanneer album 250 op de markt zou komen. Ook lopende is een stripmuur rond Jommeke in Antwerpen, maar daarvoor werd nog geen locatie gevonden.Ook de plannen om Jommeke in het buitenland opnieuw uit te brengen, zijn niet opgeborgen. Op de afgelopen Frankfurter Buchmesse verzekerde Nys' uitgever Dragonetti nog dat die plannen allesbehalve opgeborgen zijn. Met name de Oost-Europese en Aziatische markt wordt momenteel gepolst. "We willen Jommeke opnieuw springlevend maken, hier, en als het enigszins mogelijk is, ook in het buitenland. Voorlopig stellen we alles in het werk om volgend jaar een feesteditie op de markt te brengen. We gaan voor nog vijftig jaar Jommeke. Nu meer dan ooit”, klinkt het nog.Lig wakker in vrede, Jef. Ik bedoel... rust in vrede, Jef!

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234