Zaterdag 16/11/2019

Liever echte dan digitale beelden

Al bij het omslaan van de grote bladen van het als een draaiboek opgevatte programmaboek denk je: Berlioz zou deze opvoering fantastisch hebben gevonden. Het ene effect na het andere, vuur, water, machines, acrobatie: zijn muziek is niet zo erg anders. En als je dan drie uur later buitenkomt, ben je ervan overtuigd dat wat La Fura dels Baus van La damnation de Faust heeft gemaakt, net is als Berlioz: veel geschreeuw maar toch wat minder wol.

Zoals altijd is de scenografische investering van La Fura dels Baus (de vormgeving is van beeldend kunstenaar Jaume Plensa) indrukwekkend. In het midden van het podium van de Salzburgse Felsenreitschule staat een doorschijnende cilinder, vier verdiepingen hoog. Op de wanden kunnen videobeelden geprojecteerd worden maar ze kunnen ook openklappen en zo verschillende omgevingen suggereren.

In eerste instantie is de cilinder echter de alchemistische smeltoven waarin Faust "tot nu toe, zoals alle andere mensen, zijn ego heeft gegoten" en waarin hij nu, "tijdens een volledige zonsverduistering, zichzelf stort". Zo begint de lezing van de Faust-mythe 'in Fura-taal'. "In de smeltoven ontstaat een Nieuwe Mens. Faust is gedoemd met zijn Schaduw (Méphistophélès) een pact te sluiten om zo zijn Ziel (Marguerite) te kunnen redden." Deze transpositie van de Faust-mythe (ook Berlioz had aan de transpositie van Goethe al een nieuwe dimensie gegeven) wordt in associatieve en soms spectaculaire beelden gegoten, die realiteit en virtualiteit met elkaar vermengen. Eigenaardig genoeg is het de hoogtechnologische alchemie, het spelen met projecties en gedigitaliseerde objecten, die het snelst verveelt en met gemak overklast wordt door op zichzelf eenvoudiger, reële theatereffecten: een laken waaronder het koor van het toneel verdwijnt, Méphistophélès die verdorde bladeren van de (echte) boom van de Felsenreitschule schudt, vier acteurs die, bezworen door Méphistophélès, aan touwen als hagedissen van de achterwand komen gekropen. Als in de cilinder weer eens gedigitaliseerd vuur oplaait, heb je als het ware heimwee naar het echte vuur uit vroegere Fura-spektakels.

Dat betekent niet dat deze interpretatie geen zinvolle betekenissen zou toevoegen aan Berlioz' stuk, maar enkel dat ze dat met andere, misschien eenvoudiger middelen nog beter had gekund. De fascinatie van het mechanische en elektronische theater blijft bestaan - en je staat inderdaad versteld van een ballet van logge lichaam- of kruisvormige gietvormen of van de suggestieve kracht van sommige projecties - maar je verlangt tegelijk ook naar meer echte beelden, zoals dat van de onder de boom een waterpijp rokende en slapende Faust of de intrigerende en zelfs ontroerende verschijning van de echte Marguerite.

Misschien is het ook betekenisvol dat de regisseurs, Alex Ollé en Carlos Padrissa, wel bijzonder muzikale acties hebben ontworpen voor de solisten maar voor de - muzikaal soms ingewikkelde - koren voor alle zekerheid hebben gegrepen naar opstellingen die recht uit de goeie ouwe negentiende-eeuwse opera komen: in groepen opgesteld, en gecentreerd op de dirigent. Zelfs de actievere koorscènes, zoals die in Auerbachs kelder, zijn veeleer traditioneel vormgegeven (waarbij de gimmick dat de koorleden hun flessen al eens als gsm's vasthouden, nogal lullig overkomt).

De dirigent is Sylvain Cambreling, die erg beslagen is in Franse muziek. De instrumentale karakterstukken en dansen zijn ritmisch precies en worden door de Staatskapelle Berlin mooi gekleurd. De koren (Orfeón Donostiarra uit San Sebastian en het Tölzer Knabenchor) houdt Cambreling meestal goed in de hand; slechts hier en daar is er een kleine ontsporing.

Voor hun eerste opera-enscenering (al was La damnation de Faust door Berlioz oorspronkelijk voor concertant gebruik bestemd) konden de mensen van La Fura dels Baus met enkele zangers van groot formaat werken. De sterkste indruk maakt Vesselina Kasarova als Marguerite: zij heeft niet meteen de stem die je voor deze rol verwacht - tot nu toe was ze vooral in belcantorollen te horen - maar voegt er een heel bijzondere lyrische innigheid en tederheid aan toe. Willard White is ondanks zijn enigszins ruwe stem een indrukwekkende Méphistophélès, die moeiteloos de grote bühne beheerst. Andreas Macco is een degelijke Brander. Paul Groves heeft een zware opdracht als Faust, een bijzonder moeilijke, hoge tenorrol. Hij voert die opdracht bijna, maar niet helemaal, vlekkeloos uit maar blijft toch naast de beide andere protagonisten ietwat in de schaduw.

De Salzburgse enscenering van La damnation de Faust door La Fura dels Baus is een niet oninteressante hineininterpretierung van het Faust-verhaal, die echter zonder de modieuze elementen (zonsverduistering met eclipsbrilletjes, overdreven gebruik van videobeelden, enzovoort) nog meer indruk had kunnen maken.

(SM)

Nog voorstellingen in de Felsenreitschule op 21, 23, 25, 27 en 29 augustus. Op 25 augustus live op ARTE.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234