Zondag 15/12/2019

straatblog

Liegt ze zichzelf een carrière in de kruideniersector voor?

Beeld Koen Broos

Maarten Inghels is dichter en schrijver. In oktober 2013 verscheen het reportageboek 'De eenzame uitvaart, 40 verhalen en gedichten bij vergeten levens' over zijn werkzaamheden als coördinator van 'De eenzame uitvaart' in Antwerpen.

Na tien centimeter opening, klemt de deur. Door het raam met zijn half vergane gouden belettering, zie ik de volle rekken, kasten, een zondvloed aan huis-, tuin- en keukenspullen. Naamloze winkel in een te negeren straat. In het midden van de wanorde staat de kleine vrouw voorovergebogen in een bak met gereedschap te rommelen. De eigenares richt zich op, schuift de kast achter de deur een eindje opzij en haalt de ketting uit het slot. Verwachtingsvol kijkt ze me aan. Ze bevindt zich ter hoogte van mijn heup, want aan het krimpen van de tijd lijdt ze het meest.

Het moet vier jaar geleden zijn dat ik het laatst voor haar winkeltje stond om een bus schoonmaakmiddel te kopen. Toen werd ik niet binnengelaten om rond te kijken - ze had schrik dat ik iets zou jatten, of dat ik een rek zou omstoten, ze zou de fles zelf wel nemen. Tussen elke kast zit twintig centimeter loopruimte. En ook nu weer manoeuvreren de stokoude eigenares en ik in een eigenzinnige paringsdans tussen olifantgrote kasserollen en ovenwanten als regenwoudpapegaaien.

"Ik zoek een houten snijplank."

"Een momentje."

Ze wurmt zich in een opening tussen twee kasten en verdwijnt in het oerwoud. Op de achtergrond hoor ik het gerommel en gekletter van haar snuffeltocht. "Strijkplanken, draaiende schotels, schotels om appekes op te leggen, plastieken planken."

Ik bestudeer de prijskaartjes van pannen en potten waar nieuwerwetse televisiekoks hun retro-nostalgie stevig mee kunnen kruiden. Zwaar en log als bakkeleit, maar oerdegelijk, zijn haar spullen dubbel zo hoog geprijsd als de aan spaanplaten en gehaktballen verslaafde wegwerpfabrikant. Vanachter haar afgeladen toonbank duikt ze op met een klein snijplankje.
"Ik zoek iets groters."

We kijken samen in het rek naast haar, maar vinden enkel een snijplank in de vorm van een vis.

"Ik ben geen viseter. Mocht het een plank in de vorm van een rund zijn geweest, kocht ik het meteen." Ze giechelt.

"Thermossen heb ik genoeg. Achteraan staan er nog twee dozen die ik moet uitpakken, met thermossen." Ik tel een stuk of vijftig thermossen in haar winkel. Thermossen in regenboogkleuren, thermossen als Rubensdijen zo groot. Ik vraag of ze goed verkopen.

"Van peeschijven alleen kan je niks kopen. Kent ge dat niet, peeschijven? Ik verkoop nog heel goed, daar kunt ge zeker van zijn. Al 52 jaar lever ik hier kwaliteit." Ze klinkt beledigd.
Ik wil niet met lege handen buitenstappen en gris een klassieke kurkentrekker uit een rek. Ze beweert dat ze nog andere modellen verkoopt en verdwijnt naar een kast waar ze rinkelend laden opentrekt. Een kersenontpitter, een klem om potten open te maken, vreemdsoortige tangen en voorwerpen die ze van een vooroorlogs operatiekwartier moet hebben overgekocht.

Met mijn vinger ga ik over het zwarte stof op een thermos. Ik denk dat het jaren geleden moet zijn dat ze nog eens een thermos aan een kroostrijk gezin met drukke familiefeesten verpatste, ik vermoed dat alleen antiekjagers hier nog om aardewerken potten komen. Ik herken flesjes shampoo uit reclamespots van de jaren '90, ontelbaar zijn de vergeelde etiketten. Een asiel vol winkeldochters.

"Hier, nog drie andere kurkentrekkers van een zéér degelijk model. En als ik wat langer zoek, vind ik er vast nog een paar."

Ze houdt zowel de eer als haar krakkemikkige gestel hoog. Liegt ze zichzelf een carrière in de kruideniersector voor? Als ik aan de toonbank mijn portefeuille bovenhaal, zie ik een doosje oude zeep met Duits opschrift.

"Geen Duitse. Deze moet ge hebben; Engelse zeep." Een voor een maakt ze doosjes open en houdt ze me de blokken voor om te ruiken. Vervlogen orchideeën, rozen, fuchsia's. "Als ge deze zeep koopt, dan wordt ge levenslange klant bij mij. Daar ben ik zeker van. Ook ideaal om cadeau te doen. Met zeep doet ge nooit iets verkeerd. Zeker niet met Engelse zeep."

Wanneer zou ze voor het laatst iemand met zeep aan haar hebben gebonden? Het moet gisteren zijn geweest, in haar ongewassen geheugen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234