Donderdag 21/10/2021

'Liefde is een soort contrapolitiek'

'Ik hou heel erg van de verbanden tussen ons lichaam en wie we zijn, tussen wat zich in het lichaam afspeelt en bijvoorbeeld de liefde. Want zoals de ziekte een kracht is die ons lichaam verandert, zo produceert ook liefde symptomen die ons met onze eigen grenzen confronteren'

De Argentijnse schrijver Alan Pauls over zijn roman 'Het verleden'

In Argentinië is auteur, filmcriticus en essayist Alan Pauls al jaren een cultfiguur. Met zijn indrukwekkende roman El pasado, pas verfilmd met Gael García Bernal in de hoofdrol, breekt hij nu ook in het buitenland door. In het boek vraagt Pauls zich af 'hoe we ons ook in de liefde van het gewicht van de geschiedenis kunnen bevrijden'.

Door Lode Delputte

Ooit deed in Spanje het gerucht de ronde dat de Argentijnse schrijver Alan Pauls (1959) niet bestond, maar een bedenksel was van enkele in Catalonië verblijvende auteurs. Zo dook Pauls - zoon van een voor de nazi's gevluchte Duitser - als personage op in een roman van Spanjaard Enrique Vila-Matas, of werd hij door wijlen de gevierde Chileen Roberto Bolaño "een van de beste levende Latijns-Amerikaanse schrijvers" genoemd.

Niet eerder dan drie jaar geleden, toen Pauls indrukwekkende roman El pasado de prestigieuze Herraldeprijs wegkaapte, kwam Spanje erachter dat Pauls heus wel van vlees en bloed was - en bovendien ook meesterlijk schreef. Vorig jaar ging Franstalig Europa overstag. Sinds een week ligt Pauls werkstuk ook in Nederlandse vertaling in de boekhandel.

Het verleden is al Pauls vierde roman, de omvangrijkste ook, de meest gewaagde, de meest geduld vergende. Hij heeft dan wel een royale pen, de woelige liefde en onliefde tussen hoofdpersonages Rímini en Sofía - na twaalf jaar uit elkaar, zij kan daar niet mee leven, hij probeert - kreeg ook Pauls niet in een oogopslag verteld. Een half decennium deed hij erover om de nu eens laaiende, dan weer mistige kronkels tussen hem en haar, tussen man en vrouw, te ontrafelen.

"Toen de roman klaar was, is er een immens gewicht van me afgevallen", vertelt de auteur. "Het feit dat je vijf jaar doet over een boek, dat bovendien de hele tijd over dat ene probleem gaat, een liefdeservaring die op obsessieve wijze uitgespit wordt, tja, dat werkt natuurlijk enigszins aliënerend.

"Op zeker ogenblik was ik me ervan bewust geworden dat de roman dik zou worden, waarna ik de herlezing van de al gepleegde hoofdstukken heb gestaakt. Vanaf dat moment was het de vlucht vooruit. In 2002 had ik iets voor elkaar waar ik in 1998 aan begonnen was. Ik was in die tijd iemand anders geworden. Ik was vreselijk bang dat in mijn roman een enthousiasme, ideeën en stijlprocedures vastgevroren waren geraakt uit een ander tijdperk, en dat die niet meer zouden passen bij wat er later bijgekomen is. Maar gelukkig is die vrees ongegrond gebleken. Bij de herlezing had ik het gevoel dat mijn verhaal een impuls bevat die al die jaren intact gebleven is, waardoor het ook standhoudt."

Uw roman heet Het verleden en gaat er ook over. 'We moeten kunnen leven met wat we waren, Rímini', zo vat Sofía haar filosofie samen. 'Dat is de beste les die onze liefde ons zou kunnen geven.' Maar wat met het heden, wat met de toekomst, als het verleden zo allesbepalend is?

"Geen makkelijke vraag. Maar met liefde is het een beetje als met de geschiedenis in het algemeen. Liefdesgeschiedenissen zijn nu eenmaal een variant op de geschiedenis tout court. In de geschiedenis weifelen wij mensen immers altijd weer tussen er deel van uitmaken of eraan ontsnappen. Meer nog, de grote historische gebeurtenissen, neem de revolutie van 1917 in Rusland of mei '68, lijken altijd weer aan de geschiedenis ontsnapt, haar zodanig te onderbreken dat het wel lijkt of ze er geen deel van uitmaken. Er bestaat met andere woorden een spanningsveld tussen deel zijn van de geschiedenis, met alle immobiliteit, gewicht maar ook wel bescherming van dien, en dat plotselinge breken met de geschiedenis, momenten die nergens vandaan komen maar de zaak wel grondig overhoop gooien."

En zo werkt ook de liefde?

"Ik denk het wel. Liefde neigt altijd naar het opstapelen van een zeker kapitaal, het kapitaal van de ervaring, van de intimiteit, de affectie of het vertrouwen. Maar plotsklaps heeft die accumulatie van zekerheden altijd weer de behoefte om door elkaar geschud te worden, met bepaalde rampen geconfronteerd te worden, kleine revoluties misschien die niet noodzakelijk gehoorzamen aan wie we zijn en wat we geweest zijn. In relaties die al lang meegaan, zijn die momenten de moeilijkste. Zoals Nietzsche het stelde, mummificeert de geschiedenis het leven, zet ze het in een glazen kast. De vraag luidt dus wat ons te doen staat om dat te vermijden, hoe we onszelf van het gewicht van de geschiedenis kunnen bevrijden. Dat lijkt me een van de grote probleemstellingen in Het verleden."

Als Sofía dan zegt dat we in staat moeten zijn om te leven met wat we geweest zijn...

"... kun je dat op meerdere manieren begrijpen. Voor Rímini, die na twaalf jaar bij haar weggaat, staat die zin voor een soort omarming waarbij beide partners op het punt staan te sterven. Rímini voelt de sterfelijkheid van de liefde en wil zich ertegen verzetten. Sofía niet, Sofía bedoelt gewoon dat ze al twaalf jaar bij elkaar zijn, sinds hun zestiende al, dat ze samen heel veel ondernomen hebben, dat ze met andere woorden het kapitaal verzameld hebben dat hen in staat moet stellen voort te leven. Voor Sofía is hun liefde juist níét iets waaraan ze noodzakelijkerwijs moeten sterven."

Het verleden staat ook voor de vergankelijkheid van het menselijk lichaam. Niet enkel de louter seksuele elementen, maar het hele lichaam houdt u bezig: u beschrijft voetschimmels, vlekken, pukkels, zwellingen en noem maar op...

"Ik ben erg geïnteresseerd in het lichaam als bron van verandering. Het is heel fascinerend om te zien door welke fases het lichaam in zijn bestaan heen reist, welke diverse ziektesymptomen ons lichaam aan de oppervlakte brengt. Al zou ik dan nooit dokter kunnen zijn, ik hou ervan om over ziekteverschijnselen te schrijven. In die zin vind ik de klinische verhalen van Sigmund Freud een hoogtepunt van twintigste-eeuwse literatuur. Ik hou ook heel erg van Oliver Sacks, van de verbanden tussen ons lichaam en wie we zijn, tussen wat zich in het lichaam afspeelt en bijvoorbeeld de liefde. Want zoals de ziekte een kracht is die ons lichaam verandert, zo produceert ook liefde symptomen die ons met onze eigen grenzen confronteren."

U beschrijft het einde van de relatie tussen Sofía en Rímini, vervolgens de relaties van die laatste met Vera, Carmen, Nancy - en hoe Sofía op de meest onverwachte momenten blijft opduiken. Maar met name bij het daarin verweven verhaal over de schilder Riltse, de grondlegger van de zogenaamde Sick Art, neemt de lichamelijkheid groteske vormen aan.

"Riltse is een personage dat het probleem van de liefde en vergankelijkheid op brutale wijze belichaamt. Hij maakt, een beetje zoals de Franse kunstenares Orlan, van dat vergankelijke lichaam een kunstwerk, zoals ook de liefde van zijn nog jeugdige bewonderaars Rímini en Sofía een kunstwerk wil zijn. Ik hield van de gedachte om voor deze twee personages een gemeenschappelijk jeugdidool te verzinnen, iemand die net als zij aanspraak maakt op een zekere avant-garde, zij het dan via de Sick Art."

Cruciaal in uw roman is de stad Buenos Aires, die door tal van twintigste-eeuwse auteurs verbeeld is. Het verleden lezen is dan ook herinneringen ophalen aan Sábato, Puig, Cortázar en Onetti. Voelt u zich deel uitmaken van wat de literatura rioplatense genoemd wordt, de literatuur van het bekken van de Río de la Plata?

"Ik voel me alleszins deel uitmaken van de unieke plek die Buenos Aires heet, de stad, de rivier die erlangs stroomt. Veeleer dan tot de Argentijnse literatuur voel ik me tot die van Buenos Aires behoren. Ik word tot de stad aangetrokken, veel meer dan tot het land eromheen, en de stad maakt het mij mogelijk ook in het land te wonen. Stedelijkheid vind ik erg belangrijk als beschavingsfenomeen. In die zin heb ik ook meer gemeen met een auteur uit Bogotá dan met een uit pakweg Patagonië. In Buenos Aires, die plek die ooit synoniem was met terreur en wreedheid, heersen chaos en onveiligheid, een perfecte ruimte is het allesbehalve. Maar ik ben er wel thuis, het is mijn stad.

"Als ik het dan even over invloeden mag hebben, ik ben blij dat je Onetti vermeldt. Hij heeft me finaal van het Latijns-Amerikaanse magisch realisme genezen, van de nueva novela, van García Márquez, Vargas Llosa en noem maar op. Aanvankelijk was ik compleet Onettiaans, en hoewel ik me later nooit meer tot zijn boeken heb gewend, heeft hij me beïnvloed. Hij heeft mijn blik op literatuur veranderd. De literatuur van de Río de la Plata heeft zich altijd een beetje tegen de Latijns-Amerikaanse letterkunde verzet zoals die in de jaren zestig naar boven komt. In die zin voel ik me in het La Platagenre wel thuis."

Uw roman zit ook vol verwijzingen naar de Europese letteren, onder meer naar Proust. Welke andere schrijvers aan deze kant van de Atlantische Oceaan hebben u beïnvloed?

"Ik houd heel erg veel van het twintigste-eeuwse modernisme. Of het nu Ulysses van Joyce is, de intieme dagboeken van Musil, Kafka, Gombrowicz ook, die vijfentwintig jaar lang in Argentinië heeft gewoond en fundamenteel was voor de Argentijnse literatuur. Maar ook de traditie van de negentiende-eeuwse roman spreekt me bijzonder aan. Ik denk trouwens dat Het verleden een beetje de ademtocht van een negentiende-eeuws werk in zich draagt. Zo voel ik me erg aangetrokken tot Stendhal en zou ik het fantastisch vinden als een recensent mij een keer kwam vertellen; 'Hé, die of die zin van je, dat lijkt Stendhal wel.'"

Een deel van Het verleden speelt zich af tijdens de militaire dictatuur (1976-1983) in uw land. Toch verwijst u er nergens naar.

"Neen, want ik wil geen referentiële verhalen schrijven. Mijn roman vermeldt heel even de militairen, maar hij bevat niet de typische tics die de boeken uit of over de militaire tijd kenmerken. Het enige wat me met betrekking tot de junta interessant lijkt in Het verleden, is dat de liefde er zo'n beetje als een beschermende mantel dienstdoet. We weten alles al over de dictatuur: hoe ze ontvoerde, hoe ze folterde, hoe ze moordde. Wat we echter niet weten, is hoe de mensen toen leefden die niets met de zaak te maken hadden. Hoe deden ze dat in die periode, gelukkig zijn? Elkaar beminnen? In die zin zou je liefde eigenlijk als een soort contrapolitiek kunnen bestempelen. In zeker opzicht is er niets zo onpolitieks als liefde, al kan liefde ook juist erg politiek zijn."

Alleszins wordt in uw roman een politiek dubbelthema aangeboord dat de hele discussie sinds het eind van de dictatuur belichaamt: vergeten-herinneren, maar dan toegepast op de liefde. Rímini wil zijn leven met Sofía vooral vergeten, Sofía wil het hare met Rímini juist herinneren.

"In die zin heeft mijn roman misschien politieke connotaties. Ik had het zelf nog niet zo bekeken, maar nu ik erover nadenk, ja, Sofía is een militante van het herinneren, en haar zelfhulpgroep voor Vrouwen die Te veel Beminnen is een soort gewapende arm ervan. Toch is vergeten geen negatieve kracht, en komt juist het absolute herinneren erop neer dat iemand geen orde kan scheppen in zijn herinnering. Want wat is vergeten anders dan herinnering die orde op zaken stelt?"

Zopas heeft de Braziliaans-Argentijnse cineast Hector Babenco uw boek verfilmd, met superster Gael García Bernal in de hoofdrol. U bent zelf voortdurend met cinema bezig en uw werk zit vol cinematografische verwijzingen. Hoe kan het dan dat u niettemin verbaasd was toen Babenco u belde?

"Ik was verrast omdat mijn roman erg oncinematografisch in elkaar zit, en juist een erg literaire inslag heeft. Het is moeilijk om de gelaagdheid van een verhaal in een film weer te geven, vanwaar de ontgoocheling die we meestal voelen als we de verfilming van een roman te zien krijgen. Het punt is alleen dat toen Babenco me belde om te zeggen dat hij Het verleden zou verfilmen, ik zo blij was dat ik dacht: tja, hij heeft kennelijk iets gezien wat ik niet gezien heb, en daar zit misschien wel het hele verschil tussen een auteur en een cineast. Maar ik ken Babenco's werk, zijn films interesseren me en ik heb vertrouwen in hem. Terzelfder tijd weet ik dat er voor mezelf geen plaats is in dat project, dat het te moeilijk zou zijn voor me, dat ik de chirurgische ingrepen niet zou verdragen.

"Alleszins is de prent nu ingeblikt, en is het enkel nog wachten tot hij uitkomt, in april. Toegegeven, ik koester een bijna ongezonde nieuwsgierigheid naar het resultaat."

Alan Pauls is in ons land naar aanleiding van het Borgesfestival (lezingen, dans, poëzie, expo), dat nog loopt tot 3 december bij Passaporta in Brussel.

> Docent literatuurwetenschappen, filmcriticus, journalist (bij het cultuursupplement Radar van de krant Página 12), auteur, scenarioschrijver.

> Schreef ook de romans El pudor del pornógrafo (1984), El coloquio (1990) en Wasabi (1994).

> Is de auteur van een gevierd werk over Jorge Luis Borges, El factor Borges (2005).

> Op dit moment werkt hij aan een roman over liefde tussen kunstenaars - "een roman die een liefdesverhaal vertelt tussen twee experimentele cineasten in de jaren veertig. Uiteraard betreft het een erg intens, desastreus verhaal."

> www.passaporta.be

> www.literaturalatina.nl

Alan Pauls

Het verleden

Oorspronkelijke titel: El pasado

Vertaald door Arie van der Wal

Meulenhoff, Amsterdam, 573 p, 25 euro.

We weten alles al over de dictatuur: hoe ze ontvoerde, hoe ze folterde, hoe ze moordde. Wat we echter niet weten, is hoe de mensen toen leefden die niets met de zaak te maken hadden. Hoe deden ze dat in die periode, gelukkig zijn? Elkaar beminnen?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234