Vrijdag 20/05/2022

Libanon beleeft déjà vu

Gevechten tussen verschillende moslimgroepen barsten los, christenen kijken voorlopig toe

Het voorbije weekend zijn alle demonen van de Libanese burgeroorlog uit de fles gelaten. Druzen vochten tegen sjiieten en tegen andere druzen in de bergen, soennieten vochten tegen alawieten in Tripoli. De Libanese christenen blijven voorlopig aan de kantlijn toekijken.

BEIROET

VAN ONZE CORRESPONDENT

GERT VAN LANGENDONCK

'De oorlog van 2006 was veel cooler', zegt de dochter van de parlementariër. Ze heeft net van papa te horen gekregen dat ze tot nader order huisarrest heeft. Zelfs een trip naar de boetieks in het nabijgelegen vakantieoord Faraya zit er niet in. Zijn vrouw vindt het niet erg. 'Nee, ik voel mij niet opgesloten. Ik zit hier goed in mijn paradijs.'

Het is niet meteen het beeld van Libanon dat in de wereldpers domineert. Het huis van de parlementariër in de Metn is inderdaad een paradijs. Terwijl we uitstekende Franse wijn drinken in de riante tuin, werpt de ondergaande zon een feeëriek licht op het omringende Libanongebergte, en op de rozentuin waarvan de vrouw van de parlementariër haar levenswerk heeft gemaakt.

Maar schijn bedriegt: de parlementariër behoort tot de PSP-partij van druzenleider Walid Jumblatt, waarvan de militanten het voorbije weekend zwaar hebben gevochten tegen Hezbollah en zijn bondgenoten. Overal rond het domein patrouilleren zwaarbewapende lijfwachten, en rond de veiligheidszone zijn landmijnen gelegd om indringers buiten te houden. 's Avonds worden alle lichten gedoofd om geen raketwerpers aan te trekken.

Het is hier op Al-Jabal, de berg, dat Hezbollah de eerste serieuze weerstand heeft ondervonden sinds het vorige donderdag zijn blitzoffensief begon tegen de Libanese regering. Zondag zijn minstens 36 doden gevallen bij de gevechten tussen de PSP-militanten van Jumblatt en de sjiitische oppositie, en volgens sommige bronnen heeft Hezbollah veertien strijders verloren.

Zondagavond onderhandelde Jumblatt een staakt-het-vuren met Talal Arslan, een rivaliserende druzenleider die aan de kant van de oppositie staat. Afgesproken werd dat alle posities van de PSP zouden worden overgedragen aan het Libanese leger, zoals eerder al in West-Beiroet gebeurde.

Gisteren bleef het dan ook rustig in de bergen. Maar de gevechten in de bergen hebben het dodental sinds donderdag op 81 gebracht plus meer dan 250 gewonden.

In de noordelijke havenstad Tripoli braken gisteren opnieuw gevechten uit tussen aanhangers van regering en oppositie. In Noord-Libanon zijn er geen sjiieten - de regio is overwegend soennitisch en christelijk - maar aanhangers van de regering raakten er slaags met de alawieten, een aan de sjiieten verwante sekte die aan de kant van Hezbollah staat.

In Beiroet daarentegen bleef het de voorbije dagen relatief rustig en christelijk Oost-Beiroet blijft voorlopig buiten schot. Dat is enigszins verbazend aangezien de christenen verdeeld zijn tussen regering en oppositie sinds oud-generaal Michael Aoun en zijn FPM-partij zich in 2005 aan de kant van de oppositie schaarden. Een paar weken geleden waren er nog doden gevallen tijdens een confrontatie tussen christenen van beide kampen in Zahle in de Bekaavallei.

Michel Aoun wierp gisteren voor het eerst licht op de situatie van de christenen. Tijdens een persconferentie zei hij dat "wij een overeenkomst hebben met Hezbollah: er zullen geen kogels afgevuurd worden op Oost-Beiroet en Hezbollah zal zijn operaties niet uitbreiden naar christelijke gebieden. Deze strijd is politiek en niet sektarisch."

Het offensief van Hezbollah, een sjiitische partij en een gewapende verzetsbeweging tegen Israël die gesteund wordt dor Syrië en Iran, begon vorige week donderdag toen Hezbollahleider Hassan Nasrallah de oorlog verklaarde aan de regering van premier Fouad Siniora, en in het bijzonder aan de twee voornaamste regeringspartijen: de soennitische Toekomstpartij van Saad Hariri en de PSP van druzenleider Walid Jumblatt.

Het was Jumblatt die begin deze maand de lont aan het vuur stak door het geheime telecommunicatienetwerk van Hezbollah ter discussie te stellen. Hezbollah beschouwt dat netwerk als een onderdeel van zijn wapenarsenaal in de oorlog tegen Israël. Toen de regering het netwerk vorige week illegaal verklaarde, beschouwde Nasrallah dat als een oorlogsverklaring. Hoewel Nasrallah altijd heeft gezegd dat Hezbollah zijn wapens nooit tegen andere Libanezen zou gebruiken, voegde hij in zijn speech van donderdag een uitzondering op de regel toe: de wapens van Hezbollah mogen gebruikt worden tegen eenieder die de wapens van Hezbollah bedreigt.

De wapens van Hezbollah zijn een oud zeer in Libanon. Het vredesakkoord van Taif, waarmee in 1989 de burgeroorlog werd beëindigd, voorzag in de ontwapening van alle milities. Alleen Hezbollah mocht zijn wapens behouden in het kader van de strijd tegen Israël, dat Zuid-Libanon bezet hield. Het is om de militieclausule uit het vredesakkoord te omzeilen dat Hezbollah sindsdien officieel bekend staat als 'Het Verzet'.

Maar na de Israëlische terugtrekking uit Zuid-Libanon stelde een deel van de Libanese politiek de noodzaak van een gewapend verzet steeds meer in vraag. De kwestie werd op de spits gedreven in de zomer van 2006 toen het kidnappen van twee Israëlische soldaten door Hezbollah een oorlog met Israël uitlokte.

Premier Fouad Siniora haalde in een emotionele televisietoespraak op zaterdag zwaar uit naar Hezbollah. "Heeft deze regering de oorlog verklaard aan Hezbollah?", vroeg Siniora. "Heeft deze regering gezegd dat wij Hezbollah willen ontwapenen? Vast en zeker niet. Israël is onze vijand en Syrië is onze zuster, niettegenstaande alle wreedheden die het begaan heeft in Libanon."

Het probleem, aldus Siniora, "is dat Hezbollah besloten heeft om zijn cultuur en overtuigingen op te dringen aan de Libanezen zonder het minste overleg met de anderen".

De machteloze regering-Siniora stelt nu alle hoop op een missie van de Arabische Liga die vandaag in Beiroet verwacht wordt, en op het Libanese leger.

Omdat Libanon al sinds eind vorig jaar zonder president zit, en de huidige regering door de helft van het land sowieso als onwettelijk wordt beschouwd, heeft legerbevelhebber generaal Michel Sleiman in feite carte blanche om de rol van het leger te bepalen. Sleiman, die kandidaat is voor het presidentschap, heeft de beslissingen van de regering over het telecommunicatienetwerk al zogoed als vernietigd door het onderzoek ernaar in handen te nemen. En het leger, de enige instelling die boven het sectaire gedoe staat, is er de voorbije dagen meermaals in geslaagd om de gemoederen te bedaren.

Maar het leger wordt meer en meer beschouwd als een bondgenoot van Hezbollah, dat steevast de controle overneemt van wijken nadat Hezbollah er met de grove borstel doorheen is gegaan.

Veel rijke Libanezen hebben er alvast geen goed oog in. Op Cyprus zijn al achttien luxejachten uit Beiroet toegekomen en gisteren is vanuit de haven van Beiroet de eerste betalende evacuatie per luxejacht begonnen. Een slimme Libanees vraagt tweeduizend dollar voor de overtocht naar Cyprus. Voor de minder gegoede Libanezen wordt eerstdaags het ferrytraject Jounieh-Cyprus opnieuw in gebruik genomen, voor het eerst sinds de oorlog van 2006.

Leger wordt steeds meer beschouwd als bondgenoot van Hezbollah

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234