Maandag 25/05/2020

Lezen tussen de blaffende regels door

de 15 beste Great American Novels van de voorbije 15 jaar van tragikomisch tot goor pitbullproza selectie door bert bultinck & dirk van hulle

Thomas Pynchon Vineland (1990)

De derde grote roman van een van de belangrijkste schrijvers van de twintigste eeuw. Thomas Pynchons boeken zijn behalve duizelingwekkend en hilarisch ook onpeilbaar complex. Misschien is het voor Vineland, een boek dat binnen het oeuvre als "relatief eenvoudig" bekendstaat, voldoende om te vermelden dat Zoyd Wheeler en zijn dochter Prairie geobsedeerd zijn door de verdwijning van vrouw en moeder, de al even passend genaamde Frenesi Gates. Veel paranoia, trieste fratsen en eenzame momenten doorkruisen dit eighties-boek, dat doordrenkt is van Reaganomics en tv-kijken in een mythisch soort Californië. Het boek beleeft al zeer vroeg een komisch hoogtepunt wanneer Zoyd zich opmaakt voor zijn jaarlijkse sprong-door-het-venster, die hem overheidssteun voor mentaal gehandicapten verschaft.

n Thomas Pynchon is de auteur van het monumentale Gravity's Rainbow. Zijn voorlopig laatste roman is het al even kloeke Mason&Dixon, waarin hij zijn engagement én kritiek ten aanzien van zijn vaderland nog eens stevig met een ampersand verbindt. De mediaschuwe auteur staat voor een verlicht hippiedom, met groteske hallucinaties alsook zichzelf in de staart bijtende bricolages van het wondermooie afval van entertainment- en andere laatkapitalistische industrieën. Zijn zinnen zijn niet zelden een pak langer dan voorgaande.

Richard Powers The Gold-Bug Variations (1991)

Hoogst erudiete encyclopedische roman over de kraak van de eeuw: die van het DNA. In 639 pagina's passeren een briljant moleculair bioloog die al te zeer bedwelmd raakt door Bach (en vooral dan de Goldberg Variationen) om munt te slaan uit zijn genie, een taalvaardige computerprogrammeur die veel te intelligent is voor zijn middelmatige job en een bibliothecaresse die te aantrekkelijk is om zomaar bij voormelde programmeur te blijven. Ze verlaat hem voor een schilder. De artiest in kwestie blijkt de behoorlijk museale zestiende-eeuwse Vlaming Herri met de bles. Af en toe is de auteur amper te volgen in zijn missionaire kennisoverdracht, maar ook dat is een gangbare betekenis van onnavolgbaar.

n Richard Powers begon in 1975 aan zijn natuurkundestudie maar behaalde uit een afkeer van de in de wetenschappen vereiste specialisering uiteindelijk een MA in de literatuur. Ook in deze krant kon u lezen hoe zijn recentste pil, The Time of Our Singing, alweer algemeen op superlatieven onthaald werd. Hij leest op het ogenblik Omega Minor van onze eigenste Paul Verhaeghen. In het Nederlands.

Donna Tartt The Secret History (1992)

Een van de grootste bestsellers uit de recente Amerikaanse literatuurgeschiedenis, maar vooral een prikkelende, rijke en spannende schuld-en-boete-roman. Wanneer Richard gaat studeren in een college in Vermont raakt hij geïntrigeerd door een prof Klassiek Grieks en door het kleine groepje van geraffineerde en intelligente studenten die door de mentor zorgvuldig zijn uitgekozen. Langzaam komt hij details te weten over het verschrikkelijke ongeluk dat de leden van de intellectuele cirkel aan elkaar smeedt. In een poging om de antieke mythen en geschiedenissen niet alleen te lezen en te interpreteren maar ook te ervaren, is een bacchanaal in een Amerikaans woud noodlottig afgelopen. Tartt werkt haar personages sterk uit - vooral het beeld van de demonisch-schrandere Henry blijft bij - en zoomt ongenadig in op de groepsdynamiek en de hang naar het buiten-zichzelf-raken die mensen (en maatschappijen) al vaker naar de afgrond hebben gebracht.

n Donna Tartt is de superster van wie gevreesd wordt dat The Secret History haar beste boek zal blijven, want opvolger The Little Friend kon op geen enkel moment haar lezers zo aan haar woorden kluisteren. Onlangs meldde ze nog dat The Lady in the Lake van de fantastische Philippe Marlowe haar favoriete boek is. Wat doet hopen dat het waar is dat je een auteur nooit mag afschrijven.

Toni Morrison Jazz (1992)

Niet die vernietigende Civil War (1861-1865), niet die zelfvoldane zwarten zorgen voor sociale onrust en rellen, zoals die van de mars op East St. Louis (200 doden), maar de jazz: "Het liet je onwijze, wanordelijke dingen doen. Enkel het horen ervan was al alsof je de wet overtrad." Dorcas is een meisje wier vader in die mars is omgekomen. Joe Trace, het erbarmelijke personage dat de plot op gang brengt, wordt verliefd op Dorcas, maar wanneer hij haar in de armen van een ander ziet staan, vermoordt hij het meisje. Op de begrafenis werpt de vrouw van Joe zich op de kist om het gezicht van de dode Dorcas open te snijden. Het huwelijk van Joe en Violet bevriest, en begint pas weer open te bloeien door de hulp van Felice, een vriendin van Dorcas: "zo begon dat schandalige triootje op Lenox Avenue. Wat anders uitdraaide was wie wie neerschoot."

n De enige zwarte Nobelprijswinnares schrijft intelligent én aangrijpend proza, complexe en beeldrijke zinnen en mooie, lang uitgewerkte metaforen - een postkoloniale variant van de 'conceits' van de onvolprezen 'metaphysical poets'. De geschiedenis van de zwarten in Amerika werd ook in andere indrukwekkende boeken van haar - zoals het bezwerende Beloved - in beeld gebracht.

James Ellroy American Tabloid (1995)

Pitbullproza van een van de meest eigenzinnige, arrogante en cholerieke misdaadauteurs van het moment, die de frase 'as van het kwaad' van steeds andere betekenissen voorziet. Deze van machismo overlopende roman over het Amerika van net voor de moord op JFK is het eerste deel van Ellroys Underworld USA-trilogie. Sterke vrouwen, stoere mannen, afluisterapparatuur en rioolpers: nooit schuwt de auteur het spectaculaire moment, dat in een heel eigen stijl op de pagina wordt gebrand. Tussen de korte, blaffende regels (zie vooral ook het tweede deel van de trilogie, The Cold Six Thousand) staat de wereld slechts heel af en toe stil bij haar eigen ellende.

n James Ellroy is ook na het schrijven van My Dark Places geweldig kwaad op de wereld gebleven. In dat autobiografische boek ging hij op zoek naar de ware toedracht van de moord op zijn moeder (de auteur was toen tien), terwijl hij ook zijn eigen experimenten met drugs, diefstal en depressie in strakke zinnen goot. In 1998 vertelde hij aan Fred Braeckman, thrillerspecialist van deze krant, dat zijn terriër Hillary Clinton heeft gebeft. Ondanks die ietwat pathetische promoklap geldt Ellroy toch als een van de scherpste analisten van de verenigde macht in alle staten.

Chuck Palahniuk Fight Club (1996)

De Beowulf van de laat-twintigste eeuw, dampend van het zweet en gonzend van energie. De monsters en draken die Palahniuk hier te lijf gaat, zijn net zo min als in het Oudengelse gedicht met zwaarden of andere wapens te bestrijden. Het moet met de blote hand gebeuren, van man tot man. Die twee mannen blijken één en dezelfde te zijn, de ik-figuur en Tyler Durden, Me & Phisto, Dr. Jeckyll and Mr. Jackass, twee zielen in één borst. Ze gebruiken hetzelfde lijf, maar op verschillende tijdstippen. Met ruwweg dezelfde ingrediënten maken ze zowel zeep (graadmeter van de beschaving) als nitroglycerine, de basis voor dynamiet. De cocon van de hyperbeschaafde IKEA-boy kan elk moment exploderen. Al meteen in het eerste hoofdstuk wordt duidelijk dat dit boek een tijdbom is; "het gebouw waar we op staan zal er binnen tien minuten niet meer zijn". Elke zin is een tiende van een seconde waarvan Palahniuk elke honderste laat voelen. "You aren't alive anywhere like you're alive at fight club."

n Na deze eerste roman heeft Chuck Palahniuk in minder dan tien jaar tijd een indrukwekkende lijst boeken geschreven: Survivor, Invisible Monsters, Choke, Lullaby, Diary - een intimiderend en te duchten 'Project Mayhem'.

Rick Moody Purple America (1997)

Alleen al de openingszin: "Whosoever knows the folds and complexities of his own mother's body, he shall never die." Sterk. Maar de daaropvolgende is zonder twijfel de meest adembenemende tweede zin ooit geschreven. Hij is honderd keer langer dan de eerste en uitgespreid over vier pagina's prachtig 'purperen' proza vol 'plooien en complexiteiten'. De moeder van Hex lijdt aan een zenuwziekte en is in de steek gelaten door haar tweede man, die ontslagen wordt als gevolg van een lek in de kerncentrale waar hij werkte. De moeder van Hex is volledig van hem afhankelijk. Ze kan nauwelijks meer spreken en is incontinent. Moody probeert te achterhalen wat er in haar hoofd omgaat wanneer ze op de tv het nieuws ziet over het nucleaire lek en tegelijk haar plas niet kan ophouden. Zo sijpelt dit verhaal over vergankelijkheid, vervuiling en verval langzaam uit de spleten van de eerste zin en verspreidt de prachtige taal van Moody zich in het volste besef van haar ontoereikendheid.

n Toen Rick Moody zijn eerste roman Garden State (1992) probeerde te publiceren, was er geen enkele uitgeverij in New York die interesse toonde. Maar The Ice Storm (1994) kon niemand meer negeren, zeker niet na de knappe verfilming in 1997 door Ang Lee.

Don DeLillo Underworld (1997)

De naoorlogse geschiedenis van de VS, en tegelijk die van een honkbal. In oktober 1951 sloeg Bobby Thomson de bal de tribune in en bezorgde de Giants in New York een sensationele overwinning op de Dodgers. Dit nieuws moest de voorpagina van The New York Times van 4 oktober delen met het bericht over een Russische atoomtest. In een prachtig hoofdstuk stoft DeLillo het blinde vooruitgangsoptimisme van de jaren vijftig af, het geloof in "een onbedorven wereld die steeds vernieuwd kon worden". Maar het stof dwarrelt weer neer, het vuilnis stapelt zich op en de VS weten geen blijf meer met hun restafval. Wanneer het hoofdpersonage als Amerikaans afvalexpert een kernafvalvernietiging in Kazachstan bijwoont, vraagt hij aan een Russische collega waarom hun regeringen eigenlijk ooit een Koude Oorlog hebben gevoerd. Het antwoord is emotieloos: "Voor de wedstrijd. Jullie wonnen, wij verloren." En cynisch: "Je moet me vertellen hoe het voelt. Grote winnaar."

n Don DeLillo debuteerde met Americana en heeft intussen al meer dan een dozijn romans geschreven, waaronder Ratner's Star, White Noise, Libra, Mao II en Cosmopolis. Maar de titel 'Great American Novel' is toch het meest van toepassing op Underworld. Bret Easton Ellis

Glamorama

(1998)

Niet voor losers. Enkel winners als Victor Ward mogen zich 'semi-ongedwongen' in de Amerikaanse modewereld bewegen. Op zijn modieuze vespa snort hij door New York onder het motto: "succes is houden van jezelf" - vroem vroem - "en iedereen die dat niet vindt kan oprotten". Ellis laat hem in contact komen met een terroristische organisatie die uiteindelijk een Boeing 474 laat exploderen. Van Victor wordt enkel verwacht dat hij zich laat zien in compromitterende situaties, zodat hij achteraf verantwoordelijk gesteld kan worden voor de aanslag. Gezien worden lijkt het enige doel in Victors leven, en aan dat doel geven de overal aanwezige camera's een hyperreële dimensie. Ellis laat niets onbekeken, zoomt gretig in op elk detail, zoals de afgerukte ledematen, opengereten buiken, uitpuilende ingewanden en verbrijzelde schedels na de vliegtuig-ramp - in alle uitdrukkelijkheid.

n Bret Easton Ellis heeft van die expliciete stijl zijn handelsmerk gemaakt. Bateman uit American Psycho (1990) treedt ook in Glamorama op, net zoals Victor Ward al even verscheen in The Rules of Attraction (1987). Al sinds zijn debuut, Less Than Zero (1985), pompt Ellis angstaanjagende hoeveelheden leegte in zijn werk, dat intussen gespannen staat als de dunne huid van een steeds harder opgeblazen ballon.

Jonathan Lethem

Motherless Brooklyn

(1999)

Wanneer Lionel Essrog zijn jeugd in het weeshuis is ontgroeid, vindt hij het best een eer om chauffeur te spelen voor de goede slechterik Frank Minna, die hem uit de eenzaamheid van de schoolbib heeft verlost en het ondertussen tot kleinschalige maffiabaas heeft geschopt. Minna's besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid blijkt echter niet kleinschalig genoeg. Al vroeg in de roman wordt hij neergestoken, wat zijn desperado's naar de complete wanhoop en/of de gevangenis voert. Omdat Lionel ook nog eens aan het syndroom van Tourette lijdt, en zijn gedachten het liefste allemaal tegelijk uit zijn hoofd stromen, wordt zijn detective-opdracht wel bijzonder lastig. Coprolalie heet de aandoening waarbij de patiënt soms onbedwingbaar en met behulp van zoveel mogelijk vuile woorden begint te schelden. Op andere momenten draaien de woorden Freudiaans in elkaar: "We're - Detectapush! Octaphone! - we're a detective agency. [...] Inupt and corrept, went the brain of Essrog the Idiotic. You are corrept, sir!"

n Jonathan Lethem maakte naam met experimentele sciencefiction in Amnesia Moon en Girl in Landscape. In Motherless Brooklyn valt vooral zijn beheersing van het detectiveverhaal op. Elders in deze krant vindt u een bespreking van zijn laatste roman Fortress of Solitude.

Mark Z. Danielewski House of Leaves (2000)

Iets veel unheimlichers dan een mythologisch labyrint met inwonende Minotaurus. Het huis van fotograaf en filmmaker Will Navidson blijkt aan de binnenkant een halve inch groter te zijn dan aan de buitenkant. Achter een deur bevindt zich van de ene dag op de andere een pikdonkere gang, een onherbergzame leegte, waarvan de omvang voortdurend verandert. Rationele en psychologische verklaringen lijken geen steek te houden. Danielewski laat er interpretatoren als wijlen Jacques Derrida op los. Tevergeefs. Het hele verhaal is bovendien de interpretatie van een film door een blinde schrijver, Zampanó. House of Leaves is een transcriptie van zijn onuitgegeven manuscripten, postuum geredigeerd door Johnny Truant. Zijn voetnoten (in een apart lettertype) zijn een verhaal op zich. Magistraal is de paginalange voetnoot over het belang van het woord 'fuck' - "a great American epic word".

n Mark Z. Danielewski heeft met zijn debuutroman een unicum geschreven. Dit kan hij misschien nooit meer evenaren. The Whalestoe Letters die na House of Leaves zijn verschenen, zijn er gewoon een fragment uit. Maar zelfs als hij het hierbij zou laten, heeft hij met House of Leaves een plaats verworven tussen de Great American Novelists.

Stephen King On Writing: A Memoir of the Craft (2000)

De American Dream, een gebruiksaanwijzing. Als Amerikaans auteur maakt King er een punt van zijn leven te presenteren in de vorm van een handboek over schrijven. Net als Edgar Allan Poe in zijn Philosophy of Composition beschrijft King het schrijfproces als een pragmatische kwestie. Poe stelt het voor als een mathematisch probleem, King vergelijkt het met loodgieterij en ander vakmanschap: "We hebben het hier niet over een ouijabord of de geestenwereld maar gewoon over werk, zoals het leggen van buizen of het rijden in trucks." Zijn basismetafoor is de gereedschapskist: geen geleuter over inspiratie of geniale invallen; schrijven is sleutelen aan zinnen. Wie maar genoeg werklust heeft, kan zelf zijn Amerikaanse droom in elkaar knutselen. On Writing is het basispakket.

n Stephen King verkocht op zijn veertiende op school al zelfgedrukte exemplaren van zijn eerste verhaal. Veertien jaar later kon hij de paperback-rechten van zijn eerste roman Carrie al voor 400.000 dollar verkopen. Na een paar dozijn bestsellers, maar vooral na een zwaar verkeersongeval in de zomer van 1999, nam King de tijd om in On Writing het meest Amerikaanse van alle levensprincipes duidelijk te stellen: alles is maakbaar.

Donald Antrim The Verificationist (2000)

Een pannenkoek van een boek. In een pannenkoekenrestaurant zoals dat alleen maar in de VS te vinden is, komen een paar collega's psychoanalytici samen. Dat kan niet anders dan fout lopen. Alleen al de keuze van een gerecht groeit in een paar bladzijden uit tot een existentieel probleem. Nog voor het eten is besteld, is de minste beweging van alle aanwezigen hinein- en overgeïnterpreteerd. Wanneer de ik-verteller op het punt staat een pannenkoekengevecht te doen losbarsten, neemt een collega hem in een houdgreep. Hij begint te hyperventileren en zijn geest zweeft naar het plafond. Vandaaruit slaat hij het verdere verloop van de avond gade in een staat van "emotionele distantie", om op een hilarische manier vast te stellen hoe beperkt en onvolkomen de verstandelijke vermogens van de homo sapiens zijn.

n Voor Donald Antrim deze psychoanalytici samenbracht, had hij al ervaring met dit soort bijeenkomsten. In The Hundred Brothers (1997) zette hij honderd excentrieke broers samen in de bibliotheek van het familielandgoed, met alle gevolgen van dien. En ook in zijn debuut, Elect Mr Robinson for a Better World (1993), bewees Antrim al dat hij een van de geestigste hedendaagse Amerikaanse auteurs is.

Jonathan Franzen The Corrections (2001)

Kaleidoscopisch epos dat het dagelijkse en minder dagelijkse leven van een familie tijdens een groot deel van de tweede helft van de twintigste eeuw in beeld brengt. Deze roman van meer dan 600 pagina's is afwisselend hilarisch (de scène met de hegschaar) en diep-dieptragisch (de scène met de hegschaar!). De moeder wil eindelijk met haar leven beginnen, maar de vader krijgt Parkinson en visioenen van zwevende stoelgang. Ondertussen vergooit zoon Chip zijn academische carrière in de adembenemende eerste tientallen bladzijden, doet zijn broer Gary zijn best om niet depressief te wezen en begint zus Denise aan haar correcties als chef van een chic restaurant. Op het einde is alles en iedereen gecorrigeerd - soms kost het een bloedige reis naar Litouwen - maar de vraag blijft of een beetje bijsturen voldoende was. En is.

n Van Jonathan Franzen werd al sinds 1988, na de publicatie van Twenty-Seventh City, een Great American Novel verwacht. Toen The Corrections verscheen, konden zijn gevoel voor ritme, zijn scherpe dialogen en tragikomisch vernuft niet meer onverwacht genoemd worden. Dat het publiek dit manifest literaire boek massaal zou gaan lezen was dan wel weer een grote verrassing.

Dave Eggers A Heartbreaking Work of Staggering Genius (2001)

Debuut dat werd ingehaald als de On the road van de postpostmoderne era: een wild taalspel als prelude op een bombardement van Echte Emoties. Gevoelens met hoofdletters, dus, maar toch ook zonder al te veel ironie: dit boek toont dat sommige kwetsuren nu eenmaal met hoofdletters worden afgeleverd - en dat is dat. Er is een relatief rechtlijnig verhaal dat de eerste 'post' van het post-postmoderne label zou kunnen legitimeren: oude broer en jonge broer verliezen ouders en maken enkele andere erge dingen mee (stervende kennissen, broederlijke twisten, audities voor The Real World) en spelen fantastisch frisbee. Veel is er al afgeluld over de noodzaak dan wel irritante overbodigheid van Eggers' soms onnozele grapjes, die dan weer in zekere zin de tweede 'post' rechtvaardigen: over de plattegrondjes die opeens opduiken, over een eindeloos interview dat door de bladzijden komt fietsen, over de schaal van seksuele oriëntatie in het colofon.

n Dave Eggers is het soort schrijver dat op de blurb met een hond poseert en onder de foto schrijft: "He lives in Brooklyn with his brother. This is not their dog." Hij is ook het soort schrijver dat een tweede boek schrijft waarover de meningen zeer verdeeld raken, maar dat alleen al met de titel And You Shall Know our Velocity indruk maakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234