Maandag 14/06/2021

‘Lekker bier proeft zachtjes mauve, slecht bier is blauw’ Rosa Merckx (86), eerste brouwmeesteres van België

Ze schelen zestig jaar en ze hebben lak aan hetzelfde adagium, dat bier een mannenzaak is. Rosa Merckx (86) is de allereerste brouwmeesteres van België. En Femke Sterckx (26) doctoreert op de smaak van bier. ‘Brouwers zijn meestal mannen’, zeggen ze, ‘gelukkig met goede manieren.’ Hoe zou hun leven anders om bier kunnen draaien? door An Olaerts / foto’s bas bogaerts

Op de flessen van Liefmans, bruin bier en kriek, staat een handtekening. Voor de kenners, het is die van Rosa Merckx. Ze is de eerste brouwmeesteres van België en, bij uitbreiding, de rest van de wereld. Madame Rose is een begrip onder brouwers. En nog steeds. Vergeet voorts alles wat u denkt te weten over vrouwen van 86 jaar.

Toen Duvel Moortgat Brouwerij Liefmans twee jaar geleden overnam, ging bij Rosa Merckx de telefoon. Of ze niet eens wilde komen proeven. Want Liefmans moest weer smaken zoals Liefmans. Ze nam haar Citroën en reed van haar villaatje naar de oevers van de Schelde, 300 meter tot aan de brouwerij. Vroeger kwam ze alle dagen met de fiets, dat is het verschil. Nu proeft ze twee keer per week.

“Ge moet u kunnen organiseren in het leven”, zegt Rosa Merckx. “En de opportuniteiten pakken. Dat heb ik gedaan. Anders zijt ge lui. Of dom. Ik zie niet in waarom ik trots op mezelf zou moeten zijn. Bier heeft me dit leven gegeven. Ik had het zelf ook nooit gedacht. In mijn tijd zaten meisjes thuis, te wachten en te naaien tot ze een geschikte man vonden. Toen de Jaguar van de patron van Liefmans voor ons huis stopte en hij vroeg of ik in de brouwerij wilde komen werken, was ik van het lam Gods geslagen. Paul van Geluwe de Berlaere was een mens met aanzien in Oudenaarde. Bovendien had ik nooit gedacht om ooit te gaan werken. Het was in 1946. Ik begon met een proef van een halve dag per maand op den bureau. Maar ik ben 44 jaar gebleven. Alleen toen mijn zonen werden geboren, ben ik twee keer een week thuis gebleven. Mijn man maakte daar geen problemen van. Ik deed de was en ik kookte lekker. Dat was genoeg.”

Les dames vont au café

“Paul van Geluwe was burgerlijk ingenieur, een verstandig man die wist wat slim was in de wereld. Hij luisterde altijd naar klassieke muziek in zijn bureau. Rose, vroeg hij dan, qu'est ce qu'on joue aujourd'hui? Grieg! Händel! Ik wilde het allemaal weten. En hij merkte dat ik nieuwsgierig was. Op zekere dag riep hij mij binnen in het labo. Hij was bezig met een nieuw bier. Hij had hulp nodig voor een gram van dit en een gram van dat. Zo is het begonnen, met te kijken hoe hij een kuipje kookte. Later vroeg hij me om Oud Bruin te proeven. ‘Mijnheer’, heb ik gezegd, ‘het is zo zuur of een wisse, ideaal voor oude mensen.’(lacht) Tegen die man kon een mens zijn gedacht zeggen. Ja maar, Rose, antwoordde hij, zo smaakt bier uit Oudenaarde. ‘Ecoutez, monsieur’, heb ik gezegd, ‘maintenant les dames vont au café aussi en dit zullen ze daar niet bestellen.’ Je moet weten dat de oorlog nog niet lang voorbij was. Iedereen zat aan de Coca-Cola. En cola was een zoet geval, dat had ik geproefd bij mijn tante in Aalst. Enfin, mijnheer van Geluwe heeft toen een bier gebrouwen dat zachter was en, effectief, we verkochten er meer van.

“Ik heb altijd goede zintuigen gehad. Goed ruiken en proeven, daar gaat het om. Daarom moeten ze mij ook geen slechte koffie geven. En Amaride van Givenchy is het beste parfum dat bestaat. Dat, en Eau d’Issey.

“Bier heeft een ziel. Lekker bier proeft zachtjes naar mauve. Slecht bier is blauw. Dat heeft een Franse professor me geleerd. Hoe het precies in elkaar zit, weet ik niet. Ik ben allang blij als het gewoon lekker is. Bier is een beetje zoals soep. Om soep te maken hoef je niet te weten hoe je tomaten kweekt. Ik wist waar je goede mout kon kopen. Ik weet hoe goede hop moet ruiken. Tranen in je ogen moet je ervan krijgen.

“Ik heb alles geleerd van mijnheer van Geluwe. Om zeven uur ’s morgens begonnen we water te koken, lieten we het mout zakken. De mannen in de brouwerij wisten wat ze moesten doen. Gilbert, Neckebroeck en Fons, ik ken ze nog allemaal. Daarna moest ik ieder uur de temperatuur en densiteit meten in de roerkuipen. Mijn haar hing slap langs mijn hoofd en wanneer ik ’s avonds ging turnen, rook ik nog naar mout. Ik sleepte alle verantwoordelijkheid mee naar huis, maar dat was goed. Mijnheer van Geluwe ging geregeld op reis en intussen brouwde ik verder. Hij hoefde maar te bellen. ‘Comment va le brassin?’‘Pas de problème, monsieur!’”

Mannenwereld

“Maar in december 1971 zat mijnheer van Geluwe te hoesten in zijn bureau. In mei 1972 hebben ze hem begraven. Je zou het nochtans niet hebben gezegd. Hij was een grote, schone mens. Je zou denken dat hij 100 jaar zou worden. Het was een drama. En daar zat ik, alleen met zeventig mannen. Ik kon dan wel bier brouwen, maar het fortuin om Liefmans over te nemen had ik niet. Uiteindelijk hebben de Engelsen Liefmans gekocht. Daarna kwam een rijke bankier. De overnames waren iedere keer een veldslag, maar ik heb er mij nooit bij neergelegd. Ik brouwde voort. Tot aan de laatste overname, in 1990, toen ben ik wenend vertrokken. Maar géén slecht woord over de brouwers. Het is een mannenwereld, maar daar heb ik geen klachten over. Integendeel, brouwers waren chique heren met respect en goede manieren.

“Leopold III was trouwens een groot liefhebber van Liefmans. Op een avond zat ik thuis aan mijn bureau toen de telefoon ging. Iemand bestelde drie bakken Goudenband en drie bakken kriekbier voor Leopold III. ‘Komt in orde, ik schrijf het op’, zei ik. ‘Zes bakken Liefmans voor mijnheer Drie.’ (lacht) Later heb ik Boudewijn nog ontmoet, met de Belgische Brouwers. ‘Madame’, zei hij. ‘Wat doet u tussen al die mannen?’ ‘Ce sont tous des seigneurs’, heb ik hem gezegd. Het verschil tussen mannen en vrouwen heeft me nooit beziggehouden. Er zijn ambetante vrouwen en er zijn ambetante mannen. Dat is het.”

‘Bier is een wonder

‘Techniek, biologie en chemie tegelijk’

Femke Sterckx (26),

schrijft een doctoraat over bier

Femke Sterckx werkt aan de KU Leuven, in het Center for Malting and Brewing Science. Haar doctoraat is bijna klaar. Het gaat over de smaak van bier of, in ingenieurstaal, de identificatie van vluchtige monofenolen. Ze heeft vier jaar geproefd, gezocht, berekend en geanalyseerd. “Nu ik weet dat bier een wonder is, smaakt het me nog beter”, zegt ze.

“In de frigo van mijn ouders lag vroeger alleen standaard pilsbier. En mijn eerste pintje was een kriek, zoals bij veel vrouwen. Intussen ben ik andere bieren gaan appreciëren, en liggen in de koelkast van mijn ouders nu minder commerciële bieren, tot zelfs experimenten uit het labo. Mijn pa ruikt nu ook aan zijn pintje voor hij drinkt. Niemand had kunnen voorspellen dat het zo zou lopen.

Een pintje terugsturen

“Toen ik voor bio-ingenieur studeerde, volgde ik het vak brouwerijen niet eens. Ik dronk wel bier, maar het boeide me niet speciaal. Tot ik een onderwerp moest kiezen voor mijn thesis. Koekjes, brood en gist waren natuurlijk ook interessant. Maar eens ik hoorde hoe veelzijdig bier is, was het onmiddellijk raak.

“Bier is biologie, chemie en techniek tegelijk. Het bestaat uit oneindig veel componenten, die ook nog met elkaar interageren. Bier is een héél ingewikkeld verhaal. Ik ben zelf geen brouwer, maar ik weet hoe moeilijk het is om lekker bier te maken. De smaak en de chemie zijn nooit helemaal te voorspellen. Brouwers hebben weliswaar hun recepten, maar er zit toch verschil op.

“En dan is er nog oud bier, dat verandert van smaak. Je weet wel, je grootouders kopen een bak bier met Kerstmis die met Pasen nog niet op is. Zoiets proef ik onmiddellijk. Ook op café. Maar een pintje terugsturen is natuurlijk ongehoord. (lacht) Zeker van een meisje verwachten ze zoiets niet.

“De brouwerijwereld is nog altijd een mannenwereld. Maar daar heb ik geen last van. Volgens mij is het louter een kwestie van historiek en associatie, niets om je druk over te maken.”

Zeshoek met stokjes

Femke Sterckx neemt een blad papier en tekent vanilline, een van de dertien monofenolen in bier die zij bestudeert. Het is een zeshoek vol stokjes en letters, pure scheikunde. Daarnaast laat ze een lijst zien met parameters waar wetenschappers op moeten letten als ze bier proeven. Het gaat van kruidig, bloemig, karamel en kalisse tot H²S, vinylguaiacol en aceetaldehyde.

“Bier proeven moet je leren”, zegt Femke Sterckx. “Maar bier proeven is ook heel persoonlijk. Dat heb ik gezien toen ik smaakdrempels heb getest. Ze zeggen soms dat vrouwen beter kunnen proeven dan mannen, maar dat is me niet opgevallen. De individuele verschillen zijn veel groter. Sommige mensen zijn veel gevoeliger voor sommige concentraties dan andere. Iedereen proeft zijn bier anders. Het is misschien raar, maar van die idee krijg ik soms filosofische gedachten.” (lacht)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234