Woensdag 08/12/2021

Le boycott

Woensdagochtend halfzeven. De zonsopgang is een orgie van kleuren, alsof er geen oorlog maar een grandioos feest in de lucht hangt. Vijf identieke schepen van de kustwacht liggen op een rij de baai van New York te bewaken. Aan de oever in bakkerij-restaurant Le Pain d'Epice groet het meisje achter de toog me in perfect Parijs Frans. "Jij bent vroeg vandaag", zegt Dominique, "kon je niet slapen?" "Jetlag", zeg ik, "Ik ben pas van gisteren terug uit België." Ik nestel me aan een tafeltje met de krant, een croissant en een hete kop chocolademelk. Rond me wordt Frans, Russisch en Engels gesproken. De ouderwetse winkelbel rinkelt telkens als iemand binnenkomt. "Nog geen last gehad van anti-Franse sentimenten?" vraag ik aan Dominique als ik afreken. "Nee", zegt ze. "Dat dacht ik al", zeg ik, "jullie croissants zijn te lekker."

Thuis ligt mijn stokoude hond Cajo uitgestrekt op een deken op de sofa. Hij is uitgemergeld. "Hij wou de hele week geen vast voedsel", zei de dierenarts die voor hem heeft gezorgd terwijl we in België waren. Vanmorgen probeerde ik Cajo te verleiden met een stukje Italiaanse parmesan, een plakje Duitse leverworst en een brokje Amerikaans gehakt. Telkens draaide hij met duidelijke weerzin zijn kop weg. Ik breek een puntje af van de croissant die ik voor Tom heb meegebracht, zonder hoop dat Cajo het zal willen. Hij snuffelt er even aan. Vive la France! Hij eet zowaar het brokje op en dan nog een en nog een tot er niets meer overschiet voor zijn nog slapende baas. Zou hij zijn snel naderende reis naar de eeuwige snuffelvelden nu een dagje hebben uitgesteld?

"Dat zou ik aan de bakker van Balthazar moeten vertellen", denk ik. Balthazar is een van de beste bakkerij-restaurants van New York, die ook de croissants van Le Pain d'Epice maakt. Vergeet al dat gewauwel in de Amerikaanse pers over de laffe Franse wezels. In Le Pain d'Epice, Balthazar en andere Franse ontbijtplaatsen zoals Pastis, Paradou, Fauchon of Payard zit het ook nu vol met New Yorkers die kwaliteit waarderen. De anti-Franse lulkoek die rechtse talkshows en bladen zoals de New York Post spuien, raakt die fijnproevers niet.

Een boycot van alles wat Frans is? Niet in New York of hooguit in enkele derderangszaken die wanhopig proberen wat publiciteit te krijgen door met veel tamtam een fles merlot in de goot te legen. Topchefs zoals Eric Ripert, Daniel Boulud en Jean-Georges Vongerichten zeggen dat, de recessie in acht genomen, hun zaken niet slechter draaien dan voor de recente anti-Franse hetze begon. Nog niet zo lang geleden werden ze in de pers geprezen omdat ze tienduizenden maaltijden bezorgden aan de mensen die in ground zero werkten.

De New York Post, een rechtse schandaalkrant die deel uitmaakt van het media-imperium van de Australiër Rupert Murdoch, riep zijn lezers op om geen Franse wijn meer te kopen maar New Yorkse wijnverkopers zeggen dat ze er niets van merken. Sherry-Lehman, een van de grootste wijnwinkels, zegt dat ze in februari zelfs 12 procent meer Franse wijn verkocht dan in dezelfde maand vorig jaar. Zou het kunnen dat de oproep van de New York Post een averechts effect heeft? De Amerikaanse wijngoeroe Robert Parker trekt er zich ook niets van aan. Hij vertrekt eind deze maand naar Zuid-Frankrijk voor tien dagen primeurproeven ter voorbereiding van zijn nieuwe gids over Franse wijnen.

Ook andere winkeliers die gespecialiseerd zijn in Franse waren doen alsof er geen vuiltje aan de lucht is. "Ik heb nog geen enkele anti-Franse opmerking gehoord", zegt een beleefde verkoopster bij Vuitton op Fifth Avenue terwijl enkele dure vrouwen geen handtassen maar foto's van handtassen bekijken waarna ze voorschotten van honderden dollars betalen om hun naam op een wachtlijst te zetten, want het begeerde product is uitverkocht. Ook hier lijkt de boycot dus geen succes. "Waarom zouden de mensen plots geen Franse kleren meer willen?" zegt een verkoper bij Agnes B. in Soho met een blik alsof mijn vraag te gek is om los te lopen. "Zolang er goede Franse producten voorhanden zijn, zullen de klanten ze kopen", zegt een flink geverfd meisje dat de lippenstiftvoorraad aan het aanvullen is in Sephora op Broadway.

Bij Sofitel, het Franse hotel in midtown Manhattan, hebben ze enkele dagen geleden voor alle zekerheid toch maar de Franse vlag gestreken. Nu wapperen nog enkel de vlaggen van de stad en de staat New York en natuurlijk de Stars and Stripes aan de gevel. "Het is slechts tijdelijk", zeggen ze luchtig bij Sofitel over de afwezigheid van de tricolore.

Frankrijk en Amerika hebben al heel lang een liefde-haatrelatie. Beide hebben geen gebrek aan arrogantie; misschien is het die gemeenschappelijke trek die hen zo ergert. Maar ze hebben ook een stevige economische relatie die de politieke ruzie van vandaag wel zal overleven. De VS importeerden vorig jaar voor 28 miljard dollar naar Frankrijk en exporteerden voor 19 miljard. De 'frog-bashing' zal wel weer overwaaien. Laat ons in afwachting genieten, met een glas bordeaux in de hand om de oorlogszenuwen te kalmeren, van alle grappige scheldwoorden waarop de Fransen getrakteerd worden. Zoals het door Homer Simpson gelanceerde "cheese-eating surrender monkeys", delicieus vertaald in Le Figaro als "primates capitulards et toujours en quête de fromages".

Jacqueline Goossens

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234