Zondag 20/09/2020

Langzaam naar de leegte

Het zuiden van Scandinavië staat bekend om stijl en design. In het noorden overheerst het grote niets. Reis je over land naar de Noordkaap, dan zie je het langzaam steeds leger worden. Tot je niet meer verder kunt, en het uiterste puntje van Europa is bereikt.

Ze praat bedachtzaam, met zachte stem. Alsof elk woord dat over haar lippen rolt eerst een paar keer goed is afgewogen. Misschien is dat wat wonen in een omgeving als deze met je doet. Je gaat je aanpassen aan alles om je heen. Stilte, leegte, natuur. Noren schreeuwen niet.

Aan die natuur is Marie Angelsen wel gewend. Niet alleen omdat ze nu drie jaar hier in Skibotn woont, hoog in Noors Lapland, maar vooral omdat ze is geboren op de Lofoten. Daar is het allemaal nóg een stukje mooier. Puntige bergen die recht uit het water de lucht in schieten. Strandjes met golven waarop gesurft kan worden. In augustus gaat ze weer terug, voor een vakantie. Wilde bramen plukken, misschien zelfs zwemmen als een mooie zomerdag het toelaat.

Maar nu zijn we hier en Marie heeft ons uitgenodigd voor een avondwandeling naar Bollmansveien, een 550 meter hoog uitkijkpunt net buiten Skibotn. Een goede 3,5 uur wandelen, maar dan kijk je wel helemaal tot het eiland Arnøya, toch zo'n honderd kilometer verderop. En als het weer meezit, dan is het zonnig tot we na middernacht weer terug zijn op de camping in Skibotn. Ze loopt voor ons uit omhoog. Stevige wandelschoenen aan, outdoorbroek en -trui aan en een grote paarse rugzak. Daar zit een extra trui in voor boven, en wafels en een pot zelfgemaakte aardbeienjam. Maar dat weten we nu nog niet.

Gletsjerwater

Er valt genoeg te vertellen onderweg. Links, dat is Storfjord, het water dat in de verte uitkomt bij Arnøya is Lyngenfjord. Je hoeft niet eens goed te kijken om het kleurverschil in het water te zien. Het kraakheldere, Caribisch blauwe water komt rechtstreeks van de gletsjer. Het meer donkere water is zout en komt uit de Noorse zee.

We zijn op weg naar een bunker, die dateert nog uit de tijd van de Duitse bezetting in de Tweede Wereldoorlog. Een gruwelijk verhaal, want de Russische, Joegoslavische en Poolse gevangenen die de bunker en de weg ernaartoe moesten bouwen, kwamen bijna allemaal om.

Drie jaar geleden werd hier nog een beer gespot. Zelf zag Marie een paar weken geleden een lynx.

Die hoge bergen aan de overkant van het water houden de regen tegen, daardoor ligt Skibotn in het droogste stukje Noorwegen.

In de bunker ligt een gastenboekje, daar kun je je naam in schrijven. In de regio zijn er 25 bergtoppen waar zo'n boek ligt. Als in alle boekjes je naam staat, maak je kans op een prijs. Niets groots, het is eerder bedoeld om de lokale bevolking een beetje aan het wandelen te houden.

Ondertussen huppen we van steen naar steen langs een waterval, trekken we door een veld met varens en klauteren we over rotsen verder naar boven. De zon laat zich niet zien, helaas. Alleen de bergen in de verte worden door wat zonlicht gekust.

De hoofdstad van hip

Het is nog maar iets meer dan een week geleden dat we een tweeduizend kilometer zuidelijker een paar van de hipste steden ter wereld aaneenregen. Zelfde continent, zelfde cultuur, maar totaal verschillend van de leegte waar we nu staan. Kopenhagen blijkt een verzamelplaats van voorlopers in stijl. De wijk Nørrebro als voorbeeld voor zoveel make-overs in delen van grote steden over de hele wereld. Van gevaarlijk en zonder toekomst naar hip en levendig. En kleurrijk, zowel de gevels van de huizen als de mensen die erachter wonen. Je zou de vergelijking met Prenzlauer Berg in Berlijn kunnen maken.

Een ander centrum van goede smaak is het Meatpacking District of Kødbyen. Waar vroeger rauwe mannen in witte jassen vlees verwerkten, zitten nu sterrententen en burgerbars. Aan de ene kant van de straat Magasasa Dim Sum & Cocktails, aan de overkant de Warpigs Brewpub. Onder bierkenners wereldberoemd. Ook Christiania, aan de overkant van het water, ademt plezier dat volstrekt bij deze tijd past. Tot voor kort zat hier Noma, een van de beroemdste restaurants ter wereld. Iets verderop huist Copenhagen Street Food. Een food market direct aan de kade. Schijnt de zon, dan bungelen er honderden voetjes over de rand, vlak boven het water.

Een andere wereld

In het Zweedse Göteborg is het niet veel anders. Een terras in het centrum van de stad lijkt wel een etalage van COS, Acne & Wood Wood. Stijlvol en beschaafd zit iedereen daar. Flesje rosé op tafel, beetje keuvelen. "Ik ken helemaal niemand in het noorden van Zweden", vertelt Fanny, een meisje dat met een groep vrienden tot laat op de avond om een grote, houten picknicktafel zit. Ze is net als de rest van haar gezelschap ergens midden twintig, en nog nooit in het noorden van haar land geweest.

Dat geldt voor bijna iedereen. Alleen Gustav, een van de vrienden, ging er wel eens heen. Om te vissen. Fanny: "In het noorden wordt er met een ander accent gesproken, ik kan de mensen nauwelijks verstaan. We leven dan wel in hetzelfde land, maar het is een wereld van verschil." De rest vult aan. Noorderlingen zijn gesloten, het is een stug volkje. En ben je voorbij Boden of Kiruna, diep in Lapland, dan wordt het leeg. Echt leeg. Dan ga je misschien wel een tijdje helemaal niemand tegenkomen.

Voordat het zover is, kiezen we nog voor een dag beschaving in Stockholm. Dat doen we in SoFo, de wijk ten zuiden van de straat Folkungsgatan. Vernoemd naar SoHo in New York. Als Scandinavië het mekka van hip en cool is, en Stockholm een van de hoofdsteden daarvan, dan is SoFo het kloppende hart.

Daarna trekken we naar het Modern Museet, voor een expositie van de Japanse kunstenares Yayoi Kusama. Die laat in een heel museum haar hallucinaties vanaf haar kindertijd zien, uitgebeeld in grote, lichtgevende bollen. Of enorme opblaasbare figuren met stippen. Het lijkt een voorbode voor wat komen gaat. Verbeelding die met je aan de haal gaat. De zon die niet meer verdwijnt, oneindige bossen vol naaldbomen. Een nachtelijke treinrit naar Boden scheidt ons van een nieuwe stap naar het niets.

Nog geen uur donker

Het is twaalf over twaalf en de zon is zojuist ondergegaan. Ik zit buiten en heb me net met een soort deodorant-stick ingesmeerd met anti-muggenlotion. Doe je dat niet, dan ben je verloren. De muggen in Noord-Zweden zijn met veel en ze zijn nietsontziend. Ze vliegen in wolken, kruipen onder je broekspijp, in je nek, op je neus en gaan zelfs in je haren zitten, met dagenlang jeuk op je kruin als gevolg. Laat je het raampje van je auto open, dan zoemen ze naar binnen en krijg je ze er niet meer uit. Ze voeden zich met je bloed en geven je er jeukende bulten, frustratie en wanhoop voor terug. Opgesloten zitten in een kamer vol muggen, het zou een uiterst effectieve martelmethode zijn.

Op Bodens Camping, waar we voor een nacht een klein huisje hebben, lijkt het wel late namiddag. Twee kinderen scheuren voorbij op een step. Uit campers klinkt gelach en de hemel kleurt staalblauw. Maar het is net na middernacht. Ik ben moe, maar kan niet slapen. Daarbij: de natuur is 's nachts veel mooier dan overdag. Het licht zachter, het water verstild. Alsof de natuur ligt opgebaard, wachtend tot ze over een paar uur als Sneeuwwitje wakker wordt gekust.

De zon is dan wel net onder, over vijftig minuten is ie weer op. Niet eens genoeg tijd voor de schemering om zich te laten zien. Omdat we nog verder naar het noorden gaan, is dit voorlopig de laatste zonsondergang. Hoe leef je met altijd maar licht? Kent Lindvall, van het Treehotel in Harads, zegt er gewend aan te zijn. Zoals iedereen hier. "Je werkdagen zijn vooral langer", zei Kent. "Je gaat in de zomer door tot bijna middernacht. Maar ik slaap toch wel zeven á acht uur. Dat is genoeg."

Een ufo in Lapland

Dat Treehotel in Harads is een oase van moderne architectuur in een verder leeg landschap. En een onmisbare stop op weg naar het noorden en slechts op een half uurtje rijden van Boden. Het bewijs dat de Scandinavische cultuur zich wel degelijk uitstrekt tot de uiterste grenzen. Het begon allemaal met de opening van Britta's Pensionat, nu twaalf jaar geleden. Britta Jonsson Lindvall, die als zuster en begrafenisondernemer had gewerkt, wilde zich meer bezighouden met hoe mooi haar woonplaats eigenlijk was en besloot een guesthouse te openen. Harads ligt aan de Lule rivier, in het midden tussen Luleå en Jokkmokken in Zweeds Lapland. De omgeving bestaat uit oneindige bossen, af en toe onderbroken door een flink meer. In de winter is het hier wit en danst het noorderlicht aan de hemel. In de zomer kennen de dagen maar geen einde en blijft de duisternis maandenlang weg.

Het balletje begon te rollen toen Kent Lindvall, Britta's man, op een visvakantie in Rusland aan wat vrienden vertelde over The Tree Lover, een film van Jonas Selberg Augustsen die in hun achtertuin was opgenomen. De boomhut die daarvoor werd gebouwd, bleef na de opnames staan en Kent en Britta verhuurden die af en toe. Ze merkten dat gasten na een nacht daarin slapen elke keer weer dolgelukkig aan het ontbijt verschenen. De vrienden, die dat verhaal midden in een Russische rivier aanhoorden, waren drie vooraanstaande Scandinavische architecten, en zeiden: "Kent, hier gaan we dus wel wat mee doen."

De drie architecten ontwierpen elk een eigen boomhut en later kwamen er nog drie bij. Het Treehotel was geboren.

Loop je nu door het bos achter Britta's Pensionat, dan zie je The Cabin, een lange rechthoekige cabine hoog in de bomen. The Blue Cone, een rood huisje met een puntdak dat van Lego lijkt. The Mirrorcube, een kubus volledig van spiegelglas. The Bird's Nest, die we nog altijd niet gezien hebben omdat het levensgrote bruine houten vogelnest niet zo opvalt in het bos. The Dragonfly, een vervaarlijke constructie van bladmetaal met ruime kamers en groots uitzicht over bos en water. En de ufo. Een grote, zilveren schaal, waaruit een trap komt uitgevouwen als je op een van de bomen eromheen op een rode knop drukt. Elk ontwerp door een andere architect, elke boomhut totaal anders dan de rest.

Het raakte al vrij snel bekend, dat er in een bos in Zweeds Lapland iets speciaals aan de hand was. En inmiddels komen al jarenlang gasten van over de hele wereld om een nacht in een van de kamers te slapen. Aan de muur van het guesthouse hangt een foto van Kent met de voetballer Kim Källström. Britta loopt even naar achter en komt terug met een foto van haar en Kate Moss, die hier ooit een week verbleef.

Daarna lacht ze moederlijk in de camera naast model Karlie Kloss. "Die was hier voor een fotoshoot van Vogue USA. Ze sliep een nacht in The Dragonfly, maar vond het hier in het guesthouse zo gezellig dat ze de rest van de tijd hier sliep. Dan hielp ze me in de keuken en scharrelde ze wat door het huis. Leuke meid."

Sinds kort is er nu ook een zevende boomhut: The 7th Room. Een kamer met als thema het noorderlicht. Met grote ramen en een glazen plafond boven het bed. Wereldwijd bieden gerenommeerde architecten zich aan om een boomhut te ontwerpen. Maar veel meer kamers zullen er niet bijkomen. Kent: "Ik ben 62, Britta 64. We willen dit wel een beetje overzichtelijk houden. Bovendien, zoals het concept nu is, blijft het speciaal."

Bijna op de Noordkaap

Harads lijkt wel de laatste stuiptrekking van vooruitstrevend design. Kiruna volgt, een mijnstad boven de poolcirkel. Narvik, ook vol met zware industrie, is de eerste stop in Noorwegen. En dan komt de wandeling met Marie aan Lyngenfjord. In de paar honderd kilometer die daarna nog af te leggen zijn, slingeren we langs de randen van fjorden, die diep het land in kunnen snijden. Soms zie je aan de overkant van het water de weg waar je anderhalf uur later zelf rijdt.

We nemen onszelf voor om zo weinig mogelijk te stoppen. Dat lukt in het begin, maar het kost wel moeite. Het landschap is betoverend. De bergen zo groen dat alleen ernaar kijken je al frisser maakt. Het water dan weer tandpastablauw, dan weer diep en donker. Dan lijkt het wel dikker, alsof je terug zou veren als je erin springt.

We passeren campers en volgen motorrijders. Spelen kiekeboe met de natuur als we een serie tunnels door moeten. Waar je ook kijkt, ergens is altijd wel een waterval. Vlak voor Alta stoppen we omdat er een kudde rendieren over de weg loopt. In Aronnes schiet een poolvos een weiland in.

Tussen Alta en de Noordkaap is er helemaal niets. Eén weg met slechts een handjevol auto's. Was het landschap hiervoor al open en uitgestrekt, nu lijkt het alsof er slechts een geraamte is overgebleven. Kaal en nietsontziend. Het enige stukje duisternis onderweg is een tunnel van bijna 7 kilometer, net voor het eindpunt van deze reis: de Nordkapptunnel. Ik denk terug aan de hallucinerende kunst uit het museum in Stockholm. De lichtbuizen aan het plafond die ritmisch passeren, de weg waarvan je op een gegeven moment niet meer doorhebt of die nou lichtjes omhoog of omlaag loopt, het werkt als een trance. Een screensaver die bruut wordt verstoord als de nachtelijke zonnestralen door de uitgang piepen en ons van de ene droom terugbrengen in de andere. Die van het lege Scandinavië tijdens midzomer.

Hoe meer naar het noorden, hoe stiller. Waar we in Göteborg voor gewaarschuwd werden, klopte. De leegte slaat toe, speelt met onze zintuigen en verbeelding. Vanuit Kopenhagen hebben we er bijna 2.500 kilometer over gedaan om uiteindelijk niet noordelijker te kunnen.

Harde realiteit

Op het moment dat we de parkeerplaats van het bezoekerscentrum op rijden, slaat de realiteit nog veel harder toe. Auto's, campers en touringcars zijn ons voor. Binnen in een splinternieuw gebouw van hout en glas is het razend druk. Buiten worden we op de foto gezet door een Japanse toerist. Dagenlang hebben we niemand gezien, een spoor getrokken door weids niemandsland. En nu we niet meer verder kunnen, staan we in de rij voor een kop koffie.

in en naar het Uiterste noorden

Naar het uiterste noorden van Scandinavië reis je per trein of (huur)auto. De trein gaat tot Narvik in Noorwegen, daarna houdt het spoor op. Tickets via dsb.dk (Denemarken), sj.se (Zweden) of nsb.no/en (Noorwegen). Handige site voor autohuur: sunnycars.be.

Beste reistijd: tussen mei en augustus is het boven de poolcirkel continu licht. Dat zijn ook de maanden met de meest aangename temperaturen.

Kijk voor betaalbare overnachtingen ook naar huisjes op campings. Meer informatie over kamperen in Zweden: camping.se, voor Noorwegen:

camping.no.

Meer informatie? Voor Denemarken: visitdenmark.com, Zweden: visitsweden.com en Noorwegen: visitnorway.com.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234