Vrijdag 13/12/2019

Laïs gaat scheep met cellist Simon Lenski en kiest voor metamorfose

Een trio met stemmen

De tijd dat het Kalmthoutse damestrio Laïs nog onbekommerd onder de noemer folk kampeerde, ligt al een poosje achter ons. Zangeressen Jorunn Bauweraerts, Annelies Brosens en Nathalie Delcroix zijn te veelzijdig om steeds hetzelfde kunstje op te voeren en kiezen dezer dagen almaar resoluter voor het experiment. Op hun nieuwe cd doen ze dat voor het eerst samen met cellist Simon Lenski, bekend van Die Anarchistische Abendunterhaltung. Een gedroomde combinatie, zo blijkt. 'We hebben onze respectieve werelden samengevoegd.' Door Dirk Steenhaut

Als Laïs de jongste vijftien jaar een grillig traject heeft gevolgd, waarin de stilistische haarspeldbochten elkaar opvolgden, ligt dat aan het feit dat de leden liever integer zijn dan succesrijk. De chanteuses zijn gerijpt, eisen de vrijheid op zich artistiek te blijven ontwikkelen en doen wat hun hart hen ingeeft, ook al kost het hen misschien een deel van hun publiek. Twee jaar nadat ze hun stemmen lieten stutten door elektrische gitaren, elektronische beats en vervormingsapparatuur, keren ze vandaag terug naar de soberheid, met de cello van Simon Lenski als enige begeleiding. Al valt dat laatste enigszins te relativeren: soms lijkt het alsof de 'Anarchist' minstens drie verschillende instrumenten tegelijk onder handen neemt.

Jullie vorige cd, The Ladies' Second Song, werd aangekondigd als een nieuwe fase in jullie bestaan. Is Laïs Lenski een voortzetting van dat proces of is er alweer sprake van een breukmoment?

Jorunn Bauweraerts: "Een breuk is het zeker niet. Het is een ander soort plaat met een ander instrumentarium, maar ze ligt wel in het verlengde van het muzikale pad dat we in 2007 hebben uitgestippeld. En ook al staat de band waarmee we vorige keer in de studio zaten even on hold, we gaan er zeker mee door, want we waren en zijn er zeer gelukkig mee. Dit nieuwe project kan volgens ons perfect naast 'Laïs met groep' staan. Ach, we zijn niet de meest commercieel ingestelde mensen. Alles wat we doen gebeurt gevoelsmatig en soms is dat onberedeneerde een nadeel: we zijn onze eigen managers en houden er een behoorlijk warrige plannning op na."

Simon Lenski: "Wel, dat houdt het tenminste spontaan."

Hoe hebben jullie elkaar gevonden?

Bauweraerts: "Simon en ik hebben op de kunsthumaniora ooit nog samen in de Duitse les gezeten. Sinds enkele jaren spelen we samen in Prima Donkey (een Antwerpse gelegenheidsgroep met onder anderen Rudy Trouvé en Gunter Nagels, DS) en zo merkten we algauw dat het wel klikte tussen ons.

"Weet je, veel mensen denken nog steeds dat Laïs een a-capellatrio is, terwijl we altijd met een band hebben gewerkt. Beide formules hanteerden we parallel, maar nu komt Laïs Lenski in de plaats van onze louter vocale optredens. Het leuke aan deze opstelling is dat we meer met onze stemmen kunnen doen en op andere plekken kunnen spelen, voor een ander publiek. Die afwisseling is belangrijk. Ze zorgt voor evenwicht."

Stond het meteen vast dat jullie enkel met cellobegeleiding zouden werken? Daardoor is Laïs in zekere zin een vierstemmige groep geworden.

Lenski: "Klopt. Een cello ligt qua klank dicht bij de menselijke stem. Op de cd dient hij zich duidelijk aan als een nieuw personage in het geheel."

Bauweraerts: "De formule voelt natuurlijk aan. Wanneer we met zijn vieren op pad zijn, denken we nooit: 'Help, drie grieten die per abuis een vent op sleeptouw hebben genomen.' Het is, euh, best aangenaam."

Lenski: "Welja, de dames van Laïs zijn ouder en wijzer geworden. Voorlopig geen klachten dus."

Laïs Lenski grossiert in uiteenlopende sferen: Simons cellospel gaat van lieflijk getokkel tot schurende, naar The Velvet Underground verwijzende noise. Een wereld van verschil met pittige folkdeuntjes zoals ''t Smidje' of 'Kanneke' die jullie hier tot een begrip maakten.

Bauweraerts: "O, dat zijn echo's uit een ander leven. Weet je wat het is? De mensen vergeten dat we dit al doen sinds we vijftien waren. Intussen zijn we dubbel zo oud. Wie de jeugdwerken van een kunstschilder vergelijkt met die uit zijn volwassen leven zal ook wel serieuze verschillen vaststellen."

Dreigen jullie met de nieuwe plaat de luisteraars van het eerste uur niet definitief af te stoten?

Bauweraerts: "Zo'n vaart zal het wel niet lopen. Een groot deel van het publiek komt nog altijd af op onze stemmen. We hebben met Laïs Lenski al een hoop optredens achter de rug en zeker in het begin zag je de mensen soms raar opkijken: 'Ho, wat spookt die cellist allemaal uit?' Maar net zo goed ervoeren ze het als emotioneel en pakkend. Bovendien zit de set vol afwisseling. Niet alles wat we brengen klinkt zwaar op de hand."

Lenski: "Laïs wil de smaak van het publiek verbreden, maar dan zonder te bruuskeren of te choqueren. Zoals je al zei is mijn cello gewoon een vierde stem die erbij komt. Naar mijn gevoel wordt de fan van het eerste uur hooguit een beetje gestoord, maar krijgt hij uiteindelijk wel wat hij zoekt. Buiten zijn wil krijgt hij er zelfs nog iets bovenop. (lacht)"

Bauweraerts: "Op onze vorige cd hebben we pas echt vijandige reacties gekregen. Maar eerlijk, ik geloof dat wie toen afhaakte dankzij de nieuwe plaat weer zal aansluiten, puur omdat onze stemmen nu weer in het middelpunt staan."

Toch lijkt airplay me met dit soort repertoire niet vanzelfsprekend.

Bauweraerts: "Pff, wanneer is dat nog wel het geval? Zelf liggen we er alvast niet meer wakker van."

Lenski: "Als beginnende muzikant sla je instinctief een bepaalde richting in. Maar wil je bezig blijven en het voor jezelf interessant en uitdagend houden, dan móét je het avontuur wel opzoeken. Ik ben er trouwens van overtuigd dat die oprechtheid beloond wordt met artistieke voldoening."

Bauweraerts: "Helemaal mee eens. Je bent het aan jezelf verplicht af en toe een sprong in het ijle te wagen. Er bestaat overigens een publiek dat hongert naar iets nieuws en verrassends. Alles is tegenwoordig zo geijkt. Een groep die succes heeft op de radio wordt binnen de kortste keren door een hoop andere geïmiteerd. Iedereen doet precies hetzelfde."

Lenski: "Zowel Laïs als ik zijn al jaren in de muziek actief en zoals ieder individu maken we persoonlijke ontwikkelingen door. Natuurlijk kun je ervoor kiezen eindeloos voort te borduren op wat populair is. Maar als je relevant wilt blijven, moet je proberen je grenzen te verleggen en je horizon te verruimen."

Bauweraerts: "Ik weet zeker dat Laïs Lenski een groot publiek kan behagen. Alleen zal de muziek via andere kanalen haar weg moeten vinden. Zelf snap ik allang niet meer hoe de media functioneren. Vroeger dacht ik weleens: 'Dit is een hit, dit nummer zal worden grijsgedraaid.' Wat vervolgens niet gebeurde. Misschien is dat wel het mooie eraan: wat je maakt, moet je ook kunnen loslaten.

"In commercieel opzicht was het wellicht niet verstandig dat we vóór de release van de cd met Lais Lenski de hort op gingen. Maar het heeft er tenminste voor gezorgd dat we door de praktijk, door veel samen te spelen dus, op dezelfde golflengte zitten. We hebben ruim de tijd genomen om elkaars gevoeligheden te leren kennen en dat proces is van onschatbare waarde geweest."

Eén instrument, drie stemmen: een minimalistische formule. Maar hoe vaker ik naar de cd luister, hoe meer ik ervan overtuigd raak dat Simons cello geen andere instrumenten in zijn nabijheid zou verdragen.

Bauweraerts: "Dat gevoel deel ik. Het voordeel is dat zowel Simon als wij daardoor meer ruimte krijgen in het klankbeeld."

Lenski: "De manier waarop de onderdelen van de muziek zich tot elkaar verhouden heeft natuurlijk alles met het vooropgestelde concept te maken. Mochten we er, pakweg, een fagot bij hebben gewild, dan hadden we de nummers wel anders aangepakt."

Door het veelvuldige gebruik van effect- en vervormingsapparatuur vertolkt de cello verschillende karakters. Soms klinkt hij als een gitaar, soms als een bas.

Lenski: "Ja, zodra je van het conventionele gebruik van je instrument afstapt, gaat een wereld voor je open."

Dit is de eerste cd van Laïs waar geen enkel Nederlandstalig lied op staat. Een bewuste keuze?

Bauweraerts: "Neen. We willen niet per se in of uit een bepaald hokje. Het Nederlands past gewoon minder goed bij dit soort muziek, omdat het klankmatig een harde taal is die zich moeilijk op een zachte, intimistische manier laat zingen. Daarom schakelen we almaar vaker op woordeloze zangpartijen over."

Ook improvisatie wordt voor Laïs steeds belangrijker. Een gevolg van groeiend zelfvertrouwen?

Bauweraerts: "We improviseerden vroeger ook al met onze stemmen, hoor. Maar toen deden we dat nog vooral in de toiletten, omdat we het daar leuk vonden klinken. Geen haar op ons hoofd dat eraan dacht het ook op het podium te proberen. Er is dan ook een groot verschil tussen de Laïs van vroeger en die van nu. Dat heeft alles met rijpheid en durf te maken. Kijk, het heeft jaren geduurd voor ik mezelf als een echte zangeres beschouwde. Ik zong wel, maar altijd ten dienste van. Pas een jaar of vijf geleden ben ik bewust beginnen na te denken over waar ik echt met mijn stem naartoe wilde."

Lenski: "Vrije improvisatie kan enorm bevrijdend zijn. Pas door me eraan over te geven heb ik alle mogelijkheden van mijn instrument ontdekt. Maar vocaal improviseren is nog wat anders, zeker als leadzanger, want dan kun je je niet achter anderen verschuilen. Dan kun je maar beter iets dwingends te vertellen hebben."

Bauweraerts: "Ook onze muzikale smaak is natuurlijk geëvolueerd. De experimenteerdrang kwam aanvankelijk van Nathalie en dat leidde soms tot conflicten. Voor haar kon het niet vals genoeg zijn, terwijl Annelies, die klassiek geschoold is, dat helemaal niet zag zitten. We zijn onderling erg verschillend, hebben elk andere muzikale achtergronden, maar door die samen te brengen houden we elkaar in evenwicht. Ik geloof dat alle crisissen tussen ons nu wel voorgoed bezworen zijn. Ik ben in ieder geval erg blij dat twee door Sjostakovitsj bewerkte Russische volksliederen, die we eerder al brachten tijdens onze tournee met het Vlaams Radio Koor, op de nieuwe plaat zijn beland."

Zijn er nog andere klassieke componisten die jullie ooit willen aanpakken?

Bauweraerts: "Ik zou dolgraag eens met de Estse componist Arvo Pärt werken. Ik leerde zijn werk via mijn ouders kennen en vorig jaar hoorde ik op Musica Sacra in Maastricht een dertigkoppig koor dat zijn Kanon Pokajanen zong: anderhalf uur kippenvel. Ook de romantische liederen van de Ierse luitist John Dowland uit de zestiende eeuw vind ik erg mooi."

Het repertoire op Laïs Lenski stamt uit zeer uiteenlopende bronnen, van Nico tot Colley Cibber, van gospelblues tot avant-gardeklassiek. Is er een rode draad?

Lenski: "De groepsbezetting zorgt op zich al voor een zekere coherentie. Maar ook de teksten zijn thematisch verwant."

Bauweraerts: "Vanaf het begin hadden we een uitgesproken Desertshore-gevoel. De plaat gaat over het overschrijden van grenzen, het overbruggen van verschillende werelden: de overgang van water naar land, van verleden naar heden, van leven naar dood."

Jorunn, jij en je partner Tomas De Smet bedachten 'Zandberg' oorspronkelijk voor een korte film van Fleur Boonman.

Bauweraerts: "Het ging om een multicultureel project rond een 25-tal vrouwen uit alle windstreken die op de een of andere manier in Brugge terecht waren gekomen. Allemaal hadden ze verschrikkelijke dingen meegemaakt en hun verhaal werd door de regisseuse opgesplitst in grote thema's zoals liefde, verdriet en dood. Een van de meest beklijvende scènes was die waarin een gesluierde vrouw, die in haar leven heel wat tegenkanting had ondervonden, telkens weer een steile zandberg moest beklimmen. Een veelzeggende metafoor én de aanleiding voor de compositie, die achteraf door Simon grondig werd bewerkt."

Nog pakkender is 'Requiem', dat je ter nagedachtenis van je vader schreef.

Bauweraerts: "Zijn plotse dood - hij was amper 55 - was de oorzaak van de meest intense periode uit mijn leven. Ik voelde de grond onder mijn voeten wegzinken. Alle zekerheden waren weg, er restte enkel totale machteloosheid. Het vreemde is dat de pijn die ik na vaders overlijden voelde een 'schone' pijn was, iets wat ik nog niet eerder had ervaren.

"Er was ook geen sprake van wrok of spijt, want we hadden een prima verstandhouding. Uiteindelijk besloot ik iets voor hem te schrijven en dat ging verbazend gemakkelijk. De hele tijd probeerde ik de situatie te bezweren, er iets goeds uit te halen. Dat ik via onze muziek een postuum monument voor mijn vader heb kunnen oprichten, vind ik een troostende gedachte."

Lenski: "Alle goede of interessante kunst wordt volgens mij geboren uit onmacht of pijn. Juist doordat er iets puurs en diepmenselijks in zit, zal ze altijd haar weg vinden naar het publiek. Ook zonder steun van de media."

Laïs Lenski is verschenen bij Bang!. Laïs Lenski presenteert de plaat live op donderdag 16 april in het Zuiderpershuis in Antwerpen.

Simon Lenski:

Een cello ligt qua klank dicht bij de menselijke stem. Op de cd dient hij zich duidelijk aan als een nieuw personage in het geheel

Jorunn Bauweraerts:

Deze formule voelt natuurlijk aan. Als we met zijn vieren op pad zijn, denken we nooit: 'Help, drie grieten die per abuis een vent op sleeptouw hebben genomen'

Jorunn Bauweraerts:

We improviseerden vroeger ook al met onze stemmen. Maar toen deden we dat nog vooral in de toiletten, omdat we het daar leuk vonden klinken. Geen haar op ons hoofd dat eraan dacht het ook op het podium te proberen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234