Maandag 14/06/2021

Vijf vragen

Lage rente: verzekeraars horen de tijdbom tikken

null Beeld dm
Beeld dm

N-VA wil het gewaarborgde rendement op aanvullende pensioenen koppelen aan de inflatie. Dat moet zowel ons als de verzekeraars geruststellen. Die laatste maken zich immers hoe langer hoe meer zorgen over hun toekomst. Ondernemersorganisatie VOKA vraagt alvast om het kostenplaatje in de sector te bekijken.

1. Wat wil VOKA precies onderzoeken?

Even leek het alsof de ondernemersorganisatie zich plaatste op de lijn van de vakbonden. Die haalden vorige week zwaar uit naar de verzekeraars en hun vraag om de wettelijke opbrengst van 3,25 procent bij groepsverzekeringen te verlagen. Want waarom hoorden we de sector niet toen het rendement wél hoger lag en de verzekeringsmaatschappijen mooie winsten boekten?

Het bericht gisteren in De Standaard en Het Nieuwsblad dat zelfs VOKA een onderzoek eiste naar het beleggingsgedrag van de verzekeraars voegde extra gewicht aan die beschuldiging. "Alleen klopt daar niets van", klinkt het bij gedelegeerd bestuurder Jo Libeer. "Wij eisen helemaal geen officieel of officieus onderzoek naar hoe de sector in het verleden omsprong met het pensioenspaargeld. VOKA heeft zich daar niet mee te moeien. Wat we wel vragen is om na te gaan of er binnen het huidige systeem geen 'efficiëntiewinsten' te behalen zijn. Zeker nu de sociale partners de hele kwestie de komende weken en maanden gaan bespreken."

Eind juni wil pensioenminister Daniel Bacquelaine (MR) een voorstel ontvangen van werkgevers en werknemers. Zoniet zal de regering 'haar verantwoordelijkheid' nemen. N-VA stelt alvast voor om de gewaarborgde opbrengst te laten fluctueren met de inflatie (zie kader).

N-VA: "Koppel inflatie aan tweede pensioenpijler"

Een vaste interestvoet voor groepsverzekeringen is onhoudbaar, bereken hem daarom deels op basis van de inflatie. Dat voorstel lanceert N-VA-Kamerlid Peter De Roover, nadat een felle discussie ontstond over het aanvullende pensioen via de groepsverzekering.

De hervorming van de tweede pensioenpijler zit nu bij de Nationale Arbeidsraad, een overlegorgaan tussen werkgevers en werknemers. Die moeten tegen eind juni met een voorstel komen. Dan zal de politiek zich uitspreken. "Een variabele rentevoet wordt besproken", zegt Koen Peumans, woordvoerder van Bacquelaine. "Daarbij zal de inflatie in rekening gebracht worden, maar het is niet de enige factor. We moeten ook kijken naar de rente op de markt." (RW)

2. Hebben de verzekeraars dan geen appeltje voor de dorst opzijgezet?

Ook al hoeft sectorfederatie Assuralia dus niet meteen te vrezen voor een parlementaire onderzoekscommissie, de vraag wat men in goede tijden opzijgezet heeft, blijft legitiem. Want tot de crisis was de wet op aanvullende pensioenen allesbehalve een strop rond de nek van de verzekeraars. De wet voorziet immers in een minimum- én maximumgarantie. Die laatste bedraagt 3,75 procent. Als verzekeringsmaatschappijen dus een hoger rendement halen - wat tussen 2003 en 2008 vaak voorviel - is die winst voor hen. Net als de banken in die periode, koos men in de regel om een groot deel van de winst uit te keren.

"De verwachtingen van hun aandeelhouders liggen traditioneel hoog", zegt Paul Roels, gespecialiseerd consultant bij Procrea met een jarenlange ervaring in de sector. "De druk was dus hoog om een groot deel aan hen uit te keren in de vorm van dividenden. Ook de verzekerden - de klanten dus - genoten mee van de winst. Veel reserves opzijhouden werd dus absoluut niet aangemoedigd, zeker niet fiscaal."

Bovendien zijn het de werkgevers die de minumumgarantie op aanvullende pensioenen moeten waarborgen, niet de verzekeraars. Nagaan hoe de winstdeelnames zich precies verhouden ten opzichte van het rendement op groepsverzekeringen is niet evident. "Daar valt niet aan te beginnen. De sector blijft wat dat betreft zeer ontransparant", aldus Roels. "Elke verzekeraar is daarenboven anders en beschikt over een verschillende beleggingsportefeuille. Zo plaatst een verzekeraar al zijn beleggingen in één grote pot, het algemeen fonds. Maakt niet uit of de premies komen uit contracten met een garantie van 4,75 procent of 2 procent. Bijgevolg verloopt een winstdeelname vrij arbitrair."

Volgens Wauthier Robyns van Assuralia heeft de sector wel degelijk voldoende voorzieningen aangelegd. "Dat doen we tot op de dag van vandaag. Meer dan ooit zelfs door strengere regelgeving, zowel voor groeps- als voor individuele verzekeringen. Zo houden we momenteel 52,5 miljard euro reserves aan om onze verplichtingen na te komen."

3. Lopen de verzekeraars dan geen gevaar?

In de eerste negen maanden van 2014 boekten de Belgische verzekeraars samen een winst van 1 miljard euro. Het water staat hen dus niet meteen aan de lippen. Alleen daalt de omvang van de premies wel. In 2013 haalde de sector de laagste omzet in tien jaar tijd. Grote boosdoener is de lage rente die hen pijn doet op contracten met een gewaarborgd rendement op lange termijn, zoals groepsverzekeringen, maar ook bij individuele levensverzekeringen. Want probeer maar eens om vandaag een opbrengst van 3 procent of meer te vinden voor verzekeringen die nog tientallen jaren lopen.

Als de rente de komende jaren laag blijft, zal het licht onvermijdelijk op rood springen. Verzekeraars kunnen immers niet zomaar het geweer van schouder veranderen en massaal beleggen in aandelen ten nadele van staatsobligaties. Zo'n portefeuille is immers te risicovol. De Nationale Bank waarschuwde vorige maand nog voor de gevaren op lange termijn indien de situatie blijft zoals ze nu is. Voor nieuwe contracten ligt het rendement al een stuk lager, gemiddeld 3,04 procent in 2013. Maar het is dus de financiering van bestaande contracten met een gewaarborgd rendement hoger dan 4 procent die verzekeraars stilaan in woelige wateren brengt.

"En we hebben geen kaart om die wateren te bevaren", aldus Robyns. "De situatie waarin we nu zitten is niet uitzonderlijk, ze is ongezien. De lage rente laat ons geen andere keuze om meer te gaan beleggen in bijvoorbeeld vastgoed of infrastructuur. Alleen moeten we daar extra kapitaalbuffers voor aanhouden, wat de eventuele winst drukt."

Wauthier Robyns (Assuralia):
Wauthier Robyns (Assuralia): "De situatie waarin we nu zitten is niet uitzonderlijk, ze is ongezien."Beeld BELGA

4. Gaan we weten wie in de problemen komt?

Niet meteen. Volgens de eind vorig jaar uitgevoerde Europese stresstest, zou één op de vijf Belgische verzekeraars extra kapitaal nodig hebben bij economisch zwaar weer. Alleen maakt de Nationale Bank die resultaten daarvan niet openbaar, net als hun collega's in de rest van Europa. Naming and shaming, zou onnodige paniek veroorzaken, is de redenering.

5. Zou een of meerdere falingen de rest van de economie meesleuren?

Met de bankencrisis van 2008 in het achterhoofd zit de vrees voor een nieuwe financiële crash er nog altijd stevig in. Alleen zijn levensverzekeringen van een andere orde dan bijvoorbeeld spaarrekeningen. Als die laatste verzwelgen in een nieuwe tsunami zijn de gevolgen sowieso rampzalig. Velen zien een groepsverzekering of individuele levensverzekering nog altijd als een appeltje voor de dorst op lange termijn. Desalniettemin zal hun belang de komende jaren alleen maar toenemen, samen met de impact als het toch fout loopt. De Nationale Bank luidt niet zomaar de alarmbel.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234