Donderdag 21/01/2021

La isla chiquita El Hierro

De grote touroperators vliegen al jaren niet meer op El Hierro, het kleinste eiland van de Canarische archipel. De reden? Je hebt er amper twee verkeerslichten, drie hotels, vier of vijf taxi's en twee terrasjes... Maar rustzoekers en natuurliefhebbers zijn er aan het juiste adres. Wij lieten ons gidsen door een van de bekendste bewoners.

"Een gps?" De mollige dame achter het loket van het wagenverhuurbedrijf heeft vandaag nog niets grappigers gehoord. "Dit is El Hierro, mijnheer", grinnikt ze. "Wij beschikken slechts over één autoroute. Eén." Wanneer ik in de aankomsthal arriveer en mijn gids voor de komende dagen aantref, trek ik bij wijze van begroeting mijn onderbroek tot ver boven mijn heupriem. Marc Legendre, auteur van de kaalhoofdige stripkleuter Biebel en kersvers laureaat van de Vlaamse Gemeenschapsprijs voor Strips, steekt grijnzend zijn duim op. Hij begrijpt het gebaar meteen. Dat zit zo: vijf jaar geleden was ik hier ook. Toen rolde mijn bagage helaas niet van de enige lopende band in de luchthaven, en liep ik drie dagen rond in Björn Borg-onderbroeken vanLegendre.

Wat zich vlak na aankomst afspeelde, is illustratief voor la isla chiquita - het kleine eiland. Het loket van de klachtendienst bleek leeg. De man achter de ticketbalie verderop, wiens gezicht me erg bekend voorkwam, vroeg tien minuten geduld. Dan zou iemand zich over mij ontfermen. De beloofde tien minuten later stapte diezelfde man, maar in een andere outfit, het kantoor van de klachtendienst binnen. "Kan ik u helpen, señor?!" Pas op dat moment herkende ik hem. Hij was ook de seinwachter die het kleine Binter-toestel vanaf de landingsbaan binnenseinde én hij was, gestoken in een streng uniform, de security-agent die toezicht hield aan de bagageband. Toen ik hem attent maakte op zijn talrijke postjes, reageerde hij enkel met een minzame grijns. "En die van de viswinkel scheurt 's avonds de tickets van de ferry", reageerde een grinnikende Legendre even later. Dat bleek niet eens een grapje.

Het voorval illustreert meteen hoe klein El Hierro wel is, hoe ongedwongen de eilandbewoners - hereños, genaamd - wel zijn. Met de drukte van het naburige Gran Canaria heeft dit 278 vierkante kilometer grote eiland niets te maken. Integendeel. Wie het eiland aandoet, komt voor de rust en de natuur. Nog voor Christoffel Columbus Amerika ontdekte, werd dit kleine eiland in de Atlantische Oceaan omschreven als het einde van de wereld. Je begrijpt snel waarom. Lavarotsen aan de ene kant van het eiland, terwijl aan de andere kant metershoge golven agressief inbeuken op de talrijke, met cactussen overwoekerde baaien waar keienstranden het lang geleden wonnen van zandstranden. Ergens midden op dit eiland domineren in mist gehulde Arctische naaldbomen een heel reservaat. Nog wat verder bevinden zich de bekende Sabinas, eeuwenoude jeneverbesstruiken wier witte en extreem verwrongen stammen door de eeuwige Atlantische wind gesculpteerd werden. Zij zijn, naast mijn geliefde bestemming, het paradepaardje van het eiland en sieren veel vakantiefoto's en postkaartjes. De natuur op z'n mooist. Een romantisch woestenij. Eentje van 278 vierkante kilometer groot.

Alhoewel. Sinds mijn laatste bezoek is El Hierro wat groter geworden. Een paar jaar geleden begon de aarde hier te beven. Net buiten de kust hoopte de stank van rotte eieren zich op. Zwavel. Een ondergrondse vulkaan was geërupteerd en creëerde zo een nieuw stukje El Hierro. Slecht nieuws voor mij, zo blijkt nu. "Je kunt deze keer niet naar de Sabinas rijden," zegt Legendre. "Rond Nieuwjaar vond hier een van de zwaarste aardbevingen plaats. Sommige gedeelten van de asfaltweg schoven gewoon over mekaar, rotsen kwamen naar beneden. Het leek wel alsof ons huisje van de grond werd opgetild."

Vijgengevecht

El Hierro is een en al natuur. Dat geldt ook voor Echedo, het kleine dorpje waar Legendre en zijn partner Kati zo'n tien jaar geleden een onderkomen vonden, nadat ze eerst op Gran Canaria hadden gewoond. Torenvalken klieven er voortdurend door de lucht, hagedisjes zonnebaden er op de rotsen en overal staan drakenbloembomen, agaven, aloë vera-planten, cactussen en andere succulenten. Hun woonst lijkt in niets op wat de inwoners hier zelf zouden bouwen. De aannemer had er indertijd zelfs problemen mee om de wensen van het Vlaams koppel in te willigen. "Wat een gedoe. Die man had moeite met onze open keuken, met het feit dat we geen inkomhal wensten, maar wel grote ramen die veel licht toelieten. De lichte tegelvloer vervulde hem met weerzin en wellicht was het pure horror voor hem dat we aangaven geen deur tussen de slaap- en badkamer te willen. Het heeft ontzettend veel overtuigingskracht gevergd om dat alles toch voor mekaar te krijgen. We kregen daarbij steun van de architect. Aannemer en architect waren van jongs af aan boezemvrienden, maar de architect heeft wel al ooit het eiland verlaten. Dat verschil, tussen zij die het eiland nog nooit verlaten hebben en zij die dat wel al deden, voel je erg. Die laatste groep is ontvankelijker en intelligenter. Het lijkt alsof zij hun vensters hebben opengesmeten en wat frisse wind toelieten."

"Omkomen van de honger zullen we hier nooit", zegt Legendre vanuit zijn indrukwekkende tuin met zo'n vijftig groenten- en fruitsoorten "Wat in België voor veel geld in de winkels ligt, vind je hier overal. In de bossen staan bessenstruiken. Er even aan schudden, garandeert twee maanden confituur. Tomaatjes? Zó veel. Kleine kerstomaatjes vind je hier langs de straatkant. De mensen hier doen zelfs geen moeite om ze te plukken. Voor hen is het onkruid. Toen we hier pas woonden, bracht ik ooit een zak vol kerstomaten naar de buurman. We hadden een plek gevonden waar er veel groeiden. Hij heeft ze beleefd aangenomen, maar pas later zagen we dat we werkelijk omringd waren met die tomaatjes. Vijgen? In België houden ze sneeuwbalgevechten, hier op El Hierro zijn dat vijgengevechten - zo veel vind je er hier."

"El Hierro, het zondaggevoel. Is dat geen goeie titel voor je artikel?", probeert Legendre. Hij neemt me daarop prompt mee naar wat hij het bedrijvigste hart van het eiland noemt: de haven. Eenmaal aangekomen in La Estaca, waar viermaal per week een ferry aanmeert, wordt hij cynisch. Er is dan geen levende ziel te bespeuren. Een enkele auto staat geparkeerd, het café is dicht. "Enkel wanneer de ferry arriveert, is het hier druk. Mensen komen zelf van over het hele eiland kijken naar de ferry. Het is voor velen nog steeds een belevenis en een leuke uitstap met de kinderen. Maar de rest van de dagen? Als er iemand zijn neus snuit, dan is dat de bedrijvigheid van het moment."

Slapen in een sarcofaag

Het weer op El Hierro is om elke hoek anders. Terwijl het regent in de omgeving van Parador, mijn 'staatshotel' dat bijna op een strand gebouwd werd, in een groot, zuidelijk natuurreservaat, schijnt de zon in Echedo, een halfuur verderop. Nog straffer gaat het eraan toe in Bosque de Laurisilva, het befaamde oerbos. Plots bevind je je midden in iets wat lijkt op mist of nevel, maar in feite zijn het gewoon wolken. Mistlamp aanzetten en stapvoets rijden is de boodschap, want op sommige plekken kun je geen veertig meter voor je uit kijken. Het weer is er plots guur, met harde windstoten en hier en daar een lichte plensbui. Bezoeker en bos mogen de natuurgoden dankbaar zijn. Het plaatselijke klimaat schiep er eeuwenoude bomen die gehuld lijken in een nonchalant bijgeknipt Kermit de Kikker-vachtje, helgroen mos dat de kleinste takken siert en soms in lange sluiers naar beneden valt. Die aanblik, in combinatie met de laaghangende wolken en het ongure weertje, hullen het bos in een sprookjessfeer. Het is dus niet voor niets dat de kortste wandelroute 'Bailadero de las brujas' wordt genoemd, de dans van de heksen.

Het mooiste uitzicht op El Hierro krijg je in Mirador de la Pena, een hooggelegen toeristische uitkijkpost met restaurant, ooit nog ontworpen door de hier bekende en populaire kunstenaar/architect César Manrique. Het levert een meer dan indrukwekkend schouwspel op: recht voor ons ligt Frontera, het tweede grootste stadje van het eiland. Aan de linkerkant lijkt de stad te zijn ingesloten door een gigantische ronde kraterwand, terwijl rechts ervan de oceaan ligt. De kliffen worden gevormd door verharde lavasteen. Aangenomen wordt dat de vulkaan die El Hierro ooit was, gedeeltelijk in zee verdween. Geologen menen dat grote delen van het eiland ongeveer 50.000 jaar geleden door een aardbeving in zee zouden gezakt zijn. Of, nog straffer: dat het eiland duizenden jaren geleden een immense vulkaan was.

Vanaf dat panoramisch punt zie ik verderop in het dal in Frontera twee trekpleisters die ik absoluut wil bezoeken. Eén: het kleinste hotel ter wereld, dat ook vanaf deze afstand de vorm heeft van een doodskist. En twee: een kleine rotspunt in zee, enkel te bereiken met een motorboot, waarop de reuzenhagedis van El Hierro zich bevindt, tevens Europa's meest bedreigde diersoort.

Dat laatste blijkt onmogelijk. Alleen wetenschappers mogen de rots bezoeken. Maar er is een alternatief: ook in het ecomuseum van Frontera kun je een paar exemplaren aanschouwen. In een kweeklabo zitten vier hierroreuzenhagedissen voor eeuwig vast, "Om de bezoekers te wijzen op hun belang", zegt gids Ragur Barroso. Woeste kop. Asgrijs. Schubben over het hele lijf. De grootste exemplaren worden tot 70 centimeter lang, klinkt het. De majestueuze dieren waren tot 1940 de trots van El Hierro, tot ze in rariteitenkabinetten van verzamelaars over de hele wereld belandden. Nog voor WO II op het Europese vasteland ten einde was, herinnerden alleen nog her en der aangetroffen schedels aan hun bestaan. Maar in 1974 kwam een grijnzende schaapherder, die de winter in de bergen had doorgebracht, met een levend exemplaar in zijn weitas aanzetten. Niet veel later werd er nog eentje gevonden en werd een kweekprogramma opgestart. Met succes. "Er zitten nu zo'n honderd exemplaren op de zeerots verderop, terwijl we er tot nu toe driehonderd hebben uitgezet op het eiland. Volgens Barosso zijn ze erg belangrijk voor het eiland. Op de andere eilanden van de Canarische archipel komen weliswaar ook hagedissen voor, maar die zouden veel kleiner zijn en hebben geen gele vlek op hun lijf. "Unieke dieren", zegt ze trots.

Het kleinste hotel ter wereld kan ik die middag wel bezoeken. Of althans, de buitenkant ervan. Op het uiteinde van een in zee lopende rotsformatie staat wat de eilandbewoners 'de sarcofaag'. noemen. Meer dan een eeuw geleden was het nog een losplaats voor schepen, nadien werd het een goederenmagazijn en vandaag de dag is dit het kleinste hotel ter wereld: Puntagrande. Het hotel heeft twee kamers, een ontspanningszaal en een volwaardig restaurant. Ooit stond het zelfs in het Guinness Book of Records. Ergens in het restaurant hangt het vergeelde attest nog, uitgereikt midden jaren tachtig. Maar deze keer kan ik er niet bij. Het hotel is dicht. De politie heeft de nauwe, door kliffen omgeven toegangsweg waar de golven deftig op inbeuken, afgesloten. "Hele stukken van de omheining zijn in het water beland. De staart van de orkaan die de Caraïben onlangs trof, heeft nog net dit stukje meegezwiept", zegt Legendre.

Een leven zonder shoppen

El Hierro is een natuureiland. Het trekt volop wandelaars aan die met minder luxe genoegen nemen. Van de drie hotels steekt het 'staatshotel' Parador er het meest bovenuit, maar verwacht niet meteen dat je vlot in het Engels of Frans wordt bediend.

Het eiland is trots op zijn titel van biosfeer-reservaat, dat het kreeg van Unesco. Al was de ambitie ooit nog groter. Jaren geleden werd op het Spaanse vasteland verkondigd dat El Hierro vanaf 2009 al zijn energie zou halen uit duurzame bronnen. Daar kwam echter niets van terecht, zucht Legendre.

Samen kijken we uit over het laaggelegen Pozo de las Calcosas, een vissersdorpje dat je alleen kunt bezoeken via een lange, smalle weg. Die is echter afgesloten door instortingsgevaar, opnieuw door de recente aardbeving. Het dorpje stond centraal in Legendres bekende graphic novel Verder. "Het is een ontzettend primitief dorpje, maar de rijken der aarde - dokters, advocaten, zaakvoerders - komen hier in de zomer 'primitiefje' spelen. Dan staat het hier plots vol peperdure 4x4's. Daardoor zijn de stenen huisjes hier onbetaalbaar geworden. Een bizar fenomeen." Boven aan het dorp wilde de Spaanse overheid een soort bezoekerscentrum bouwen. De ruwbouw staat er, net als een uitkijkpost van steen. Afgewerkt is er niets. "Ach, dat staat er al jaren zo bij. Het vasteland wilde zo voor extra werkgelegenheid zorgen op het eiland, maar de hereños willen het niet uitbaten en zo voor een eigen inkomen zorgen. Ze verkiezen om te blijven leven van subsidies. Op het hele eiland staan talloze half afgewerkte bouwwerken. Verderop ligt bijvoorbeeld een fabriek waar groenten ingemaakt werden. Die werd twee jaar lang gesubsidieerd, en heel wat eilandbewoners werkten er. Maar toen de geldkraan dichtging, sloot ook de fabriek zijn deuren. Subsidiecultuur, heet dat. Frustrerend. Ik zou er een boek over kunnen schrijven, wat ik misschien ook ga doen."

Klagen doet hij echter niet over zijn eiland. Integendeel. Een eiland als dit heeft al tal van voordelen. "De consumptiemaatschappij bestaat hier niet. Een nieuwe trui, cd of lampenkap kopen voor onder de kerstboom? Haast onmogelijk. Een kilo sinaasappelen of een bloemkool kun je krijgen, ja. Er zijn hier namelijk amper winkels. Maar noodgedwongen niet deelnemen aan die consumptiementaliteit zorgt ook voor een soort rust. Dus geen cadeaus op oudejaarsavond, maar wel fijne buren die een schaap slachten en vragen of jij brood wil meenemen. Je waakt met een kapot shirt en gescheurde broek over het varken aan het spit, je eet groenten uit je eigen tuin en keuvelt met warme mensen. Weg decadentie en de lange wachtrijen in de Delhaize. Ik kan hier nog jaren wonen."

Met dank aan de Spaanse Dienst voor Toerisme.

HH

HHH

HH

HH

Grillige rotsen, hoge golven, en... zalig veel rust. Van massa-

toerisme is geen sprake op El Hierro.

Deze majestueuze, maar zeldzame hagedissen zijn de trots van het eiland.

Op El Hierro zult u niet snel verloren rijden: er is maar één autoroute.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234