Dinsdag 12/11/2019

Kwaliteit, inzet én ideeën primeren op geslacht

Beeld Twitter/Arne Vandendriessche

Arne Vandendriessche is voorzitter van Open Vld Kortrijk. Het ritssysteem bij de samenstelling van de kieslijsten is nefast, schrijft hij.

Ik waag me misschien op glad ijs, maar het moet me van het hart: het ritssysteem voor de samenstelling van verkiezingslijsten is een nefast systeem. Elke vorm van positieve discriminatie druist in tegen het gelijkheidsbeginsel én is ondemocratisch. Kwaliteit, inzet én ideeën primeren op geslacht. Voilà, ik heb het gezegd. Ik weet het, allemaal zware woorden maar ik meen ze wel. Eigenlijk was het sterker geweest als een vrouw deze opinie had geschreven. Ik ben er namelijk van overtuigd dat veel vrouwen mijn mening delen. Maar jullie zullen het met mij moeten doen. Een jongeman van dertig.

De kranten smullen en brengen het getouwtrek om de lijsttrekkerschappen en topplaatsen maar al te graag. Enkele koppen waarin mannen met elkaar in de clinch gaan: 'CD&V'er Carl Devlies gooit handdoek in de ring' (DM online 7/1), 'Somers en Van Mechelen vechten om eerste plaats' (DS online 8/1). Maar het kan evengoed omgekeerd: 'Het probleem dat Open Vld heeft in Oost-Vlaanderen met zijn overvloed aan mannen, heeft de sp.a-voorzitter in het door vrouwen gedomineerde Antwerpen' (DM 8/1).
Het is nu eenmaal de realiteit dat de socialisten in Antwerpen met Yasmine Kherbache, Monica De Coninck, Kathleen Van Brempt, Caroline Gennez, Maya Detiège en Güler Turan uitzonderlijk sterke dames hebben klaarstaan. Waarom mag Bruno Tobback deze talenten niet gewoon de beste plaatsen bedelen? De politiek zou er wel bij varen. Ook mijn voorzitster Gwendolyn Rutten zou dezer dagen beter slapen als op de eerste en tweede (en waarom niet de derde en vierde) plaats hetzelfde geslacht zou mogen staan.

Niet van deze tijd
In 1994 was vader Tobback (sp.a), samen met Miet Smet (CD&V), de drijvende kracht achter de wet die ervoor zorgde dat er minimaal één derde vrouwen op een verkiezingslijst moet staan. Deze wet bleek echter een lege doos omdat de partijen de verkiesbare plaatsen bleven reserveren voor mannen. Slechts 120 van de 514 parlementsleden waren na de verkiezingen van 1999 vrouwen. Dat was meer dan in 1995, toen we maar 95 vrouwelijke verkozenen hadden. Maar met de wet-Smet-Tobback had dat niets te maken, bleek uit een onderzoek van het Centre de recherche et d'information socio-politiques (Crisp). De vrouwelijke winst was er enkel gekomen omdat vrouwvriendelijke partijen zoals Ecolo en Agalev het toen goed hadden gedaan. Hadden de verkiezingen van juni 1999 exact dezelfde uitslag opgeleverd als die van 1995, dan zouden er merkelijk minder vrouwen verkozen zijn geweest.

Onder impuls van minister Onkelinx werd de wet in 2002 vervolgens verstrengd tot de helft vrouwen én een ritssyteem voor de eerste plaatsen. De 'quotawetten' zorgden vanzelfsprekend voor meer vrouwen in de politiek. Enkele cijfers (RoSa-factsheets van juli 2009): 35 procent in het Europees parlement, 38 procent in het federaal parlement, 17 procent in de federale regering, 39 procent in het Vlaams parlement, 44 procent in de Vlaamse regering, 38 procent in de provincieraden, 34 procent vrouwelijke gemeenteraadsleden, 9,4 procent vrouwelijke burgemeesters. Dus opdracht geslaagd en applaus op alle banken?

Uit de boot gevallen
De goede bedoeling van de minister staat buiten kijf, maar als jonge liberaal gruwel ik hiervan. Vaak wordt het systeem van quota's en ritsen afgeschilderd als een noodzakelijk kwaad om het recht op gelijkheid in praktijk om te zetten, en nemen we er de nefaste gevolgen graag bij. Dat is een fout uitgangspunt en niet meer van deze tijd. De actualiteit (zie hoger) toont duidelijk aan dat door dit systeem kwaliteitsvolle mensen uit de boot dreigen te vallen. Mannen én vrouwen.

Partijvoorzitters, schaf daarom het verplichte ritsen af. Om te voorkomen dat partijen dan weer vooral mannen op de verkiesbare plaatsen zetten, moet in één beweging ook de lijststem finaal worden afgevoerd. De onderzoeksters van het Crisp toonden het al in 1999 objectief aan. Het systeem van de lijststem werkt vrouwonvriendelijk. Zonder lijststem waren er toen al 30 vrouwen meer verkozen. Verplicht desnoods nog om 50 procent van elke lijst voor elk geslacht te reserveren, maar maak komaf met dwaze regeltjes die goede talentvolle mannen én vrouwen kansen ontzeggen. Kiezen voor de beste kandidaat op de gepaste plaats, daar hebben we geen wetgeving voor nodig.

 
Maak komaf met dwaze regeltjes die goede, talentvolle mannen én vrouwen kansen ontzeggen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234